Forse stijging in eergerelateerd geweld in Oost-Brabant — wat zegt het laatste nieuws?
Het aantal meldingen van geweld waarbij eer een rol speelt, is vorig jaar flink omhooggeschoten in Oost-Brabant. In 2024 waren er 58 zaken gemeld bij het Landelijk Expertise Centrum Eergerelateerd Geweld (LEC EGG) van de politie — in 2025 steeg dat tot maar liefst 98. Ook in Zeeland-West-Brabant (één politie-eenheid) ging het om een stijging: van 41 naar 45 meldingen. Let op: omdat West-Brabant en Zeeland samen één eenheid vormen, zijn er geen aparte cijfers alleen voor West-Brabant.
De toename komt deels doordat professionals — denk aan de politie, Veilig Thuis of de Raad voor de Kinderbescherming — het expertisecentrum vaker weten te vinden en sneller signalen doorgeven. En dat past binnen een breder beeld: landelijk gezien werden er vorig jaar 757 zaken met eer als motief geregistreerd — bijna 13 procent meer dan in 2024.
De meeste meldingen kwamen uit Midden-Nederland, Oost-Nederland en Den Haag. Wat de achtergrond van de betrokkenen betreft: 34 procent had een Syrische oorsprong, 15 procent een Turkse, 11 procent een Marokkaanse, 7 procent een Iraakse en 6 procent een Afghaanse. De rest (33 procent) bestaat uit diverse andere etniciteiten, vooral uit Afrika of het Midden-Oosten.
Wat gebeurt er vaak?
Mishandeling en bedreiging zijn de meest voorkomende vormen van eergerelateerd geweld tussen 2022 en 2025. En ‘bedreiging’ betekent niet altijd direct geweld — soms gaat het om een diepe, langdurige angst voor wat er kan gebeuren. Denk aan de spanning rond een zwangerschap die buiten het huwelijk is ontstaan, of een relatie met iemand anders dan afgesproken.
Daarnaast komen ook stalking, dwang en verkrachting voor. In totaal telde het LEC EGG vijf dodelijke slachtoffers door eergerelateerd geweld — vier vrouwen en één minderjarige.
Wilfred Janmaat, hoofd van het LEC EGG, noemt de stijging “zorgwekkend”: “Achter deze cijfers gaat veel leed schuil. Leed dat vaak diep ingrijpt in het leven van slachtoffers.” Maar hij benadrukt ook een positieve kant: “Tegelijkertijd laten ze zien dat politie-eenheden en partners ons steeds beter weten te vinden.”
🏡 Veldhoven wil eigen inwoners voorrang geven op de woningmarkt
Veldhoven zit hard tegen de muur als het gaat om betaalbare woonruimte — en de gemeente wil nu duidelijk maken: eerst voor de mensen die hier al wonen. Denk aan jongeren die net van school komen, gezinnen die willen blijven, of senioren die graag kleiner willen wonen maar nergens terechtkomen. De bedoeling? Dat minstens de helft van de nieuwe sociale huurhuizen én betaalbare koopwoningen in de toekomst echt naar Veldhovense inwoners gaat.
De druk is de laatste jaren flink toegenomen: de gemeente groeide snel, en nu komt er ook nog eens een gigantische uitbreiding van ASML bij — met ruim 20.000 extra banen. Gevolg? Een enorme vraag naar woningen, terwijl het aanbod gewoon niet mee kan houden. “Op één huurappartement reageren wel 1400 tot 1600 mensen”, zegt Maarten Prinsen van Hart voor Veldhoven. En ja — dat betekent dat je vaak pas kans maakt als je al jaren op de wachtlijst staat… en dus pas vanaf je achttiende kunt inschrijven. Voor veel jongeren is dat dus bijna een doodvonnis op de woningmarkt.
En het is niet alleen een probleem voor de jeugd. Ook senioren hebben moeite om te ‘doorstromen’ naar kleinere, betaalbare appartementen — het kleinste seniorenwoningetje is al voor 460.000 euro te koop. Terwijl juist deze groepen — vrijwilligers, mantelzorgers, toekomstige bestuurders — essentieel zijn voor het leven in het dorp. “Als we ze allemaal het dorp uitduwen, dan hebben we straks echt een groot probleem”, waarschuwt Prinsen.
Daarom heeft Hart voor Veldhoven onlangs een motie ingediend (en aangenomen!) om Veldhovense inwoners officieel voorrang te geven bij de toewijzing van woningen. Maar: het is geen simpele oplossing. De coalitiepartijen, zoals D66, zijn sceptisch. Zij wijzen erop dat de Huisvestingswet strikte regels stelt — en dat een gemeentelijke ‘voorkeursregel’ juridisch lastig zou liggen. Bovendien zou het de samenwerking met andere gemeenten in de regio verstoren: als iedereen zijn eigen regels maakt, wordt het totaal aanbod voor Veldhovense inwoners juist kleiner.
Toch gelooft Hart voor Veldhoven — en meerdere oppositiepartijen — dat er moet worden ingegrepen. “Afspraken kunnen opengebroken worden”, zegt Prinsen. “En de wet kent ook ruimte voor gemeentelijke regelgeving — die zouden we dan moeten aanpassen. We weten dat het niet zomaar lukt, maar het is wel een plan met kansen.”
India telt weer iedereen: een gigantische telling om sociale ongelijkheid in kaart te brengen
India begint morgen met zijn eerste volkstelling sinds 2011 — dus na maar liefst 15 jaar. En ja, we hebben het echt over iedereen: met ruim 1,4 miljard inwoners is India sinds 2023 officieel het meest bevolkte land ter wereld, voorbij China. Maar het gaat hier niet alleen om een cijfer op papier. Deze telling duurt een heel jaar, en is veel meer dan een simpele ‘aantelling’. Het is een poging om grip te krijgen op hoe India zich de afgelopen vijftien jaar heeft veranderd — sociaal, economisch, cultureel en politiek.
Waarom zo’n grote haast?
De volkstelling was oorspronkelijk gepland voor 2021, maar werd uitgesteld — officieel vanwege de coronapandemie. De laatste betrouwbare cijfers zijn dus al jaren oud. En dat is een probleem, want India groeit hard, steden exploderen, mensen trekken massaal van het platteland naar de stad, en de economie verandert razendsnel. “India heeft deze telling hard nodig om te begrijpen wat er allemaal speelt”, zegt Ward Berenschot, India-kenner en hoogleraar antropologie aan de Universiteit van Amsterdam. “Het is een gigantische operatie — en ook een politieke kwestie.”
Hoe werkt het eigenlijk?
Eerst kunnen burgers zelf online hun gegevens invullen. Daarna gaan drie miljoen ambtenaren — vaak schooldocenten — een jaar lang van deur tot deur. Ze vragen niet alleen naar leeftijd, geslacht en opleiding, maar ook naar huiskwaliteit, toegang tot water en elektriciteit, en zelfs naar religie en kaste.
Ja, kaste. Voor het eerst in decennia wordt het kastenstelsel weer formeel meegeteld. Dat is geen historisch curiosum: het Hindoeïstische klassensysteem blijft een krachtige realiteit in het dagelijks leven, de arbeidsmarkt én de politiek. Mensen uit hogere kasten hebben vaak meer toegang tot onderwijs en banen, terwijl lagere kasten systematisch achterblijven. Critici noemen het ongelijk en achterhaald — maar juist daarom is het belangrijk om het zichtbaar te maken.
Waarom is dit zo gevoelig?
Omdat cijfers over kaste en religie direct doorwerken in beleid — en in politieke strijd. Bijvoorbeeld: quota’s (reserveringen) voor mensen uit lagere kasten in overheidsbanen en universiteiten zijn afhankelijk van volkstellingcijfers. Die reserveringen worden al jaren heftig besproken: lagere kasten zien ze als essentieel voor gelijke kansen, hogere kasten als oneerlijk. En dan is er nog de moslimbevolking: de vorige tellingen lieten een stijgende groep zien (nu rond de 14%), wat hindoe-nationalistische groepen graag gebruiken om te beweren dat moslims ‘het land gaan overnemen’ — terwijl hindoes met 79% nog steeds duidelijk de meerderheid zijn. Maar er zijn ook signalen dat die groei nu afvlakt. Misschien laat de nieuwe telling juist zien dat die angst overdreven is.
Wat moet het opleveren?
Volgens onderzoekers zoals Ronojoy Sen (Nationale Universiteit Singapore) geeft deze volkstelling “groter politiek belang dan normaal”. Niet alleen omdat kaste en religie meetellen, maar ook omdat de cijfers helpen om beleid te richten — bijvoorbeeld op onderwijs, werkgelegenheid of huisvesting. Yashwant Zagade (Tata Institute of Social Sciences) benadrukt dat de data een kans biedt om ongelijkheid structureel aan te pakken. Maar hij waarschuwt ook: “Cijfers alleen garanderen geen beter beleid. Zonder politieke wil en druk vanuit de samenleving blijft het bij mooie woorden.”
En terwijl India deze enorme telling opstart, blijft de wereldkijk op het land ook evolueren. Vandaag nog had Nederlandse minister Rob Jetten een kennismakingsgesprek met premier Narendra Modi — en sprak over steviger banden, handel en samenwerking. Tegelijkertijd voelen Aziatische landen de gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten, met name via stijgende brandstofprijzen.
Onderzoekers: sterk bewijs voor relatie tussen vapen en longkanker
Wat zegt het onderzoek eigenlijk?
Een team kankeronderzoekers van de universiteiten van New South Wales en Sydney heeft ‘sterke signalen’ gevonden die wijzen op een verband tussen vapen en kanker – vooral in de longen én de mond. Ze ontdekten dat het inhaleren van e-sigaretten schade aanricht aan cellen én aan het DNA in die gebieden. En dat is niet onbelangrijk: volgens onderzoeker Bernard Stewart zijn het precies dezelfde vroege waarschuwingssignalen die ook bij tabaksgerelateerde kanker opduiken.
“Er is geen twijfel mogelijk: cellen en weefsel in de mond én de longen worden afgestraft door het roken van e-sigaretten”, zegt hij tegen The Guardian.
De wetenschappers hebben bestaande studies uit de periode 2017–2025 opnieuw doorgenomen en hun bevindingen gepubliceerd in het gerenommeerde tijdschrift Carcinogenesis.
Waarom was dit onderzoek nodig?
Lang wist niemand echt zeker wat de langetermijneffecten van vapen zijn – en dat komt onder andere doordat e-sigaretten pas rond de vroege jaren 2000 opdoken. Daarnaast is het lastig om duidelijke conclusies te trekken, omdat veel vapers ook (hebben) gerookt. Dat maakt het moeilijk om te bepalen wat nou precies door het vapen wordt veroorzaakt.
Daarom hebben de onderzoekers niet gekeken naar ‘hoeveel vapers krijgen uiteindelijk kanker’, maar naar iets veel eerder in het proces: vertoont vapen dezelfde vroege biologische schade die bekend staat als voorspeller van kanker? En ja – dat doet het.
Stewart concludeert:
“We zien duidelijk dat het roken van e-sigaretten risico’s met zich meebrengt voor longkanker én mondkanker. Hoe groot dat risico precies is, kunnen we nog niet zeggen.”
Wat betekent dit voor beleid én jongeren?
Daphne Raad, arts-onderzoeker bij de Leyden Academy die zich richt op vapen-gebruik onder jongeren, vindt het nieuwe bewijs een belangrijke stap.
“Het is hoog tijd voor extra maatregelen om een nicotinevrije generatie te realiseren. We moeten de toegang tot vapes voor kinderen flink bemoeilijken.”
Toch is ze realistisch over de impact op jongeren zelf:
“Waarschuwen voor langtermijnrisico’s werkt vaak niet. Tijdens gastlessen merk ik dat zelf ook: veel jongeren vinden het juist spannend om te doen wat volwassenen afraden. En groepsdruk speelt een grote rol – dat hoort bij gezond puberaal gedrag.”
En toch: deze studie kan wel degelijk doorslaggevend zijn – maar dan voor beleidsmakers, niet voor tieners.
“We hebben al jarenlang geweten dat vapen verslavend én schadelijk is. Het is nu tijd voor actie, niet voor meer afwachting.”
Esther Croes van het Trimbos-instituut stemt hier volledig mee in:
“We hadden al talloze aanwijzingen dat e-sigaretten DNA-schade veroorzaken en mogelijk kanker kunnen uitlokken. Deze studie bundelt dat bewijs – en dat kan het verschil maken om politiek en overheden eindelijk serieus te laten reageren. Het net sluit zich steeds meer.”
De rol van de industrie – en de urgentie
Raad wijst erop dat de rookindustrie een soort ‘romantisch verhaal’ heeft opgebouwd rondom vapen: minder schadelijk, modern, cool. Op social media wordt dat verhaal met veel flair verteld – met als gevolg dat jongeren gemiddeld al op 12,8 jaar beginnen met vapen. En veel van hen stappen later over op sigaretten.
Calvin Cochran, een Nieuw-Zeelands onderzoeker, roept in The Guardian op tot snelle maatregelen:
“Bij tabak duurde het honderd jaar voordat de link met kanker officieel werd erkend – terwijl de waarschuwingen al decennialang bestonden. Laten we dat bij vapen niet herhalen. Als we deze vroege signalen nu negeren, lopen we het risico op hetzelfde tragische scenario.”
Raad:
“Daar ben ik volledig mee eens. Hoeveel bewijs heb je nog nodig? Vapen liep voor Robin op een haar na dodelijk af.”
Overleden vrouw bij station Nieuw-Vennep slachtoffer van misdrijf
Gisteravond is een vrouw overleden op het parkeerterrein bij station Nieuw-Vennep — en volgens de politie is dat het gevolg van een misdrijf. De regionale omroep NH Nieuws bevestigt dat het slachtoffer een vrouw is, die rond 19.30 uur op de parkeerplaats werd aangetroffen.
De politie is sinds gisteravond actief op locatie en doet onderzoek op het terrein. Ook vanochtend was de forensische opsporing nog druk bezig bij één van de geparkeerde auto’s. Een deel van de parkeerplaats blijft daarom afgesloten terwijl het onderzoek loopt. Bij het station staat ook een matrixbord met een oproep tot getuigen.
Via Burgernet heeft de politie buurtbewoners gevraagd uit te kijken naar een man tussen de 40 en 50 jaar, met een licht getinte huidskleur, zwart haar én een litteken op zijn linkerwang. Bovendien zou hij slecht Engels spreken. Belangrijk: iedereen wordt expliciet gewaarschuwd om deze persoon niet zelf te benaderen, maar direct melding te maken bij de politie. Tot nu toe is de man nog niet gevonden.
Calvé, Cup A Soup en Hellmann’s gaan Amerikaans — maar Nederland blijft toch een rol spelen
Unilever maakt officieel een punt achter een stuk van zijn Nederlandse wortels: merken als Calvé-pindakaas, Cup A Soup en Hellmann’s-mayonaise gaan over naar de Amerikaanse specerijenreus McCormick. Het is geen simpele verkoop — het wordt een echte fusie. Unilever draait zijn hele voedingsdivisie over naar McCormick, en krijgt daarvoor op zijn beurt een aandelenbelang van 9,9 procent in het nieuwe, grotere bedrijf. En ja: het blijft McCormick heten, met het hoofdkantoor in Maryland (VS) — maar er komt ook een internationaal hoofdkantoor in Nederland, zoals Unilever eerder beloofde aan het Nederlandse kabinet bij de verhuizing naar Londen.
Wat betekent dit voor Nederland?
Hoewel de merken ‘Amerikaans’ worden, blijft Nederland niet leeghouden. Er komt een internationaal hoofdkantoor in Rotterdam, en het voedselinnovatiecentrum in Wageningen blijft gewoon actief. Ook minister Herbert van Economische Zaken bevestigt dat het kabinet al met zowel Unilever als McCormick in gesprek is — onder andere over de mogelijkheid van een beursnotering van McCormick in Amsterdam. Dat zou een mooie vervolgactie zijn na de recente notering van The Magnum Ice Cream Company op de Amsterdamse beurs. Of het nu écht gebeurt, is nog onduidelijk — maar de kans is zeker open.
Waarom doet Unilever dit eigenlijk?
Eenvoudig gezegd: Unilever wil zich focussen op wat het het beste doet — denk aan was- en verzorgingsproducten — en minder last hebben van de grillige wereld van voedsel: seizoensschommelingen, prijsvolatiliteit van ingrediënten, en complexe productielogistiek. De druk van aandeelhouders om winst te verhogen en kosten te besparen is al jaren groot — vooral sinds activist Nelson Peltz een zetel kreeg in de raad van commissarissen. En die druk werkt: na de verkoop van margarine aan KKR (nu Flora Food Group) en Unox aan Zwanenberg, is deze stap met McCormick de volgende logische stap.
Een stuk geschiedenis verdwijnt — maar niet helemaal
Deze deal markeert een einde aan een stuk Nederlands industrieverleden. Calvé, ooit onderdeel van de Margarine Unie (1930), was al in 1928 overgenomen — samen met merken als Blue Band en Zeeuws Meisje. Maar die margarines zijn allang verkocht; Unox is weg; en nu dus ook Calvé, Cup A Soup en Hellmann’s. Toch blijft Nederland in beeld: door het internationale hoofdkantoor, het innovatiecentrum, en de mogelijkheid van een tweede Nederlandse beursnotering.
