Politie onderzoekt mogelijke brandstichting bij toekomstige asielopvang
Bij de toekomstige opvanglocatie voor alleenstaande minderjarige vluchtelingen in Valkenswaard is mogelijk brand gesticht. Meerdere ramen zijn kapot en aan de buitenkant van het pand aan de Leenderweg zijn zwarte roetvlekken zichtbaar. De politie is bezig met een grondig onderzoek naar sporen. Op foto’s is te zien dat er vermoedelijk een brandbare vloeistof tegen de eerste verdieping van het gebouw is gegooid. Wanneer dit precies is gebeurd, kon de politie woensdagavond nog niet zeggen.
Opvanglocatie goedgekeurd
Ongeveer anderhalve week geleden werd bekend dat het COA het plan voor de opvanglocatie heeft goedgekeurd. Als alles volgens plan verloopt, worden er in het bedrijfspand in Valkenswaard straks veertig alleenstaande minderjarige vluchtelingen tussen de 14 en 18 jaar opgevangen. Het gaat om een opvang voor vijf jaar, die na een evaluatie verlengd kan worden tot tien jaar. De gemeente en het COA werken de komende maanden de plannen verder uit. Wanneer de locatie daadwerkelijk opengaat, is nog niet bekend.
Spreidingswet
De gemeente Valkenswaard moest vorige maand op het matje komen bij het ministerie van Asiel en Migratie. Volgens de spreidingswet moet de gemeente namelijk plek bieden aan 103 asielzoekers. Op dit moment voldoet ze niet aan die wettelijke verplichting. Minister Bart van den Brink had de gemeente al eerder een brief gestuurd, maar dat leverde niets op. Ook gesprekken met ambtenaren hebben niet geholpen.
Omzet Nederlandse chipindustrie in zes jaar verdubbeld
Het gaat lekker met de Nederlandse chipindustrie. Vorig jaar draaide de sector een omzet van 46 miljard euro. Dat is meer dan twee keer zoveel als in 2019. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Die verdubbeling komt niet zomaar uit de lucht vallen. Het heeft er onder andere mee te maken dat bedrijven flink zijn gegroeid en zich steeds meer op chips zijn gaan richten.
Een complete keten
Het is niet zo dat één bedrijf een hele chip maakt. In de keten zijn er bedrijven die chips ontwerpen én produceren, maar er zijn ook bedrijven die alleen maar het ontwerp doen en de productie uitbesteden aan een ander. Daarnaast zijn er ook nieuwe spelers op de markt gekomen. Die zorgden samen voor bijna 2000 extra banen.
Chips zitten tegenwoordig in bijna alles wat een stekker heeft: van je telefoon tot de koelkast, en ook in elektrische auto’s. Nederland speelt wereldwijd een belangrijke rol in dit verhaal. Vooral ASML is hier een grote speler, als belangrijkste leverancier van chipmachines. Ook ASM, een andere Nederlandse chipmachinemaker, doet het goed. Die behaalde het afgelopen kwartaal een recordomzet van meer dan 1 miljard euro.
Meer werk, meer geld
In zes jaar tijd is de werkgelegenheid in de sector ook flink gegroeid. Het aantal mensen dat werkt in de chipindustrie ging van 23.000 naar 43.000. Die groei loopt ongeveer gelijk met de stijging van de omzet.
Het kabinet ziet het belang van deze industrie en stak er vorig jaar 230 miljoen euro in. Reden: de sector ontwikkelt zich continu en Nederland wil niet achterblijven in de wereldwijde race om betere chips.
Partner als Verdachte bij de Helft van Gedode Vrouwen
Uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) komt een schokkend patroon naar voren: bij de helft van de vrouwen die door moord of doodslag om het leven komen, is de (ex-)partner de dader of verdachte. Vooral bij vrouwen tussen de 20 en 60 jaar is dit percentage met 63 procent nog veel hoger. Dit beeld is al vijftien jaar stabiel.
Het CBS heeft de cijfers van 2021 tot en met 2025 geanalyseerd. In andere gevallen zijn vrouwelijke slachtoffers vaak gedood door een familielid (18 procent) of een kennis (16 procent). Bij 9 procent van de vermoorde vrouwen ging het om een volledig onbekende dader.
Aantal moorden en doodslagen op laagste punt
Uit de cijfers van 2025 blijkt dat het totale aantal mensen dat in Nederland door geweld om het leven kwam, opnieuw is gedaald. Het gaat om 103 doden, waarvan 65 mannen en 38 vrouwen. Dat zijn er 17 minder dan in 2024. Het is het laagste aantal sterfgevallen door moord en doodslag sinds het begin van de registratie in 1996. Toen vielen er nog 240 slachtoffers.
De daling is zowel bij mannen als bij vrouwen zichtbaar, maar het aantal mannelijke slachtoffers is sterker afgenomen. Met 65 gedode mannen is het aantal vorig jaar op het laagste niveau in dertig jaar uitgekomen. Bij mannen was de (vermoedelijke) dader in bijna 30 procent van de gevallen een kennis. Bij 11 procent ging het om een afrekening in het criminele circuit.
Kinderen en stedelijke verschillen
Het CBS houdt ook in de gaten hoeveel kinderen onder de 10 jaar door moord of doodslag om het leven komen. In de afgelopen vijf jaar waren dat er 24: 13 jongens en 11 meisjes. In 20 van deze gevallen is de vader of moeder de verdachte of dader.
Op stedelijk niveau vallen de meeste slachtoffers in Rotterdam, met 65 in vijf jaar tijd. Amsterdam volgt met 62 omgebrachte mannen en vrouwen. In Den Haag waren dat er 36 en in Utrecht 12. In de provincies Friesland en Flevoland vielen de minste slachtoffers.
Kanttekening bij de cijfers
Het statistiekbureau merkt op dat het geen onderscheid kan maken tussen moord (met voorbedachten rade) en doodslag, en tussen verdachten en daders. Dit komt doordat bij het inventariseren van rechtbankdossiers in veel gevallen nog geen rechterlijke uitspraak is gedaan.
Blushelikoptercrew Ardennen: ‘We werden overdonderd door het vuur’
Een bosbrand blussen vanuit een helikopter van de Koninklijke Luchtmacht? Dat is niet zomaar even een emmer water leeggooien. Zelfs met een berg ervaring kom je soms voor verrassingen te staan, zoals onlangs nog in de Belgische Ardennen. “Iedereen was overdonderd door het vuur”, blikt één van de brandweerlieden vol ongeloof terug.
Op woensdag kwamen helikoptervliegers, grondpersoneel en brandweerlieden samen op vliegbasis Gilze-Rijen om hun verhaal te delen. Ze kregen daarbij hoog bezoek van twee belangrijke gasten op het gebied van veiligheid: minister David van Weel en Eurocommissaris Hadja Lahbib.
De ‘vijand’ te lijf
De kantine van het 298-Squadron zit stampvol. Luchtmachtmilitairen in camouflagepakken en natuurbrandspecialisten in hun kenmerkende zwart-rode uniformen vullen de ruimte. Deze specialisten uit het hele land zijn de teams die brandende natuurgebieden ‘aanvallen’. “Het is een vijand waar je tegen kunt vechten”, vertelt een brandweerman stellig. Hij is één van degenen die bij een blusmissie aan boord springt van de helikopter om het militaire team nauwkeurige aanwijzingen te geven: links, rechts, lager. Een collega op de grond ‘stuurt’ ondertussen mee via de radio.
De strijd wordt gevoerd met een opvallende oranje waterzak, de zogenaamde bambi-bucket. Deze hangt onder een Chinook-helikopter van het 298-Squadron vanaf Gilze-Rijen en kan maar liefst 7.600 liter water bevatten. Die bucket was de afgelopen maanden veelvuldig in actie te zien. Eind april al, bij een brand in ’t Harde met twee Chinooks en een Cougar, gevolgd door bosbranden bij Budel en Weert, een brand in Oostrum (Limburg), een duinbrand bij Ouddorp en dagenlang bluswerk in de Belgische Ardennen.
Dank uit Brussel
“Ik ben vooral hier om mijn dank te tonen voor die inzet”, zegt Eurocommissaris Hadja Lahbib, die namens de EU verantwoordelijk is voor crisisbeheer. Toen de grote brand in de Ardennen uitbrak, klopte België aan bij de buurlanden voor hulp. “Jullie waren de eersten die reageerden”, zegt ze tegen de zaal met professionals. “Ik was gisteren nog in de Ardennen. Het is een ramp.”
Op Gilze-Rijen worden de woorden van dank trots in ontvangst genomen. “Wij helpen graag”, reageert squadroncommandant Sander. “Maar de oostflank van de NAVO is nu onze primaire taak. Toch is brandbestrijding ook een belangrijke taak. Het is een grote machine die dit samen doet: brandweer, brandstof en militairen.”
Hobbels op de weg
Tijdens de Ardennenbrand moest er soms flink geïmproviseerd worden, vertelt een van de militairen. “De coördinatie verliep redelijk, maar we moesten ontdekken waar we in het systeem pasten. Het systeem was er alleen nog niet.” Zo was er op de eerste dag te weinig brandstof voor de helikopters. Gelukkig schoten de Duitse collega’s snel te hulp.
Ook de Gelderse brandweerman Christaan Veldhausz kwam voor uitdagingen te staan. “We hadden last van taalbarrières. Ze spraken Duits, Frans en af en toe wat Engels. De Belgische politie moest vertalen, maar de een zei dan weer dit en de ander dat.” Ondertussen gingen ze samen het inferno te lijf. “Iedereen was overdonderd door het vuur”, herhaalt Veldhausz, die in Nederland de blushelikopters coördineert. Elke inzet is weer een leermoment: “Samen blussen, is samen leren.”
Het was voor de militairen en brandweerlieden een intensief ‘seizoen’. Veldhausz werd bijvoorbeeld net terug van vakantie opgeroepen: “Maar niemand klaagt, het is gewoon ontzettend mooi om te doen.”
Mona Keijzer begint een nieuwe politieke beweging
Een nieuw politiek avontuur
Mona Keijzer start een nieuwe politieke beweging genaamd Project2029. De ambitie is om een ‘sociaal-conservatieve beweging’ te worden, die mogelijk kan uitgroeien tot een nieuwe politieke partij. Maar eerst wil de beweging op zoek gaan naar financiële steun en gelijkgestemden. Een paar namen zijn al bekend: zo doen onder andere oud-BBB’ers Gouke Moes en Nicky Pouw-Verweij mee.
Waar wil de beweging voor staan?
De beweging – en straks misschien een partij – wil zich vooral richten op ondernemers. Ze is tegen de ‘modellenwerkelijkheid’ die volgens haar in Den Haag heerst. Daarnaast wil de beweging het aantal migranten dat naar Nederland komt verminderen. Ook onderwijs is een speerpunt. Hoe Keijzer dat precies voor zich ziet, vertelt ze er niet bij in het gesprek met de krant. Vanmiddag geeft ze een nadere toelichting.
Politiek verslaggever Floor Bremer over de ambities: “Met de ‘beweging’ start Keijzer na CDA en BBB een nieuw politiek avontuur. Dan zijn er straks mogelijk zes partijen rechts van de VVD in de Tweede Kamer. Dat is een drukke bedoening en een verdere versplintering. De recente neergang van NSC van Pieter Omtzigt laat zien dat elk nieuw initiatief ook weer zo kan mislukken.”
Waarom nu?
Dat Mona Keijzer bezig was met een eigen politieke partij gonsde al een tijdje door de Haagse gangen. Maar zelf ontkende Keijzer voortdurend. Ze zei niet opnieuw in een politiek experiment te willen stappen. Daarmee doelde ze op haar korte aansluiting bij de BBB, na jarenlang bij het CDA gezeten te hebben. Voor de BBB was ze onder andere vicepremier in het kabinet Schoof. Ze vertrok na een verschil van mening over het nieuwe leiderschap dat haar was beloofd, maar wat uiteindelijk naar Henk Vermeer ging.
Hoewel er al verschillende partijen zijn aan de rechterkant, voelt Keijzer zich bij geen enkele thuis, zegt ze tegen de Telegraaf. De PVV denkt heel anders over ondernemerschap en het vrouwenstandpunt van de SGP past niet bij Keijzer, geeft ze aan. “Voor mij is er dus op rechts geen serieuze partij die een ideologische onderbouwing heeft die bij mij past.”
De volgende stappen
Mensen kunnen lid worden van de beweging en geld storten, zegt Keijzer. Hoeveel leden en hoeveel geld dat moet zijn, wil Keijzer niet zeggen. “Daar kan ik geen getallen voor noemen, dan schiet ik ook in de modellenwerkelijkheid. Volgend jaar zijn er al Statenverkiezingen. En als je een machtspositie zou willen in de Eerste Kamer, dan wil je daar eigenlijk al aan meedoen.” In november neemt ze het besluit of de beweging daadwerkelijk een politieke partij gaat worden.
Geheim bezoek CIA-baas aan Moskou: een waarschuwing aan Rusland?
Een opvallende en zeldzame stap
Het was een ongewoon gezicht: een vliegtuig van de Amerikaanse luchtmacht op een vliegveld in Moskou, gevolgd door een diplomatiek konvooi dat door de stad reed. Al snel werd duidelijk dat niemand minder dan CIA-directeur John Ratcliffe een geheim bezoek aan de Russische hoofdstad had gebracht. Over het doel van die missie wordt volop gespeculeerd, maar de meest aannemelijke theorie is dat hij er was om Rusland te waarschuwen: blijf af van de NAVO.
Van gedachten veranderd
De Amerikaanse inlichtingendiensten dachten tot voor kort dat het Kremlin geen directe confrontatie met de NAVO zou riskeren, al helemaal niet nu Rusland zijn handen vol heeft aan de oorlog in Oekraïne. Maar daar lijkt de afgelopen tijd verandering in te zijn gekomen. De vrees groeit dat Rusland met een kleine actie – een speldenprik, een sabotagedaad of zelfs een beperkte militaire aanval – de eenheid van de NAVO op de proef wil stellen.
Waarschuwing aan de Baltische staten
Volgens nieuwssite Politico, dat zich beroept op een anonieme bron, was Ratcliffes missie in de eerste plaats bedoeld om Rusland te waarschuwen tegen escalerende acties richting de Baltische staten. Estland, Letland en Litouwen vrezen al langer dat Rusland probeert te laten zien dat de NAVO minder eensgezind is dan het lijkt. Een kleine actie waarover discussie ontstaat of Rusland er wel of niet achter zit, zou het fundament van de alliantie – de belofte elkaar te verdedigen – flink kunnen ondermijnen.
Reacties uit Washington en de regio
President Donald Trump deed het bezoek af als ‘semi-routine’ en ontkende dat het iets te maken had met vermeende Russische plannen tegen de NAVO. Ook Estland relativeerde de gebeurtenissen. De Litouwse president Gitanas Nausėda bevestigde echter dat de VS hun bondgenoten over het bezoek hebben ingelicht en hen later uitgebreider zullen bijpraten.
Een historisch moment
Ratcliffe is daarmee een van de prominentste Amerikanen die Rusland heeft bezocht sinds de invasie van Oekraïne in 2022. Het laatste bezoek van een CIA-baas aan Moskou was in 2021, destijds om Rusland juist van die invasie te weerhouden. Verslaggever Fabio Bravo Rebolledo zag in Letland met eigen ogen hoe Russische troepen langs de grens patrouilleren – een beeld dat de zorgen in de regio alleen maar groter maakt.
