Datacenter dwingt Tennet voor de rechter: ‘Geef ons stroom, of betaal elke dag €500.000’

Je zou denken dat een stroomaansluiting voor een nieuw datacenter een routineklus is — vooral als je al jaren van tevoren met de netbeheerder hebt afgesproken. Maar in dit geval is het helemaal uit de hand gelopen. Tennet, de landelijke netbeheerder die verantwoordelijk is voor het hoogspanningsnet, heeft een aantal datacenters (waaronder het Australische Goodman) plotseling laten weten: “Jullie aansluiting wordt gepauzeerd — pas rond 2035 kunnen we jullie op het net zetten.” En dat terwijl Goodman al flink heeft geïnvesteerd: 15 miljoen euro voor grond vlak bij Schiphol, en nog eens een half miljoen aan voorbereidende werkzaamheden bij Tennet.

Goed, dus Goodman stapte naar de rechter — en eist nu dat Tennet direct doorgaat met de aansluiting van 70 megawatt. Dat is bijna 5% van wat het overbelaste hoogspanningsstation in Vijfhuizen (onder de rook van Schiphol) totaal kan leveren. Als Tennet niet meewerkt, wil Goodman vanaf 1 juni elke dag 500.000 euro dwangsom. Een kostbare kwestie — niet alleen voor Tennet, maar uiteindelijk ook voor ons allemaal: Tennet is eigendom van de staat en wordt mede gefinancierd via de netbeheerderskosten op jouw elektriciteitsrekening.

Waarom is het net zo vol?

De vraag naar stroom in de regio schiet de pan uit — en veel van die vraag komt van datacenters. Tennet had eerder toezeggingen gedaan, maar toen bleek dat er simpelweg te veel aanvragen binnenkwamen, trok de netbeheerder zich terug. En dat heeft gevolgen buiten de IT-sector: twee nieuwe schoolgebouwen in Haarlemmermeer kregen geen stroomaansluiting meer — ze moesten zich met gas behelpen. Ook het nieuwe gemeentehuis en de verduurzaming van huizen staan op wachten. Het is een duidelijk signaal: het stroomnet loopt echt over.

Wat betekent dit voor andere bedrijven?

Energie-expert Remco de Boer zegt het ronduit: “Het loopt Tennet volledig over de schoenen.” Hij twijfelt zelfs of Tennet nog wel realistische prognoses kan maken over beschikbare capaciteit. En dat is onrustig voor investeerders: als je geen zekerheid hebt over stroom, kun je moeilijk bouwen, uitbreiden of verduurzamen. “Zou Tennet in het gelijk worden gesteld, dan heb je als bedrijf vanaf nu geen enkele zekerheid meer. Nul”, aldus De Boer.

Een nieuwe trend in de rechtszaal?

Rechtszaken om een stroomaansluiting waren vroeger zeldzaam — vooral tegen Tennet, want hoogspanning is een ander niveau dan de lokale netbeheerder. Maar de laatste jaren neemt het aantal klachten snel toe. Volgens advocaat Floris Pels Rijcken is het wel uitzonderlijk dat dit zo’n groot project is — en dat het gaat om een aansluiting op het hoogspanningsnet. Jelle Cosijnse van advocatenkantoor Nysingh beaamt dat: “Het aantal rechtszaken tegen netbeheerders neemt merkbaar toe. Dit is geen uitzonderlijke zaak — maar wel een uitzonderlijk groot project.”

Woensdag doet de kortgedingrechter in Arnhem uitspraak. Juristen durven niet te voorspellen wie er zal winnen — veel documenten zijn nog niet openbaar. Wel is duidelijk: Tennet heeft herhaaldelijk toezeggingen gedaan. En hoewel netbeheerders in vergelijkbare zaken vaak juridisch sterk staan (“Doorgaans trekt de netbeheerder in dit soort zaken aan het langste eind”), is deze zaak zwaarder dan de meeste — en de prijs van falen is hoger dan ooit.

Bekijk origineel artikel

🚨 Dure Audi vliegt van de weg en gaat in vlammen op in Waalwijk

Vrijdagavond rond halftwaalf ging het mis op de Professor Asserweg in Waalwijk — en wel flink. Een bestuurder van een gloednieuwe Audi RS6 schatte een bocht gewoon verkeerd in, raakte met de auto de stoeprand en belandde uiteindelijk op een plantsoen. Daar bleef de wagen niet gewoon liggen: door de klap ging de benzinetank open en sloeg de vuurzee al snel over naar de hele auto.

De RS6 was pas één jaar oud, maar had al een nieuwwaarde van 220.000 tot 300.000 euro. Die waarde is nu… ja, laten we zeggen: in rook opgegaan. Volledig uitgebrand, dus.

De politie is aan het onderzoeken wat er precies gebeurde, en een bergingsbedrijf heeft de restanten van de luxe-auto opgehaald.

Bekijk origineel artikel

Onderhandelingen over cao voor rijksambtenaren zijn weer opgestart

Na een tijd van stakingen, demonstraties en veel lawaai in de gangen van het Rijk is er eindelijk beweging gekomen: de onderhandelingen over een nieuwe cao voor alle rijksambtenaren zijn hervat. FNV, CNV, AC Rijksvakbonden en CMHF Overheid hebben besloten in te gaan op de uitnodiging van minister Heerma van Binnenlandse Zaken om weer aan tafel te gaan. Dat betekent dat nieuwe stakingen – voorlopig – van de baan zijn.

De afgelopen maanden legden rijksambtenaren regelmatig het werk neer. Afgelopen dinsdag nog gingen ruim 6000 mensen in staking – met als gevolg dat bijvoorbeeld debatten in de Tweede Kamer moesten worden afgelast. Bij eerdere acties waren er ook langere wachttijden bij instanties als DUO en de Belastingdienst. De onvrede draait vooral om de ‘nullijn’: een bezuinigingsmaatregel die zorgt dat rijksambtenaren dit jaar géén loonverhoging krijgen. Die regel is ingevoerd door het vorige kabinet-Schoof, maar de gevolgen voelen de medewerkers nu volop. Volgens de vakbonden verliest elk van de 160.000 rijksmedewerkers hierdoor koopkracht – en vooral bij uitvoeringsinstanties (zoals de Rijksschoonmaakorganisatie of de ondersteuning van de Tweede Kamer) is de werkdruk al jaren hoog én is er sprake van personeelstekorten.

De bonden hopen nu dat minister Heerma eindelijk met een serieus loonbod komt. “Deze doorbraak is het directe resultaat van maandenlange acties door rijksambtenaren in het hele land”, staat in hun persbericht. “Nu is het zaak om snel tot een fatsoenlijke cao te komen.” En ze laten niet ongemerkt dat ze trots zijn op alle collega’s die meededen – vooral op de mensen van de Rijksschoonmaakorganisatie en de medewerkers die de Tweede Kamer ondersteunen. “Hun acties waren zichtbaar, voelbaar en hebben onmiskenbaar indruk gemaakt op de politiek.”

Bekijk origineel artikel

Grote zorgen in de Tweede Kamer over Spanjes massale legalisering van illegale migranten

Het nieuws dat Spanje een generaal pardon voor honderdduizenden illegale vreemdelingen voorbereidt, heeft flinke golven getrokken in Den Haag. In de Tweede Kamer heerst grote bezorgdheid — en ook boosheid.

“Dat is gewoon ongelooflijk, als je in Europa samen probeert de immigratie onder controle te houden én dan doet Spanje gewoon de deur wagenwijd open”, zegt VVD-Kamerlid Ulysse Ellian. Ook CDA-Kamerlid Jeltje Straatman is geschokt: “Spanje mag natuurlijk zelf beslissen, maar zo’n keuze kan wel degelijk doorwerken naar heel Europa.”

Hoeveel mensen er precies mee te maken zullen hebben, is nog onduidelijk. Het Spaanse kabinet noemde eerst 500.000 als realistisch aantal. Maar wetenschappers denken aan zo’n 900.000. En in interne memo’s van de Spaanse ministeries van Binnenlandse Zaken en Migratie wordt zelfs gesproken over maar liefst 1,2 miljoen personen die mogelijk in aanmerking komen.

Veel Nederlandse politici vrezen dat deze mensen, zodra ze officieel gelegaliseerd zijn in Spanje, met hun verblijfsvergunning verder reizen door Europa — en dus ook naar Nederland. PVV-leider Geert Wilders spreekt scherp: “Als ze daar gelegaliseerd zijn, kunnen ze de rest van Europa in — en dus ook bij ons. En dat is verschrikkelijk.”

JA21-Kamerlid Diederik Boomsma vindt het een ‘hele slechte zaak’ en pleit ervoor dat Nederland Spanje hierop aanspreekt. Al is het wel duidelijk: het pardon is een besluit van de Spaanse regering zelf — en Nederland kan dat niet tegenhouden.

Toch zien VVD en CDA een groot probleem met het Europese migratiepact, dat in juni van kracht wordt. Dat pact is juist gebaseerd op de gedachte dat Europa gezamenlijk strengere regels afsprak — onder meer via grenscontroles en betere samenwerking. “Dat is precies de gedachte achter het pact: wij beperken samen de migratie”, legt Ellian uit.

Straatman richt zich op Brussel: “Ik hoop dat de Europese Commissie de afspraken goed gaat monitoren. Want dit kan echt een bom leggen onder het hele pact.”

Bekijk origineel artikel

Enorme ontploffing in fort bij Giessen kost twee jongens het leven

Het was een zware, donderende klap — zo hard dat de massief houten toegangsdeuren van het fort letterlijk de gracht in werden geslingerd, ruim dertig meter verderop. Dat gebeurde op een noodlottige dag in juni 1945, toen twee jongens — slechts 11 en 15 jaar oud — in het fort bij Giessen op verkenning waren. De explosie reet hen aan stukken. Van de één werd alleen het hoofd teruggevonden, van de ander slechts een voet. Zo vertelde de zus van een van de slachtoffers tijdens een open dag op het fort, vele jaren later in 2010.

Al snel werd duidelijk wie er was omgekomen: Johannes (15), zoon van de fortwachter, en zijn vriend Peter Groenenberg (11). Een paar dagen later verscheen in De Sirene, het lokale krantje, een gezamenlijke rouwadvertentie van de nabestaanden — met de droevige woorden: ‘noodlottig ongeval’.

Wat de twee precies deden in het fort — gebouwd in 1879 als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie — is nooit helemaal duidelijk geworden. Waarschijnlijk waren ze op schattenjacht, denkt de huidige beheerder John Kollen. “Maar het hele dorp moet het hebben gehoord, zo luid was de knal.”

De oorzaak lag in de kruitkelder: daar lagen Duitse mijnen opgeslagen. Die waren kort na de bevrijding door Duitse militairen zelf daarheen gebracht — en daarna ook weer opgedolven, omdat zij wisten waar ze lagen. Toch bleven er blijkbaar nog gevaarlijke restanten achter…

Twee maanden later telde een verslaggever van De Sirene in een artikel alle slachtoffers van onopgeruimde mijnen in de regio op — en de namen van Johannes en Peter stonden erbij. De journalist schreef met zwaar hart:
“De oorzaak ligt niet altijd in de onvoorzichtigheid van de slachtoffers, al is ook daaraan menig verlies van mensenleven te wijten. Als bijvoorbeeld het geval was met de jongens, die zich toegang hadden weten te verschaffen tot de opgeborgen mijnen in het fort te Giessen. Wat deze knapen er eigenlijk uitgevoerd hebben, zal wel nooit iemand kunnen vertellen. Maar feit is dat ze beiden tot herkenbaar wordens toe zijn verminkt en zo een afschuwelijk einde hebben gevonden.”

Tot op de dag van vandaag is het spoor van de explosie nog goed zichtbaar: in het plafond van de kruitkamer gaapt een groot gat, en in het hele fort is slechts één scheur te vinden — precies in diezelfde kamer, veroorzaakt door die ene, verschrikkelijke ontploffing.

Johannes en Peter zijn de enige dodelijke slachtoffers die ooit op het fort zijn gevallen. In bijna 150 jaar bestaan is er namelijk nooit een schot afgevuurd op een vijand. Tijdens de Eerste Wereldoorlog waren er weliswaar zo’n tweehonderd soldaten gelegerd, maar dankzij Nederland’s neutrale houding hoefden ze nooit in actie te komen. In 1926 verloor het fort zijn militaire functie, en tijdens de Duitse aanval in mei 1940 speelde het geen rol in de verdediging. In 1972 ging het over naar Brabants Landschap, en zo’n tien jaar geleden werd het grondig gerenoveerd.

Fort bij Giessen is één van de honderden verdedigingswerken die op 18 en 19 april openstaan tijdens het Nationaal Weekend van het Verdedigingserfgoed — maar op dit fort zijn de activiteiten alleen gepland op zaterdag 18 april.

Bekijk origineel artikel

De energiecrisis wordt pijnlijk, maar geen einde van de wereld

“De grootste bedreiging voor de energiezekerheid ooit.” Zo klinken de waarschuwingen van het Internationaal Energieagentschap (IEA) na de blokkering van de Straat van Hormuz. Klinkt heftig, toch? Maar hoofdeconoom Marieke Blom van de Rabobank ziet het wat rustiger in. Ze kreeg onlangs zelfs een vraag van de CEO van een groot bedrijf: “Wordt dit net zo’n grote crisis als tijdens corona?” Haar antwoord was kort en duidelijk: nee.

Uit alle berekeningen van de economen bij de bank blijkt dat het wel degelijk pijnlijk wordt — maar zeker geen armageddon. Voor dit jaar verwachten ze nog steeds 1 procent economische groei. De echte uitdaging komt pas volgend jaar, maar ook daar zijn de scenario’s niet dramatisch: in het slechtste geval staat de economie stil — geen groei, maar ook geen krimp. Dat is een heel ander verhaal dan de 3,7 procent krimp die we in 2020 meemaakten tijdens de coronacrisis.

Sinds vrijdag is de Straat van Hormuz weer open — voor nu. Of dat zo blijft, is onzeker. Maar paniek is dus echt niet nodig. Wel verwachten de economen dat de voedselprijzen volgend jaar met 7 procent omhoog gaan. Na al die eerdere stijgingen: is dat nog te doen?

Marieke legt uit: “Voor de vorige prijsstijgingen zijn veel mensen gecompenseerd door hogere lonen. De koopkracht is daardoor wel weer op peil — al voelt het soms niet zo.” Toch is 7 procent een flinke klap, vooral voor mensen met een laag inkomen. Zij besteden namelijk een veel groter deel van hun geld aan boodschappen — en die worden duurder door de hoge energieprijzen. Mensen met een hoger inkomen geven juist meer uit aan dingen als vliegtickets — en die kun je makkelijker schrappen dan minder verwarmen of minder rijden.

Daarom heeft het kabinet onder andere een hogere reiskostenvergoeding en een noodfonds voor de allerarmsten op tafel gelegd. Is dat slim? Volgens Marieke wel: “De energiecrisis raakt vooral degenen die veel moeten rijden voor hun werk, of die een hoge energierekening hebben én een laag inkomen. Dit pakket is dus erg gericht op wie het écht nodig heeft — in tegenstelling tot tijdens de coronacrisis, toen ook mensen die het niet nodig hadden werden geholpen.”

Maar let op: het helpt wel bij de pomp en de energierekening — niet bij de boodschappenmand. En die stijgende prijzen zien we pas over een tijdje terug in onze mand. “Dus het is nu nog echt afwachten hoe erg het wordt. Het kabinet kan later via toeslagen of uitkeringen ingrijpen — maar nu is het gewoon nog te vroeg daarvoor.”

Van crisis naar crisis — en hoe we sterker worden

We schuiven van de ene crisis naar de andere, en bij elke keer komt er weer een nieuw steunpakket. Maar hoe bouwen we écht weerbaarheid op? Marieke noemt de grote afhankelijkheden: defensie is het allereerste punt — daar is Europa al mee bezig. Daarna volgen digitalisering, energie en handel. En ook ons financiële systeem hangt in een crisis af van de Amerikaanse centrale bank.

“We willen niet in een situatie komen waarin we enorm onder druk staan door al die afhankelijkheden. Dat is het startpunt. En dat is een totaal ander denkmodel dan ‘hoe worden we zo rijk mogelijk?’”

Dat klinkt als een grote verschuiving — en ja, die kost geld. “Als je schokken wilt dempen, moet je buffers aanleggen. En buffers maken een systeem minder efficiënt — dus je verliest daarmee ook groeipotentieel.”

Is er draagvlak voor? Er is zeker steun voor meer geld naar defensie en duurzaamheid — totdat het geld wordt weggehaald bij de zorg. En dan nog meer langetermijninvesteringen? “Mijn indruk is dat mensen wel bereid zijn om offers te brengen. Veel zeggen zelfs: ‘meer geld naar duurzaamheid’. En iedereen wil veiligheid — voor zichzelf én voor hun kinderen. Maar dan komt de volgende vraag: ten koste waarvan? Want het moet ergens van betaald worden.”

En dan zijn er politieke keuzes: btw-verhoging, beperking van de hypotheekrenteaftrek… of toch bezuinigingen elders. “Het lastige is dat we nu een minderheidskabinet hebben. Die moet eerst een meerderheid vinden om die pijn te verdelen.”

Was een meerderheidskabinet beter geweest? “Ik denk dat je makkelijker gelegenheidscoalities vindt als er geld bij moet — dan als je pijnlijke maatregelen moet doorvoeren.”

Dus ligt hier een grote taak voor de politiek. Maar ook voor bedrijven — en voor jou en mij. “Je moet als bedrijf én als burger nadenken over de buffers die jij zelf opbouwt. De noodpakketten zijn daar een voorbeeld van. Hoe meer mensen een eigen buffer hebben, hoe zachter de klap uitpakt.”

Bekijk hier waarom de wereld zo erg afhankelijk is van één zeestraat: Als eerste op de hoogte van het laatste nieuws

Bekijk origineel artikel