Vrijwilligers willen het brouwershuis naast hun museum kopen: ‘Een unieke kans’
De vrijwilligers van Museumbrouwerij De Roos in Hilvarenbeek hebben een grote droom — én die droom is nu eindelijk binnen handbereik. Ze willen het oude brouwershuis naast het museum overkopen. Niet zomaar een huis, maar het echte familiehuis van de oorspronkelijke brouwersfamilie — al sinds elf generaties! En ja, dat is écht een unieke kans.
Waarom juist dat huis?
Het huis ligt letterlijk naast het museum, en samen met de brouwerij en de binnenplaats zou het één grote, vloeiende expositieruimte kunnen worden. Dat geeft veel meer ruimte voor verhalen, tentoonstellingen en ervaringen. Bovendien staat er nog een hoop spul in een opslagruimte dat de stichting graag wil laten zien — en wat volgens hen gewoon thuis hoort in dat huis. De huidige bewoners zijn vriendelijk en hebben jarenlang meegewerkt, maar nu willen ze verkopen: ze hebben een vergunning om te beginnen aan hun nieuwe woning, dus de tijd dringt.
Hoe krijgen ze het geld bij elkaar?
Eerst moet er een start worden gemaakt — en daarvoor is een crowdfunding op gang gebracht. Het doel? 50.000 euro voor de eerste stappen: architect, vergunningen, juridische ondersteuning. Het totale aankoopbedrag van het huis is 1,2 miljoen euro — dat wil de stichting halen via subsidies en eventueel een lening.
En er is ook al veel voorzien voor daarna: de ingang van het museum verhuizen naar het nieuwe pand, een klein terras aan de voorkant maken, en het proeflokaal openstellen voor iedereen — niet alleen voor bezoekers van het museum.
Hoe snel moet het gaan?
Heel snel. De vrijwilligers zijn al vier jaar bezig met dit plan, maar nu is het echt in de versnelling geraakt. “We willen de woning dit jaar nog kopen”, zegt vrijwilliger Suzanne Albregts. “Volgend jaar willen we het huis opknappen, zodat het open kan voor publiek.” Op dit moment staat de crowdfunding-teller op ongeveer vijfduizend euro — en ze hopen op veel meer steun. Want dit is geen gewone kans: het is de laatste werkende dorpsbrouwerij van Nederland. En als het lukt? Dan wordt het nog mooier, levendiger én beter verteld dan ooit.
Stijn en zijn vrienden hebben een Wii-tattoo: ‘Echt mijn beste maten’
Stijn Perrij (22) uit Loon op Zand speelt al sinds hij vijf was met zijn drie allerbeste vrienden op de oude, vertrouwde Wii — die knusse, blauwe Nintendo-spelcomputer die ooit in elke woonkamer stond. En ja, die vriendschap is niet alleen blijven bestaan… ze is zelfs zo speciaal geworden dat ze er samen een tattoo mee vastlegden: een echte Wii-tattoo.
De groep? Dat zijn de broers Stijn en Lars Perrij én de Tilburgse broers Jelle en Elco de Kok. Hun ouders zijn al jaren bevriend, dus de vier jongens groeiden van kinds af aan als één grote, losse familie op. “Vanaf het allereerste begin zijn we al onlosmakelijk met elkaar verbonden”, zegt Stijn. En waarom? Omdat ze ongeveer even oud zijn én dezelfde passie delen — ook al weten ze zelf eigenlijk niet eens hoe die liefde voor spelletjes precies begon. “Onze ouders zijn helemaal niet van de gameconsole-soort”, lacht hij.
Vroeger waren de weekendbezoeken bij elkaars ouders een vast ritueel: dan werd er flink Mario Kart of Mario Bros gespeeld, vaak met veel geschreeuw en nog meer lachen. Toen ze ouder werden, ging het even minder vaak — door school, studie en werk trokken de wegen wat uit elkaar. Maar nu zijn ze weer superveel samen. Elke donderdag én elke zaterdag is officieel spelletjesavond: bordspellen, Wii, Nintendo Switch — wat maar lekker is. En ook op vakantie of in pretparken is het geen uitzondering: iedereen neemt dan gewoon een eigen ‘spelletjestas’ mee.
Natuurlijk is de vriendschap wel wat veranderd in de loop der jaren. De groep is wat uitgebreid, en ze zijn allemaal volwassener geworden. “Vroeger waren we behoorlijk competitief”, vertelt Stijn. “We kibbelden over wie het beste was, wie speler 1 mocht zijn… soms werd het best heftig.” Tegenwoordig? “Dan staat de lol echt voorop. Iedereen is veel relaxter.” En ook in persoonlijkheid zijn ze meer zichzelf geworden — met elk hun eigen manier van leven. “Vroeger deed je gewoon mee met wat de ander deed. Nu heb ik bijvoorbeeld het motto ‘leef om te leven’, terwijl Lars supergestructureerd is: hij spaart geld, drinkt geen alcohol en is om 22.00 al in bed. Maar we respecteren elkaars keuzes — altijd.”
Het idee voor de tattoo kwam pas later. Stijn wilde al een tijdje een tatoeage, maar wist gewoon niet wat hij zou willen. Tot een vriend hem simpelweg vroeg: “Waarom neem je er geen met Jelle, Lars en Elco?” Twee van de drie waren meteen enthousiast — vooral omdat het iets écht betekenisvols moest worden. De derde moest echt overtuigd worden. Uiteindelijk kozen ze voor het iconische cursorhandje van de Wii, met daaronder vier blokjes. Bij Stijn is het vierde blokje ingekleurd — want hij was vroeger vaak speler 4. Bij de anderen is telkens hun eigen spelernummer aangegeven.
Als mensen de tattoo zien, reageren ze vaak met: “Dat is wel heel gedurfd, zo’n tattoo met vrienden.” Maar Stijn maakt zich daar geen zorgen over. “Dit zijn écht mijn beste maten. Die raak ik niet zomaar kwijt. En als het ooit toch gebeurt dat we elkaar niet meer zien… dan is de tattoo nog steeds een mooie herinnering aan onze geweldige jeugd.”
Hier lees je alle verhalen van de rubriek Mijn tattoo en zijn verhaal.
Kopzorgen in Australië om konijnenplaag: ‘We moeten ze uitroeien’
Meike Wijers, correspondent voor Australië en Nieuw-Zeeland
In Australië is er grote onrust — niet om droogte of bosbranden, maar om een klein, zacht, knus dierje dat je bijna overal op een kinderboek zou verwachten: het konijn. Alleen is dit geen knus knusje meer, maar een massale, snel groeiende plaag die het hele ecosysteem op zijn kop zet. En de belangrijkste wapens waarmee Australië jarenlang tegen de konijnen vocht? Die werken gewoon niet meer.
Heidi Kleinert, nationale coördinator konijnenbestrijding bij het Centre for Invasive Species Solutions, slaat alarm: “Als we niets doen, verliezen we voorgoed unieke Australische dieren en planten.” En het geld? De agrarische sector verliest al ruim 150 miljoen euro per jaar door de konijnen. Maar als er niets verandert, kan dat bedrag oplopen tot wel 1,2 miljard euro per jaar. Dat is geen typfout — dat is écht veel.
Waarom zijn er zo veel konijnen?
Konijnen zijn nu eens over driekwart van het continent verspreid — naar schatting zo’n 250 miljoen exemplaren. En ze blijven maar groeien: ze worden al vruchtbaar op drie à vier maanden, de draagtijd duurt maar 28 dagen, en direct na de bevalling kan een vrouwtje weer zwanger raken. Kleinert legt het simpel uit: “Als je slechts twee konijnen hebt, vermenigvuldigen die zich zo snel dat je er na achttien maanden 184 hebt. We moeten er alles aan doen om ze tot het laatste konijn uit te roeien.”
De oorsprong ligt meer dan 150 jaar geleden, toen Britse kolonisten wilde konijnen meebrachten voor de jacht. Genetisch onderzoek toont aan dat bijna alle wilde konijnen in Australië afstammen van slechts 24 dieren die één landeigenaar vrijliet. Vanaf dat moment begon de ramp.
Niet alleen een natuurprobleem — ook een economisch én ecologisch nachtmerrie
Het konijn is niet de enige invasieve soort die problemen veroorzaakt — muizen, herten, vossen, zwijnen en wilde katten zorgen ook voor schade. Maar volgens Kleinert is het konijn de kampioen van de chaos: “Het bedreigt 322 inheemse planten en dieren. Het is het meest schadelijke invasieve dier in Australië.”
Ze vreten graslandschappen kaal, maken holen die bodemerosie veroorzaken, en zorgen daarmee voor een soort domino-effect: meer konijnen = meer prooi voor wilde katten en vossen = meer bedreiging voor inheemse dieren die geen kans maken tegen deze roofdieren.
In de jaren ’20 van de vorige eeuw was het hoogtepunt: naar schatting 10 miljard konijnen. Boeren gaven hun land op, weilanden waren alleen nog stof — foto’s uit het nationale archief laten zien hoe verwoest het allemaal was.
Een virus dat werkte… totdat het niet meer werkte
In 1950 probeerde Australië een radicale oplossing: het myxomatosevirus werd losgelaten. Het werkte als een wonder — het aantal konijnen daalde tot rond de 100 miljoen. Maar konijnen evolueerden. Ze werden resistent. In de jaren ’90 kwam een nieuw virus, en in 2017 nog een verbeterde variant. Nu zijn de meeste konijnen ook daarop immuun. En een nieuw virus? Die is nog niet gevonden.
Daarom kijken wetenschappers nu naar heel andere manieren — zoals genetische modificatie: konijnen waarvan de vrouwtjes alleen mannelijke nakomelingen krijgen, of helemaal onvruchtbaar worden. Maar onderzoek kost geld — en dat geld komt steeds minder van de regering. Sommige fondsen zijn zelfs helemaal gestopt.
Kleinert: “Zelfs als we een grote zak geld hadden, hebben we nog zeker tien jaar nodig om een nieuw virus te vinden, te ontwikkelen én toestemming te krijgen om het te verspreiden.”
En dan is er nog het ‘knus-factor’-probleem: het konijn is aardig, lief, knus. Dat maakt het lastiger om mensen te overtuigen dat het hier om een echte bedreiging gaat. Maar Kleinert benadrukt: “Als je echt van de natuur en van dieren houdt, zorg je er juist voor dat de konijnenpopulatie kleiner wordt.” Haar boodschap is duidelijk: “We moeten leren van de geschiedenis en beseffen dat konijnen dieven zijn van ons landschap. Als we niets doen, gaan ze door. Ze zullen niet zomaar verdwijnen.”
AI als voetbalorakel? Waarom chatbots geen garantie zijn voor winst in je WK-pool
Het voorspellen van het WK voetbal van deze zomer is voor veel fans — of je nu elke wedstrijd live volgt of juist alleen je pool invult — echt geen makkie. Wie moet nou kiezen tussen Iran en Nieuw-Zeeland, of tussen Congo en Oezbekistan? En dan nog: dit WK heeft niet 32, maar liefst 48 deelnemers. Dat betekent véél meer groepswedstrijden, méér onbekende namen en dus véél meer ruimte voor twijfel bij het invullen van je pool.
Daar komt AI bij kijken. Met de opkomst van chatbots zoals ChatGPT, Claude en Gemini is het logisch dat steeds meer mensen denken: “Waarom vraag ik het niet gewoon aan een AI?” Dit is zelfs het eerste WK waarbij zo’n brede toegang tot AI-modellen écht mogelijk is. De eerste publieke versie van ChatGPT verscheen pas in november 2022 — midden in het WK Qatar. Sindsdien zijn er tientallen modellen bijgekomen, en is ‘vragen aan een bot’ voor veel mensen al bijna even normaal als googelen.
Maar: die bots zijn géén voetbal-experts. Ze zijn gewoon superbrede hulpmiddelen, getraind op data van bijna het hele internet — en niet op wedstrijdstatistieken, blessuremeldingen of selectiebeslissingen. Zo legt Ruud Adriaans, hoofd AI bij accountantsbureau BDO, uit: “Ze zijn geen voetbalmodellen. Ze zijn universele modellen.”
Dat heeft gevolgen. Stel je vraagt een chatbot: “Wie wint het WK?” Dan krijg je vaak een soort ‘gemene deler’ als antwoord: de grote favorieten (zoals Frankrijk of Spanje) worden netjes door alle rondes geleid — zonder rekening te houden met realistische risico’s, onverwachte vormcrises of laatste-moment blessures.
En dan is er nog het probleem van de data zelf. Veel westerse AI-modellen, zoals ChatGPT en Gemini, bouwen op bronnen die overwegend uit het Westen komen: westerse nieuwswebsites, Engelse analyses, mediagenieke landen die vaker in beeld zijn. Het gevolg? Landen als Nederland, Duitsland of Engeland kunnen ‘overschat’ worden — simpelweg omdat ze vaker en luidruchtiger in de data voorkomen. Terwijl een verrassingskracht als Marokko in 2022 (halve finale, uitschakeling van Spanje én Portugal) bijna nooit in een AI-voorspelling opduikt. Niet omdat het onmogelijk is — maar omdat het niet past in het patroon van wat de bot eerder ‘zag’.
En het wordt nog lastiger: stel je vraagt dezelfde vraag vijf minuten later, dan kan het antwoord al weer anders zijn. Peter Neef van Pouletips.nl merkte dat zelf: bij Nederland–Zweden gaf ChatGPT en Gemini 1–1, Claude koos voor 2–1 voor Nederland, en Neef zelf ging uit van 1–0 voor Oranje. Geen enkele AI levert dus een stabiel, herhaalbaar of gevalideerd resultaat.
Volgens Neef zijn de data van wedkantoren — waarin ook selecties, blessures en recente vorm worden meegenomen — veel betrouwbaarder. En zelfs daar is voorzichtigheid geboden: Frankrijk en Spanje staan bovenaan de lijst, maar beide verloren hun laatste oefenwedstrijd. “Dat moeten we echt nog maar zien.”
Adriaans geeft dan ook een duidelijke tip: “Vul alles zo laat mogelijk in. Want wie weet zijn er nog blessures of gebeuren er nog andere dingen.” En ja — AI kan wel helpen, maar dan alleen bij heel gerichte vragen. Bijvoorbeeld: “Welk Afrikaans team heeft de afgelopen zes maanden onverwachts veel punten behaald tegen sterke tegenstanders?” Zolang je het antwoord kunt checken met een betrouwbare bron, is dat prima. Maar een volledige WK-voorspelling laten genereren? Dat is geen strategie — dat is gokken met een extra laagje technologie.
Zie het qua betrouwbaarheid een beetje als je oom die voetbal volgt én ook wat heeft gegoogeld. Hij wacht in elk geval nog even met het invullen van zijn pool. En dat is misschien wel de slimste zet van allemaal.
Twee dagen na het bestand: Israël doodt meerdere leden van Libanees leger
Bij een Israëlische luchtaanval in het zuiden van Libanon zijn meerdere militairen van het Libanese leger omgekomen — zo melden zowel het Libanese leger zelf als het nationale persbureau NNA. Hoeveel exact, is nog onduidelijk. Volgens het persbureau was de aanval gericht op een militair voertuig onderweg bij de stad Nabatiye, waarin een generaal en zijn chauffeur zaten.
Het Libanese leger noemt de actie een “barbaarse aanval”, en plaatst die in het kader van de aanhoudende Israëlische agressie tegen Libanon en zijn burgers.
Wat deze keer extra opvalt: de aanval vond plaats maar twee dagen nadat een nieuw bestand tussen Libanon en Israël van kracht werd — en dat bestand is alweer flink onder vuur. Eerdere schendingen waren volgens het Libanese leger vooral gericht op Hezbollah, de pro-Iraanse militie die niet onder het officiële leger valt. Maar nu is het Libanese regeringsleger zelf het doelwit.
Dat maakt de zaak bijzonder gevoelig. Tijdens de onderhandelingen over het bestand — dat halverwege april van start ging — zat Hezbollah helemaal niet aan tafel. Ook bij de recente afspraken over een staakt-het-vuren was de groep buiten beeld. In die nieuwe afspraken staat expliciet dat het Libanese leger de volledige controle krijgt over het grondgebied, en dat “niet-statelijke actoren” — lees: Hezbollah — daar geen rol meer mogen spelen.
Hezbollah zelf wil echter absoluut niet ontwapenen. De groep zegt dat de Libanese regering te veel op de hand zou zijn van de VS, en leider Naim Qassem verklaarde eerder dat ontwapening gelijkstaat aan overgave aan Israël.
Ondertussen kondigt het Israëlische leger nieuwe aanvallen aan op vijf dorpen in het zuiden van Libanon. Inwoners worden dringend gevraagd hun huizen te verlaten. De Israëli’s spreken van “doelen van Hezbollah” in wat zij de ‘evacuatiezone’ noemen — een gebied waar ze steeds meer mensen naar het noorden willen verdrijven.
Duitser overleden na wingsuit-crash in Zwitserland — tweede dodelijk ongeluk in een week
Een 47-jarige Duitse man is om het leven gekomen nadat hij tijdens een wingsuitvlucht in Zwitserland uit de lucht raakte. Het gebeurde kort nadat hij vanaf de Gigerwaldspitze was gesprongen — een piek op maar liefst 2080 meter hoogte. Hij had rond 17.00 uur ‘s middags de sprong gewaagd, samen met een 37-jarige medevlieger. Helaas overleefde hij de crash niet. Reddingsteams moesten ingrijpen om zijn lichaam te bergen, meldt de Zwitserse nieuwszender SRF.
Wingsuits zijn geen vliegtuigen — ze hebben geen motor of aandrijving. In plaats daarvan verbinden ze armen en benen met stofvleugels, zodat je als mens kunt ‘glijden’ door de lucht. Maar juist die combinatie van snelheid, hoogte en weinig besturing maakt ze behoorlijk risicovol.
En dit is niet het eerste tragische voorval met zo’n vliegpak in Zwitserland deze week: donderdag al kwam een 29-jarige Zwitser om bij een vergelijkbaar ongeluk. Nu is er een officieel onderzoek gestart naar wat er precies misging bij de crash met de Duitse man.
Als eerste op de hoogte van het laatste nieuws
