Noorwegen in diepe rouw na overlijden koning Harald: condoleanceregister geopend in Oslo
Het nieuws van het overlijden van koning Harald V heeft Noorwegen volledig in de greep van rouw. Vanaf vanmorgen 10.00 uur kunnen mensen in Oslo hun medeleven tonen door het condoleanceregister te tekenen in het stadhuis. Ook op andere plekken in het land is dit mogelijk. Tot vanavond 18.00 uur is het stadhuis geopend voor dit doel. De gemeente waarschuwt dat bezoekers rekening moeten houden met wachttijd (opent in nieuw venster). Harald, door velen liefkozend ‘de koning van het volk’ genoemd, is gisterochtend op 89-jarige leeftijd overleden.
Burgemeester Anne Lindboe van Oslo zet als eerste haar handtekening in het register, waarna het publiek ook welkom is. Lindboe zou eigenlijk gisteren in het huwelijksbootje stappen, maar besloot haar trouwerij uit te stellen na het overlijden van de koning.
Al gisteren was het een enorme toestroom van mensen op het Slottsplassen, het grote plein voor het Koninklijk Paleis. De Noorse politie schat dat er zo’n 20.000 mensen samenkwamen om hun respect te tonen. Er werden bloemen gelegd en kaarsen aangestoken als eerbetoon.
Harald zat sinds 1991 op de troon en was enorm geliefd bij de bevolking. Zijn regeerperiode stond in het teken van modernisering en hervorming van het Noorse koningshuis. Vandaag zou hij zijn 58-jarig huwelijksjubileum met koningin Sonja hebben gevierd.
Gisteravond werd de kist met het lichaam van de koning overgebracht van het ziekenhuis naar het Koninklijk Paleis. De koninklijke familie volgde de rouwwagen in een stille stoet. Langs de route stonden duizenden mensen, velen met Noorse vlaggen, in de regen te kijken. De kist blijft tot de uitvaart in het paleis. Het publiek krijgt later nog de kans om een laatste groet te brengen wanneer de baar wordt opgesteld in de paleiskapel; wanneer dat precies is, is nog niet bekend.
De datum van de uitvaart is ook nog niet officieel gemaakt. De eerste plechtigheden zullen in besloten kring plaatsvinden. Op de dag van de begrafenis vertrekt de rouwstoet volgens traditie vanaf het paleis door het centrum van Oslo naar de laatste rustplaats, naar verwachting de crypte van de vesting Akershus, waar ook eerdere vorsten liggen.
Morgen worden in alle elf Noorse domkerken en veel andere kerken rouwdiensten gehouden, waarvan de meesten om 11.00 uur beginnen. Op de dag van de uitvaart zal er in het hele land een minuut stilte worden gehouden. Er is een periode van nationale rouw afgekondigd; op officiële gebouwen hangen de vlaggen halfstok en diverse evenementen, zoals het militaire muziekfestival Norsk Militær Tattoo, zijn afgelast (opent in nieuw venster).
Haakon, de 53-jarige zoon van Harald, is gisteren automatisch koning en staatshoofd geworden op het moment dat zijn vader overleed. Dinsdag wordt hij beëdigd, maar een kroning zit er niet meer in; dat gebeurt al sinds 1906 niet meer. Koning Haakon VIII heeft vandaag onder meer gesprekken met de voorzitter van het parlement en die van de Noorse kerk. In de komende dagen wordt een toespraak van hem verwacht.
Zijn dochter Ingrid Alexandra (22) is sinds gisteren kroonprinses. Zij moet nog een schriftelijke eed afleggen om te kunnen optreden als regent wanneer haar vader afwezig is. Mette-Marit, de vrouw van Haakon, is nu officieel koningin van Noorwegen. Koningin-weduwe Sonja behoudt haar titel, maar wordt niet meer aangesproken met ‘Hare Majesteit’; dat is nu voorbehouden aan haar schoondochter. Sonja reed gisteravond van het ziekenhuis en paleis terug naar Kongsgård, de residentie buiten de stad. De weg daarheen was verlicht met kaarsjes die buren hadden aangestoken als eerbetoon aan Harald.
Schok bij tankstation in Breda: medewerker beroofd onder bedreiging van vuurwapen
Een gewone vrijdagavond liep rond tien uur totaal uit de hand voor een medewerker van een tankstation in Breda. Het slachtoffer, een 31-jarige man, werd op het parkeerterrein van het OK-station aan de Graaf Hendrik III-laan plotseling geconfronteerd met een overvaller die een vuurwapen op hem richtte. De situatie was bloedserieus.
De medewerker had net, samen met een beveiliger, de zaak afgesloten voor de nacht. Op dat moment dook de dader op. Zonder pardon eiste hij het horloge van het slachtoffer. Toen de man niet snel genoeg reageerde, kreeg hij een harde klap met het wapen op zijn hoofd. Daarna werd het horloge uit zijn handen gerukt en ging de overvaller er rennend vandoor.
De politie was snel ter plaatse en startte direct een groot onderzoek. Meerdere agenten doorzochten de omgeving, klopten aan bij buurtbewoners en zochten zelfs in bosjes vlakbij het benzinestation naar sporen of de vluchtroute van de dader. Het onderzoek is in volle gang, maar de dader is vooralsnog spoorloos.
Dit wokrestaurant was ooit een bruisend station
Een druk spoorknooppunt is het nooit echt geweest, maar wat was het een prachtig traject. Het Bels Lijntje, zo’n 31 kilometer aan spoor tussen Tilburg en Turnhout, had vroeger statige stations langs de route. Als je nu op zoek gaat naar die stopplaatsen, kom je bedrogen uit. De slopershamer heeft inmiddels flink huisgehouden: de stations van Riel, Alphen en het enorme grenscomplex bij Baarle-Nassau zijn allemaal verdwenen. Alleen het station in het centrum van Baarle-Nassau heeft de tand des tijds doorstaan, maar dat gebouw heeft nu een heel ander doel: het is omgebouwd tot wokrestaurant.
Een droom met dollartekens
Het verhaal begint in 1865, zo’n 25 jaar nadat de allereerste trein in Nederland tussen Amsterdam en Haarlem reed. Toen werd de aanleg van de rails tussen Turnhout en Tilburg gestart. Initiatiefnemer Grand Central Belge (GCB) had grootse plannen. Deze lijn zou de kortste route tussen Amsterdam en Parijs worden, en GCB zag al stapels geld voor zich. Ze droomden van enorme aantallen reizigers die via deze verbinding zouden reizen. Maar ook de textielindustrie in Tilburg was enthousiast: zij hadden een snelle verbinding nodig voor grondstoffen, en boeren hoopten op een efficiënte manier om aan kunstmest te komen.
In 1867 was het zover: Riel, Alphen en Baarle-Nassau kregen prachtige stations en de eerste treinen reden over het traject. Het leek erop dat de GCB een gouden toekomst tegemoet ging. Maar de Nederlandse overheid gooide al snel roet in het eten. In 1872 werd de Moerdijkbrug geopend, waardoor er een directe treinverbinding tussen Amsterdam en Parijs ontstond. Reizigers hoefden niet meer met de boot over te steken, de route werd veel sneller en al snel de favoriet van reizigers.
Een enorm spoorwegemplacement
Het Nederlandse deel van het Bels Lijntje kwam in 1898 in handen van de Staatspoorwegen (SS), een voorloper van de huidige NS. Zij hielden vertrouwen in de lijn en bouwden er lustig op los. In 1906 verrees er aan de grens bij Baarle-Nassau een enorm spoorwegemplacement. Het stationsgebouw was maar liefst 167 meter lang, inclusief douaneloodsen aan zowel de Belgische als Nederlandse kant. Daarbovenop kwamen een locomotievenloods, een reservoirgebouw, wachtershuisjes en een rangeerterrein met 24 sporen naast elkaar. Ook werden er woningen gebouwd voor treinpersoneel en douanebeambten.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) grendelden de Duitsers de grens af en viel alles stil. Na de oorlog kregen de treinen te maken met hevige concurrentie van bussen. De hoge ambities werden nooit waargemaakt: in 1934 verdwenen de personentreinen van het spoor. Goederentreinen bleven nog tot 1973 rijden, maar op 1 juni van dat jaar viel ook dat definitief stil. Toch kwamen de treinen een jaar later terug – en nog in hun oude vorm ook. Acht jaar lang reed er met enige regelmaat een stoomtrein tussen Turnhout en Tilburg, maar in 1982 was ook dat voorbij toen de Stichting Stoomtrein Tilburg-Turnhout failliet ging.
Van sporen naar fietspad
De stations in Alphen en Riel werden gesloopt, net als het grensstation bij Baarle-Nassau. Bijna alle rails verdwenen en het traject werd omgevormd tot een fietspad. Langs het oude spoortracé zijn nog steeds op verschillende plekken restanten van het Bels Lijntje te vinden. Het hoogtepunt is het behouden stationsgebouw in Baarle-Nassau, dat nu al jaren dienstdoet als wokrestaurant.
Onderwerp van artikel
Zeker 200.000 mensen zijn de afgelopen acht maanden gedwongen teruggestuurd naar Haïti. Dat heeft de VN bekendgemaakt tijdens een vergadering van de Veiligheidsraad. Het nieuws komt kort nadat gewapende bendes in Haïti bij aanvallen bijna vijftig mensen hebben gedood, waaronder vijf kinderen. Haïti zit sinds de zomer van 2021 zonder president, nadat hij in zijn slaapkamer werd doodgeschoten. Sindsdien groeit de invloed van zwaarbewapende groeperingen flink. Naar schatting controleren bendes nu 70 procent van de hoofdstad Port-au-Prince en breiden ze hun terrein ook in andere regio’s uit. De VN registreerde alleen al tussen april en juni 1408 doden en 656 gewonden. Toch is het aantal mensen dat naar Haïti is gedeporteerd gestegen met 10 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2025.
De dodelijke aanval van zondagavond kwam slechts enkele dagen nadat de eerste Amerikaanse deportatievlucht naar Haïti was vertrokken. Die vlucht werd mogelijk toen de Trump-regering een rechtszaak won die een einde maakt aan de tijdelijke beschermingsstatus voor Haïtianen. Meer dan 330.000 Haïtianen hadden die status in de VS. Afgelopen donderdag arriveerden nog twee vluchten met 161 Haïtianen uit de VS en de Bahama’s. Ondertussen is het aantal ontheemden de afgelopen twee jaar verdubbeld. Bijna 1,5 miljoen mensen zijn intern ontheemd, waarvan bijna de helft kind is.
Tijdens de vergadering van de VN-Veiligheidsraad waarschuwden sprekers dat ziekenhuizen overbelast zijn, humanitaire toegang kwetsbaar blijft en dat bendes steeds vaker kinderen rekruteren. De VN-gezant voor Haïti drong erop aan om de internationale politiemacht Gang Suppression Force (GSF) uit te breiden naar 5500 manschappen. De GSF is een multinationale troepenmacht die in 2025 door de VN de opdracht kreeg om bendegeweld in Haïti aan te pakken en de openbare veiligheid te herstellen, samen met de Haïtiaanse politie en strijdkrachten. Onder meer Tsjaad, Mongolië en Ivoorkust hebben inmiddels overeenkomsten getekend om zich bij de GSF aan te sluiten. Ook worden gesprekken gevoerd met Jamaica, Sri Lanka en Bangladesh. Eind september stemt de Veiligheidsraad over het verlengen van het mandaat van de GSF.
Buitenland Deel artikel: Advertentie via Ster.nl
Tilburger onder invloed ramt andere auto’s tijdens vlucht voor politie
Tilburger onder invloed ramt andere auto’s tijdens vlucht voor politie
Een 39-jarige man uit Tilburg is gisteravond aangehouden na een chaotische achtervolging met de politie. De man reed zonder geldig rijbewijs en onder invloed van drugs, en ramde tijdens zijn vlucht meerdere auto’s. Het incident vond plaats rond 19.30 uur op de Ringbaan Zuid, ter hoogte van het stadion van Willem II.
De man reed op een verkeerscontrole af, maar in plaats van te stoppen gaf hij vol gas. Agenten gingen achter hem aan. Op een kruising botste hij op twee auto’s die voor een rood verkeerslicht stonden te wachten. Hij ramde een auto van een pizzakoerier en nog een andere auto. Een derde auto raakte beschadigd door rondvliegend materiaal.
Gewonden en aanhouding
Gelukkig raakten de inzittenden van de aangereden auto’s niet of nauwelijks gewond en hoefden zij niet naar het ziekenhuis. De verdachte kon uiteindelijk worden aangehouden, maar raakte bij het incident zelf gewond en is met onbekende verwondingen naar het ziekenhuis gebracht.
Drugs en andere overtreders
Een speekseltest bij de man gaf een indicatie voor drugsgebruik. Een vervolgtest moet dit definitief bevestigen. Opvallend: bij dezelfde verkeerscontrole testten in vier uur tijd maar liefst negen bestuurders positief op drugs. Zij kregen een proces-verbaal of een tijdelijk rijverbod.
Hoogopgeleide Israëliërs vertrekken massaal: “Haarlem voldoet aan al onze eisen”
De cijfers liegen er niet om: de afgelopen drie jaar verlieten jaarlijks bijna 50.000 Israëliërs hun land. Dat is flink meer dan in de jaren daarvoor, zo blijkt uit onderzoek van de universiteit van Tel Aviv. Opvallend is ook dat het aantal Israëliërs dat terugkeert om in Israël te wonen, juist afneemt. In 2024 waren dat er minder dan 20.000, uitzonderlijk weinig.
Vooral landen waar veel Engels wordt gesproken, zijn populair onder de vertrekkers. Niet alleen de VS, het VK en Australië, maar ook Europese landen zoals Italië, Griekenland en ook Nederland. Een van hen is Or Blan. Hij emigreerde vier maanden geleden naar Haarlem, samen met zijn vrouw en drie kinderen van 9, 7 en 1 jaar oud.
“De situatie in Israël is de afgelopen jaren steeds slechter geworden”, zegt Or. “Zelfs in de jaren voordat de oorlog in Gaza uitbrak, ging het land al achteruit. Toen vorig jaar een wet werd aangenomen die de macht van het hooggerechtshof inperkt, was dat voor mij de druppel.” Hij kent meerdere mensen die ook uit Israël zijn vertrokken. “Een goede vriend van mij naar Griekenland. Een ex-collega naar Amstelveen, een klein jaar geleden. En een andere vriend is ook van plan om te vertrekken.”
Desondanks spreekt Or van een moeilijk besluit. “We houden van Israël, we houden van onze ouders en vrienden, dus het was een grote beslissing. Iedereen blijft liever in zijn vertrouwde omgeving. Maar de politieke situatie in Israël is voor ons onleefbaar geworden. De maatschappij is zo verdeeld. Het land verkeert in chaos.”
Al is het voor hem meer dan alleen politiek. “Ook het onderwijssysteem kent zoveel problemen, de kwaliteit holt achteruit en er is een groot lerarentekort. De gezondheidszorg, waarin Israël vroeger nog vooropliep, kent ook een braindrain van artsen naar de EU en de VS. Daardoor zijn er nu minder specialisten in Israël, terwijl patiënten te maken hebben met lange wachttijden. Dit alles speelde mee in ons besluit.”
Die kennisvlucht blijkt ook uit het onderzoek. Daaruit blijkt dat onder de emigranten steeds meer artsen, gepromoveerden, ingenieurs, academici en mensen met een hoog inkomen zitten. Tegelijkertijd daalt het aantal Israëliërs dat terugkeert dus.
“We maken ons zorgen omdat de kwaliteit van degenen die uit Israël vertrekken, hoog is”, zegt de Israëlische hoogleraar Itai Atar, een van de onderzoekers achter de migratiecijfers. “De Israëlische economie is omvangrijk, modern en geavanceerd en kan daarom dit soort aantallen aan. Maar de vraag is wat de toekomst brengt als deze trend zich voortzet of zelfs toeneemt.”
Atar spreekt van een ‘braindrain van menselijk kapitaal’ uit Israël, en blikt daarbij ook vooruit op de Israëlische parlementsverkiezingen die over enkele maanden worden gehouden. “Er gaat veel expertise verloren. Veel van degenen die vertrokken zijn, behoren tot het liberale kamp en hebben een grote afkeer van de regering-Netanyahu. Daarom is de verkiezingsuitslag zo belangrijk voor deze migratiecijfers: als de huidige regering en premier niet veranderen, zou dit een grotere migratie uit Israël betekenen.”
Volgens UvA-onderzoeker Channa Zaccai is de trend van hoogopgeleide Israëliërs die emigreren in het verleden vaker voorgekomen. “Die trend is al in de jaren 90 ingezet, zoals de komst van Israëliërs in Silicon Valley. Maar het gebeurde ook in Nederland, waar Israëliërs terechtkwamen in de wetenschap, aan kunstacademies, in het bedrijfsleven of als ondernemer.” Zaccai omschrijft de groep als bevoorrecht, omdat het gaat om mensen die de achtergrond en middelen hebben om te kunnen emigreren, wat historisch gezien niet altijd het geval is geweest. “Dat is een belangrijke kanttekening.”
Israëlische emigratie naar Nederland bestaat al sinds de jaren 50. Het ging toen vooral om studenten, artiesten, kleine ondernemers en arbeidsmigranten, zegt Zaccai. “De migratie na 7 oktober 2023 bestaat uit verschillende groepen Israëliërs. Een deel met een Nederlands-Joodse achtergrond, een deel dat niet langer tegen de oorlog kan of niet wil dat hun kinderen in een langdurige oorlogssituatie opgroeien. Maar ook een deel vanwege de gestegen kosten van levensonderhoud in Israël, en een deel vanwege politieke overwegingen en teleurstelling over de koers van de Israëlische regering.”
Voor Or en zijn gezin is de keuze voor Nederland tot dusver heel goed bevallen. “Nederland heeft goed onderwijs, hoogwaardige dienstverlening en gezondheidszorg. Het is hier veilig, men spreekt grotendeels Engels en de mensen zijn vriendelijk. Daarbij is Haarlem rustig en vredig voor gezinnen en de scholen zijn goed – alles wat voor ons belangrijk is. Nederland kent een erg hoge kwaliteit van leven.” Inmiddels heeft Or zijn eigen onderneming als online consultant op het gebied van marketing en data voortgezet vanuit Nederland. “Alles is online, dus dat maakt het makkelijker.”
