Luchtvaartmaatschappijen laten je een extra stoel kopen — ja, echt!
Stel je voor: je zit in de Economy Plus-klasse, en opeens kun je tegen betaling de middelste stoel in je rij voor jezelf reserveren. Geen andere passagier, geen ongemak — gewoon meer ruimte, een tafeltje op maat, bekerhouders én een zachte, leerachtige bekleding. Dat is wat United Airlines later dit jaar gaat introduceren. En nee, het is geen grap: ze gaan het echt doen — eerst op binnenlandse vluchten, en vanaf begin 2027 ook op intercontinentale vluchten. Maar voorlopig alleen in hun nieuwe Airbus A321XLR-vliegtuigen. Of het later ook komt in andere toestellen? Dat onderzoeken ze nog.
En dat tafeltje op de lege stoel? Ja, dat is echt zo bedoeld. Het past precies tussen de armleuningen en is speciaal ontworpen voor comfort — niet voor bagage, maar voor jouw koffie, laptop of gewoon wat rust.
Niet nieuw, maar wel steeds populairder
Het idee is niet uit de lucht gegrepen. KLM biedt al jaren opties als Empty Seat en My Extra Space op intercontinentale vluchten. Daarmee kun je een stoel naast jezelf vrijhouden of zelfs een hele rij voor jezelf claimen. Alleen: bij KLM wordt die stoel niet omgetoverd tot tafel — het blijft gewoon een lege zitplaats. En belangrijk: je kunt het pas regelen via online check-in, dus vanaf dertig uur voor vertrek. En pas bij instappen weet je zeker of de stoel daadwerkelijk leeg blijft. Als er toch iemand op zit, krijg je je geld terug. “We zien dat onze klanten deze optie erg waarderen voor extra ruimte en comfort”, zegt een woordvoerder van KLM.
Transavia en TUI zijn juist niet mee op die trend. Transavia vindt het op dit moment ‘niet interessant’. En TUI verkoopt liever alle stoelen — vooral omdat veel klanten gezinnen of vriendengroepen zijn die graag bij elkaar willen zitten. Toch heeft TUI’s voorganger ArkeFly ooit wel eens DuoSeat aangeboden: tegen betaling kon je één of meerdere extra stoelen reserveren. Dat ging vanaf 25 euro per enkele reis, en was actief tot 2017 — totdat het technisch te lastig werd in het nieuwe systeem én niet meer rendabel bleek.
Waarom doen luchtvaartmaatschappijen dit eigenlijk?
Volgens luchtvaartexpert Joris Melkert draait het hier om twee dingen: klantcomfort én kostenbesparing. Passagiers die meer ruimte willen (of nodig hebben), zijn vaak bereid daar extra voor te betalen — denk aan stoelen bij nooduitgangen of nu dus ook aan een lege stoel als tafel. En dan is er nog een praktisch voordeel: minder passagiers = minder cabinepersoneel nodig. Want hoeveel crewleden er mee moeten, hangt vaak af van het aantal boordpassagiers. Een lege stoel die niemand betaald heeft, is een verloren kans — maar een lege stoel waar jij voor betaald hebt? Dat is winst.
Melkert benadrukt ook dat marges in de luchtvaart ‘ongelooflijk dun’ zijn. Dus elke extra euro die via zo’n dienst binnenkomt, moet hard werken. Daarom is dit soort opties waarschijnlijk minder aantrekkelijk voor budgetmaatschappijen als Ryanair of easyJet — zij focussen op laagste prijzen. Maar voor andere maatschappijen? Die kijken zeker naar hoe ze jou kunnen overhalen om wat meer te betalen… voor wat meer ruimte.
Vliegen voor een paar tientjes? Misschien wordt dat langzaam maar zeker een beetje ouderwets.
Eeuwenoud riool onthult geheimen van de stad: ‘Excursies snel volgeboekt’
Onder het historische centrum van Bergen op Zoom ligt een verborgen wereld die je zo niet zou vermoeden: een stadsriool uit de dertiende eeuw, zo’n 800 meter lang en nog steeds volledig intact. Het heet De Grebbe, en ja — het is echt een riool. Maar ook een van de meest bijzondere (en grootste) rijksmonumenten van de stad. Na een grondige renovatie is het weer open voor bezoekers — en de interesse is enorm: rondleidingen zijn al snel volgeboekt.
Van drassig gebied tot ondergrondse tijdreis
De Grebbe begon ooit als een open waterloop, waarschijnlijk afgeleid van een oud woord voor ‘gegraven stroom’. Het doel? Het drassige terrein bewoonbaar maken. Later werd het gebruikt om turf naar Vlaanderen te vervoeren. Halverwege de zestiende eeuw werd de loop overkluisd — en verdween de Grebbe letterlijk onder de straten. Sindsdien loopt het rioolwater stilletjes door onder de voeten van wandelaars, winkeliers en toeristen… terwijl er bovenaan een hele geschiedenis bovenop is gebouwd.
Wat je nu écht ziet (en wat je niet meer ruikt)
Na een afdaling via de roestvrijstalen trap bij de Gevangenenpoort komt de verrassing: geen benauwde, donkere buis, maar een ruime, vier meter brede doorgang van ruim twee meter hoog. En nee — je ruikt niets van rioolwater. De oude leiding is volledig afgesloten met een stevige betonnen sloof, en alle huisaansluitingen zijn vernieuwd. “Bij een inspectie kwamen zoveel gebreken aan het licht dat we moesten ingrijpen”, legt projectleider Gerard van Dijk uit. “Door lekkages in de oude pvc-buis stroomde regelmatig vuil water de Grebbe in — dus moesten we de rondleidingen tijdelijk stilleggen.” Tegenwoordig hoor je hoogstens af en toe het gekletter van een toilet boven — maar zien of ruiken doe je er niets meer van.
Veilig, nat en vol verhalen
Laarzen zijn aanbevolen — op veel plekken staat er een laagje regenwater (maximaal tien centimeter diep), en dat is absoluut geen rioolwater, verzekert stadsgids Marianne Siewe. Ook qua veiligheid is alles op orde: oude ventilatoren zijn vervangen, en er is een nieuw communicatiesysteem waarmee gidsen direct alarm kunnen slaan als er iets gebeurt.
Maar het mooiste? De verhalen. Marianne wijst op het metselwerk — daar kun je aflezen wie er vroeger welgesteld woonde. Ze vertelt over de Heren van Bergen op Zoom, die de ontwikkeling van de Grebbe sterk beïnvloedden. En over de Tweede Wereldoorlog: toen was de Grebbe nog open, en diende hij als schuilplaats voor verzetsstrijders. “Voor hen moet het verschrikkelijk zijn geweest”, zegt ze. “En juist daarom durfden de Duitsers er ook niet naar binnen.”
Terug onder de straten — en direct weer populair
De bezoekers luisteren aandachtig, van begin tot eind. En Marianne is blij: “We hebben lang in de wachtstand gestaan. Nu zijn de excursies alweer razendsnel volgeboekt — en daarmee bij voorbaat een succes.” Op 7 juli wordt de vernieuwde Grebbe officieel geopend. Vanaf dan kun je, onder begeleiding van een gids, zelf afdalen in deze eeuwenoude ondergrondse wereld.
Vogels waarschijnlijk de oorzaak van de helikoptercrash in New York waarbij een Spaans gezin om het leven kwam
Een toeristische helikopter die vorig jaar neerstortte in de Hudson-rivier in New York, is hoogstwaarschijnlijk tegen meerdere vogels gebotst voordat het toestel uit de lucht viel. Dat blijkt uit voorlopig onderzoek van de Amerikaanse transportveiligheidsraad (NTSB). Op onderdelen van het wrak zijn resten gevonden van verschillende soorten ganzen — waaronder ook de vrij zware Canadese gans, die tot wel 9 kilo kan wegen.
Bij de crash in april vorig jaar kwamen alle zes inzittenden om het leven: Agustin Escobar, een topman van Siemens uit Spanje, zijn vrouw, hun drie kinderen (van 4, 8 en 10 jaar) en de piloot. Het gezin uit Barcelona had net een dag voor de verjaardag van hun middelste kind besloten om een rondvlucht te maken — een mooi moment om de skyline van New York én het Vrijheidsbeeld van bovenaf te bewonderen. De helikopter vertrok vanaf een heliport in Manhattan… en minder dan achttien minuten later begonnen onderdelen af te breken. Daarna stortte het toestel neer in de rivier.
Een getuige filmde het ongeluk — en vertelde daarna aan de NTSB dat hij kort daarvoor een grote groep ganzen zag opstijgen. “Ze waren groot, en er waren er heel veel. Toen ik die klap hoorde, dacht ik meteen: vogelbotsing”, zei hij.
De NTSB heeft nog geen definitieve conclusie getrokken, maar de aanwijzingen wijzen sterk in die richting. Een ervaren luchtvaartdeskundige en onderzoeker van vliegtuigongelukken bevestigt tegen persbureau AP dat de piloot waarschijnlijk niets te verwijten valt: vogels zijn lastig te zien, onvoorspelbaar in hun bewegingen, en vaak simpelweg niet te ontwijken — zeker niet in een snelheid en omgeving zoals boven de Hudson.
De crash riep vorig jaar al grote bezorgdheid op over de veiligheid van toeristische helikoptervluchten boven New York. Het bedrijf achter de vlucht, New York Helicopter Tours, stopte kort na het ongeluk met alle activiteiten.
Taco Bell’s sla in de kijker bij massale diarree-uitbraak in de VS
Fijngesneden ijsbergsla die Taco Bell-restaurants in de Verenigde Staten gebruiken, staat plotseling centraal in het onderzoek naar een grote uitbraak van cyclosporiasis — een parasitaire darminfectie die hevige diarree, buikpijn en misselijkheid veroorzaakt. Volgens The Washington Post, die zich baseert op informatie van twee betrokken bronnen, zou de sla afkomstig zijn van het Amerikaanse voedselbedrijf Taylor Farms.
Tot nu toe zijn er meer dan 4300 bevestigde besmettingen, vooral in Michigan — waar ruim honderd mensen zelfs tijdelijk in het ziekenhuis moesten worden opgenomen. Ook Ohio, West Virginia en Kentucky rapporteren veel gevallen. De CDC meldde deze week al dat de uitbraken in die vier staten waarschijnlijk met elkaar verband houden. En intussen zijn besmettingen gemeld in ten minste 34 Amerikaanse staten, met verwachting dat het aantal de komende weken nog verder stijgt.
Hoe kwamen onderzoekers bij die sla? Door gesprekken met patiënten bleek steeds vaker dat ze kort voor hun ziekte bij Taco Bell hadden gegeten — en dat de fijngesneden ijsbergsla vaak het gemeenschappelijke ingrediënt was. Daarna ontdekten onderzoekers dat de betreffende restaurants hun sla juist van Taylor Farms kregen.
De FDA onderzoekt momenteel meerdere groentesoorten, waaronder sla, maar heeft nog geen officiële oorzaak vastgesteld. Taco Bell reageerde al preventief: in sommige vestigingen werd verse sla (en andere verse ingrediënten) tijdelijk van het menu gehaald. De keten benadrukt dat ze nauw samenwerkt met gezondheidsautoriteiten en hun adviezen volgt.
Taylor Farms heeft tot nu toe nog geen reactie gegeven op de berichtgeving van The Washington Post.
💡 Cyclosporiasis wordt veroorzaakt door de parasiet Cyclospora en verspreidt zich meestal via besmet voedsel of water. De symptomen kunnen wekenlang aanhouden — vooral bij mensen met een verzwakt immuunsysteem.
Nederland zal waarschijnlijk nooit alleen een WK voetbal organiseren — een EK is realistischer
Uit een grote peiling onder ruim 8.500 voetbalfans in het WK voetbalpanel (onderdeel van het RTL Nieuwspanel) blijkt: driekwart van de respondenten vindt het geweldig als er ooit weer een groot internationaal voetbaltoernooi in Nederland wordt gehouden. Maar — en dat is de grote maar — bijna niemand denkt dat ons land dat toernooi alleen zou moeten doen. De meeste mensen kiezen duidelijk voor samenwerking, vooral met België of Duitsland. Waarom? Omdat het simpelweg te veel is geworden: meer teams, meer wedstrijden, meer stadions, meer infrastructuur. En Nederland heeft daar gewoon niet genoeg van.
Waarom een solo-WK bijna onmogelijk is
Sinds dit jaar doet voor het eerst 48 landen mee aan het WK — tegenover de oude standaard van 32. Dat betekent 104 wedstrijden, en dus veel meer stadions, trainingslocaties, hotels en logistieke ondersteuning dan vroeger. De FIFA overweegt zelfs om in de toekomst nog verder uit te breiden naar 64 deelnemers. Geen wonder dat veel panelleden schrijven: “Nederland heeft te weinig grote stadions” of “Een EK kan misschien nog, maar een WK is veel te groot geworden.”
Ruud Koning, sporteconoom aan de Rijksuniversiteit Groningen, beaamt dat: “Nederland heeft niet voldoende stadions om een WK te organiseren.” Stadions bijbouwen? Volgens hem geen slimme optie — want wat gebeurt er daarna met die extra capaciteit als het toernooi voorbij is? Dan blijft je met lege zalen zitten. Samenwerken is dus de enige serieuze weg — maar met wie? België heeft ook weinig grote stadions, en Duitsland wil het vermoedelijk liever alleen doen. Een multinationaal WK met meerdere Europese landen zou theoretisch kunnen, maar Koning noemt dat “organisatorisch heel lastig om rond te krijgen”.
Een EK? Dat is wel haalbaar — en is al eerder gebeurd
Een Europees kampioenschap ligt daarentegen veel dichter bij huis. In 2000 organiseerde Nederland samen met België het eerste gezamenlijke EK — een primeur in de geschiedenis. En in 2021 (het ‘EK 2020’ dat door de pandemie werd uitgesteld) werden vier wedstrijden in Amsterdam gespeeld, als onderdeel van een toernooi verspreid over heel Europa.
Toch is zelfs een EK geen garantie op succes. Koning wijst erop dat je goed moet uitrekenen of het financieel én maatschappelijk wel de moeite waard is: “Andere activiteiten moeten wijken voor zo’n toernooi — denk aan tentoonstellingen in de RAI of evenementen in stadscentra. Dat verlies moet je van de opbrengst aftrekken.”
Proberen is al eerder gebeurd — en mislukt
Nederland en België deden in 2010 een gezamenlijk bod op het WK van 2018, maar dat ging naar Rusland. In 2017 organiseerde Nederland wel zelfstandig het EK voor vrouwen — een succesvolle ervaring. En samen met België en Duitsland probeerden we ook het WK voor vrouwen van 2027 binnen te halen… maar dat ging naar Brazilië.
Het gaat niet meer alleen om voetbal
Wat opvalt: de wens om een toernooi in Nederland te zien, hangt niet alleen samen met fanatiek of praktische voordelen. Veel deelnemers zijn ook sceptisch over hoe de FIFA gastlanden kiest. Nog geen 5% gelooft dat voetbal de doorslaggevende factor is — 95% denkt dat geld en politiek zwaarder wegen. Ook de opzet van het WK 2030 (met wedstrijden in Spanje, Portugal, Marokko én drie jubileumwedstrijden in Zuid-Amerika) roept veel kritiek op: 85% van de panelleden vindt het een slecht idee. Sommigen vermoeden dat het vooral een strategische zet is om Saoedi-Arabië in 2034 een plek te gunnen — door drie continenten ‘af te vinken’, zou Azië de volgende logische stap zijn.
En ja: politiek speelt steeds groter mee. Bij de laatste drie WK’s ging het vaak net zo veel om de situatie in het gastland als om de wedstrijden zelf. En nu is politieke stabiliteit voor veel fans zelfs belangrijker dan een rijke voetbaltraditie van het land. Voorafgaand aan dit WK gaf ruim de helft aan minder enthousiast te zijn dan bij eerdere edities — onder andere vanwege het ‘politieke gezeik’ rond Trump, ICE, grenscontroles en FIFA-voorzitter Gianni Infantino.
Dus kort samengevat: een WK in Nederland? Bijna ondenkbaar — tenzij we het met meerdere landen doen, en zelfs dan is het een enorme klus. Een EK? Dat is realistischer, en past beter bij onze omvang, infrastructuur en ervaring. Maar ook daarbij geldt: het moet goed doordacht zijn — en het moet meer zijn dan alleen een feestje.
Hans en ‘zijn’ soldaten: eindelijk erkenning voor de MH17-bergingsmissie?
Militairen, politieagenten, diplomaten en onderzoekers die in 2014 de slachtoffers van MH17 uit Oost-Oekraïne haalden en veilig naar Nederland brachten — waaronder de Eindhovense bergingsleider Hans van de Ven — moeten straks een officiële onderscheiding krijgen. Dat wil de volledige Tweede Kamer. En ja, het duurt lang — maar volgens Van de Ven: “Het is laat, maar nooit te laat om de waardering te laten zien.”
Twintig jaar na de ramp? Nee — twaalf jaar
Vrijdag is het precies twaalf jaar geleden dat vlucht MH17 boven Oost-Oekraïne werd neergehaald. Alle 298 mensen aan boord kwamen om, waaronder vijftig inwoners van Noord-Brabant. Voor Hans van de Ven begon daarna een zware, emotioneel beladen missie: hij leidde het team dat op zoek ging naar de slachtoffers en hun bezittingen — midden in een actief oorlogsgebied, over een enorm gebied, onder hoge druk en met veel onzekerheid.
Niet alleen ‘een beeldje’, maar écht erkennen
Iedereen die bij de ramp betrokken was — zowel op de plek van de ramp als in Nederland — kreeg al eerder een herinneringsbeeldje. Maar daarbij werd geen onderscheid gemaakt tussen wie op de grond in Oekraïne stond en wie hier thuis ondersteunde. Volgens Van de Ven was dat wel logisch: “Er is wel waardering geweest in de vorm van dat beeldje. Maar het is ook gebruikelijk dat mensen die uitgezonden zijn naar een oorlogsgebied en belangrijke dingen hebben gedaan, daarvoor officieel worden erkend — of dat nu een vredesmissie is, een operatie in Afghanistan of juist de MH17-bergingsmissie.”
En dat onderscheid komt er nu wel, mede dankzij PRO-Kamerlid Kati Piri. Zij vond het tot haar verbazing dat deze mensen nog geen echte onderscheiding hadden gekregen — en zette zich krachtig in voor verandering.
Waardering is persoonlijk
Hoe belangrijk is zo’n onderscheiding nu eigenlijk? Voor Van de Ven is het geen kwestie van trots op een medaille, maar van respect voor wat het team samen heeft doorstaan en bereikt. “De reacties op het nieuws zijn wisselend. De een legt de onderscheiding straks misschien in een la, de ander draagt het trots op zijn uniform.” En voor hemzelf? “Ik haal mijn waardering niet uit die onderscheiding, maar uit het feit dat we iets hebben kunnen doen voor de nabestaanden. We hebben de stoffelijke resten van hun dierbaren terug kunnen brengen.”
Al vlak na de ramp pleitte hij zelf al voor officiële erkenning — niet voor zichzelf, maar voor zijn collega’s die dag en nacht hun best deden, vaak onder zware omstandigheden. “Op dat moment was de MH17 een beladen onderwerp. ‘Gaan we dan mensen medailles geven voor deze vreselijke ramp?’ Achteraf gezien had dat denk ik wel meteen moeten gebeuren.”
Wat nu?
De regering moet vóór Prinsjesdag (15 september) uitleggen hoe ze de onderscheiding voor alle betrokkenen op de plek van de ramp gaat realiseren. En dat is goed nieuws — niet omdat het een symbool is, maar omdat het een eerlijke erkenning is van een zware, cruciale taak.
