Bisschopswijding zonder groen licht van Rome: een schisma is nu een feit

In het Zwitserse bergdorp Écône vond gisteren een opvallend feestelijke, maar zeer omstreden bisschopswijding plaats. Vier priesters van de ultraconservatieve Priesterbroederschap Sint Pius X (SSPX) werden tot bisschop gewijd — zonder enige toestemming van het Vaticaan. En dat terwijl paus Leo XIV duidelijk had gewaarschuwd: wie doorgaat met deze wijding, riskeert excommunicatie. Dat betekent volledige uitsluiting uit de Rooms-Katholieke Kerk — geen sacramenten meer, geen deelname aan liturgie, geen band meer met de ‘moederkerk’ in Rome.

De SSPX ziet de wijding niet als een daad van rebellie, maar als een heilige plicht: om het katholieke geloof te behouden zoals het altijd is geleefd, volgens de oude tradities. Oproepen van de paus om de ceremonie af te blazen — en zo een terugkeer naar het gesprek mogelijk te maken — werden resoluut genegeerd. Ook onderhandelingen met de leiders van de broederschap leverden niets op. Het gevolg? Een officiële breuk. Een schisma, zo je wilt.

Dat maakt dit geen eerste keer: precies zoals in 1988 — toen vier SSPX-priesters (en oprichter aartsbisschop Lefebvre) op dezelfde manier werden gewijd — geldt nu automatisch excommunicatie voor alle vier de nieuw gewijde bisschoppen. Maar dit keer zou het verder kunnen gaan: het Vaticaan overweegt mogelijk ook priesters en zelfs gewone gelovigen die actief steun geven aan deze wijding te straffen. Wie weet of dat juist een ‘terugkeer naar Rome’ kan uitlokken — een wens die in het Vaticaan misschien stilletjes wordt gekoesterd.

Ondanks de spanning was het een volop feestelijke dag. Er was een indrukwekkende processie van honderden priesters naar het altaar, bijgewoond door duizenden gelovigen — waaronder talloze zusters en priesters uit verschillende landen. Er waren zelfs souvenirs te koop: wijnflessen met een afbeelding van de vier nieuwe bisschoppen én petjes met ‘Écône2026’. De mis werd in het Latijn geleid door bisschop Alfonso de Galarreta — een van de vier bisschoppen die in 1988 zelf zonder toestemming werd gewijd en daarop werd geëxcommuniceerd. Hij legde zijn hand op de hoofden van de priesters, volgens het oude ritueel, om de heilige geest over te dragen — een gebaar dat verwijst naar Jezus en zijn apostelen.

De SSPX vindt deze wijding noodzakelijk omdat er nog maar twee van de oorspronkelijke vier bisschoppen uit 1988 in leven zijn. Zonder nieuwe bisschoppen kan de broederschap op termijn geen priesters meer wijden — en dus geen nieuwe generatie traditionele katholieken voortbrengen.

De Priesterbroederschap Sint Pius X bestaat al sinds 1970 en werd opgericht door aartsbisschop Marcel Lefebvre, als reactie op de hervormingen na het Tweede Vaticaanse Concilie. Die hervormingen, ingevoerd door paus Paulus VI in 1969, maakten de mis toegankelijker: in de moedertaal in plaats van alleen Latijn, met de priester tegenover de gemeente, en met meer rol voor de gelovigen. De SSPX wil dat niet. Zij houdt vast aan de oude mis — zoals die sinds 1570 werd gevierd — en wordt daarom vaak ‘traditionalistisch’ genoemd. De beweging is vernoemd naar paus Pius X, die begin vorige eeuw waarschuwde voor te veel modernisme in de kerk. Het internationale hoofdkwartier zit in Menzingen (Zwitserland), en wereldwijd worden er op ruim 800 locaties missen opgedragen — ook op vier plekken in Nederland.

In 1988 leidde de eerste ongeautoriseerde wijding tot massale excommunicatie. Die werd later door paus Benedictus XVI opgeheven — maar nu is die kans op herstel weer verdwenen. Het conflict is nu niet langer alleen over liturgie of traditie. Het gaat om gezag, loyaliteit en wat ‘katholiek zijn’ eigenlijk betekent.

Bekijk origineel artikel

Dit is waarom kledingbanken vollopen: ‘Niemand wil dat hebben’

Kledingbanken in Oss én Eindhoven hebben het zat: ze stoppen tijdelijk met het aannemen van kleding. Er komt gewoon te veel binnen — en veel daarvan is nauwelijks nog bruikbaar. Ook in Den Bosch is de berg kleding zo hoog opgestapeld dat ze nu maar twee dagen per week open zijn. “Mensen hebben dan minder kans om kleding af te geven”, legt een medewerkster uit.

Maar het is niet alleen bij kledingbanken. Ook kringloopbedrijven zitten met hetzelfde probleem. Bij Stichting De Kringloper — actief in Roosendaal, Bergen op Zoom, Etten-Leur en Steenbergen — is dit al jarenlang een dagelijkse realiteit. Directeur Robbert van Walsum merkt vooral één ding op: de kwaliteit van de aangebrachte kleding gaat steeds meer achteruit. “Door fast fashion is het percentage kleding dat je daadwerkelijk nog kunt dragen steeds kleiner geworden.”

En wat is fast fashion eigenlijk? Dat is kleding die razendsnel en goedkoop wordt geproduceerd — vaak in het buitenland — en meestal maar een paar keer mee gaat. Volgens Paulien Harmsen, senior onderzoeker Duurzaam Textiel aan Wageningen University, is kleding zelfs helemaal veranderd: van een duurzaam stuk van natuurlijke materialen naar een soort wegwerpartikel — vaak gemaakt van plastic, met een piepkleine levensduur. “De kwaliteit is gewoon achteruitgegaan.”

‘Geen waarde’

Het gevolg? Een groot deel van de gedoneerde kleding is simpelweg niet meer bruikbaar. Harmsen zegt er geen blad voor om: “Niemand wil dat hebben, het heeft geen waarde. En als je het wél wilt, kun je het net zo goed nieuw kopen.” Volgens haar kan het probleem alleen worden aangepakt met flinke maatregelen — denk aan strengere regels en het duurder maken van slechte kleding.

Ook Jan Mahy, emeritus hoogleraar Sustainable & Functional Textiles aan Hogeschool Saxion, vindt de kledingstops geen verrassing. “Dat komt enerzijds door de slechte kwaliteit van wat wordt aangeleverd, én anderzijds door de beperkte (en financieel onaantrekkelijke) mogelijkheden om die kleding kwijt te raken.”

Ultra-fast fashion speelt mee

Volgens Mahy is de kwaliteitsdaling al lang een probleem — en ultra-fastfashionplatforms zoals Temu en Shein maken het alleen maar erger. Ze bieden kleding aan die extreem laagwaardig is, maar toch blijft de consument het kopen omdat het zo goedkoop is. Door productie in lagelonenlanden zoals China is kleding weliswaar goedkoper geworden, maar ook fragieler. “Een T-shirt van 5 euro of een spijkerbroek van 25 euro kan onmogelijk door kwalitatief goede bedrijven worden gemaakt”, zegt hij.

Er zijn wel initiatieven die tegen die trend ingaan — denk aan merken uit Italië of het Iberisch Schiereiland die betere kleding maken. Maar volgens Mahy is dat “een druppel op een gloeiende plaat” vergeleken met de bergen kleding die elke dag binnendruppelen.

Wat gebeurt er met de rest?

De kleding die wel wordt ingezameld, wordt tegenwoordig vaak gesorteerd op kwaliteit:
A-kwaliteit: nog prima te verkopen
B-kwaliteit: al lastiger te plaatsen
C-kwaliteit: bijna onverkoopbaar

Veel van die C-kleding bestaat uit mengsels van katoen en polyester — moeilijk te recyclen. Het eindigt vaak als poetsdoek of isolatiemateriaal, maar zelden weer als kleding. En dat proces kost de kledingbanken bovendien geld.

Mahy verwacht dat het probleem alleen maar groter wordt. Want kledingcollecties worden sneller geproduceerd dan ooit: soms zit er maar één dag tussen het ontwerp en de winkel. Zijn boodschap? “Het hebben van kleding zou voor de consument weer betekenis moeten krijgen. Niet voortdurend kopen én doneren — maar echt nadenken over wat je draagt. Dat vraagt wel een grote omslag in ons gedrag.”

Bekijk origineel artikel

Zeker vijf doden bij grote flatbrand in Antwerpen — oorzaak lijkt een technisch mankement

Een zware brand in een tien verdiepingen tellende flat aan de linkeroever van de Schelde in Antwerpen heeft zeker vijf mensen het leven gekost. Volgens de VRT zijn er daarnaast ook veel gewonden — sommigen ernstig, anderen lichter. De politie sprak eerst over zes slachtoffers, maar dat aantal is later bijgesteld naar vijf. “De brandweer zoekt nog steeds naar eventuele andere slachtoffers”, legt een woordvoerder uit. “Maar het is echt onduidelijk hoeveel mensen er op dat moment thuis waren.”

De brand brak rond 10.00 uur uit op de begane grond. Hoewel er eerst werd gedacht dat het vuur op de achtste verdieping was ontstaan, wijzen de brandweer en onderzoekers nu op een technisch probleem als meest waarschijnlijke oorzaak. Het Belgische Openbaar Ministerie en de onderzoeksrechter hebben de zaak inmiddels opgepakt.

Het gebouw is groot: er wonen ruim 200 mensen in. Op beelden is te zien hoe iemand wanhopig probeert te ontsnappen aan de vlammen. De brandweer heeft het hele gebouw geëvacueerd — onder meer met behulp van een drone — maar het vuur was op het moment van rapportage nog niet volledig onder controle. Wel is het gelukt om het vuur af te sluiten, zodat het zich niet verder kon verspreiden. Rond 14.00 uur ging de brandweer aan de slag met de controle van de laatste verdiepingen.

Geert Dewulf en zijn vrouw werden gered vanaf hun appartement op de tiende verdieping. “Eerst viel de stroom uit, drie minuten later kregen we het brandalarm”, vertelde hij tegen de VRT. “Toen hing er al rook in de gangen.” Ze probeerden zelf naar beneden te gaan, maar dat lukte niet. “We hebben ons opgesloten in ons appartement en gewacht op het terras. Een tiental minuten later kwam de brandweer ons redden met een brandladder.”

Ook de 92-jarige voormalig burgemeester van Antwerpen, Bob Cools, en zijn 71-jarige vrouw behoren tot de geëvacueerden. Ze zijn uit voorzorg naar het ziekenhuis gebracht en maken het — gezien de omstandigheden — goed.

De Antwerpse brandweer vraagt het publiek dringend om het gebied te mijden. Omwonenden kregen een waarschuwing om ramen en deuren dicht te houden. Daarnaast is een medisch interventieplan van kracht, “om de druk op de ziekenhuizen zo klein mogelijk te houden”, aldus de politie. Slachtoffers worden opgevangen in een woonzorgcentrum in de buurt.

In het Vlaams Parlement begon de plenaire vergadering vandaag met een minuut stilte ter nagedachtenis aan de slachtoffers. Premier Bart de Wever reageerde op X met een verklaring waarin hij zijn diepe medeleven uitsprak met de slachtoffers en geëvacueerden. Hij sprak ook zijn “diepe waardering” uit voor de nooddiensten: “die de vele getroffenen zo snel en veilig mogelijk trachten te helpen, en die hard werken om de brand te bedwingen.”


Bekijk origineel artikel

Hogere straf voor man die zijn vrouw in Reuver vermoordde én verbrande

Dat is flink meer dan de 14 jaar gevangenisstraf die de rechtbank in Roermond hem in december 2024 oplegde. Toen werd hij veroordeeld voor doodslag — maar in het hoger beroep concludeert het hof nu dat het wel degelijk om moord gaat: hij heeft zijn echtgenote met voorbedachten rade omgebracht.

De gruwelijke daad vond plaats in juni 2022, in hun woning in het Limburgse Reuver. Kort daarvoor had zijn vrouw net haar Nederlandse paspoort ontvangen én had ze duidelijk gemaakt dat ze weg wilde bij hem. Een paar weken later kocht hij benzine, een aansteker en grote vuilniszakken. Na thuiskomst doodde hij haar, stelt het hof vast. Haar lichaam zou hij achter de bank in huis hebben bewaard — terwijl hun twee jonge zoontjes thuis waren. Toen het begon te stinken, wikkelde hij haar in een tapijt, reed ermee naar Duitsland en stak het lichaam in brand naast een snelweg.

Interessant én tragisch tegelijk: zij speelde een rol in een campagne tegen femicide. In oktober 2022 werd haar lichaam geïdentificeerd. Kort daarna werd haar man aangehouden. Zijn verhaal? Dat ze plotseling was overleden door een ziekte. De rechtbank geloofde hem niet — en legde uit waarom: zijn gedrag voor én na haar dood sprak duidelijk tegen hem. Zo vertelde hij vóór de moord aan anderen dat een vrouw die haar man ‘verraadt’, de doodstraf verdient. Na haar dood ging hij rondvertellen — onder andere bij de leerkrachten van hun kinderen — dat zij vreemdging, met geld was weggelopen en ‘een slechte vrouw’ was.

In de rechtszaak van 2024 was al eerder vastgesteld dat hij jarenlang gewelddadig en controleerderend was. Ze had geen vriendinnen, geen eigen telefoon en mocht bijna niet naar buiten. Hun zesjarige zoon vertelde de politie dat zijn vader zijn moeder regelmatig sloeg met een metalen gordijnroede.

In Nederland wordt gemiddeld elke acht dagen een vrouw vermoord. De signalen die vaak voorafgaan aan zo’n tragedie, leggen we uit in deze video:
Als eerste op de hoogte van het laatste nieuws

Bekijk origineel artikel

Deze worstenbroodjes zijn pas écht Brabants: ‘Ik vind het wel grappig zo’

De Dag van de Zachte G wordt dinsdag 7 juli gevierd — en ja, daarbij horen natuurlijk worstenbroodjes. Maar niet zomaar énige: bij Bakkerij Bekkers in Veghel draaide het deze keer om een speciale vorm. Alexander Bekkers maakte speciaal voor de gelegenheid worstenbroodjes in de vorm van de letter G.

“Als je aan Brabant denkt, dan denk je aan worstenbrood”, zegt Alexander woensdag, terwijl hij het deeg strak en met veel aandacht rond de worst rolt. Alleen is het deze keer geen rechte worst — nee, er zit een mooie, zachte kronkel in. “Ik vind het zelf ook wel grappig zo. Het is gewoon hetzelfde als een normaal worstenbroodje, alleen is-ie iets langer en zit er wat meer gehakt in: 60 gram in plaats van de gebruikelijke 50.” De smaak? Volgens hem precies even lekker. “Een worstenbroodje is altijd lekker — ’s morgens én ’s avonds. Zelf eet ik er maar af en toe eentje, anders pas ik hier straks niet meer door de deur.”

Tienduizend broodjes per dag? Geen probleem

In de bakkerij rollen ze op een dag tienduizend worstenbroodjes — met behulp van een machine, natuurlijk. “Dat doen we op dinsdag, woensdag en donderdag. Vier uur lang, dus er zit best wat tijd in. Het gehakt maken we zelf; dat recept komt van ons pa.” Na het rollen krijgen de zachte G-worstenbroodjes een half uurtje rust in de rijskast. Dan worden ze voorzien van een eiwasm, zodat ze mooi glanzen — en daarna elf minuten in de oven.

Lastig verpakken… maar wel leuk

Eén klein nadeeltje? Die leuke G-vorm maakt het wat lastiger om ze netjes te verpakken. “Normaal gaan ze in een zakje, nu moeten we ze in een gebaksdoos doen — anders breken ze allemaal. We zouden ze ook in chocoladeletterdoosjes kunnen stoppen.” Geen gek idee trouwens: met Sinterklaas maakte Alexander ooit al eens op verzoek worstenbroodjes in lettervorm.

En hoe staat het met de vraag naar de klassieker? Volgens Alexander doet de geliefde hartige snack het het hele jaar goed. “Met carnaval en kerst is het extreem. En de laatste jaren verkopen we ze steeds vaker. Geen idee waar dat aan ligt — misschien het gemak. Even gauw een worstenbroodje eten, toch?”

Bekijk origineel artikel

PRO noemt stikstofplannen kabinet ‘absoluut minimum’ — maar het is nog lang niet genoeg voor het platteland

De grootste oppositiepartij PRO ziet de nieuwe stikstofplannen van het kabinet als een eerste stap — maar verder niets dan dat. “Het is absoluut minimum”, zo klinkt het scherp vanuit de fractie. En volgens PRO-Kamerlid Laura Bromet lost het plan helemaal niet alle knelpunten op die boeren en natuur op het platteland nu écht dwarszitten.

“Het is tijd voor actie” — maar wat moet er nou precies gebeuren?

Bromet benadrukt: als de plannen niet leiden tot duidelijke verbetering van de natuur én niet helpen bij het weer uitgeven van vergunningen, dan moeten er snel extra maatregelen komen. “Het is tijd voor actie”, zegt ze. En hoewel ze enthousiast is over elke verbetering — “Verbeteringen zijn van harte welkom” — noemt ze in het debat geen concreet voorbeeld van wat er beter zou kunnen. Wel geeft ze wel aan dat PRO vindt dat de norm voor het aantal koeien per hectare strenger had mogen zijn.

Meer dan stikstof: water, natuurherstel én klimaat

“Dit debat is nog niet klaar”, benadrukt Bromet. En terecht: stikstof is maar één stuk van een veel groter plaatje. Er is ook nog een serieus probleem met de waterkwaliteit, er moet nog een echt natuurherstelplan komen, én het klimaat blijft een enorme uitdaging. Volgens PRO moet de overheid boeren daarbij actief ondersteunen — niet alleen om hun bedrijf aan te passen, maar ook om het landelijk gebied duurzaam te laten functioneren.

Goede boeren mogen niet worden gestraft

Een belangrijk punt: boeren die al heel weinig stikstof uitstoten, mogen volgens PRO géén extra eisen krijgen. “Deze bedrijven zijn juist een voorbeeld voor een heleboel andere bedrijven die deze stappen nog moeten zetten”, legt Bromet uit. En dat sluit aan bij het standpunt van CDA-Kamerlid Jan Arie Korevaar, die vindt dat boeren die beter presteren dan de norm daarvoor beloond moeten worden. Bromet is het daar volledig mee eens — en pleit daarom ook voor een absolute norm voor stikstof, in plaats van een percentage-reductie. “Omdat je anders bedrijven die het goed doen, benadeelt.”

Wat staat er nu in het plan?

Het kabinet wil dat de landbouw in 2035 minimaal 42 procent minder stikstof uitstoot dan in 2019. Voor melkveehouders is er daarnaast een maximale stikstofuitstoot per koe vastgelegd in het stikstofplan.

En terwijl het debat loopt… trekkers in Den Haag

Tegelijkertijd speelt er een opzwepende sfeer in Den Haag: de burgemeester heeft een noodbevel afgekondigd om de komst van trekkers te beperken — meer dan twintig tractoren of zwaar materieel mogen niet samen actie voeren bij de Koekamp. Rond het middaguur reed er toch al een stoet binnen. Enkele boeren verzamelden zich voor de Tweede Kamer, waar vandaag het stikstofdebat wordt gevoerd.

Bekijk origineel artikel