Geweldig vindt Daphne (9) de les die ze volgt tijdens Night University

Tijdens Night University lopen er deze dinsdagavond en -nacht niet alleen studenten en professoren rond op de campus van Tilburg University — ook kinderen en andere Tilburgse bewoners duiken op om mee te doen aan bijzondere colleges en workshops. En ja, het is echt geweldig, vindt Daphne (9), met een stralende lach op haar gezicht.

Een workshop waarbij je jezelf kleit — én nadenkt

Vooral de workshop ‘Klei jezelf’ trekt veel kinderen van zo’n tien jaar. Daar leren ze op een leuke, toegankelijke manier hoe sociale media invloed kunnen hebben op hoe ze naar zichzelf kijken. Meisjes willen soms ‘mooier’ zijn, jongens dromen van spierballen — en terwijl ze twee poppetjes uit klei vormen (één die op henzelf lijkt, én één die laat zien hoe ze er graag uitzouden), horen ze over een onderzoek van drie universiteitsmedewerkers.

Daphne vindt het “fantastisch” — en heeft er ook wat mee geleerd: “Sommigen zijn wel blij met hun lichaam, en sommigen niet.” Waar ze zelf bij hoort? “Ik zou heel graag langere haren willen. Maar dan wel zonder klitten.”

Honderd keer wetenschap, kunst én maatschappij — in één avond

Night University bestaat al sinds 2011 en heeft twee grote doelen: wetenschap laagdrempelig maken én iets terugdoen voor de stad. Dit jaar zijn er meer dan honderd activiteiten: colleges, workshops, experimenten én optredens. Denk aan schemersafari’s door de natuur rond de campus of een lezing over waarom demonstreren belangrijk is.

Maar niet iedereen was het daarover eens. De pro-Palestijnse actiegroep Palestine Solidarity Tilburg (PST) sloeg die lezing over — en organiseerde buiten een vreedzame demonstratie tegen de banden tussen Tilburg University en Israëlische universiteiten. Na een tijdje trokken zo’n dertig mensen naar binnen en bezetten ze rustig het gebouw The Cube met een sit-in.

Het verdriet van Tilburg — én de hoop voor de toekomst

Een andere hoogtegraad van de avond: de lezing van stadshoogleraar Ton Wilthagen en Maarten van Riel over diens boek Het verdriet van Tilburg. In een bomvolle zaal werden oude foto’s getoond van een prachtig centrum met monumentale gebouwen, weidse lanen… en plekken die nu gewoon weg zijn. “Eeuwig zonde”, mompelen bezoekers tegen elkaar.

Maar Wilthagen wijst ook op de kansen: de LocHal is gekozen tot één van de mooiste gebouwen ter wereld, en in de Spoorzone worden oude panden als Mindlabs gerestaureerd — in plaats van gesloopt.

In totaal hebben zo’n 5000 mensen zich aangemeld — méér dan verwacht. En ondanks de bezetting verliep alles rustig: lezingen werden verplaatst, schermen gaven duidelijke richting, en mensen liepen gewoon verder — keuvelend, nieuwsgierig, samen.

Verbinding maken, écht

“Eén van de mooiste dingen is dat steeds meer Tilburgse instellingen meedoen”, zegt Maud de Bock van de organisatie. Dit jaar staan ook het Natuurmuseum en het Textielmuseum met een kraam op de campus. En poppodium 013 had al van tevoren een speciaal programma voorafgaand aan een concert.

Oud-student Moniek IJzermans komt al jaren: “Het is zo mooi dat mensen uit de stad hier zelf iets mogen organiseren. Je krijgt een podium én toegang tot de denkkracht van de universiteit. Dat is echt een meerwaarde — want deze universiteit is niet alleen van de studenten, maar van ons allemaal.”

Bekijk origineel artikel

Nederlanders behoren tot de rijkste EU-inwoners — maar ja, er is wel een maar

Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Vorig jaar bedroeg het bruto binnenlands product (bbp) per inwoner in Nederland ruim 65.000 euro. Kort gezegd: het bbp is een manier om te meten hoeveel waarde een land economisch genereert — denk aan alle goederen en diensten die hier worden geproduceerd. Alleen in Luxemburg, Ierland en Denemarken zaten de inwoners nog wat hoger op de welvaartslijst.

Maar voordat je al te enthousiast begint te klappen: het bbp per inwoner zegt niet alles over hoe ‘rijk’ mensen écht zijn. Het is een landelijke maatstaf — geen persoonlijke. Dus ook al is het gemiddelde hoog, dat betekent niet dat iedereen even veel op zak heeft. En het zegt niets over hoe eerlijk of oneerlijk de rijkdom verdeeld is. Denk maar aan extreem vermogende mensen: als één persoon heel veel geld verdient (zoals een techmiljardair in de VS), dan kan dat het gemiddelde flink omhoog trekken — terwijl de rest van de bevolking daar weinig mee opschiet.

Ook is het bbp géén thermometer voor onderwijskwaliteit, luchtkwaliteit, democratische vrijheid of andere dingen die leven echt waard maken.

En dan zijn er nog de ‘vertekeningen’ bij de top van de lijst:
– Luxemburg staat bovenaan, maar dat komt mede doordat er veel banken en verzekeraars zitten — sectoren met een hoge toegevoegde waarde. Bovendien werken veel mensen daar, maar wonen ze in België, Frankrijk of Duitsland. Hun productie wordt toch meegeteld bij Luxemburgse inwoners.
– Ierland scoort ook hoog, maar vooral omdat grote multinationals (zoals Google, Meta en Microsoft) daar hun Europese hoofdkantoor hebben. De winst die ze over heel Europa maken, wordt dus gedeeltelijk toegeschreven aan het kleine Ierland.

Op de andere kant van de schaal: Bulgarije is het armste land in de EU. Daar lag het bbp per inwoner vorig jaar op iets meer dan 18.000 euro.

Goed nieuws voor Nederland: we werden vorig jaar weer een stukje rijker. Het totale bbp van ons land groeide met 1,8 procent, terwijl de bevolking slechts met 0,8 procent toenam. Dat betekent: het bbp per inwoner steeg met 1,3 procent.

En dan is er nog een andere indicator: consumptie. Hoeveel mensen uitgeven, is ook een spiegel van materiële welvaart. In Nederland was dat vorig jaar gemiddeld 34.000 euro per inwoner — aangepast voor prijsverschillen tussen landen (zodat het eerlijk vergeleken kan worden met bijvoorbeeld Bulgarije). Dat plaatst ons op de tweede plek in de EU — alleen Denemarken ging ons net voor.

Bekijk origineel artikel

Ook in Apeldoorn en Den Haag onrust bij asielprotesten

Gisteravond is het op twee plekken in Nederland flink onrustig geweest tijdens demonstraties tegen de komst van noodopvanglocaties voor asielzoekers: in Apeldoorn én in Den Haag.

Apeldoorn: vuurwerk, arrestaties en dagelijkse protesten

In Apeldoorn kwamen gisteravond rond de 90 mensen opdagen om te protesteren tegen de plannen van de gemeente om 240 asielzoekers op te vangen in een tijdelijke opvanglocatie. Tussen 19.00 en 20.00 was er een speciaal aangewezen demonstratievak — maar niet iedereen bleef daarbinnen. Een groep betogers verliet het vak en stak vuurwerk af. Daarop werden minstens vijf mensen gearresteerd.

Het is al de vijfde dag op rij dat er in Apeldoorn wordt geprotesteerd: zaterdag werden 26 mensen aangehouden, zondag elf en maandag vier. De spanning blijft dus hoog.

Den Haag: tegenstanders en voorstanders naast elkaar

Ook in Den Haag was het gisteravond spannend. Rond 19.00 verzamelden zich tientallen mensen voor een gebouw waar de gemeente honderden asielzoekers wil gaan opvangen. Tegelijkertijd hadden zich ook voorstanders van de opvang op dezelfde plek geplaatst — maar dan wat verderop. Volgens Omroep West zochten sommige tegenstanders de confrontatie, maar de politie hield de groepen uit elkaar. Iets voor 21.00 werden de voorstanders weggeleid.

Interessant (en onrustig): deze demonstraties vonden tegelijk plaats met die in Loosdrecht — waar relschoppers vuurwerk gooiden en brand veroorzaakten bij het voormalige gemeentehuis, dat nu als noodopvang dient voor vijftien asielzoekers.

Bekijk origineel artikel

Dit is hoe minister Faber vastliep bij het noodrecht voor asiel: ‘Graaien naar argumenten’

Je hoort het vaak: er is een asielcrisis. Premier Schoof noemde het zo bij de presentatie van het hoofdlijnenakkoord in juli 2024. En daarom wilde het kabinet snel, écht snel, iets doen — met behulp van het staatsnoodrecht. Geen langdurige wetgevingsprocedure, geen wachten op parlementaire goedkeuring: gewoon een Koninklijk Besluit, en klaar. Het idee? De instroom van asielzoekers flink terugdringen — vooral omdat de opvang in Ter Apel en andere centra volgens het kabinet ‘onhoudbaar’ was geworden.

Maar hier zit de knoop: staatsnoodrecht is geen knop die je zomaar kunt aanzetten. Je moet eerst overtuigen dat er sprake is van buitengewone omstandigheden — zoals bij een natuurramp of oorlog. En dat is precies waar minister Marjolein Faber (PVV) mee vastliep. Al binnen een maand na haar ambtstermijn lag er een advies op haar bureau: technisch gezien kun je het Koninklijk Besluit inderdaad binnen enkele dagen opstellen. Maar de motivering — de reden waarom het noodrecht nodig is — zou een totale nachtmerrie worden.

En ja, ambtenaren waarschuwden haar al in augustus: “Het is twijfelachtig of er nu echt sprake is van buitengewone omstandigheden.” Ze herinnerden haar eraan dat zelfs het vierde kabinet-Rutte al had gekeken naar dit instrument — en toen was het ook al geen optie. Toch bleef Faber doorgaan. Wekelijks beloofde ze: “De dragende motivering is bijna af.” Achter de schermen kregen haar juristen en beleidsmedewerkers steeds vaker kippenvel: elke keer weer concludeerden ze dat de beweringen juridisch niet houdbaar waren.

“Er wordt hier fact free gesproken over bang makende ontwikkelingen”

Faber probeerde de crisis te schilderen met zinnen als: “Asielzoekers veroorzaken willekeurig geweld op straat, berovingen, steekpartijen, lastigvallen van vrouwen…” Maar ambtenaren stopten dat meteen: “Dit is feitelijk niet onderbouwd.” Uiteindelijk werd het ingekort tot: “Misdrijven, incidenten en overlast door asielzoekers moeten stoppen.”

En dan kwamen de vraagtekens écht tevoren:
– Wat maakt de instroom ‘buitengewoon hoog’? De cijfers wezen niet in die richting.
– Is het de instroom zelf het probleem — of de opvangcapaciteit?
– Kun je ‘maatschappelijke onrust’ of ‘afnemend draagvlak’ opnoemen zonder bronnen? “Bronnen?”, stond er gewoon in het advies.
– Tekorten in de zorg toeschrijven aan migranten? “Dat lijkt me al helemaal graaien naar argumenten”, reageerden de ambtenaren scherp.
– En dat Nederlanders ‘vertrouwen verliezen in de overheid’ door de asielcrisis? “Er wordt hier fact free gesproken over bang makende ontwikkelingen.”

Ze benadrukten keer op keer: het noodrecht is geen gereedschap voor structurele uitdagingen — en de druk op onderwijs, huisvesting of veiligheid is juist zo’n langzaam opgebouwd, complex maatschappelijk probleem. Niet het soort ‘plotselinge, buitengewone omstandigheid’ waarvoor het instrument ooit bedoeld was.

De grote uitspraak… en de snelle terugtrekking

Op 15 oktober verkondigde Faber plotseling voor de camera’s: “De dragende motivering is klaar.” Tot grote verrassing — ook van haar eigen partijleider Geert Wilders. Een paar uur later trok ze het terug. Want intussen hadden de kritische adviezen van de ambtenaren ook de coalitie bereikt. Op 20 oktober kwamen PVV en NSC samen op het Catshuis — en uiteindelijk ook VVD en BBB. Het oordeel was duidelijk: het gat tussen het gevoel van crisis en een juridisch waterdicht verhaal was gewoon te groot.

Minister Faber had het noodrecht niet weten te onderbouwen. Niet één keer. En dus gaf het kabinet het op. De ambtenaren hadden gelijk gekregen. Faber zelf zei later alleen nog: “Ik moest alleen nog de puntjes op de i zetten.” Maar uit de stukken blijkt: er waren geen puntjes meer over om te zetten — want de basis was al ingestort.

Oud-minister Faber wil niet meer reageren. Ze zegt er niets meer over en verwijst naar de nieuwe minister van Asiel en Migratie.

Bekijk origineel artikel

Jeugdcircus Don Bosco: een 70-jarig circus op de rand van het bestaan

Jeugdcircus Don Bosco in Oudenbosch zit in een knellende situatie — en dat juist in zijn jubileumjaar. Het circus, dat al zeventig jaar lang kinderen en jongeren een plek biedt om te spelen, te leren en te schitteren, staat voor een onzekere toekomst. Door steeds minder leden én een hardnekkig tekort aan vrijwilligers dreigt het doek eind dit jaar voor goed te vallen.

“Het is echt spannend”, zegt voorzitter Stefan Vermunt. “Ik heb er best slapeloze nachten van gehad.” Recent moest zelfs een voorstelling worden afgelast — simpelweg omdat er te weinig handen waren om alles op de rails te houden. Op dit moment telt het circus nog maar achttien leden. En volgens Vermunt zou je daar minstens dertig tot veertig nodig hebben om financieel gezond te blijven.

Waarom wordt het steeds lastiger?

Eén groot probleem: niemand weet het circus nog. “Onbekend maakt onbemind”, zegt Vermunt met een zucht. Veel kinderen in de regio weten niet eens dat Don Bosco bestaat — en als ze wel moeten kiezen, gaan ze vaak voor voetbal, tennis of andere bekende sporten. Daardoor zijn de afgelopen jaren steeds meer jonge leden weggevallen, en nieuwe aanwerving blijft een uitdaging.

En dan is er nog de druk op de vrijwilligers. Er werken nu nog maar vijf mensen mee — en zij draaien alle touwtjes: trainingen geven, optredens organiseren, materialen onderhouden, papierwerk afhandelen… Hetzelfde werk belandt telkens weer op dezelfde schouders.

“Circus is niet ouderwets — het is gewoon geweldig”

Noa (15) is al sinds haar tiende lid en heeft in die jaren van acrobatiek tot clownerie alles geleerd wat er maar te leren valt. “Ik zou het heel erg vinden als het circus ophoudt”, zegt ze. “Tijdens de oefenavonden lachen we altijd hartstikke veel, en we hebben een superband met elkaar. Sommige mensen denken misschien dat circus saai of verouderd is, maar dat is echt niet zo. Het is creatief, sportief, sociaal én uitdagend. Je leert hier samenwerken, jezelf presenteren én grenzen verleggen. Circus is nog steeds hip and happening.”

In het gebouw achter de basiliek in Oudenbosch trainen kinderen van vier tot achttien jaar — verdeeld over drie avonden per week — in een levendige, kleurrijke piste vol energie en enthousiasme.

Open dag op 14 juni: kom kijken, proberen, meedoen!

In plaats van het traditionele familieoptreden organiseert het circus dit jaar een open dag op 14 juni. Iedereen is van harte welkom: kijken naar korte actes, meedoen aan proeftrainingen, kennismaken met de trainers en gewoon eens zien hoe het er écht aan toegaat.

“We hopen dat mensen écht merken hoe bijzonder dit plekje is”, zegt Vermunt. “En natuurlijk hopen we dat ze zich daarna aanmelden — als lid of als vrijwilliger. Want het zou zó jammer zijn als een plek waar al zeventig jaar lang kinderen groeien, lachen en schitteren, gewoon verdwijnt. Dat mag niet gebeuren.”

Bekijk origineel artikel

Britse pedoseksueel probeert rechtszaak te ontwijken met nep-beroerte — maar het mislukte spectaculair

In Engeland probeerde een pedoseksueel zijn straf te ontwijken door volledig te doen alsof hij zwaar ziek was — totaal onbeweeglijk, niet in staat om te praten, en zelfs afhankelijk van een rolstoel. Maar de truc hield geen stand: gisteren kreeg hij 15 jaar gevangenisstraf voor seksueel misbruik van drie jongens tussen de 4 en 14 jaar oud.

De aangifte kwam van familieleden van de slachtoffers — en toen de verdachte voor het eerst bij de politie verscheen, leek alles op een tragisch medisch geval: hij zat in een rolstoel, werd geduwd door zijn broer, en bleef zwijgen. Zijn broer beweerde dat de man kort daarvoor een beroerte had gehad, amper kon bewegen en dus fysiek niet in staat was geweest om de beschuldigde daden te plegen.

Op dat moment leek het verhaal te werken. Zowel agenten als een rechter namen het op gezichtswaarde — en de verdachte hoefde (nog) niet terecht te staan.

Maar het onderzoek ging wel door. En dan kwamen de beelden: zijn eigen videodeurbel toonde hem staand, met twee glazen in zijn handen. Ook bewakingsbeelden van een uitgaansgelegenheid en zelfs van binnen het politiebureau deden de schijn in elkaar storten. Op die laatste footage was te zien hoe hij zich plotseling ‘verlamd’ gedroeg zodra een agent in beeld kwam — maar direct weer normaal bewoog zodra niemand keek.

Toen hij met de beelden werd geconfronteerd, gaf hij de leugen toe — en bekende hij ook het seksueel misbruik.

Zijn broer, die meevoer in het bedrog en de autoriteiten bewust misleidde, is eveneens veroordeeld: 2 jaar en 9 maanden cel voor obstructie van de rechtsgang.

Buitenland
Deel artikel:

Bekijk origineel artikel