🚨 Straaljager neergestort bij Amerikaanse basis in Duitsland — piloot redt zich met schietstoel
In de buurt van de Amerikaanse luchtmachtbasis Spangdahlem, midden in de Duitse Eifel, is gisteren een F-16-straaljager neergestort. Dat bevestigt de basis zelf tegenover Duitse media. Gelukkig is de piloot er levend afgekomen — hij gebruikte op het laatste moment de schietstoel en raakte slechts lichtgewond.
De crash vond rond 14.30 uur plaats. Volgens de luchtverkeersleiding gebeurde het tijdens een oefening waarbij vier F-16’s betrokken waren. Twee vliegtuigen waren op weg terug naar Spangdahlem — het eerste daarvan stortte neer. De drie andere toestellen hebben direct koers gezet naar het nabijgelegen vliegveld Ramstein om veilig te landen.
Het toestel is volledig vernietigd. Burgemeester Birthe Thomsen van het dorp Speicher, vlakbij de crashplek, zag het gebeuren terwijl ze op de fiets zat:
“Ik zag hoe het vliegtuig snel daalde. Daarna steeg er een grote zwarte rookpluim op.”
Zo vertelde ze het aan de Duitse omroep SWR.
Spangdahlem is een belangrijke Amerikaanse basis in het district Bitburg-Prüm — hier staan meerdere F-16-gevechtsvliegtuigen, maar ook transportvliegtuigen maken regelmatig gebruik van de landingsbanen. De precieze oorzaak van het ongeluk is nog onbekend; het onderzoek is gaande.
PFAS in het rioolwater van Dinxperlo na brand met ‘verboten’ bluswater
Maandagavond woedde er een flinke brand bij een afvalverwerker in Dinxperlo — en wat daarbij gebeurde, zorgde voor een onverwachte vervuilingskwestie. Bij het blussen werd water gebruikt uit het Blauwe Meer: een recreatieplas die al sinds april 2024 een negatief zwemadvies heeft vanwege PFAS-verontreiniging. Dat betekent: het water is niet schoon genoeg om in te zwemmen — en zeker niet geschikt om mee te blussen én daarna via het riool af te voeren.
En toch gebeurde dat. Het grootste deel van het bluswater stroomde via het openbare rioolstelsel — en bracht daarmee PFAS mee. Die stoffen zijn niet afbreekbaar, kunnen zich ophopen in het milieu én in ons lichaam, en zijn onder andere schadelijk voor het immuunsysteem. Sommige vormen zijn zelfs kankerverwekkend bij langdurige blootstelling.
Omdat de lokale waterzuiveringsinstallatie het vervuilde water niet kan verwerken, moet het uit het riool worden gehaald — en wel deze nacht. Waar het tijdelijk heen gaat, laat de gemeente Aalten (waaronder Dinxperlo valt) nog even in het midden. Wel wordt nu onderzocht hoe zwaar de vervuiling precies is. De eerste resultaten verwachten ze ergens begin volgende week.
Goed nieuws voor nu: er zijn op dit moment geen beperkingen voor inwoners. Je kunt gewoon je toilet doorspoelen, je was doen of je afwas doen — het riool werkt gewoon. Maar als dat zou veranderen, belooft de gemeente snel en duidelijk te informeren.
Interessant detail: de afvalverwerker waar de brand uitbrak, was al sinds november 2025 gesloten. Niet vanwege de brand, maar omdat de gemeente daar ernstige milieuovertredingen aantrof — waaronder grote hoeveelheden illegaal ingevoerd afval en het ongeoorloofd mengen van verschillende afvalstromen. Het bedrijf had simpelweg geen vergunning voor wat het deed.
Ook de politie is aan de slag: zij onderzoekt de oorzaak van de brand en vraagt om tips — wie iets gezien heeft of camerabeelden heeft, kan zich melden.
PS: PFAS is de verzamelnaam voor duizenden hardnekkige chemicaliën die sinds de jaren ’50 in allerlei producten zitten: van anti-aanbaklaag tot regenkleding, landbouwbestrijdingsmiddelen en ouderwets blusschuim.
Ziekenhuizen gooien honderden uniformen per week weg door vergeten balpennen
Je kent het wel: je stopt ’s ochtends snel een balpen in je jaszak, en dan… vergeet je hem. In de zorg is dat geen kleinigheidje — het kost honderden uniformen per week.
Hoe zo’n kleine pen grote gevolgen kan hebben
In het UMC Utrecht halen artsen en verpleegkundigen bij aanvang van hun dienst een fris uniform op. Na afloop leveren ze het weer in voor reiniging. De pakken gaan naar wasserij CleanLease, die ook voor tientallen andere ziekenhuizen werkt. Daar staat speciale röntgenapparatuur om spullen uit zakken te detecteren — zoals naalden, sieraden of zelfs kladblokjes. Maar balpennen? Die blijven vaak onopgemerkt.
Volgens de wasserij wordt 99 procent van de ‘vergeten spullen’ wel gevonden — behalve pennen en stiften. En één enkele balpen in de wasmachine kan genoeg zijn om een volledige trommel uniformen af te keuren. Ja, zelfs nieuwe pakken die nog nooit gedragen zijn.
Bij het UMC Utrecht betekent dat minstens vijftig uniformen per week die niet meer kunnen worden gebruikt.
“Controleer gewoon je zakken”
Celina Kroon, manager Duurzaamheid van het UMC Utrecht, legt het simpel:
“Natuurlijk kun je extra mensen inzetten om elke zak te checken, of investeren in nieuwe detectietechnologie. Maar in de zorg zitten we al tegen materiaaltekorten, personeelsgebrek én budgetbeperkingen aan. Dus we keren terug naar het gezonde verstand: haal die pen er gewoon uit.”
Een paar seconden aandacht — net zoals je thuis ook je zakken leegt voordat je kleding in de was gooit — kan dus veel afval en kosten besparen. Kleine moeite, groot verschil. En wie weet inspireert het ook andere ziekenhuizen met hetzelfde probleem.
Het is overal hetzelfde verhaal
Het UMC Groningen erkent het probleem ook: per maand worden daar 200 tot 300 kledingstukken vroegtijdig afgekeurd — en ongeveer driekwart daarvan door inktvlekken.
Het LUMC ziet het ook gebeuren: werkkleding wordt regelmatig weggekeurd vanwege pennenvlekken. Er hangt wel een boodschap bij de kledingafgifte — maar of het daardoor minder is geworden? Dat weet men niet zeker.
En in Maastricht? Daar zijn het jaarlijks zo’n 500 uniformen met inktvlekken die niet meer gebruikt kunnen worden.
Kortom: overal in Nederland lopen artsen, verpleegkundigen en medewerkers met een pen in hun zak — en overal in Nederland verdwijnen er daardoor uniformen in de afvalstromen.
Onderzoek op Aruba naar overlijden Kimberly (23): familie vraagt om hulp van getuigen
Het ging zondag 13 september rond 15.00 uur mis in San Nicolas op Aruba. Kimberly, een 23-jarige vrouw uit Rotterdam, zat in een UTV — een open terreinwagen — die onverwacht over de kop sloeg. De oorzaak is nog onbekend. Hulpdiensten waren snel ter plaatse, maar konden haar leven helaas niet meer redden.
Kimberly was samen met haar vriend op vakantie op het eiland. Ze verbleven bij een vriend van haar vriend: een marinier die op Aruba woont. Hij had de UTV geregeld en ging zelf ook mee op pad.
Volgens Arubaanse media zat Kimberly achter het stuur tijdens het ongeluk. De twee mannen zouden passagiers zijn geweest. Ook de vriend van Kimberly zou dit aan haar familie hebben verteld. Maar de familie heeft grote twijfels bij die versie van het verhaal — en dat zegt ze duidelijk tegen RTL Nieuws.
De Koninklijke Marechaussee bevestigt dat er momenteel onderzoek loopt naar haar dood. Vanwege de betrokkenheid van de marinier wordt het onderzoek specifiek door de marechaussee geleid.
Op sociale media en in reacties op Arubaanse nieuwsberichten lezen de familieleden dat Kimberly en haar vriend ‘als gekken’ zouden hebben gereden — en dat de wagen ‘aan het driften’ zou zijn geweest.
“Kimberly was een heel lief meisje”, zegt nicht Stephanie, die namens de familie spreekt. “Ze zat liever niet achter het stuur, en je zou haar veel eerder beschrijven als voorzichtig dan als iemand die risico’s nam. Voor ons is het echt onbegrijpelijk dat dit kon gebeuren… als zij inderdaad achter het stuur zat.”
“We willen geen schuldigen — wel waarheid”
Daarom doet de familie nu een openbare oproep: iedereen die op 13 september iets heeft gezien van die UTV in San Nicolas, wordt vriendelijk verzocht contact op te nemen. Niet om iemand de schuld te geven, benadrukken ze. Maar om onafhankelijke getuigenverhalen te horen — hoe de laatste momenten van Kimberly eruitzagen.
“Dat is wat ons nu 24 uur per dag bezighoudt. We willen geen vingers wijzen, maar wel eerlijke antwoorden van mensen zonder eigen belangen.”
Stephanie voegt eraan toe: “Natuurlijk kun je zeggen: er waren twee mensen bij die dit verklaren — haar vriend en de marinier. Maar wie zegt dat dat de volledige waarheid is? We laten dit niet los totdat we het hele verhaal van a tot z kennen.”
Advocaat Peter Schouten ondersteunt de familie juridisch. Hij laat weten dat hij actief onderzoek doet naar wat er precies gebeurde: of er sprake was van roekeloos gedrag, of er mogelijk onjuist is verklaard, en of er een schuldvraag kan worden gesteld. “We hebben al veel informatie ontvangen via sociale media, maar we blijven op zoek naar meer getuigen.”
Ook de Koninklijke Marechaussee roept officieel getuigen op die meer weten of iets hebben gezien — en vraagt hen zich bij de dienst te melden.
Stephanie sluit af met een emotionele boodschap: “Kimberly is afgelopen weekend gerepatrieerd naar Nederland en nu weer thuis. Ze was zo goed bezig met haar toekomst: hard aan het werk, een serieuze meid die geen gekke dingen deed. En dan opeens dit. In het begin hebben we onwijs hard en veel gehuild. Maar nu zitten we in de overlevingsmodus — en willen we elk aanknopingspunt vinden om te begrijpen wat er met haar is gebeurd.”
Parkeren voor vrachtwagens? Een nachtmerrie die elke dag opnieuw begint
Elke avond dezelfde vraag: Waar laat ik mijn vrachtwagen vannacht neer? Voor duizenden chauffeurs is dat geen routinevraag, maar een stressvolle zoektocht. Officiële parkeerterreinen zitten vaak stampvol — en dat betekent dat dagelijks ruim vierduizend chauffeurs gewoon geen plek vinden om de nacht door te brengen. De keus is dan bitter: doorgaan rijden (met alle risico’s van dien), of parkeren waar het niet mag — en hopen dat niemand kijkt.
Jan kent dat gevoel als geen ander. Vier decennia lang zat hij achter het stuur, en hij herinnert zich nog goed hoe het vroeger ging: afspreken met collega’s onderweg, een plekje delen, even babbelen bij de koffie. “Dat kan tegenwoordig nauwelijks nog,” zegt hij. “Want de parkeerplaatsen staan gewoon vol.” En dat is geen verhalen van de oude tijd — het is hier en nu. In Brabant ontbreken er elke dag 776 parkeerplaatsen voor vrachtwagens. In Limburg is het nog erger: daar is elke dag ruimte nodig voor meer dan 1.500 trucks die nergens terechtkunnen.
Maar het gaat niet alleen om het gebrek aan plek. Ook de manier waarop chauffeurs worden behandeld, is volgens Jan flink verslechterd. “Je werd vroeger met respect behandeld. Dat is weg.” En dat zie je ook in de voorzieningen: douches die ooit openstonden, zijn nu op slot; rustige plekken om even tot jezelf te komen, zijn zeldzaam geworden. Hij vertelt over een buitenlandse chauffeur bij een chemisch bedrijf — die mocht niet op het terrein overnachten, terwijl hij pas de volgende dag kon lossen. “Hij vroeg mij of ik een parkeerplaats wist. Ik wees hem de weg. Maar hij wist al dat er daar waarschijnlijk geen douches, geen wc’s, geen niets waren.” En wat gebeurt er dan? Vaak eindigen die chauffeurs toch op een industrieterrein — omdat er simpelweg geen betere optie is.
Dat tekort speelt de hele dag door in het hoofd. Zodra er een nieuwe rit binnenkomt, begint het rekenen: Kom ik daar nog op tijd aan? Is er dan nog wel een plek vrij? En als niet… waar ga ik dan heen? Vanaf de lunch begint de spanning al: “Je bent eigenlijk al bezig met waar je ‘s avonds kunt staan.” En dan komt nog de wet op de rij- en rusttijden — die streng is, maar niet altijd haalbaar. Maximaal negen uur rijden per dag, twee keer per week tien uur — overschrijden levert hoge boetes op. “Terwijl je er zelf niets aan kunt doen. Er is gewoon geen plek.” Gevolg? Vrachtwagens op de vluchtstrook. Ja, echt. Veel chauffeurs kiezen liever dat risico dan een boete — “eieren voor hun geld”, noemt Jan het. En dat is gevaarlijk. Daarom zet Rijkswaterstaat nu paaltjes op vluchtstroken — om parkeren daar onmogelijk te maken. Maar voor de chauffeurs is het probleem daarmee niet opgelost. “Ze willen zich graag aan de regels houden,” zegt Jan. “Maar dat lukt gewoon niet meer.”
De documentaire Parkeerplaats gezocht laat precies deze realiteit zien — en is gratis te bekijken op Brabant+.
Podcastmaker Eva de Schipper kreeg een boze brief van Benno L. in de rechtbank
“Kein Kommentar.”
Deuren die open gaan — en meteen weer dichtslaan. Zwemleraren die geschrokken de telefoon opnemen, en net zo snel weer ophangen met de boodschap: “Ik heb hier twee jaar slachtofferhulp voor gehad.”
Als journalist stuitte Eva de Schipper tijdens haar onderzoek naar kindermisbruiker Benno L. op een muur van trauma’s. En van woede. Niet alleen van de slachtoffers — maar ook van Benno L. zelf. Tijdens een zitting in een Duitse rechtszaal overhandigde hij haar ineens een persoonlijke brief. Een brief vol afkeer, ontkenning en beschuldigingen.
Maar het ging niet alleen om wat er wel gezegd werd. Het ging ook om wat je bewust niet zegt: hoe vertel je een verhaal over seksueel geweld tegen kinderen, zonder nieuwe schade aan te richten? Hoe vind je de juiste woorden voor dingen die jarenlang nooit hardop zijn uitgesproken?
Terug naar het begin
Na jaren van stilte dook de naam Benno L. eind maart 2024 weer op — dit keer in Duitsland, weer in een strafzaak. De vraag kwam: wilde Eva een podcast maken over deze man met twee gezichten?
Veel mensen van haar leeftijd (ze is nu 34) kennen die naam. Zelf was ze 17 toen Benno L. in juni 2009 werd aangehouden in Den Bosch. Het enige beeld dat ze zich nog herinnert? Een foto van een oudere, grijze man in een zwembroek, staand in een zwembad met een groepje kinderen om zich heen — en een zwarte balk voor zijn ogen.
Oog in oog met Benno L.
In december 2024 stond Eva voor het eerst oog in oog met hem. De man die zijn daden tot op de dag van vandaag blijft bagatelliseren. Zijn standaardboodschap? “Ik heb de kinderen nooit pijn gedaan. Ze hebben er nooit iets van gemerkt.” En zij, als ‘de media’, zou volgens hem alles overdrijven — en haar verantwoordelijkheid moeten nemen.
Maar Eva nam die journalistieke verantwoordelijkheid serieus. Zo vertelde Anja hoe ze haar dochter Mara* moest vragen naar ‘vervelende geheimpjes’. En Eva sprak Mara zelf — nu 25 jaar oud — over de zwemlessen die ze van Benno L. had gekregen. De kracht waarmee Mara haar verhaal vertelde, laat zien hoe essentieel het is dat slachtoffers van seksueel geweld echt worden gehoord.
Steeds meer mensen durven zich uit te spreken — maar schaamte en taboes houden nog steeds veel verhalen verborgen.
Een leven lang gevolgen
Niet elk geheim is onschuldig. Sommige geheimen wegen zwaar — en blijven jarenlang op je drukken. Daarom is het belangrijk om kinderen niet alleen te vragen naar ‘leuke geheimpjes’, maar juist ook naar de ‘minder leuke’ — die zwaar voelen, waarover ze misschien liever zwijgen.
*Mara is een gefingeerde naam.
