Ronald Koeman krijgt eigen tegel op PSV Walk of Fame

Oud-PSV’er en huidig bondscoach Ronald Koeman krijgt zaterdag een plek op de Walk of Fame van PSV. Hij wordt daarmee de 24ste clubicoon die wordt opgenomen in de eregalerij van de Eindhovense landskampioen.

Koeman maakte in 1986 de, pikante, overstap van Ajax naar PSV. In Eindhoven groeide hij uit tot een van de steunpilaren van het legendarische seizoen 1987/1988. Toen won PSV de Europa Cup I, werd het landskampioen en pakte het ook de KNVB-beker. Na zijn vertrek naar Barcelona in 1989 keerde Koeman in 2006 terug als trainer en veroverde hij meteen de landstitel in 2007. Nu wordt de voormalige verdediger geëerd voor al zijn successen en zijn grote bijdragen aan de club.

PSV twee keer op de kaart gezet

Algemeen directeur Marcel Brands van PSV licht toe: “Ronald Koeman heeft PSV niet één keer, maar twee keer op de kaart gezet. Als speler was hij bepalend in ons meest succesvolle Europese seizoen ooit. Als trainer bewees hij opnieuw wat hij waard is. Dat verdient een permanente plek in het Philips Stadion.” Zaterdag, voorafgaand aan het thuisduel met AZ, zal Koeman de tegel zelf onthullen in het stadion.

De volledige eregalerij

Met de vereeuwiging van Koeman komt het aantal PSV’ers op de Walk of Fame op 24. Dit zijn de andere clubiconen met een tegel in de eregalerij:
Kees Rijvers, Guus Hiddink, Phillip Cocu, Mark van Bommel, Ruud van Nistelrooij, Jan van Beveren, Hans van Breukelen, Heurelho Gomes, Willy van der Kuijlen, Berry van Aerle, René van de Kerkhof, Willy van de Kerkhof, Eric Gerets, Ronaldo, Romário, Luc Nilis, Arjen Robben, Mateja Kezman, Adrie van Kraaij, Ruud Gullit, Luuk de Jong, Jan Heintze en Alex.

Bekijk origineel artikel

Groenewegen over valpartijen: “Peloton rijdt als een achtbaan”

De afgelopen dagen, tijdens de start van het Vlaamse wielerseizoen, waren er weer opvallend veel valpartijen en de gevolgen lijken steeds heftiger. Dylan Groenewegen (32) heeft wel een idee waarom. Volgens hem gaat het peloton gewoon veel harder dan vroeger.

“Het materiaal wordt steeds beter en sneller, en daardoor gaat het hele peloton ook in een hogere versnelling”, zegt hij in de NOS Wielerpodcast. “Tegenwoordig rijden we gemiddeld zo’n 45, 46 kilometer per uur. Iedereen wil daardoor zo dicht mogelijk op elkaar zitten. Het niveau is overal top, dus het gaat om de kleinste details en je vecht voor elke plek. Helaas leidt dat tot vallen.”

Snelheid kost reactietijd

Ook oud-renner Tom Dumoulin, die zaterdag meekeek in de volgwagen, herkent het beeld. Hij ziet niet direct onveilige situaties op het parcours, maar bevestigt wel de hogere snelheid. “Wat Dylan zegt klopt: ze rijden gemiddeld 3 à 4 kilometer per uur harder. Dat scheelt enorm in reactietijd. Die is gewoon korter. Daardoor gebeuren er valpartijen die je tien jaar geleden minder vaak zag.”

De afgelopen dagen liep het mis met onder meer een gebroken heup bij Stefan Küng, een gebroken sleutelbeen bij Tim Wellens en twee verloren voortanden bij Rick Pluimers. In de Omloop Het Nieuwsblad was het een ware stortvloed aan valpartijen.

“Soms zie je niet waar je heen gaat”

Groenewegen, die inmiddels zijn twaalfde profjaar ingaat, spreekt uit ervaring. Hij kreeg in 2020 een schorsing van negen maanden na een gevaarlijke manoeuvre in Polen waarbij Fabio Jakobsen zwaar ten val kwam. Over de koers Le Samyn, die hij deze week reed, zegt hij: “Het was een lange, nerveuze wedstrijd. We schoten van links naar rechts. Soms volg je alleen maar je voorganger, omdat je niet eens ziet waar je heen gaat. Het voelde af en toe alsof je in een achtbaan zat.”

De schuld? Iedereen wil voorin

Waar vaak naar organisatoren en de wielerbond UCI wordt gewezen voor meer veiligheid, legt Groenewegen ook de bal bij de renners zelf. “Tegenwoordig gebruikt elke ploeg apps zoals Veloviewer, waar elk detail van het parcours in staat. Iedereen krijgt in zijn oortje te horen: dáár moet je voorin zitten. Als 180 man daar naar streven, sprint je naar elke bocht. Uiteindelijk geef je elkaar gewoon te weinig ruimte.”

Er wordt wel nagedacht over manieren om de gevolgen te beperken, zoals speciale airbags die de klap van een val kunnen opvangen. Die zijn nu nog niet toegestaan, maar de UCI kijkt of dat in de toekomst mogelijk wordt.

Bekijk origineel artikel

Homerunkoning Hendrik: ‘Politiek en sport? Laat dat maar uit elkaar’

“Politiek en sport door elkaar halen is nooit slim, ook al zie je het wel eens gebeuren,” zegt Hendrik Clementina. Voor hem is dit WK Honkbal extra bijzonder. Hij speelt tegen het land van zijn moeder, Venezuela, terwijl zijn roots in Curaçao liggen. En alsof dat nog niet genoeg is, heeft hij zelf ook in dat buurland gespeeld.

De Venezolaanse honkballers zijn gewaarschuwd. Als ‘Homerun Hendrik’ – een bijnaam die hij nog steeds draagt van zijn fans bij Caciques de Caracas – aan slag komt in het volle stadion, kan het zomaar raak zijn. Bij die club sloeg hij twee jaar geleden een record van 21 homeruns in een seizoen. “Ik ben daar nog steeds populair en heb er veel supporters,” zegt de catcher, die nu in Mexico speelt.

Clementina maakt zijn debuut voor het Nederlands team op dit WK, onder leiding van bondscoach Andruw Jones. Zijn slagkracht is extra belangrijk nu een andere ster niet mee kan doen. Ook al heeft het Nederlandse team topspelers, ze worden niet gezien als favoriet in een poule met zware tegenstanders als Venezuela en de Dominicaanse Republiek.

“Ik hoor iedereen over Venezuela en de Dominicaanse Republiek,” zegt Clementina. “Maar laten we Israël en Nicaragua niet vergeten. Elke ploeg in deze poule heeft een kans. Wij moeten gewoon ons eigen spel spelen, goed verdedigen en aanvallen, zodat we wedstrijden winnen en doorstromen.”

Bekijk origineel artikel

4 vragen en antwoorden over de zorgen om zenuwschade bij Aston Martin

Aston Martin weet nu al dat de finish in Australië buiten bereik ligt. Teamchef Adrian Newey maakt zich grote zorgen: door hevige trillingen vanuit de Honda-motor lopen hun coureurs Fernando Alonso en Lance Stroll mogelijk blijvende zenuwschade op, tenzij het aantal ronden wordt beperkt. Dit zijn vier vragen en antwoorden over die penibele situatie.

Waarom trilt een Formule 1-auto zo erg?

Elke auto heeft een verbrandingsmotor, en die trilt nu eenmaal. Maar hoeveel trillingen de coureur voelt, hangt af van hoe die motor in het onderstel is gebouwd. “Als je te weinig materiaal gebruikt, of het onderstel is te licht of te stijf, dan kunnen die trillingen via de stoel of het stuur rechtstreeks bij de rijder terechtkomen,” legt oud-Ferrari-ingenieur Ernest Knoors uit. Volgens hem heeft de rijder hier niet alleen veel last van, maar kan de motor er zelf ook onder lijden.

Wat doen die trillingen met een coureur?

“De auto is eigenlijk een badkuip waar de rijder in vastgesnoerd zit met gordels. Je wilt niet kunnen bewegen, maar daardoor krijg je alle trillingen wel vol op je lichaam,” zegt Knoors. Het gevolg? “Je gaat minder goed zien omdat je ogen trillen. Je handen shaken aan het stuur. En een coureur moet zich juist kunnen focussen op alles om zich heen.” Fernando Alonso gaf al aan niet meer dan 25 ronden achter elkaar te kunnen rijden vanwege het risico op blijvende schade. Lance Stroll voelde de grens al na 15 ronden.

Kunnen zulke trillingen echt tot blijvende schade leiden?

Revalidatiearts Eline Nelissen trekt een vergelijking met stratenmakers die met trilboren werken. “Mensen die constant met trillingen werken, komen vaker met klachten. Ze krijgen pijn in vingers en onderarmen. Na jarenlang herhaaldelijk gebruik kun je krachtverlies krijgen of dingen sneller uit je handen laten vallen.” Of dit precies zo is voor coureurs, durft ze niet met zekerheid te zeggen. “Maar met mijn boerenverstand: jaar in jaar uit racen in trillende auto’s heeft effect. Als het bij één race al zo heftig is, snap ik de bezorgdheid van het team wel. Voor zover ik weet, is dit specifiek nog niet medisch onderzocht.”

Kan het team dit snel oplossen?

“Nee, zeker niet met de huidige regels,” stelt Knoors. “Je kunt niet onbeperkt geld uitgeven en er zijn limieten aan testen. Je mag niet zomaar op het circuit testen of de windtunnel onbeperkt gebruiken.” Met die beperkingen moet Aston Martin het probleem zien op te lossen, terwijl concurrenten gewoon door kunnen met het verbeteren van hun auto. “Voor Aston Martin is dit een nachtmerrie aan het begin van het seizoen.” Hij noemt het een enorme uitdaging. “Vroeger, rond 2000, testte je rond kerst al uitgebreid met de nieuwe auto, zodat dit soort problemen vóór de eerste race waren opgelost. Nu heb je effectief maar zes testdagen en een shakedown. Daardoor maak je zo weinig kilometers op het circuit dat je dit tegenkomt.”

Bekijk origineel artikel

Afsluitend schaatsspektakel in Thialf

Een druk olympisch schaatsjaar wordt vanaf vandaag afgesloten met de WK sprint (donderdag en vrijdag) en de WK allround (zaterdag en zondag). Thialf stroomt voor de laatste keer dit seizoen vol. Olympische kampioenen zoals Femke Kok, Jenning de Boo, Jordan Stolz en Sander Eitrem maken zich op voor de laatste grote prijzen. Alleen Jutta Leerdam schittert door afwezigheid; zij besloot na de Spelen haar seizoen al te beëindigen.

Vrouwen sprint: Kok gaat voor ontbrekende titel

Femke Kok is er wel bij en is de grote favoriete voor de sprintwereldtitel, die ze nog niet eerder won. In zowel 2022 als 2024 eindigde ze als tweede op het WK sprint. Haar grootste concurrentie komt uit eigen land van Suzanne Schulting, die vorige week de Nederlandse titel pakte met sterke races en twee persoonlijke records. Marrit Fledderus is de derde Nederlandse. Van de buitenlandse deelneemsters zijn de Amerikaanse Erin Jackson en de Poolse Kaja Ziomek-Nogal de grootste kanshebbers.

Mannen sprint: Botman, De Boo en Wennemars versus Stolz

Bij de mannen staan de nieuwe Nederlandse kampioen Janno Botman, Jenning de Boo en Joep Wennemars aan de start. In een vol Thialf nemen ze het op tegen de Amerikaan Jordan Stolz. De olympisch kampioen op de 500 en 1.000 meter heeft de komende dagen een unieke missie: hij rijdt zowel het WK sprint als het WK allround. De sprinttitel ontbreekt nog op zijn indrukwekkende palmares.

Jordan Stolz jaagt op historische dubbel

Stolz verdedigt zijn wereldtitel op de grote vierkamp (allround). Als hij erin slaagt om ook de sprinttitel te pakken, volgt hij zijn landgenoten Eric Heiden en Shani Davis op, die ook beide meerkampen wonnen. Heiden deed dat zelfs drie keer in hetzelfde seizoen, maar toen werden de toernooien niet in vier dagen afgewerkt. Deze prestatie zou dus uniek zijn.

Vrouwen allround: Sterke bezetting met titelverdedigster Beune

Het allroundtoernooi bij de vrouwen is top bezet. Het hele podium van het vorige WK is er weer bij: titelverdedigster Joy Beune, Marijke Groenewoud en Antoinette Rijpma-de Jong. Ook de Italiaanse tweevoudig olympisch kampioene Francesca Lollobrigida doet mee. De Canadese Valerie Maltais is een outsider, als ze haar sterke olympische vorm (goud ploegenachtervolging, brons op 1.500m en 3.000m) vast kan houden. Op zondag neemt de Tsjechische Martina Sáblíková waarschijnlijk afscheid van een vol Thialf. De 38-jarige vijfvoudig wereldkampioene allround behoort niet tot de topfavorieten.

Mannen allround: Eitrem wil Noorse droogte beëindigen

Sander Eitrem schreef vorige maand geschiedenis door Noorwegen de eerste olympische 5.000 meter titel deze eeuw te geven. De laatste Noorse wereldtitel allround dateert echter al van 1994, toen Johan Olav Koss won. Sindsdien kwamen Noren wel op het podium, maar wonnen ze niet. Eitrem weet hoe het is om in Thialf een allroundtoernooi te winnen: vorig seizoen pakte hij er de Europese titel. De vraag is hoe zijn vorm is na ziekte tijdens de Spelen.

Bekijk origineel artikel

Na een pittig jaar staat Kay klaar om los te gaan in de MX2

Een mooier leven bestaat voor hem niet: Kay Karssemakers (21) uit Boxtel leeft volledig voor de motorcross. Het nieuwe seizoen gaat komend weekend van start met een Grand Prix in het spectaculaire Patagonië, Argentinië. Na een jaar met de nodige hobbels hoopt hij nu vooral op rust en regelmaat. “Soms was het best zwaar”, geeft hij toe.

Afgelopen zondag liet hij bij de Dutch MX Season Opener in Lierop zien dat hij er klaar voor is, met een sterke derde en zesde plaats. Hij voelt zich fitter dan ooit, wat wel eens anders is geweest. De afgelopen jaren was het een aaneenschakeling van blessures, van een gebroken sleutelbeen tot een polsbreuk. “Blessures horen er helaas bij”, zegt Kay. “Gelukkig heb ik deze winter ongedeerd kunnen trainen.”

Maar het vorige seizoen in de MX2 (het kampioenschap onder de MXGP) was niet alleen lichamelijk zwaar. Vlak voor de eerste Grand Prix moest hij de samenwerking met zijn team stopzetten omdat de zaken niet goed geregeld waren. Plots stond hij er alleen voor. “Dat was echt niet makkelijk”, vertelt hij. “Je moet dan zelf een monteur regelen en allerlei klussen doen, zoals de motor schoonmaken of spullen ophalen.” Gelukkig schoot een privésponsor hem tijdelijk te hulp, waarna hij werd opgepikt door het Kawasaki Dixon Racing Team. Daar rijdt hij dit jaar gelukkig weer. “Nu kan ik me tenminste volledig op het racen concentreren.”

Voor Kay is crossen meer dan een sport; het is een passie die hij al van jongs af aan heeft. Van die hobby heeft hij zijn werk gemaakt, waarvoor hij de wereld over reist. “Ik geniet hier ontzettend van. Dat ik naar Argentinië mag, maar ook voor eigen publiek kan rijden in Arnhem of Lommel, dat is geweldig.” Zijn palmares is indrukwekkend: in zijn jeugd won hij verschillende nationale en internationale titels, waaronder het wereldkampioenschap in de 65cc in 2015.

De droom om weer helemaal bovenin te eindigen, is er zeker. Toch blijft hij met beide benen op de grond. “Vroeger hoorde ik bij de besten en ik geloof dat dat er nog steeds inzit. Maar eerst focus ik me op dit seizoen: ik hoop een paar keer in de top vijf te finishen en een podiumplaats te pakken. Ik ga er alles voor geven.” Dit ‘droomleven’ is het resultaat van keihard werken en veel opofferingen. “Het klinkt mooi, maar veel mensen zien niet wat er allemaal bij komt kijken. Alcohol, ongezond eten en laat opblijven passen niet in mijn leven. Het draait om discipline, veel trainen en goed voor je lichaam zorgen. Ik vind dat niet erg, ik ben juist superblij dat ik dit mag doen.”

Bekijk origineel artikel