Rogers is nu de duurste Engelse speler aller tijden – Chelsea pakt hem voor 137 miljoen euro

Chelsea heeft een flinke klap op de transfermarkt geleverd: Morgan Rogers is officieel overgestapt van Aston Villa naar de Londense club. En dat niet zomaar – het bedrag van 137 miljoen euro maakt hem de duurste Engelse speler ooit, zelfs boven Elliot Anderson, die eerder deze zomer voor 135 miljoen euro naar Manchester City vertrok.

Rogers tekent bij Chelsea tot medio 2031 en komt over na een sterk seizoen bij Villa: vierde plek in de Premier League én de Europa League gewonnen. Internationaal is hij ook al goed op weg – 22 caps voor Engeland, met cruciale assists in de kwart- en halve finale op het WK. Lange tijd leek Arsenal de favoriet om hem te strikken, maar Chelsea won de race – en dat met overtuiging.

“Ik ga naar de grootste club in Londen”, zegt Rogers op de officiële kanalen van Chelsea. “De richting die de club op wil en de manier waarop ze verder wil gaan, daar wil ik graag deel van uitmaken. Ik denk dat dit gewoon perfect bij mij paste. Ik kan niet wachten om aan de slag te gaan.”

Wat betekent dit voor Chelsea?

Na een onrustig en teleurstellend seizoen – onder meer met Xabi Alonso als trainer – is er duidelijk een nieuwe wind op gang gekomen. Naast Rogers zijn er al eerder deze zomer ook Marco Palestra (57 miljoen van Atalanta), Geovany Quensa (50 miljoen van Sporting) en Denner (10 miljoen van Corinthians) binnengehaald.

En wat gebeurt er met het geld?

Aston Villa moet een deel van de 137 miljoen doorsturen naar Middlesbrough – Rogers’ vorige club. Bij zijn winterse overstap in 2024 hadden ze een doorverkoopclausule van twintig procent afgesproken. Toen was de transfer nog een fractie van wat het nu is: toen ging het om minder dan tien miljoen euro.

Bekijk origineel artikel

Kanshebber op WK-goud heeft bijzondere trainer: ‘Onze weg is gevonden’

Tristan Tulen (35) is komende week een echte goudkandidaat op het WK schermen in Hongkong — en dat terwijl hij als nummer vier van de wereld staat, zijn beste ooit op de wereldranglijst. Wat hem extra opvalt in het deelnemersveld? Hij en zijn broer Rafaël (29), die ook meedoet aan het WK, trainen al jarenlang elkaar. Ja, je leest het goed: Tristan’s trainer is zijn eigen broer.

“We krijgen respect van andere landen”

Tristan zit middenin een topjaar: eerder dit jaar pakte hij goud bij de Grand Prix in Qatar, en zijn huidige positie op de ranglijst is puur het resultaat van doorzettingsvermogen, scherpe analyse én slim bouwen op wat hij al uitstekend beheerst. “Ik heb veel in huis — dus verrassen lukt niet zo snel”, zegt hij met een knikje. Op het WK hoopt hij niet alleen te schitteren, maar écht geschiedenis te schrijven met een gouden medaille. En omdat hij zo hoog staat op de wereldranglijst, hoeft hij zelfs de voorrondes te overslaan. “Ik heb de kwaliteiten om wereldkampioen te worden”, zegt hij vol vertrouwen — maar voegt er met een glimlach aan toe: “De top is breed. Er zijn twintig anderen die precies hetzelfde zeggen. Als alles meezit, wordt het een heel mooi WK.”

Broer als trainer? Ja, dat werkt — al bijna tien jaar

De man achter de training? Zijn vijf jaar jongere broer Rafaël. Die ongewone samenwerking begon in 2017, toen de bondscoach uit Hongarije plots vertrok en er geen vervanging was. “We besloten toen simpelweg: laten we elkaar gaan trainen én ondersteunen tijdens wedstrijden”, legt Rafaël uit. En ja — ze doen dat nu al bijna tien jaar. Het klinkt misschien onconventioneel, maar voor de Tulens is het gewoon hun weg. “Natuurlijk kost het energie om bij je broer te staan, maar het is niet fysiek wat we moeten doen”, zegt Rafaël. “Na zijn wedstrijd kan ik direct weer switchen naar mijn eigen schermen — en Tristan doet hetzelfde. Het werkt, dus blijven we ermee doorgaan.”

Tristan merkt overigens wel dat hun ‘broerconstructie’ opvalt. “We worden nog steeds af en toe aangekeken — maar altijd met een glimlach en positieve reacties. Zo iets komt echt zelden voor, zeker niet op ons niveau.”

Bekijk origineel artikel

Trainer Bosz zet PSV op een defensieve missie: minder tegendoelpunten, meer kampioenschappen

Peter Bosz heeft deze zomer één duidelijke boodschap meegegeven aan zijn PSV-team: we moeten veel minder doelpunten tegenkrijgen. Niet om het even wat — maar écht minder. “Vorig seizoen kregen we er 45 in de Eredivisie. Dat is simpelweg te veel voor een club die zich kampioen wil noemen”, zegt hij met een knikje naar de cijfers. En ja, het klinkt heftig: alleen twee clubs in de hele Nederlandse voetbalgeschiedenis werden ooit landskampioen met nog meer tegengoals — DOS Utrecht in 1958 (52) en Ajax in 1985 (46).

Bosz is niet van plan om daar dit jaar aan toe te voegen. Op het trainingskamp in het Duitse Marienfeld — waar PSV al zes jaar op rij zijn zomervoorbereiding afwerkt — benadrukt hij dat het niet alleen om verdediging gaat, maar om een volledige verdieping van de manier waarop ze spelen. “We willen onze identiteit verder ontwikkelen. En daar hoort minder tegendoelpunten gewoon bij. Daar gaan we mee aan de slag.”

Dat dorpje in Noordrijn-Westfalen is inmiddels een vaste plek op de PSV-kaart: sinds Roger Schmidt het in 2020 introduceerde, keert de ploeg elk jaar terug. Dit jaar wel, maar niet voor Ismael Saibari (vertrok naar Bayern München) of Anass Salah-Eddine (terug bij AS Roma). Bosz laat zich er niet door uit het veld slaan: “Als er nog meer spelers vertrekken? Dan is dat zo. Waarom zou ik me nu al zorgen maken over iets waarvan ik nog niet eens weet hoe het afloopt?”

Voor hem staat één doel boven alles: de landstitel. “We zijn een topclub. En het kampioenschap is voor mij het allerbelangrijkste — want daarmee pak je automatisch een plaats in de Champions League.” En ja, die Champions League speelt dit jaar ook extra een rol. Na een afgelopen seizoen met mooie momenten (denk aan Napoli en Liverpool), bleef de volgende ronde helaas uit. “De loting speelt natuurlijk mee — vorig jaar troffen we de kampioenen van Duitsland, Engeland én Italië”, zegt Bosz. “Maar laten we hopen dat we weer kunnen verrassen, zoals twee jaar geleden tegen Juventus.” En dan voegt hij er met een knipoog aan toe: “We gaan voor ons vierde jaar op rij in de Champions League. Dat is toch geweldig? Nu moeten we laten zien dat we van al die ervaring ook wat geleerd hebben.”

Guus Til, die net met Oranje in de WK-zestiende finale stopte, klinkt nog scherper: “Ik vind dat wij gewoon weer kampioen moeten worden. Als je drie keer op rij kampioen bent, is het raar om nu ineens te zeggen: ‘Nou, we zijn geen favoriet meer.’” Hij ziet PSV nog steeds als de sterkste ploeg — maar waarschuwt ook: “Twee jaar geleden toonde het al: zelfs met de beste selectie is het niet vanzelfsprekend.”

En dan is er nog een extra prikkel: de weg naar de Champions League is nu nóg smalder geworden. “Er is een directe plek verdwenen”, legt Til uit. “Dus kampioen worden? Dat is nu echt onze grote motivatie. Want daar wil je als speler je naam mee laten horen.” Zijn blik is gericht op clubs zoals Bodø/Glimt — die afgelopen seizoen óók verraste met overwinningen op Internazionale, Atlético Madrid en Manchester City. “Zo’n ploeg willen we zijn: een team dat mensen in Europa zegt: ‘Hé, wat een leuke ploeg is dat PSV.’ Zo willen we ons presenteren. En ik hoop dat dat dit jaar lukt.”

Bekijk origineel artikel

Gian van Veen knapt zichzelf op in de verlenging — kwartfinale World Matchplay binnen handbereik!

Het is hem gelukt: Gian van Veen heeft zich met een flinke dosis zenuwachtige spanning én een paar knappe finishes doorgevochten naar de kwartfinale van de World Matchplay Darts — het tweede grootste toernooi op de dartkalender, vaak ook wel het ‘zomer-WK’ genoemd.

Woensdagavond in Blackpool (Engeland) was het een ware strijd tussen twee Nederlandse darters: Gian van Veen uit Andel en Wessel Nijman. Van Veen won uiteindelijk met 14–12 — maar pas na een spannende verlenging, want bij 10–10 moest er met minimaal twee legs verschil worden gewonnen. En dat betekende: veel ademhaling, veel finishdruk, en één heel bijzondere 148-finish onder volle druk.

Een onverwachte start, maar geen probleem

Van Veen begon wat aarzelend — mogelijk door het vervroegen van zijn wedstrijd. Omdat Schot Cameron Menzies onwel werd en zijn partij moest afzeggen, moest Gian eerder op het podium dan gepland. Gelukkig ging het met Menzies weer beter: hij vertrok zelfs op eigen kracht naar zijn hotel. Geen paniek dus — alleen een beetje extra tijd om je te scharen.

Twee jongens, één heftige wedstrijd

De partij tegen Nijman was echt een duel tussen twee jonge Nederlandse topdarters die elke kans benutten om elkaar lastig te maken. Gian, momenteel nummer drie op de wereldranglijst, begon matig, maar pakte na een 135-finish snel een 4–1 voorsprong. Nijman liet zich niet kennen: hij maakte beide breaks van Gian ongedaan en even later stond het alweer gelijk op 5–5. Zo ging het heen en weer — tot aan 10–10 toe.

Toen de verlenging begon, leek het even alsof Gian de boel zou laten lopen: bij 10–11 achterstand stond hij op 148… en Nijman op slechts 64. Maar nee — Gian gooide toch nog eens een 148, joelde het publiek toe, en bleef kalm. Bij 12–12 pakte hij eindelijk een leg van Nijman, en daarna zijn eigen leg — en daarmee zijn plek in de kwartfinale.

Statistisch gezien was het een supergelijke partij: Gian gemiddelde 96,95 en raakte 50% van zijn dubbels; Nijman scoorde zelfs iets hoger (97,44) en had ook 50% dubbelaccu. Uiteindelijk was het Gian’s vermogen om de druk te keren wat de doorslag gaf.

Wat staat er nu op het spel?

Met deze overwinning is Gian verzekerd van minimaal £35.000. In de kwartfinale wacht hem de winnaar van de wedstrijd tussen James Wade en Ryan Searle. Michael van Gerwen is al uit — hij verloor woensdag van Dirk van Duijvenbode. En ja: de World Matchplay is écht het grote zomertoernooi, met het hoogste prijzengeld na het WK in december.

Bekijk origineel artikel

Toptransfer voor Van Asten (19): talent van Ajax naar Barcelona

Renee van Asten, de 19-jarige verdediger uit het Ajax-vrouwenelftal, maakt een flinke sprong: ze gaat spelen voor FC Barcelona! Ja, die Barcelona — de club die de afgelopen vier jaar drie keer de Champions League won en al zeven jaar op rij kampioen is in Spanje. En nu komt zij erbij.

Van Asten tekende een contract tot en met 2030 bij de Catalaanse reus. Voor een pas 19-jarige is dat een enorme erkenning — vooral als je bedenkt dat ze pas in september haar eredivisie-debuut maakte. Sindsdien ging het allemaal heel snel: in april debuteerde ze in het Nederlands elftal én scoorde ze meteen. Een maand later werd ze verkozen tot Talent van het Jaar in de eredivisie. Niet mis, hè?

Barcelona noemt haar “één van de veelbelovendste jonge verdedigers in Europa” en benadrukt haar fysieke kracht, rust aan de bal en defensieve stevigheid — eigenschappen die perfect passen bij hun speelstijl.

Bij de Blaugrana wordt ze ploeggenoot van onder anderen Esmee Brugts (die in 2023 van PSV overstapte) én drievoudig Gouden Bal-winnares Aitana Bonmatí. Dus ja: het wordt een hele ervaring.

Bekijk origineel artikel

Feyenoord en Stengs gaan uit elkaar – aanvaller vertrekt transfervrij

Feyenoord en Calvin Stengs hebben besloten om het niet langer samen te doen. De club heeft het contract van de 27-jarige aanvaller – dat nog één jaar op de klok stond – officieel ontbonden. Dat betekent: Stengs is vanaf nu transfervrij en mag direct onderhandelen met elke club die interesse heeft.

Vorig seizoen zat Stengs op huurbasis bij Pisa in de Italiaanse Serie A, maar daar kwam hij nauwelijks aan spelen toe: slechts vier korte invalbeurten, meer niet.

Eerst leek er nog een kans te zijn op een frisse start in Nederland: Stengs en zijn vriendin lieten vorige week bewust de bevalling van hun tweede kind opwekken, zodat hij tijdig kon aansluiten bij Feyenoords trainingskamp in België. Daar hoopte hij op een kans onder Giovanni van Bronckhorst – maar die kans komt er nu dus niet meer. In plaats daarvan keert hij voortijdig terug naar huis.

Bekijk origineel artikel