Fred vecht tegen ALS: een gezin zet wanhoop om in actie

Fred is 61 jaar, een echte familieman met een vriendelijke blik. Hij is een luisterend oor, goedlachs en steekt altijd de handen uit de mouwen. Een fantastische opa en een leidinggevende waar zijn team op kan bouwen. Maar hij is ook ALS-patiënt.

Afgelopen zomer begonnen de eerste klachten. Fred van Tienen uit Reusel kreeg last van zijn achillespees na een beziing bij het verzorgen van de paarden. “Tijdens onze vakantie in Italië fietste hij nog bergen op, maar eenmaal thuis werd lopen steeds lastiger”, vertelt zijn vrouw Miriam. Er volgde een lange reeks medische onderzoeken. Aanvankelijk vonden artsen niets, maar toch bleef er een knagend gevoel. “Eigenlijk moet je het niet doen, maar je duikt dan toch het internet op”, zegt Miriam. “Veel klachten leken op ALS, maar ik stopte die gedachte weg.”

Helaas bleken haar voorgevoelens te kloppen. Het gesprek met de arts kwam aan als een mokerslag: de diagnose ALS, een ongeneeslijke spierziekte. “Hij was heel boos, uit pure onmacht”, blikt Miriam terug. “‘Nou ga ik echt dood’, zei hij.”

Een ondernemersdroom: van schuur naar snoepfabriek

Al meer dan veertig jaar zijn Fred en Miriam een team, in het leven én in het werk. Hun ondernemersdroom kreeg achtentwintig jaar geleden een naam: Promosweets. Freds opa runde ooit een snoepbedrijf dat later werd verkocht. Fred kwam zelf ook bij die snoepgigant terecht, maar achter een bureau in pak paste hij niet. Het begon al snel te knellen. Te veel vergaderen, te weinig doen.

“Waarom beginnen we niet voor onszelf?”, vroeg hij op een dag. Miriam glimlacht: “En dat hebben we gedaan.” Ze begonnen bescheiden in een schuur, maar inmiddels runnen ze een mooi bedrijf in Bladel dat snoep voor promoties maakt, zoals pepermuntjes en kauwgom. Het team van acht voelt als familie. “Fred is geen baas, maar een van ons. Als een machine hapert, duikt hij er meteen bij”, zegt collega Ingrid.

Het leven nu: werken met een scootmobiel en een stip aan de horizon

Fred werkt nog steeds, maar rijdt inmiddels met een scootmobiel door de fabriek. Lopen kan niet meer en ook zijn handen werken steeds minder mee. Uitstapjes, zoals een dagje naar Maastricht, zitten er niet meer in.

Dochter Claudia, die verpleegkundige is, ziet de harde realiteit: “Ik ken iemand die aan de beademing ligt. Dan denk ik: gaat het met papa ook zover komen?” Omgaan met de ziekte betekent bezig blijven en vooruitkijken. “We hebben onze radeloosheid omgezet in positiviteit”, legt Miriam uit. “Voor de komende zomer hebben we gewoon een vakantie gepland. Dat helpt, een stip op de horizon.”

De ALS Sunrise Walk: een sprankje licht in de duisternis

Het gezin heeft nog een belangrijk doel: ze doen op 14 maart mee aan de ALS Sunrise Walk in Utrecht. Een nachtelijke wandeling naar de zonsopgang om geld in te zamelen. “Niet alleen wij, maar ook vrienden, collega’s en buren lopen mee”, zegt Miriam. “Fred doet zelf ook mee in zijn scootmobiel.”

“We weten dat het voor Fred te laat is”, zegt Miriam zachtjes. “Maar we hopen met deze loop zoveel mogelijk geld bij elkaar te brengen. Er moet iets zijn om deze uitzichtloze ziekte te stoppen.” Het gezin houdt zich dapper, al zijn de tranen nooit ver weg. “Dat mag ook. We zien dat het steeds zwaarder wordt, dat we dingen verliezen. Eigenlijk zijn we al een beetje in de rouw.”

Bekijk origineel artikel

Waarom lokale partijen grijpen naar ‘cringe’ campagnefilmpjes

Je verwacht het misschien niet direct bij het CDA, maar de begroeting “Fawaka Utrecht!” klinkt uit de mond van de 81-jarige Joop Mulderij in een campagnefilmpje. Vanaf zijn scootmobiel wijst hij de kijker op de problemen in de stad. En wat dacht je van Stephan Leewis, kandidaat voor GroenLinks-PvdA in Rotterdam, die zich in een video laat bekogelen met lege dozen? De reden blijft een raadsel.

Waarom kiezen lokale partijen zo massaal voor dit soort knullig ogende campagnes? Volgens gedragswetenschapper Bert Bakker bestaat politiek zonder emoties simpelweg niet. “Gemeenteraadsverkiezingen zijn het lastigst om aandacht voor te krijgen”, legt hij uit. “Kiezers zijn met grote wereldproblemen bezig en het nieuws gaat vooral over landelijke en internationale thema’s. Partijen moeten daarom alles op alles zetten om überhaupt contact te maken met inwoners.”

Alles proberen voor aandacht

Bakker stelt dat partijen daarom ‘van alles’ proberen. Soms pakt dat goed uit, soms minder. “Aandacht genereren is noodzakelijk. Het werkt als een bijna lege emmer waar in de weken voor de verkiezingen druppel voor druppel iets in moet. Eén opvallende actie zorgt niet voor een massale stemmenwinst, maar het moet wel het beginpunt zijn waarop kiezers een partij beter leren kennen.”

Op sociale media delen lokale partijen dan ook volop filmpjes. Wie nu nog aan een campagne-strategie moet beginnen, is eigenlijk al te laat, zegt Bakker. “De laatste twee weken draaien vooral om zichtbaarheid: laten zien waar je voor staat en dat je er bent.”

Het onderscheid is lastig

Dat is moeilijk, want in veel gemeenten verschillen partijen inhoudelijk nauwelijks van elkaar. “Wat speelt er in de wijk? Wie vertegenwoordigt de inwoners? Die vragen zijn voor kiezers vaak niet duidelijk te beantwoorden, juist omdat de kandidaten zelf relatief onbekend zijn”, aldus Bakker. In tegenstelling tot landelijke verkiezingen zijn er geen bekende kopstukken die dagelijks in talkshows te zien zijn. Extra zichtbaarheid – op straat of online – is daarom cruciaal.

De dunne lijn van humor

Humor kan daarbij absoluut helpen, beaamt communicatiewetenschapper Mark Boukes. “Humor kan sympathie opwekken en campagnes toegankelijker maken. Maar de grens is dun: het moet niet zó ongemakkelijk worden dat het afleidt van de inhoud. Of, in jongerentaal: het moet niet ‘cringe’ worden.”

Volgens Boukes hebben veel van dit soort campagnes weinig effect omdat ze losstaan van een herkenbare boodschap. Humor kan werken, maar alleen als die humor terugslaat op de kernboodschap van de partij. Hij noemt als voorbeeld de lokale PvdA-GroenLinks in het Brabantse Eersel, die condooms uitdeelde met de tekst ‘Maak je hard voor Eersel’ om jongeren aan te spreken. “Het is niet duidelijk wat de inhoudelijke boodschap is”, vindt Boukes, die het zelf geen geslaagde actie noemt.

Bekijk origineel artikel

Politieauto en personenauto botsen in Zaltbommel: drie gewonden

Bij een flinke aanrijding in Zaltbommel zijn drie mensen gewond geraakt. Het ging om een botsing tussen een politieauto en een personenauto. De politiewagen was onderweg naar een melding.

Twee agenten en de bestuurder van de personenauto moesten allemaal naar het ziekenhuis worden gebracht. Over hoe het nu met hen gaat, is nog niets bekend.

Hoe het ongeluk gebeurde

De klap viel rond 2.45 uur ’s nachts op de kruising van de Steenweg en de Van Heemstraweg-West (N322). De politieauto reed over de Steenweg, maar op de kruising ging het mis. De bestuurder van de politieauto kwam zelfs klem te zitten in zijn wagen. De brandweer moest eraan te pas komen om hem te bevrijden, waarna hij met spoed werd afgevoerd. De bestuurder van de andere auto werd door de klap uit zijn auto geslingerd en belandde op de weg.

Kruising afgesloten

De kruising is na het ongeluk volledig afgesloten voor onderzoek. Verkeersregelaars staan klaar om het verkeer om te leiden.

Bekijk origineel artikel

Eindhovense gemeenteraad staat voor cruciale ASML-keuze

Drukt de Eindhovense gemeenteraad dinsdagavond op de groeiknop of trapt het op de rem? Het is de allerlaatste kans voor de raad om te stemmen over de uitbreidingsplannen van chipmachinefabrikant ASML. Een ‘ja’ wordt door veel raadsleden gezien als het indrukken van de groeiknop voor de hele regio.

De stemming gaat over het wijzigen van het bestemmingsplan. ASML, dat al in Veldhoven zit, wil uitbreiden op de Brainport Industries Campus (BIC), vlakbij Eindhoven Airport. Het plan omvat nieuwe cleanrooms en kantoren. Als het doorgaat, komen er 20.000 extra ASML-medewerkers bij in Eindhoven, wat een verdubbeling betekent. Ook verwacht men tienduizenden extra banen bij toeleveranciers.

Tijdens de discussie kwamen verschillende standpunten en twijfels naar voren. Zo werden ook de recent aangekondigde ontslagen bij ASML genoemd. “Het is niet alleen maar een succesverhaal,” merkte Jonas Roothans van de Partij voor de Dieren op. “Opeens maken we ons zorgen, dus ik vind het een fijne wake-up call.”

Veel partijen zijn nog niet helemaal uitgesproken, maar er zijn wel zorgen. Virginia Jonkers (ook Partij voor de Dieren) stelde de kernvraag: “Wat voor soort gemeente willen we zijn? Een die de leefomgeving beschermt, of een die buigt voor de belangen van één bedrijf?” Zij stemde eerder tegen en is verbaasd over de snelheid van dit proces. “Als het niet over ASML ging, was het onmogelijk geweest om zo’n ingrijpend besluit zo snel door te drukken.”

Jacco Rubenkamp van Volt vindt het een moeilijk dossier. “Haastige spoed is zelden goed. Maar als we nu op de rem trappen, vrees ik voor de economische toekomst van Europa. Dit is nodig voor onze tech-onafhankelijkheid.”

De balans in de stad is een grote zorg voor veel partijen. Rutger Rauws van GroenLinks vraagt zich af: “We drukken een groeiknop in. Wat als het aantal woningen en voorzieningen achterblijft, of Den Haag niet genoeg meebetaalt? Wat zijn dan de mogelijkheden om bij te sturen?” Zijn partij wil daarom een jaarlijkse evaluatie om grip te houden op de groei.

Ceciel van Bergeijk van de VVD is voor uitbreiding, maar heeft bedenkingen bij het tempo. “Er zijn nog te veel losse eindjes. Onderzoeken naar stikstof, trillingen en mist lopen nog. Waarom niet eerst die resultaten afwachten? Ik denk dat we er goed aan zouden doen om er niet volgende week al een definitief besluit over te nemen.”

Wethouder Stijn Steenbakkers probeerde de zorgen weg te nemen. Hij benadrukte dat de raad op de hoogte wordt gehouden en dat er vanuit Den Haag nog miljoenen onderweg zijn voor onderwijs en andere voorzieningen. De wethouder voegde er wel een waarschuwing aan toe: “Er is vanuit het bedrijf en de industrie echt een enorme noodzaak om nu een besluit te nemen.”

Als de raad dinsdagavond niet instemt, loopt het project vertraging op. Er is zelfs een kans dat de plannen dan niet op de Eindhovense campus doorgaan.

Bekijk origineel artikel

Helft meer meldingen bij Huis voor Klokkenluiders over misstanden bij werkgever

Steeds meer mensen weten de weg te vinden naar het Huis voor Klokkenluiders met hun vragen over het melden van misstanden bij hun baas. Het afgelopen jaar kwamen er ongeveer zevenhonderd mensen met zo’n vraag. Dat is bijna de helft meer dan in 2024.

Volgens Cornelis van der Werf, de voorzitter van het Huis voor Klokkenluiders, komt die stijging vooral doordat de organisatie bekender wordt. “Ook omdat steeds meer mensen de moed hebben om zich uit te spreken over dingen die niet in de haak zijn op hun werk,” zegt hij. Het aantal meldingen loopt al een paar jaar op.

Negatieve gevolgen voor melders

Als iemand eenmaal een melding heeft gedaan, krijgt bijna iedereen (90 procent) te maken met een vorm van benadeling door de eigen werkgever. Dat kan van alles zijn: van het verbieden om nog met collega’s te praten, tot overplaatsing of zelfs ontslag.

Van der Werf benadrukt dat het vaak juist heel betrokken werknemers zijn die melding doen. “Ze maken zich ergens zorgen over. Ze hebben iets gezien of meegemaakt waarvan ze denken: dit klopt niet. Soms hebben ze het intern al eerder aangekaart.”

Rol en mogelijkheden van het Huis

Het Huis voor Klokkenluiders is door de overheid in het leven geroepen om misstanden op de werkvloer aan te pakken. Op dit moment kan de organisatie vooral adviseren en onderzoek doen. Ze kunnen bedrijven (nog) niet officieel terechtwijzen of een boete geven.

“Daar wordt wel aan gewerkt,” zegt Van der Werf. “Nu gaan we vooral eerst met beide partijen om tafel om tot een oplossing te komen. Dat is vaak beter dan meteen hard tegen hard.” Als een gesprek niet tot een oplossing leidt, kan het Huis werknemers wijzen op hun rechten en praktisch advies geven.

“Denk bijvoorbeeld aan advies over het op orde brengen van je dossier of het zoeken van een vertrouwenspersoon. We kunnen ook juridische bijstand geven,” legt Van der Werf uit.

Verplichtingen voor werkgevers

Voor bedrijven gelden duidelijke regels. Het is wettelijk verboden om een werknemer te benadelen omdat hij of zij een melding heeft gedaan. Daarnaast zijn bedrijven verplicht om een goede interne meldprocedure te hebben waar werknemers gebruik van kunnen maken.

Bekijk origineel artikel

De EU wil dat we minder sparen en meer beleggen: slim plan of vergezocht idee?

Nederlandse huishoudens hadden in januari 2026 een gigantisch bedrag van ruim 535 miljard euro op de spaarrekening staan, volgens De Nederlandsche Bank. In heel Europa ligt er naar schatting zelfs zo’n 100.000 miljard aan spaargeld stil. De Europese Commissie kijkt daar met een schuin oog naar: zij wil dat al dat geld beter gaat werken voor de economie.

Onder de noemer van een ‘spaar- en investeringsunie’ (SUI) probeert de EU burgers aan te zetten tot meer beleggen. Het doel? Meer investeringen en innovatie, zodat Europa beter kan concurreren op het wereldtoneel. Er zijn enorme bedragen nodig voor grote uitdagingen zoals klimaatverandering. Uit een rapport van ex-ECB-topman Mario Draghi bleek dat er jaarlijks zo’n 800 miljard euro extra geïnvesteerd moet worden. De EU hoopt dat een deel daarvan van onze spaarcenten kan komen.

Waarom zouden we überhaupt meer moeten beleggen?

De EU heeft twee redenen. Ten eerste zou het goed zijn voor de economie: als burgers meer direct in bedrijven beleggen, kunnen met name start-ups en innovatieve projecten sneller groeien. Zij hebben vaak moeite om bij een bank aan geld te komen. Ten tweede, zo benadrukt Brussel, is het ook in ons eigen belang. Beleggen levert over het algemeen meer rendement op dan sparen.

Maar willen we dat wel? Experts zijn sceptisch

Veel experts vragen zich af of burgers hier wel op zitten te wachten. “Europeanen vinden het belangrijk dat hun spaargeld veilig is,” zegt hoogleraar Mark Sanders van de Universiteit Maastricht. Bovendien, voegt emeritus hoogleraar Sweder van Wijnbergen (UvA) toe, is spaargeld niet nutteloos. “Het geld dat op spaarrekeningen staat, wordt deels ook gebruikt om aan bedrijven uit te lenen.”

Om mensen over de streep te trekken, is meer nodig dan alleen een oproep, denken de deskundigen. Overheden moeten een duwtje in de rug geven, bijvoorbeeld via fiscaal aantrekkelijke regelingen. Ook moet beleggen veel toegankelijker en begrijpelijker worden voor de gewone burger, zegt Joost Schmets van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB). Denk aan lagere kosten en het wegnemen van taalbarrières.

Een lange weg te gaan

Voordat de spaar- en investeringsunie echt gaat werken, moet er nog veel gebeuren. Er zijn bijvoorbeeld grote verschillen in wetgeving tussen EU-landen. Van Wijnbergen ziet wel potentie, maar alleen als er één Europese toezichthouder komt en regels worden gelijkgetrokken. De druk om vooruitgang te boeken is hoog: de voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, heeft een deadline gesteld. Als er voor 27 juni niet genoeg is bereikt, moet een kleinere groep landen het maar gaan doen.

Kortom, de EU heeft grote plannen met ons spaargeld, maar het is nog maar de vraag of de Nederlandse spaarder daar klaar voor is.

Bekijk origineel artikel