Weer een Mexicaanse influencer doodgeschoten tijdens een livestream

Het gebeurde gisteravond rond 20.00 uur lokale tijd, buiten een fastfoodrestaurant in Culiacán. Terwijl de populaire Mexicaanse influencer Carlos Gastelum met vrienden stond te livestreamen, reden twee mannen op een motor recht op hem af. Eén van hen schoot hem van dichtbij door het hoofd — midden in beeld, zo meldt de Mexicaanse krant El Universal. Beide daders droegen helmen en sloegen direct na de schietpartij op de vlucht. Tot nu toe zijn ze nog niet gepakt.

Gastelum en zijn vrienden hadden feloranje jassen aan — dezelfde kleur die maaltijdbezorgers in de regio vaak dragen. Volgens lokale media dacht de politie daarom eerst dat het slachtoffer een bezorger was, totdat duidelijk werd wie het precies was.

Of hij eerder bedreigingen had ontvangen, is onbekend. In één van zijn recente filmpjes is hij zelfs te zien bij het graf van collega-influencer Leobardo Aispuro, die in december 2024 op brutale wijze werd vermoord. Die moord wordt door de autoriteiten mogelijk in verband gebracht met de gewelddadige machtsstrijd tussen twee rivaliserende takken van het Sinaloakartel.

En dat geweld is in Sinaloa — waar Culiacán de hoofdstad van is — echt uit de hand gelopen. Sinds de arrestatie van kartelbaas Ivan ‘El Mayo’ Zambada in juli 2024 woedt er een ware bendeoorlog. De machtspolitiek onder criminelen is onrustbarend zichtbaar — en nu ook op sociale media.

Overigens: niet lang geleden viel ook influencer Valeria Márquez ten offer. Volgens de BBC stopten twee mannen voor haar kapsalon; één ging naar binnen, vroeg “Ben jij Valeria?”, en schoot haar neer zodra ze ja zei. Haar dood werd officieel aangemerkt als een vrouwenmoord. In juli 2024 werd Ramón Ángel Álvarez Ayala gearresteerd — leider van een criminele cel die verbonden wordt met het Jalisco New Generation-kartel. Hij wordt niet alleen verdacht van haar moord, maar ook van de liquidatie van voormalig burgemeester Carlos Manzo in Uruapan.

Buitenland
Deel artikel:

Bekijk origineel artikel

Waarom de fastfoodbranche zo hard groeit: ongezond eten is simpelweg de meest winstgevende business

Al jarenlang eet een flink deel van Nederland te veel — en dat merk je ook in de straatbeeld. Obesitascijfers klimmen gestaag, terwijl het aantal fastfoodzaken in de afgelopen twintig jaar bijna is verdubbeld. En nee, ‘fastfood’ betekent hier niet alleen frietkotjes of burgerketens: volgens het CBS valt er veel meer onder — denk aan ijssalons, eetkramen, lunchrooms, maar ook die populaire pokébowls, saladebars en zelfs de gezonde-achtige afhaalbroodjes. Kortom: alles wat snel over de toonbank gaat.

En hoewel de overheid graag een gezonder Nederland wil, blijkt het lastig om dat ook daadwerkelijk te realiseren. Het aandeel volwassenen met overgewicht is de laatste tien jaar vrijwel gelijk gebleven — rond de 50 procent. Maar obesitas (ernstig overgewicht) is wel toegenomen: ruim één op de zes volwassenen heeft het nu. Dat betekent dat de doelen uit het Nationaal Preventieakkoord — zoals minder overgewicht — waarschijnlijk niet gehaald zullen worden.

“Het aantal uren dat we per week besteden aan het bereiden van eten, is enorm afgenomen”, legt voedingswetenschapper en emeritus hoogleraar Jaap Seidell uit. “Mensen hebben door drukte, tijdgebrek en andere redenen steeds minder ruimte om zelf te koken. Wat we willen? Snelheid, gemak én lage prijzen.”

Tegelijkertijd proberen gemeentes juist een gezondere leefomgeving te creëren — met minder snelle, ongezonde opties. Maar daar zit een groot verschil tussen wijken: in gebieden met lagere inkomens duiken sneller fastfoodketens op dan in rijkere buurten. En ook in de buurt-supermarkten is ongezond eten vaak een grote bron van omzet.

Frans van Rooij van ProFri (de vereniging van professionele frituurders) vindt het irritant dat snackbars direct als boosdoener worden aangewezen. “Er zijn minder snackbars dan tien jaar geleden, en toch neemt obesitas toe. Dus waar ligt het probleem dan?” Volgens hem is het vooral de algemene leefstijl van mensen die de oorzaak is — en niet één maaltijd per week. “Een wekelijkse frietmaaltijd past prima bij een gezond leefpatroon”, zegt hij. “Je moet er gewoon niet te veel van eten.”

Seidell wijst op iets anders: het gaat vaak om de impulsmomenten — wat we tussendoor eten. Denk aan de snackbar op het station, de frikandelbroodjes en energiedrankjes bij de schoolkantine of de supermarkt naast de middelbare school. “Daar gaan mensen snel overstag voor de verleiding”, zegt hij. En die gewoonte begint al vroeg — soms al op school.

En waarom blijft het toch zo groeien? “Zolang ongezond eten lucratief is, blijft het komen”, stelt Seidell. “De kosten zijn laag, de verkoopprijs is hoog, en de vraag is altijd aanwezig.” Dat zie je ook in winkelstraten: vaak trekken aanbieders van ongezond eten juist de dure panden binnen — omdat ze zich daar financieel het beste kunnen redden.

Gemeentes proberen het tegen te gaan met omgevingsplannen — en er is zelfs een wet voor aangenomen. Maar in de praktijk loopt het vaak spaak. Dunkin’ Donuts registreerde zich bijvoorbeeld als bakkerij om de komst te omzeilen; pizzaketens roepen op hun beurt naar Italiaanse restaurants in de buurt om zichzelf te ‘verzachten’. Er wordt dus gewerkt aan regels — met tegenslagen — en gemeentes vragen om duidelijke sturing vanuit Den Haag.

Want één ding is duidelijk: heel veel Nederlanders willen graag gezond leven… maar worden voortdurend verleid om toch voor de snelle, ongezonde keuze te kiezen.

Bekijk origineel artikel

Lidwina S. reed Esmee (14) dood: hoe zij fatale crash veroorzaakte

Het zijn de dagen vlak voor kerst 2024 — rustig, koud, met die typische sfeer van afsluiting en verwachting — als de 14-jarige Esmee Hoesen uit Sint Anthonis op haar fiets het huis uit rijdt, op weg naar school. Maar die ochtend wordt haar laatste rit. Onderweg wordt ze aangereden door een vuilniswagen. Achter het stuur zit Lidwina S., een 42-jarige vrouw uit Nijmegen.

En ja — dit was lang niet de eerste keer dat ze de grens overschreed. Haar strafblad telt maar liefst 23 pagina’s. Meerdere veroordelingen voor rijden onder invloed, voor het besturen van een voertuig zonder geldig rijbewijs, en zelfs voor een poging tot zware mishandeling — waarbij ze met een auto probeerde iemand te raken. Daarnaast heeft ze meerdere persoonlijkheidsstoornissen. Samen vormde dat voor het Openbaar Ministerie reden genoeg om tbs met voorwaarden te eisen. In eerste instantie weigerde de rechter dat, waardoor het OM besloot in hoger beroep te gaan.

Onlangs zat Lidwina S. weer in de rechtszaal. Wat vertelde ze over die ochtend? Wat gebeurde er echt op het moment van de aanrijding? Krijgt ze deze keer wel de tbs die het OM wil? En hoe leven Esmees familie en vrienden nu verder — met een leegte die nooit meer vol te maken is?

Alles over deze tragische zaak, de juridische twisten en de menselijke nasleep vind je in de nieuwe aflevering van Misdaad Uitgelegd.

Bekijk origineel artikel

Topchef over veelbesproken sterrenrestaurant en presteren onder druk

Toprestaurant Noma in Kopenhagen opent deze woensdag weer zijn deuren — na zeven maanden gesloten te zijn geweest. De reden? Een harde klap: tientallen oud-medewerkers beschuldigden chef René Redzepi van mishandeling en vernedering. Het artikel in de New York Times over de toxische werkcultuur en een onhoudbaar bedrijfsmodel zorgde voor grote golvingen in de gastronomische wereld.

Maar wat zegt zo’n situatie over het echte werk achter de keukendeur? Hoe houd je het vol als elke seconde telt, elke saus perfect moet zijn en elke gast een ervaring verwacht die ‘waar voor je geld’ is? We vroegen het aan sterrenchef Soenil Bahadoer — een man die dertig jaar lang het beroemde De Lindehof in Nuenen leidde, en kort na de sluiting alweer met GEM in Gemert twee Michelinsterren wist te veroveren.

“Je moet wel goed plannen en zorgen dat alles loopt”, zegt Bahadoer woensdag in het radioprogramma KEIgoeiemorgen! van Omroep Brabant. “Maar dat is niet makkelijk.” En hij weet waar hij over praat.

Vroeger, zegt hij, was de druk soms overweldigend: “Ik ben van de oude generatie en had vroeger altijd last van de druk. Dan zei je drie keer iets tegen het personeel en gebeurde het toch niet zoals je wilde — terwijl er vijftig pannen op het vuur stonden. Als er één ding misgaat, gaat alles mis. Dan flipte je wel eens.”

Tegenwoordig is het anders. “Na al die jaren word je rustiger. Soms zeg je: verdorie, waarom doen we dat op deze manier? Dat doen we in het algemeen, niet persoonlijk. Fouten gebeuren soms. Daar moet je iets van kunnen zeggen, maar op een goede, normale manier. De kunst is om rustig te blijven.”

Bahadoer ziet ook duidelijk waarom Noma’s oude model op de klippen liep: stijgende personeels- en inkoopkosten, én een werkdruk die bijna ondraaglijk werd. “Redzepi werkte met honderd man personeel. Je kreeg af en toe een uitbrander omdat het niet klopt zoals hij wilde. Een verkeerde beweging, een blaadje dat te links ligt in plaats van rechts…” Maar volgens Bahadoer heeft Redzepi dat nu wel geleerd.

Toch benadrukt hij ook: werken in een toprestaurant is geen wandeling in het park. “Het is topsport — en daarbij is een beetje hardheid nodig, maar het moet wel menselijk blijven.” Het is nooit de bedoeling om mensen kleiner te maken, maar wel om te weten dat je op een bepaald niveau moet kunnen functioneren. “Je kunt niet lanterfanten, je moet je verantwoordelijkheid kennen. Onze gasten betalen een hoop geld en we moeten elke dag kwaliteit leveren.”

En toch? Bahadoer heeft veel respect voor Noma. Hij heeft er zelf al drie of vier keer gegeten — en noemt het een ‘topzaak’ met mensen die ‘niet normaal creatief’ zijn. “Je doet veel inspiratie op en leert er heel veel van.” Want ook sterrenchefs blijven leren, zegt hij. “Niet alleen op het bord, maar ook als organisatie. Alleen creativiteit is niet meer voldoende. Als gezond bedrijf is leiderschap minstens zo belangrijk. Als je dat niet hebt, ga je niet presteren.”

Bekijk origineel artikel

Botsingen met ruimtepuin gaan nog veel vaker voorkomen: dit is waarom

Vanochtend om 08.35 crashte de oude rakettrap van SpaceX op het maanoppervlak — een einde aan een zwerftocht van anderhalf jaar door de ruimte. NASA zag het gebeuren. Zo’n crash op de maan is best zeldzaam, maar op aarde? Daar wordt het juist steeds gewoner. Twee weken geleden trok bijvoorbeeld een fel brandende vuurbol boven Nederland veel aandacht — en ook daar zat ruimtepuin van SpaceX achter.

Ruimtepuin is simpel gezegd: alles wat mensen in de ruimte hebben achtergelaten én wat geen nuttige taak meer heeft. Denk aan afgedankte satellieten, hele rakettrappen, maar ook aan losgeraakte schroefjes of zelfs piepkleine stukjes verf. Het Europees ruimtevaartorganisatie ESA houdt elke dag zo’n 40.000 van die objecten nauw in de gaten — maar dat is slechts het topje van de ijsberg. Volgens hen zitten er waarschijnlijk meer dan 1,2 miljoen brokstukken groter dan één centimeter rond de aarde te cirkelen.

Het meeste puin draait in de lage aardbaan — en beweegt daar razendsnel: gemiddeld zo’n 22.000 kilometer per uur. Voor vergelijking: dat is 25 keer sneller dan een groot passagiersvliegtuig op kruissnelheid. En omdat steeds meer bedrijven én overheden hun eigen satellieten willen lanceren, wordt het daarboven steeds voller. Meer objecten = meer kans op botsingen. En die botsingen zijn geen kleinigheid: zelfs een schroefje kan een dure satelliet volledig vernielen. En wat erger is: bij elke botsing ontstaat weer nieuw puin — waardoor het probleem zichzelf versterkt.

Daar komt het Kesslersyndroom om de hoek kijken: een doemscenario waarbij botsingen op elkaar blijven volgen, totdat de ruimte rond de aarde zo vol zit met puin dat we er langdurig of zelfs voor altijd niet meer veilig kunnen komen. “Het Kesslersyndroom is al in stilte begonnen”, zegt Holger Krag, hoofd ruimteveiligheid van de ESA, tegen RTL Z. “Zelfs als we nu meteen alle lanceringen stoppen, ontstaan er door botsingen meer brokstukken dan er opbranden in de atmosfeer.”

Daarom pleit de ESA ervoor om oude satellieten en raketonderdelen actief op te ruimen — vooral omdat we in de toekomst nog steeds afhankelijk blijven van de ruimte voor telefoon- en internetsignalen, weersvoorspellingen en het in de gaten houden van onze planeet. Starlink bijvoorbeeld wil tienduizenden nieuwe satellieten in een lage baan plaatsen. Die hebben een korte levensduur — na vijf jaar moeten ze vervangen worden. De eerste generatie wordt nu al uitgefaseerd door ze bewust naar de aarde te laten vallen, zodat ze volledig opbranden in de atmosfeer.

Maar dat geeft ook zorgen: onderzoekers van het KNMI wijzen erop dat bij die verbranding gevaarlijke stoffen vrijkomen die de ozonlaag kunnen aantasten — een beschermlaag die ons beschermt tegen schadelijke straling van buitenaf. Op dit moment is de hoeveelheid nog beperkt, maar als het aantal afgedankte satellieten flink toeneemt, stijgt de concentratie van die stoffen waarschijnlijk mee.

De ESA wil het probleem aanpakken met haar ‘Zero Debris’-aanpak: tegen 2030 moet de toename van ruimtepuin gestopt zijn. Alleen: zonder bindende internationale regels blijft het lastig om duurzame oplossingen echt af te dwingen.

Bekijk origineel artikel

Inlichtingendienst waarschuwde Spanje wél voor massa-oversteek naar Ceuta

Je hoort het vaak: “We kregen geen waarschuwing.” Maar in het geval van de massale oversteek naar Ceuta blijkt dat niet helemaal waar te zijn. De Spaanse minister van Binnenlandse Zaken, Fernando Grana-Marlaska, beweerde al dagenlang dat hij en premier Pedro Sánchez géén signaal hadden gekregen — noch van de eigen inlichtingendienst (CNI), noch van de politie of de Guardia Civil. Gisteren ging hij zelfs nog verder tijdens een EU-spoedoverleg: volgens hem waren ook andere Europese veiligheidsdiensten ‘blind’ voor wat er op komst was. En hij voegde eraan toe: “Dit had elke andere veiligheidsdienst kunnen opmerken — informatie via sociale media en WhatsApp heeft immers geen grenzen.”

Maar nu komt er iets anders bovendrijven. Journalisten van meerdere Spaanse media kregen onafhankelijk van elkaar hetzelfde verhaal te horen: de CNI had wel degelijk de signalen opgepikt. Op 22 juli nam het aantal berichten over een geplande massale oversteek op sociale media en via WhatsApp zo sterk toe, dat de inlichtingendienst besloot om ministers direct te waarschuwen.

En dan is er ook nog de reactie van Jupol — de grootste politievakbond van Spanje. Die springt vandaag openlijk in de bres voor de officieren van de CNI én de agenten op het terrein. Volgens woordvoerder Julia García verdient het werk van de inlichtingendienst “erkenning”, omdat de informatie die er was, wel werd gedeeld. Dat er vervolgens niets mee gebeurde, noemt ze “zeer ernstig” — vooral omdat het agenten aan de grens in gevaar bracht.

Ook het lokale bestuur van Ceuta twijfelt aan de officiële versie. De Spaanse regering zegt dat er na de oversteek nog 2500 migranten in de stad zijn achtergebleven. Burgemeester Juan Vivas van Ceuta zegt echter dat het er minstens 6000 zijn — waaronder 1100 minderjarigen. Vanmiddag toonden Spaanse tv-zenders beelden van zoekacties in bossen en andere verborgen plekken, waar migranten zich hadden verstopt. Volgens Vivas laat dat zien dat de regering de situatie veel te snel weer als ‘normaal’ heeft aangemerkt. “6000 mensen opvangen in Ceuta past gewoon niet. En die 1100 jongeren hebben een heel specifieke vorm van opvang nodig — en die hebben we hier simpelweg niet.”

Vivas vertelt bovendien dat hij zelf vier dagen voor de oversteek al probeerde premier Sánchez te bellen — maar kwam alleen bij een van diens naaste adviseurs terecht. Wat die adviseur met de waarschuwing deed, is tot op heden onbekend.

Het Landelijk Parket in Spanje is intussen gestart met een onderzoek: wie wist wanneer wat, en wat is er daarmee gedaan? Juristen wijzen erop dat het in de Spaanse rechtsorde erg lastig is om ministers strafrechtelijk ter verantwoording te roepen voor het negeren van informatie. Of het parket nu echt op zoek is naar schuldigen of eerst alleen een duidelijk beeld wil krijgen, is nog niet bekend. Voorlopig gaat het dus om het opsporen van feiten — niet om vervolging.

Bekijk origineel artikel