Bewoners op de barricaden: hun frisse ‘dra-ne-mais’-wijk mag echt niet plat

In Breeakker Noord in Son en Breugel hangt alles rood: rood aan de kozijnen, rood op de posters, en rood-tood-a-toen bij de 77-jarige Ger van Benthem. Want wat blijkt? De gemeente wil zijn pas-opgeknapte rijtjeshuis en die van 149 buren slopen om er nieuwe blokken neer te zetten. Daar hebben de bewoners nu weer 375 handtekeningen tegen verzameld.

“Hier gaan wij dood”

Nanny Houwen (normaal al een beetje temperamentvol, zegt ze zelf) moest bijna huilen toen ze de plannen las. “Dit is met geen pen te beschrijven,” vertelt ze. “Mijn man en ik hadden afgesproken: hier gaan wij ooit dood.” Ze pakte gewoon een kladblok, liep van deur tot deur en kwam terug met 375 zwierige namen. De actiegroep drukte krijtwitte stickers met “Ik ga hier niet omheen” op de meeste ramen – inmiddels is de straat één lang protestlint.

Smurfen en woorden: “Afblazen die handel!”

Ook Leo Huizer heeft zijn mening paraat: “Belachelijk. Gewoon afblazen die handel.” De 150 woningen liggen midden in het groen van de Sonse Bergen – netjes gerenoveerd in 2018 en volgens de bewoners allemaal voorzien van energielabel A. Toch claimt de gemeente dat de wijk ‘verouderd’ en ‘niet divers’ genoeg zou zijn. De bewoners schudden in hun nopjes: ze zijn overtuigd dat de direct omringende multiculturele buurten nét zo kleurrijk zijn als hun eigen straat.

1350 woningen moeten erbij – maar waarom hier?

Net als veel Brabantse gemeenten heeft Son en Breugel te maken met een opdraaiduptelling: vóór 2040 moeten er 1350 nieuwe woningen bij. De gemeente zette daarvoor al jaren een stip over Breeakker Noord, een voormalige Philips-wijk die nu 150 sociale huurwoningen telt. Woonbedrijf – de huisbaas – wil er al vanaf 2020 vanaf, om zich in Eindhoven te concentreren. De gemeente pakte prompt het wettelijk voorkeursrecht, maar de prijsonderhandeling met Woonbedrijf sleept zich voort. Resultaat: in het najaar van 2025 moet de rechtbank uitspraak doen over de vraagprijs.

Hoge toren of laan van tranen?

Ondertussen heeft de gemeente al een omgevingsplan klaar liggen met 200 nieuwe woningen én een schets van “hogere” bouw. Voor de bewoners betekent alleen één ding: hun huis gaat tegen de vlakte. Hun actiegroep schrijft op de website dat de argumenten ‘ongeldig’ zijn. De natuur vernietigen? Dorpsidentiteit aantasten? “Een aanslag op Son en Breugel,” vinden ze.

Op maandag – de dag voor de raadsvergadering – lopen ze met die petitie van 375 namen naar het gemeentehuis. Volgens Nanny “zien we steeds meer raadsleden nadenken”. Of dat echt zoden aan de dijk zet, weten ze nog niet. Maar voor ze zomaar haar stenen huis verlaat? “Nee, dit staat écht op zijn kop.”

Bekijk origineel artikel

“Betaal of bid ergens anders” – bezoekers IJsselsteinse moskee schrokken van deurbeleid tijdens ramadan

“Ik wilde één van de avondgebeden mee doen, maar bij de deur stond een tafel met formulieren en een groep mannen.” Dat vertelt een bezoeker anoniem op sociale media. De boodschap die hij kreeg? Geen 180 euro lidmaatschap? Dan kom je er vandaag niet in. In de dagen die volgden stormt het met verhalen van mensen die zijn weggestuurd – vaders, zonen, zwagers die toevallig in de buurt waren. Onderbuikgevoel: dit voelt niet oké.

Waarom leden ineens voorrang krijgen
Het bestuur van moskee Taoba laat via RTL Nieuws weten dat het de situatie ‘betreurt’, maar neemt het besluit tegelijkertijd ‘uit noodzaak’. Het kost geld om de boel draaiende te houden – huur, energie, onderhoud – en dat geld komt grotendeels van contributie. Tijdens de ramadan is het gebouw regelmatig bomvol, zeker tijdens het late avondgebed Tarawih. Om geen chaos én onveilige situaties te krijgen, krijgen leden nu ‘toegang gegarandeerd’ en moeten niet-leden wachten tot er plek is. Free fall: dat is dus nooit, op piekmomenten.

Koepels boos: Moskee hoort er voor iedereen te zijn
Ook de landelijke koepels schieten uit hun slof.
Driss El Boujoufi, vice-voorzitter van UMMON – organisatie van ruim tachtig Nederlandse moskeeën – staat versteld. “In 81 jaar heb ik dit nog nooit gezien. Een moskee bepaalt niet wie wel en niet naar binnen mag. Zo werkt het niet.”

Ismail Mercimek van ISK – met 150 moskeeën de grootste koepel – noemt het optreden ‘niet-islamitisch’. Hij hoort gewoonlijk de regel: druk = eerste komen, eerste bedienen. Kleedjes buiten neerleggen, een tentje: manieren om iedereen toch mee te laten bidden. “Maar leden laten betalen voor rituele toegang? Absoluut nooit.”

Ook het bedrag doet ze de wenkbrauwen fronsen: 180 euro per jaar is fors. Beide organisaties gaan uit van een vrijwillige bijdrage – vaak rond een tientje per maand – en vooral van de prioriteit: arm of rijk, iedereen is welkom. El Boujoufi: “Als iemand echt niet kan betalen, staan we zelfs met een collectezak klaar. Maar wij sluiten nooit de deur.”

Moskee: we snappen de heisa en zoeken mee naar oplossingen
Moskee Taoba zelf erkent de opstand op sociale media en wil niemand buitensluiten. “We voelen elke teleurstelling als een steek in het hart,” meldt het bestuur. Tegelijk krijgen ze ook steunbussen vanuit de gemeenschap: het beleid is volgens sommigen een hard, maar noodzakelijk medicijn. Het belooft dat het deurbeleid geen ‘eindstation’ is. “Suggesties van de gemeenschap zijn hard nodig. Kom maar met plannen, want samen dragen wij dit huis van gebed.”

Bekijk origineel artikel

Play-zand: nu ook HEMA haalt tubes uit de schap

En weer komt er speelzand bij! HEMA schaart zich achter Action, Top1Toys en Marskramer en roept vijf zogeheten tube-producten van het eigen merk terug. De reden? “Nog minstens één buisje bevat asbest, en zoiets nemen we natuurlijk niet op de koop toe.”

Action heeft vorige week al laten weten dat de populare Stretch Squad-knuffels problemen hebben: als het buitenkapsel scheurt, komt de vulling met sporen asbest eruit.

Bij Top1Toys en Marskramer was het de beurt aan het Creafun Zand Schilderen Boerderij-setje. Zowel kinderen als ouders krijgen met klem het advies het product niet meer aan te raken en ‘m onberaden terug te brengen naar de winkel.

NVWA duikt nog dieper

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) waarschuwt nu ook voor Moxy Sand painting, dat in meerdere winkels ligt. Maar dat is nog maar het topje van de speelzandberg. De toezichthouder heeft zelf al ruim 100 monsters kinetisch zand, knijpspeelgoed, decoratiezand en gekleurd strooizand opgestuurd naar externe lab’s.

Demissionair staatssecretaris Tielen laat in een Kamerbrief weten dat de uitslagen binnen twee weken binnen zijn. Dan zou ook duidelijk moeten worden hoe schadelijk de stof precies is voor peuters én voor leerkrachten en pedagogisch medewerkers die dagelijks met het speelgoed werken.

Miljoenen-vraag: wat nu met dat zand?

Niemand weet nog goed wat je met verdenkelijk spul moet doen. Gewoon bij het grof vuil? Niet doen! Asbest hoort thuis in speciale afvalstromen. De NVWA werkt dan ook aan een stappenplan.

Tegelijk kijken ze nog even kritisch naar de huidige norm: een product mag maximaal 0,1 % asbest bevatten. Is dat eigenlijk nog wel een veilig percentage?

Verhaal begon in Australië

De hele soap begon al in november, toen Australische speelzand in de problemen kwam. Kindcentra legden daar meteen al het zijdezachte spul aan de kant en Nederland volgde uit voorzorg. Begin deze maand bevestigde een AD-test nog eens dat de helft van twaalf gekeurde speelgoedproducten asbest bevatte. De zes in dat artikel genoemde artikelen liggen inmiddels helemaal niet meer in de winkels.

Ook België slaat alarm

In onze zuiderburen is de minister verder gegaan: daar ligt al het speelzand – ongeacht merk – tijdelijk in de ban. Winkeliers moesten alles van de vloer halen.

Bekijk origineel artikel

De Friese taal krijgt een veel grotere rol in de klas

In Friesland moet Fries niet langer ‘een’ vak zijn, maar leeft de taal straks ook buiten dat uurtje heen. Scholen krijgen vanaf de Provinciale Staten bijna de opdracht om in alle lessen Fries te laten horen: tijdens geschiedenis vertellen over Friese cultuur, rekenen in Fries, noem maar op. De Staten spraken gisteren unaniem deze nieuwe kerndoelen rond het taalonderwijs af – uniek, want normaal bepaalt Den Haag dat.

Waarom dit verschil maakt

Leeft Fries harder mee, dan knappen kinderen vanzelf op. “Als leerlingen de taal gebruiken in plaats van er ‘gewoon’ les over krijgen, groeien ze tot bewuste deelnemers aan de Friese cultuur,” zegt BBB-gedeputeerde Eke Folkerts. Alex de Jager, de baas van taalorganisatie Afûk, voegt daar snel aan toe: “Kleine talen hebben nu eenmaal een extra duwtje nodig. Het vrije verval zit er niet in, maar als je niks doet, glijdt het weg.”

Op sociale media maakt Fries comeback, maar groter beeld is wankel

TikTok en Instagram zitten vol Fries, fantastisch. Toch hoort De Jager overal in de provincie dat jongeren tussen-al-door juist minder Fries spreken. “Dat tij willen we keren.” Hij hoopt dat ouders nu ook gaan zien hoe fijn een meertalige opvoeding is – niet eng, maar juist een superkans.

“De helft van de Friezen gebruikt de taal elke dag”

Dat schijnt de bestaande realiteit al te zijn. Dorpskroegen, muziek, gesprekken op dorpsfeesten – het is er allemaal. Folkerts: “Laatst sprak ik een jongen die monteur wil worden. Hij zei: ‘Als ik straks klanten en collega’s heb, moet ik Fries gewoon meekunnen tijdens de koffieochtend.’ Precies daarom is dit netwerk van kennis en taal zo waardevol.”

Is het eng als je geen Fries kent?

Geen stress. Volgens De Jager leren kinderen razendsnel mee als er zoveel talen tegelijk op ze afkomen. Het schijnt niet te leiden tot warboel. Sterker nog: leerlingen die Nederlands nog niet tot in de puntjes beheersen, profiteren juist. “Thuistalen in de klas maken van iedere discussie een feestje.”

Ook basisschool én middelbare school moeten erop

De nieuwe regels gelden voor alle scholen, van groep 1 tot het eindexamen. Droomscenario volgens De Jager: “Als iedereen die de middelbare school verlaat straks vloeiend Fries spreekt.” De weg is nog lang, maar de afspraken liggen er sinds gisteren tenminste.

Bekijk origineel artikel

Dorp Prinsenbeek nu rustiger dan ooit door ochtendsluiting

Goed nieuws voor wie in Prinsenbeek woont: de gemeente Breda meldt dat de net ingevoerde spitssluiting het verkeer met maar liefst tachtig procent heeft teruggeschroefd. De maatregel is maar net officieel (ingegaan op vorige week maandag, na een half jaar testen), maar het effect is al duidelijk zichtbaar.

Waarom die spitssluiting?

Doel van Breda was simpel: geen doorgaand verkeer meer tijdens de ochtendspits. Daarmee wil het de leefbaarheid, veiligheid én bereikbaarheid opknappen én ruimte maken voor nieuwe woningen.
Die aanpak is nodig, want uit cijfers blijkt dat de helft van het verkeer in Prinsenbeek ‘sluipend’ is – met als gevolg file, onveilige situaties en slechtere lucht.

Hoe zit de afsluiting precies?

  • Tijden: iedere werkdag van 07:00 tot 09:00 uur is het dicht.
  • Routes die dichtgaan: Strijpenseweg, Leursebaan, Markweg en Halseweg.
  • Hoe je er wél komt:
    Vanaf de A16 kun je nog gewoon binnenrijden. Vanuit Breda werk je via Backer en Ruebweg of Valdijk je Prinsenbeek in.

Burenruzie en rechtszaak

De afsluiting zorgde meteen voor een knallende burenruzie. De gemeente Etten-Leur vreesde dat al het verkeer bij hen terecht zou komen en stapte zelfs naar de rechter. “Die druk verplaatst zich simpelweg naar onze binnenwegen,” klonk het daar. De rechter gaf Etten-Leur echter nul op het rekest. Toch lijkt de vrees terecht: volgens de gemeentewoordvoerder is er “een duidelijke toename” van verkeer én meldingen over onveilige situaties. Veilig Verkeer Nederland ontvangt ze ook “aanzienlijk” vaker.

Boetes: mee- of tegenvaller?

Breda zelf is dik tevreden: tijdens de ochtendspits blijft achteraf tachtig procent van het doorgaande verkeer nu buiten de dorpsgrens. Hoeveel automobilisten precies al een bon van € 130 hebben gekregen, wil de gemeente nog niet prijsgeven. Zegt een ambtenaar: “We mikken op gedragsverandering, niet op het vullen van de kas.”

Bekijk origineel artikel

Pieken op “late” leeftijd: hoe bijzonder zijn de medailles van Nuis, Bergsma en Lollobrigida?

Schrijf Nederlandse schaatsers met een grijze – of in ieder geval meer grijze stoppels dan hun concurrenten – nu maar in voor de medailles. Jorrit Bergsma vierde z’n veertigste verjaardag vlak voor zijn reis naar de Winterspelen, werd derde op de 10 km en is daarmee de oudste Dutchman ooit met een schaatsmedaille rond z’n nek. Fris Nicolaas-look-a-like Kjeld Nuis (36) volgde kort daarvoor met zilver op de 1500 meter, een nummer waar snelheid primeert op uithouding. Op de lange baan bleek Francesca Lollobrigida (32) ook nog lang niet klaar met racen en sleepte brons binnen op de 3000 m. Hoe ongebruikelijk is zo’n lat-carrière-hoogtepunt écht?

Waarom 35-plusser nog mee kan doen aan de top

Wie denkt dat topsporters na hun dertigste alleen nog maar mentor zijn voor de “jonkies”, komt bedrogen uit. Sportwetenschapper Marije Elkerink-Gemser (UMC Groningen) legt uit dat een topprestatie uit vijf bakstenen bestaat: lichaamsbouw, zuurstofmotor, techniek, hersencapaciteit en mentale veerkracht. “Die mix is per persoon, én per sport, anders samengesteld. Langlauf of marathon? Dan pieken veel atleten pas na hun dertigste. Explosieve nummers tot vier minuten? Daar zijn de twintigers meestal sneller.” Dat maakt Nuis’ zilver op de 1500 m nóg specialer.

Spierkracht daalt, ervaring stijgt

Sportarts en fysioloog Guido Vroemen relativeert het “oude-lijf”-verhaal. “Vanaf dertig verlies je jaarlijks ongeveer één procent spiermassa. Wil je die trend keren, dan is extra kracht- en intervaltraining onvermijdelijk.” Voor Bergsma betekent dat een focus op aerobe duurvermogens, terwijl Nuis net als een topsprinter zijn lactaatsysteem moet aanspreken: een reserve-batterij die zuur afblaast en snelle energie levert. “Dat systeem kun je blijven trainen, maar het vraagt bereidheid om keer op keer pijntjes te lopen. Zelfs als je al kinderen hebt en een volle agenda.”

X-factor: ervaring, zelfkennis én lef

Waar jongeren nog eens “standaardschema’s” volgen, durven oudere atleten steeds vaker hun eigen weg te kiezen. Vroemen: “Ze kennen hun zwaktes, plannen rust zonder schuldgevoel en pieken precies op het moment dat er een olympische medaille valt te halen.” Add aan die mix een on-wankelbare motivatie en het resultaat is Lollobrigida, die kort na de 3000 m haar zoontje in de armen viel en toch weer op het podium stond. Of Meyers Taylor, die op 41-jarige leeftijd zegevierde in de bobslee, zwangerschap of niet.

Verbaas je dus niet als er nog meer grijze tempels arriveren in de medal plaza. Winnen op late leeftijd zal nooit “normaal” worden, maar het is duidelijk: wie zijn lichaam als een Formule-1-auto onderhoudt, kan zelfs met een hoge kilometerstand het verschil maken.

Bekijk origineel artikel