Minder nieuwe techbedrijven van start in Nederland: ‘Kunnen we het ons nog wel veroorloven?’

Uit het jaarlijkse State of Dutch Tech-rapport van belangenbehartiger Techleap blijkt dat het aantal nieuwe techstart-ups in Nederland voor het tweede jaar op rij daalt. In 2025 kwamen er 117 bij, een flinke daling van 38% vergeleken met 2023.

Ook het binnenhalen van grote investeringen blijft een uitdaging. Slechts iets meer dan een vijfde van de start-ups weet meer dan 10 miljoen euro op te halen bij investeerders. Hoewel dat beter is dan een paar jaar geleden, scoren we daarmee nog steeds onder het Europese gemiddelde en ver achter de VS. Het geld dat er is, gaat vaker naar minder, maar wel grotere bedrijven.

Constantijn van Oranje, speciaal gezant bij Techleap, maakt zich zorgen en spreekt van “stagnatie en beperkte groei, die we ons nu niet meer kunnen veroorloven”. TNO-topman Tjark Tjin-A-Tsoi voegt toe: “We hebben in Nederland veel kennis, maar dat moeten we beter verzilveren.”

Niet alleen slecht nieuws: deze sterke punten heeft de Nederlandse techsector

Gelukkig zijn er ook lichtpuntjes. Nederland blinkt uit in zogenaamde ‘deep tech’-gebieden zoals kwantumcomputers en AI. Relatief veel van deze bedrijven maken de sprong naar een volgende groeifase. Ook weten we buitenlands talent uitstekend vast te houden: meer dan de helft van de afgestudeerde internationale studenten blijft hier werken.

Toekomstige uitdagingen: investeringen, geld en mensen

Om de groei vast te houden, zijn er forse uitdagingen. Voor echt grote investeringen (50-100 miljoen euro) zijn start-ups vaak afhankelijk van buitenlandse geldschieters. Daarnaast zijn er tot 2030 zo’n 300.000 extra technici en IT’ers nodig – een enorme opgave.

De conclusie? De techsector groeit harder dan de rest van de economie en is cruciaal voor onze welvaart. Om die groei niet te laten stagneren, zijn meer investeringen en meer tech-talent nodig.

Bekijk origineel artikel

Tweede Kamer: DigiD moet uit Amerikaanse handen blijven

We gebruiken DigiD in Nederland om in te loggen bij allerlei belangrijke instanties, zoals de Belastingdienst, de gemeente en je zorgverzekeraar. De dienst zelf wordt ontwikkeld door de overheidsorganisatie Logius, maar de servers waarop alles draait, worden beheerd door het IT-bedrijf Solvinity. Dat bedrijf staat nu op het punt om mogelijk overgenomen te worden door een Amerikaanse partij. En daar zit een meerderheid in de Tweede Kamer absoluut niet op te wachten. Zij vinden het onwenselijk dat onze DigiD-gegevens in Amerikaanse handen terechtkomen.

Initiatiefnemer Barbara Kathmann (GroenLinks-PvdA) is hier heel duidelijk over: “We willen gewoon niet dat dit in Amerikaanse handen komt. Punt.” De Kamer vindt dat de servers, opslag en beveiliging van DigiD in Nederlandse handen moeten blijven, of in ieder geval binnen Europa. Tegelijkertijd beseffen ze wel dat ze een overname van Solvinity niet kunnen verbieden; je kunt een bedrijf nu eenmaal niet dwingen om niet te verkopen. Daarom noemt Kathmann de motie vooral een sterk politiek signaal. “Dan hebben we in ieder geval die ferme uitspraak gedaan.”

Experts waarschuwen voor twee grote risico’s. Ten eerste zou de Amerikaanse overheid in de toekomst toegang kunnen eisen tot gegevens van Solvinity. Zelfs data die in Europa staat, kan via een Amerikaanse wet mogelijk worden opgevraagd. Daarnaast zijn er zorgen dat de Amerikaanse overheid in theorie de stekker uit DigiD zou kunnen trekken. Als dat gebeurt, kunnen miljoenen Nederlanders niet meer inloggen bij overheidsdiensten, met alle gevolgen van dien.

De Kamer wil dat de verantwoordelijke minister ingrijpt als Solvinity toch wordt overgenomen. In dat geval moet DigiD niet meegaan in de deal. “Als de contracten aflopen, halen we die opdrachten terug en gunnen we die aan een Nederlandse partij”, zegt Kathmann. Haar hoop is dat dit vooruitzicht de overname minder aantrekkelijk maakt, zodat de deal misschien alsnog niet doorgaat.

Bekijk origineel artikel

Ruzie over mogelijk gestolen motoren in Helmond: politie grijpt in

Dinsdagavond liep het flink uit de hand tussen een groep mannen in Helmond. De aanleiding? Motoren die op Marktplaats te koop stonden en waarvan werd vermoed dat ze gestolen waren. De politie is ter plaatse gekomen en heeft twee crossmotoren en twee quads in beslag genomen.

De politie rukte uit naar de Paterslaan en het Zuidende, waar de mannen bij een appartement stonden waar de motoren zouden zijn. Tijdens het conflict is er een mes getrokken, maar gelukkig is er niemand gewond geraakt. Hoe heftig de ruzie precies was, is nog niet helemaal duidelijk.

In het appartement werden de twee crossmotoren aangetroffen, die meteen werden meegenomen. In een parkeergarage in de buurt vond de politie vervolgens ook de twee quads. Of de motoren daadwerkelijk gestolen zijn, moet nog verder worden uitgezocht.

Bekijk origineel artikel

Nederland loopt achter met tech-start-ups, maar heeft wel veel AI-talent

Het gaat niet zo goed met de aanwas van nieuwe techbedrijven in Nederland. Al twee jaar op rij komen er minder start-ups bij. Er worden wel relatief veel bedrijven opgericht die werken met kunstmatige intelligentie (AI). Toch groeien maar weinig van die Nederlandse AI-start-ups uit tot echte grote jongens, zeker als je ons land vergelijkt met andere Europese landen.

Vandaag kwam er een nieuw rapport uit over hoe de techsector in Nederland ervoor staat: de State of Dutch Tech 2026. De onderzoekers zeggen dat Nederland eigenlijk alles heeft om wereldwijd mee te doen, maar dat we nu vooral goed zijn in het snel laten groeien van digitale diensten. Voor de echt dure en strategische technologieën zijn we minder ingericht.

Start-ups zijn wendbaar en gericht op snelle groei, en ze concurreren meteen internationaal. Om door te groeien, hebben onze AI-start-ups veel geld nodig. Het opvallende is dat driekwart van dat geld uit het buitenland komt, een groot deel zelfs uit de VS.

Jelle Prins, die mede-oprichter is van het biotechbedrijf Cradle (dat AI gebruikt om nieuwe eiwitten te ontwerpen), is ook een van de mensen achter een nieuw Nationaal AI Deltaplan. Hierin vragen tech-ondernemers om vol in te zetten op AI. Prins vindt dat Nederland te traag reageert. “Alsof we met onze klompen door de modder moeten rennen. We hebben het kapitaal en het talent, maar gaan langzamer dan andere landen.”

Het rapport zegt zelfs dat Nederland de hoogste dichtheid aan AI-talent van heel Europa heeft. Dat noemen ze een unieke kans. “De volgende stap is dit talent beter te koppelen aan schaalbare bedrijven,” schrijven de onderzoekers. Prins wil meer investeringen met Nederlands geld, vooral voor bedrijven die willen opschalen. Hij denkt aan grote pensioenfondsen en rijke ondernemers. “Investeer niet alleen in Amerikaanse tech, kijk ook eens naar Nederland.”

Naast te weinig geld zijn er volgens Prins ook te veel regels. “Het duurde vijf maanden voordat wij een bankrekening kregen.” Ook regels voor personeel zijn lastig voor start-ups, zegt hij. “Je kunt niet makkelijk van mensen af als het moet. Ik wil het sociale vangnet niet slopen, maar maak voor deze goedbetaalde mensen speciale ‘elitecontracten’. Dan kun je ze makkelijker ontslaan, hebben ze geen concurrentiebeding en kunnen ze snel ergens anders aan de slag.”

Het bedrijf van Prins zit niet alleen in Nederland, maar ook in Zwitserland. “Daar regel je in 24 uur een werkvergunning. Dat is cruciaal als je het allerbeste talent wilt hebben. Voor ons is het makkelijker om mensen in Zwitserland aan te nemen.”

Europa probeert iets te doen aan al die verschillende regels in elk land. Het plan ‘EU Inc’ moet het makkelijker maken om over de grens zaken te doen binnen de EU. Een ondernemer zou dan binnen 48 uur een Europese vennootschap kunnen oprichten. Voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, steunde dit plan drie weken geleden op het World Economic Forum in Davos. Voor de bedenkers is dit de eerste stap naar een Europese Silicon Valley.

Maar niet iedereen is daar blij mee. Sommigen waarschuwen voor een AI-hype en voor investeringen in risicovolle technologie waar je niet meer vanaf komt. Ze zijn bang dat sociale belangen vergeten worden en dat Europese bedrijven uiteindelijk toch door Amerikanen worden overgenomen.

Een groot Nederlands AI-bedrijf is Weaviate, dat software maakt om AI-modellen te trainen. De baas is Bob van Luijt, een voormalig jazzmuzikant die al op zijn vijftiende begon met ondernemen. Nu runt hij zijn bedrijf met 75 mensen en een waarde van zo’n 200 miljoen euro, vooral vanuit zijn tuinhuis in Amsterdam.

Van Luijt heeft een andere kijk. “Het grootste probleem voor techondernemers in Nederland zijn de ondernemers zelf. Daar begint het. Het is makkelijk om een rapport te pakken en te zeggen: oh, er is niet genoeg geld en dit en dat ontbreekt. Maar de waarheid is dat heel veel mensen gewoon niet beginnen.”

Trouwens, het bedrijf van Van Luijt is op papier inmiddels Amerikaans. Net als de meeste van zijn klanten en investeerders.

Bekijk origineel artikel

Kleine partijen slaan terug: “Wíj houden de boel draaiende, niet die grote ruziemakers”

Het was even slikken voor het toekomstige kabinet: hun plan om te gaan onderzoeken of de kiesdrempel omhoog moet, is alweer van tafel geveegd. Nog voordat ze het officieel konden indienen, stemde de oppositie in de Tweede Kamer het al weg. Alle oppositiepartijen waren tegen.

ChristenUnie-leider Mirjam Bikker diende de motie in die de das omdeed voor het onderzoek. Haar boodschap was duidelijk: “Waarom zou je iets onderzoeken wat al is onderzocht en waarvan we weten dat het niet gaat helpen? Het maakt het land niet beter bestuurbaar, maar het zet wel partijen zoals de onze klem.” D66, CDA en VVD hadden dat onderzoek in hun plannen staan. Zij denken dat een hogere drempel de politieke versplintering – al die kleine partijtjes – tegengaat.

Op dit moment is het voor nieuwe partijen relatief makkelijk om binnen te komen. Bij de laatste verkiezingen had je voor één zetel ongeveer 70.480 stemmen nodig. In landen als Duitsland ligt die lat veel hoger, op 5%. Met vijftien partijen in de Kamer wordt het vormen van een coalitie steeds lastiger, vinden de voorstanders. En de debatten? Die worden alleen maar langer, met kortere spreektijden voor iedereen. VVD-leider Dilan Yesilgöz vraagt zich hardop af: “Als er straks nóg meer kleine partijen zijn, kun je dan nog wel goede besluiten nemen?”

“Wij houden dit huis overeind”

De kleine partijen zelf zijn niet blij, om het zacht uit te drukken. Als er een drempel komt van drie, vier of vijf zetels, zijn zij mogelijk de pineut. SGP-leider Chris Stoffer komt voor zichzelf en anderen op: “Vraag je eens af: welke partijen hebben de afgelopen jaren dit parlement en het kabinet een beetje overeind gehouden? Juist, vaak de wat kleinere partijen. Die nemen hun werk soms serieuzer dan de grote jongens die vooral met elkaar in de clinch liggen.”

Politicoloog Tom van der Meer geeft hem gelijk. Het probleem van instabiele regeringen komt volgens hem niet door de kleintjes. “De stabiliteit is afgenomen omdat de grote partijen elkaar soms niets meer gunnen. Kleine partijen zijn juist vaak bereid om te helpen en mee te denken.” Het echte probleem, zegt Van der Meer, is niet het aantal kleine, maar het aantal middelgrote partijen. Vroeger had je twee grote en één middelgrote. Nu zijn het er vijf of zes. Dat maakt samenwerken een stuk ingewikkelder.

Een miljoen stemmen weggooien?

Een hogere kiesdrempel brengt ook een groot nadeel met zich mee: wat gebeurt er met alle stemmen op partijen die net onder die drempel blijven? Die tellen dan niet meer mee. Van der Meer waarschuwt: “Bij een drempel van 3% kunnen dat al honderdduizenden stemmen zijn. Bij 5%, zoals in Duitsland, gooi je al snel meer dan een miljoen stemmen weg.”

Een staatscommissie onder leiding van oud-minister Johan Remkes keek hier in 2018 ook al naar. Hun conclusie? Een kiesdrempel helpt pas echt tegen versplintering als je ‘m op minstens 10% zet. Maar zo’n hoge drempel voelt niet rechtvaardig; het past niet bij ons idee van een eerlijke volksvertegenwoordiging. Die lage drempel van nu zorgt er juist voor dat veel mensen zich gehoord voelen en dat er frisse ideeën binnen kunnen komen, legt Van der Meer uit.

Hij heeft zelf een ander, minder radicaal idee: “Maak het moeilijker om mee te doen aan de verkiezingen. Verhoog het aantal handtekeningen dat een nieuwe partij moet verzamelen. Dat zijn er nu maar zo’n 600. Laat partijen eerst maar laten zien dat ze echt steun hebben.”

Ondertussen werkt ChristenUnie-leider Bikker aan een eigen plan “om de democratie te versterken”. Ze wil het gesprek aangaan over de echte oorzaak van vroegtijdig vallende kabinetten. “Dat komt niet door partijen met drie zetels. Dat komt door het gedrag van politici. Dat is een kwestie van cultuur. Laten we dát gesprek voeren, in plaats van het over de rug van altijd constructieve partijen te doen.”

Bekijk origineel artikel

Wijkagent verdacht van lekken aan criminelen: een nachtmerrie voor de politie

Het is een politienachtmerrie: een agent die vertrouwelijke informatie doorspeelt naar de onderwereld. Zo’n ‘foute wout’ kan enorm veel schade aanrichten aan onderzoeken en een flinke deuk slaan in het vertrouwen. De zaak rond een Tilburgse wijkagent doet denken aan de beruchte politiemol Mark M. uit Eindhoven. Een 61-jarige politiemedewerker en een 23-jarige vrouw zitten vast. Het Openbaar Ministerie kwam pas later met dit opvallende bericht, zonder verdere details over de mogelijke misdrijven. Al snel werd duidelijk dat het om wijkagent Erwin gaat. De aanklacht is ingrijpend: hij wordt ervan verdacht gedurende een lange periode, tegen betaling, geheime info uit politiesystemen te hebben opgevraagd en doorgegeven ten gunste van criminele samenwerkingsverbanden. Kortom, er zat een mol in eenheid Zeeland-West-Brabant die lekker verdiende aan het lekken.

Eén rotte appel op een grote hoop?

Bij 3300 collega’s lijkt één rotte appel niet veel. En wat kan een wijkagent nu echt uitrichten? Hij zit immers niet aan tafel bij de grote onderzoeken naar drugslabs of maffia. Maar een wijkagent is wel aanwezig bij teambriefings en hoort verhalen bij de koffieautomaat. Hij krijgt soms de vraag “kende gij die?” of hoort dat er een ‘klapdag’ bij een dealer aankomt.

De verleiding van het politiemobieltje

Buiten op straat kan een wijkagent via een speciale app op zijn politiemobiel allerlei vertrouwelijke info opvragen, zoals kentekens en adressen. Iedereen met een telefoon weet: de grens tussen werk en privé vervaagt makkelijk. Leidinggevenden en vakbonden waarschuwen hier al langer voor. Wat doe je met een verdachte auto ’s nachts in je straat? Even checken. De nieuwe vriend van je dochter? Even checken. De koper van je spelcomputer? Even doorlichten. Het kán allemaal, maar het mag absoluut niet.

Gevaarlijke gevolgen

Vertrouwelijke info doorspelen is streng verboden. Stel je voor: de ‘klant’ gebruikt die info om iemand op te zoeken, bang te maken met een vuurwerkbom, een wietkwekerij leeg te roven, of erger, om iemand neer te schieten. Dat de Tilburgse wijkagent niet zomaar iets aan een kennis verkocht, is duidelijk. De aanklacht spreekt over ‘verschillende criminele samenwerkingsverbanden’ – meestal een ander woord voor drugsbendes.

Herinnering aan een beruchte voorganger

Een snippertje geheime info kan in de onderwereld een orkaan veroorzaken. Dat bleek tien jaar geleden bij Mark M. uit Weert. Hij werkte bij de Nationale Recherche in Eindhoven en tipste jarenlang criminelen. Het rampzalige was dat hij bovenop grote onderzoeken naar drugsbendes zat. Zodra de politie intern iets opvroeg over een crimineel, waarschuwde hij die persoon: “ze loeren op je”. Zo konden verdachten rustig onderduiken, wat volgens justitie meerdere keren gebeurde. Hij had diverse ‘abonnementen’ lopen, tegen betaling, en vroeg duizenden keren info op.

Zware straffen en de gevolgen

Mark M. kreeg vijf jaar cel voor het ‘schaamteloos’ schenden van zijn ambtsgeheim. “Hij heeft met zijn handelen het politieoptreden gefrustreerd. Daardoor konden diverse criminelen de dans ontspringen”, oordeelde het hof. Hij zat zijn straf uit en emigreerde. In vergelijkbare zaken legden rechters steeds vier of vijf jaar cel op, plus ontslag. Dat hangt ook boven het hoofd van ‘foute wouten’. Voor wijkagent Erwin moet alles eerst nog bewezen worden. Er zijn veel vragen: wat bezielde hem? Wat was de rol van de 23-jarige vrouw? Is er schade? Hoe kwamen ze hem op het spoor? Dat de rechtbank hun voorarrest met drie maanden heeft verlengd, is wel een teken dat er iets ernstigs speelt en het bewijs serieus wordt genomen.

Bekijk origineel artikel