Hoop je op verkoeling? Dan heb je nog even geduld nodig…
Voor wie na de afgelopen hittegolven dacht: ‘Eindelijk, nu komt er wat frisse lucht!’ — sorry, maar dat wordt niks. Floris Lafeber van Weerplaza heeft maandagochtend in KEIgoeiemorgen! van Omroep Brabant een flinke realitycheck gegeven: “We zijn nog lang niet verlost van de warmte.”
En ja — het is officieel: maandag is de vierde regionale hittegolf van deze zomer in onze provincie. En volgens Lafeber wordt het vandaag écht snikheet. “Opnieuw”, benadrukt hij. Dat het zo vaak voorkomt deze zomer? Volgens hem ongekend.
’s Ochtends was het nog redelijk fris — onder de 20 graden — maar daarna schiet de temperatuur als een raket omhoog. Met veel zonneschijn wordt het rond het middaguur al tropisch warm: 30 graden of meer. In de regio Eindhoven loopt het zelfs op tot 34 à 36 graden.
En dan komt de avond…
Maandagavond en -nacht wordt het een echte plakavond: de luchtvochtigheid stijgt fors. Daarbij is er kans op een enkele regen- of onweersbui. Maar geen illusies: de minimumtemperatuur blijft ruim boven de 20 graden — en die wordt pas aan het eind van de nacht bereikt. “Ik denk dat het puffen en zweten wordt in bed”, waarschuwt Lafeber.
Dinsdag: minder zon, maar wel broeieriger
Ook dinsdag wordt het tropisch heet — misschien een klein beetje minder dan maandag, maar de luchtvochtigheid neemt verder toe. Dat maakt het broeieriger dan de cijfers laten zien. Verwacht wordt 31 tot 33 graden, met wat meer bewolking. En in de loop van de middag stijgt de kans op fikse regen- en onweersbuien.
Woensdag: eindelijk wat opluchting
Vanaf woensdag draait de wind naar het zuidwesten — en daarmee komt er minder warme lucht onze kant op. Woensdag wordt het 27 graden: een aangename zomerdag. Donderdag en vrijdag daalt de temperatuur verder, naar 21 tot 25 graden.
En daarna? Niet te vroeg juichen…
De zomer is nog lang niet voorbij — we hebben bijna heel augustus nog voor de boeg. Lafeber sluit daarom een vijfde hittegolf niet uit. “Dat zou best weleens kunnen”, zegt hij. Op de lange termijn zien de weerkaarten namelijk nog steeds behoorlijk warm uit: vaak boven de 25 graden, met in de loop van augustus weer uitschieters richting 30 graden.
Dus: hoop je op verkoeling? Ja — maar houd je ogen open. Die komt er wel, maar niet vóór woensdag. En daarna? We zullen zien…
Oekraïne richt zich opnieuw op Wildberries-magazijnen – brand en gewonden bij aanval nabij Moskou
De meest recente aanval op een magazijn van de Russische webwinkel Wildberries vond plaats in de regio Vladimir, vlak ten oosten van Moskou. Tijdens de klap brak er brand uit en raakten twee mensen gewond. Alle medewerkers zijn tijdig geëvacueerd, wat gelukkig geen zwaardere slachtoffers heeft opgeleverd.
Dit is alweer de twintigste keer dat Wildberries meldt dat één van haar logistieke centra onder vuur is genomen. Gisteren werd zelfs alweer een andere opslaglocatie getroffen – deze keer in de regio Samara.
Het is inmiddels bijna routine: Rusland en Oekraïne wisselen vrijwel elke nacht raketten en drones uit. Ook afgelopen nacht was het weer zo ver: het door Rusland geannexeerde schiereiland de Krim kwam onder vuur. Volgens Russische bronnen vielen daarbij drie doden en twee gewonden.
Terwijl Oekraïne landelijke doelen blijft raken, reageert Rusland op zee. Het Russische ministerie van Defensie beweerde dat het in de nacht van zondag op maandag vier Oekraïense schepen had geraakt – drie vrachtschepen met militaire goederen op de Zwarte Zee, en een vierde schip in de haven van Mykolajiv.
Maar het is geen eenzijdig spel: Oekraïne valt ook regelmatig Russische schepen en havens aan. Daarom kondigde het Russische ministerie van Transport aan dat het alle nodige stappen gaat nemen om de scheepvaart op de Zee van Azov te beschermen – een gebied waar de commerciële vaart al bijna volledig stil ligt sinds eerdere maatregelen.
En ja: de magazijnen van Wildberries blijven week na week in het vizier van Oekraïense aanvallen.
Shell trekt zich verder terug uit zonne- en windenergie
Shell maakt weer een flinke stap terug uit de wereld van duurzame energie — en dat is dit keer niet alleen wat ‘op papier’ staat. Het bedrijf verkoopt een hele reeks bestaande én geplande zonne- en windprojecten, samen goed voor 0,5 gigawatt (GW) aan opgewekte stroom. Dat is genoeg om zo’n half miljoen huishoudens van stroom te voorzien.
De projecten liggen verspreid over Italië, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Nederland. In Nederland gaat het onder meer om vijf zonneparken en het wind- en zonnepark Pottendijk bij Emmen.
Wie de projecten nu overneemt? Dat is Franse concurrent TotalEnergies, maar hoeveel ze ervoor betalen, blijft voorlopig onder de pet. Shell wil daar pas meer over vertellen bij de volgende kwartaalcijfers — zo bevestigt een woordvoerder.
Waarom doet Shell dit?
Het past volledig in de nieuwe koers onder topman Wael Sawan: minder focus op hernieuwbare energie, en veel meer aandacht voor het oppompen van olie en gas. Machteld de Haan, president van Shell’s Downstream, Renewables and Energy Solutions, legt het zo:
“We geven prioriteit aan gebieden waar we onderscheidende capaciteiten hebben en op de langere termijn de meeste waarde kunnen creëren.”
Hoe snel gaat dit allemaal?
Behoorlijk snel. In minder dan een jaar heeft Shell al bijna tweederde van haar hernieuwbare portefeuille verkocht of opgegeven. Eind vorig jaar trok het bedrijf zich terug uit twee grote windparken voor de Schotse kust, samen goed voor 5 GW — één ervan is daarna zelfs afgeblazen. Enkele weken geleden verkocht Shell ook nog eens Sprng Energy Group, zijn zonne- en windbedrijf in India, voor 1,8 miljard dollar. Dat bedrijf leverde op zijn hoogtepunt 5 GW aan groene stroom.
Wereldwijd heeft Shell nu nog maar 5,7 GW aan hernieuwbare energieprojecten in de portefeuille — en een deel daarvan zit nog in de pijpleiding. Of die ook verdwijnen, wil of kan de woordvoerder op dit moment niet zeggen.
Niet iedereen is blij
Binnen Shell zelf is de nieuwe richting niet onomstreden. Tijdens de aandeelhoudersvergadering in Londen spraken sommige aandeelhouders kritisch over de terugtrekking uit duurzame energie — en lieten dat ook horen.
Italiaanse tiener overleden na negen jaar in coma door rauwmelkse kaas
In Italië is een 13-jarige jongen overleden die bijna een decennium in coma lag nadat hij als kleuter een stukje rauwmelkse kaas had gegeten. Mattia Maestri, uit de regio Trentino, at in 2017 — op slechts vijfjarige leeftijd — een hapje van Due Laghi, een kaas gemaakt van ongepasteuriseerde melk. Kort daarna werd hij zwaar ziek, opgenomen in het ziekenhuis van Trento en nooit meer wakker.
Zijn vader, Giovanni Battista Maestri, maakte het verdrietige nieuws bekend met de woorden: “Onze Mattia heeft ons verlaten.” Dat meldde de Italiaanse krant IlT.
De zaak leidde tot een langdurige rechtsstrijd — jarenlang, tot aan het hoogste gerecht van Italië: het Hof van Cassatie. De familie had het zuivelbedrijf aangeklaagd, omdat onderzoek later liet zien dat de kaas besmet was met darmbacteriën die via mest in de productieleidingen waren terechtgekomen. Hoewel Mattia in vegetatieve toestand verkeerde, bleef hij dagelijks last hebben van heftige epileptische aanvallen.
Het Hof van Cassatie oordeelde uiteindelijk dat er wel degelijk een direct verband bestond tussen het eten van de kaas en Mattia’s toestand. Twee managers van het bedrijf werden wegens nalatigheid veroordeeld — een vonnis dat stand hield.
Na de tragedie richtte Mattia’s vader ook een consumentenbond op, om mensen bewust te maken van de risico’s die sommige ongepasteuriseerde producten kunnen vormen — vooral voor kinderen.
Vuilnis eerder opgehaald vanwege de hitte – let op de wijzigingen!
Het vuilnis wordt deze maandag én de komende dagen in veel gemeenten in Brabant eerder opgehaald dan gewoonlijk. Dat gebeurt bewust: door de hoge temperaturen gaan de vuilniswagens al vroeg de weg op, zodat medewerkers niet te lang blootstaan aan de zon en binnen kunnen zijn voordat het op zijn heetst is.
Ook de milieustraten en afvalbrengpunten passen zich aan: veel van hen sluiten al rond het middaguur – sommige zelfs helemaal. Eerder deze zomer hebben al flink wat gemeenten en afvalinzamelaars hittemaatregelen ingevoerd om hun personeel te beschermen. Denk aan Oss en Goirle, waar het ophalen al om zes uur ’s ochtends begint. In de meeste Brabantse gemeenten (zoals Tilburg, Den Bosch, Maashorst, Son en Breugel, Meierijstad en Alphen-Chaam) starten de rondes volgens het hitteprotocol om half zeven.
In Drimmelen is het iets rustiger: daar moet het afval ‘s ochtends wel voor zeven uur aan de straat staan, maar de wagen komt pas daarna.
En ja – ook de openingstijden van milieustraten zijn aangepast. Veel van hen zijn korter open dan normaal, of blijven zelfs helemaal dicht tijdens de warmste dagen.
Koraal rond Bonaire staat op instorten — nog maar een fractie over
Thomas Spekschoor, verslaggever
Het koraalrif rond Bonaire, dat ooit tot de mooiste en gezondste van de Caribische Zee behoorde, is hard aan het wegzakken. Nederlandse onderzoekers die het afgelopen jaar opnieuw in kaart brachten, zien een somber beeld: slechts zo’n 5 procent van de zeebodem rond het eiland is nog bedekt met levend koraal. Vijftig jaar geleden was dat meer dan 60 procent — wat betekent dat er nu nog maar ongeveer 10 procent van de oorspronkelijke hoeveelheid over is.
De hoofdreden? Het zeewater wordt steeds warmer — een trend die al decennia duurt door onze uitstoot van CO₂ via fossiele brandstoffen. De afgelopen jaren werd die opwarming nog eens extra versterkt door het weerfenomeen El Niño. “Heel veel koraal is doodgegaan doordat er een heel zware El Niño was, een ernstige opwarming van het zeewater,” legt koraalonderzoeker Erik Meesters van Wageningen University & Research uit. “Daarnaast had het koraal ook last van ziekte — waarschijnlijk ook een gevolg van klimaatverandering. Bij hogere temperaturen komen er meer bacteriën in het water, waardoor koralen kwetsbaarder worden.”
Meesters publiceerde vorig jaar al een studie over Bonaire’s koraal op basis van gegevens uit 2017 in het wetenschappelijke tijdschrift Nature. Sindsdien is nieuw veldwerk uitgevoerd — en de eerste analyses laten zien dat het koraal nog verder achteruit is gegaan. Wetenschap en praktijk lopen hier hand in hand: mensen die dagelijks met het koraal werken, zien het al jarenlang met eigen ogen.
Leonel Martijn (geboren in 1969), marine park manager bij Stinapa — de overheidsinstantie die de koraalriffen rond Bonaire beheert — zegt het treffend: “Toen ik jong was, moest je nog koraal weghalen om de zee in te kunnen lopen. Dat is al lang niet meer zo.” Hij vaart regelmatig met een speedboot langs verschillende plekken en weet precies waar koraal nog groeit… en waar het volledig verdwenen is.
Is er nog hoop? Ja — maar alleen met snelle actie
Erik Meesters gelooft dat het koraal nog te redden is — maar alleen als we snel handelen. “Om de opwarming van de aarde te stoppen, moeten we zo snel mogelijk stoppen met fossiele brandstoffen gebruiken. En daarnaast moeten we heel veel restauratieprojecten voor het koraal opzetten.”
Dat laatste gebeurt al op Bonaire zelf. Bij Reef Renewal, een initiatief verbonden aan een lokale duikschool, worden kleine koralen gekweekt en daarna rond het eiland uitgeplant. “Koralen zijn dieren, maar je kunt ze stekken zoals planten,” legt Sanne Tuijten van Reef Renewal uit. “Als we ze uitplanten, zien we dat ze blijven groeien én zich zelfs voortplanten.” Tot nu toe heeft de organisatie al 20.000 stukjes nieuw koraal rond Bonaire geplaatst.
Klinkt veel? Op de schaal van de Caribische Zee is het toch maar een klein gebied. Sanne geeft eerlijk toe: “Uiteindelijk is het een druppel op een gloeiende plaat. Maar wij doen wat we kunnen. We kunnen ook toekijken en zien hoe de koralen verdwijnen. Wij hebben ervoor gekozen om dat niet te doen.”
En het gaat niet alleen om natuur — het is ook een kwestie van overleving. Voor Bonaire’s economie, vooral de toeristensector en duikscholen, zou het verdwijnen van het koraal een ramp zijn. “De mensen komen om koralen en vissen te zien, en om de prachtige kleuren. Maar als ze niks hebben… ja, wat kunnen ze dan gaan zien? Ze gaan niets zien,” zegt Guersley Anthony van Buddie Dive. Ook hij ziet het koraal de afgelopen jaren snel afnemen — en maakt zich zorgen over zijn baan.
Erik Meesters merkt wel op dat niet alle koralen even kwetsbaar zijn: “We zien nog wel een paar soorten die het goed doen — koralen die ongevoelig zijn, snel groeien, wat je bijna ‘onkruidkoralen’ zou kunnen noemen. Maar de echte rifbouwers — de koralen die tien meter hoog kunnen worden — die zie je niet meer. Die verdwijnen.”
