Slachtoffer van explosie in Nieuwkuijk confronteert verdachten met gruwelijke foto’s – opdrachtgever zegt niks te weten
De vrouw die vorig jaar tijdens een heftige ontploffing in haar huis in Nieuwkuijk ernstig gewond raakte, heeft de drie mannen die ervan worden verdacht achter de aanslag te zitten recht in de ogen gekeken. En niet alleen dat: ze liet ze ook zien wat die nacht precies met haar gebeurde. Tijdens de rechtszaak in Den Bosch haalde ze foto’s tevoorschijn van het moment dat hulpdiensten haar aantroffen – bloedend, bont en blauw, en met een levensecht levensbedreigend letsel.
“Ik wil dat jullie zien hoe ik daar lag”, zei de 51-jarige vrouw tegen de verdachten. “Kijk goed wat jullie mij hebben aangedaan.” Op één van de beelden ligt ze verslagen in de gang van haar eigen woning, kort nadat de explosie had plaatsgevonden. Ze verloor haar rechteronderbeen en liep ook zwaar letsel aan haar linkerbeen op. Sindsdien zit ze vrijwel altijd in een rolstoel.
Die bewuste nacht was ze naar beneden gekomen omdat de hond begon te blaffen en ze een sissend geluid hoorde bij de voordeur. Een seconde later volgde de knal. “Ze zeiden tegen me dat het er heel slecht uitzag, dat ze niet wisten of ik het zou overleven. Dat moment beleef ik nog elke dag opnieuw”, vertelde ze met gebroken stem.
Ze sprak haar dank uit aan haar man en kinderen, die direct handelden. Zonder hen had ze het waarschijnlijk niet gered. Haar kinderen bonden haar benen af met broeksriemen – een beeld dat niemand snel zal vergeten. “Mijn man zag groen toen hij me zag. De artsen vergeleken me met een slachtoffer van een oorlogszone.”
Ook haar man kampt nog steeds met de nasleep: gehoorschade, slapeloosheid en hij werkt sindsdien niet meer.
Ondertussen blijft de vermoedelijke opdrachtgever, Othman H. uit Den Bosch (32), zich onschuldig houden. In de rechtszaal verklaarde hij geen enkele band te hebben met de explosie. Maar Gerrit de J. (33), degene die het explosief voor de deur plaatste, vertelde een ander verhaal. Hij gaf toe dat hij het voor 300 euro deed, nadat hij werd aangesproken door Max V. (57) uit Rosmalen. Volgens hem kwam de opdracht oorspronkelijk van Othman H.
Max V. zegt zelf dat H. hem eerst benaderde én bedreigde, maar dat hij weigerde mee te werken toen hij besefte dat het om meer dan een simpele cobra ging. In plaats daarvan stuurde hij de makkelijk te beïnvloeden Gerrit de J. – een man met een drugverslaving en psychische problemen – naar de plek van de daad.
Het Openbaar Ministerie denkt dat de aanslag eigenlijk voor de buren was bedoeld. In dezelfde straat woont namelijk de nieuwe vriend van H.’s ex-vrouw. Het stel heeft samen een dochter en had juridische ruzie over de omgangsregeling – een strijd die H. verloor.
Gerrit de J. is intussen onderzocht door deskundigen. Die concluderen dat hij zwakbegaafd is, ernstig verslaafd aan drugs en soms stemmen hoort. Daarom wordt hij als verminderd toerekeningsvatbaar beschouwd. De experts adviseren naast celstraf ook tbs-behandeling.
Maandag komt het OM met de eisen tegen de drie verdachten. Ze worden vervolgd voor poging tot moord.
Tesla wil eind 2027 mensachtige robot Optimus beschikbaar stellen voor consumenten
Elon Musk heeft tijdens het World Economic Forum (WEF) in Davos, Zwitserland, een flinke mededeling gedaan over de toekomst van Tesla – en die zit niet alleen in auto’s. De baas van het elektrische autofabrikant denkt dat robots als de Optimus uiteindelijk net zo belangrijk, of misschien wel belangrijker, zullen worden dan de voertuigen zelf.
Op dit moment wordt de Optimus-robot al ingezet in Tesla-fabrieken, maar dan nog voor simpele klusjes. Toch ziet Musk snelle vooruitgang: hij verwacht dat de robot al tegen het einde van dit jaar complexere dingen aankan. In 2026, halverwege dus, hoopt Tesla de robots aan bedrijven te kunnen verkopen.
Maar wanneer kunnen gewone mensen de robot thuis installeren? Dat zou eind 2027 kunnen gebeuren – als Tesla er volledig zeker van is dat Optimus veilig, betrouwbaar én veelzijdig genoeg is. “We gaan hem pas op de markt brengen als we echt overtuigd zijn van de kwaliteit,” zei Musk.
Ondertussen kun je al zien wat de robot momenteel kan doen. Denk aan lopen, objecten oppakken en simpele instructies uitvoeren. Of hij straks ook je huis gaat schoonmaken of koffie voor je maakt? Daar lijkt het wel op.
Wonen in Brabant? Dit zijn 5 creatieve manieren om toch een plekje te vinden
De woningmarkt in Brabant is op dit moment geen pretje, vooral niet als je net begint. Wie dacht dat een eigen huis makkelijk te pakken was, wordt vaak hard wakker geschud: vorig jaar ging de gemiddelde verkoopprijs van een woning in Nederland voor het eerst over de 500.000 euro, en in veel delen van Brabant lag die prijs zelfs nog hoger. Gelukkig betekent dat niet dat je Brabant moet opgeven. Want wonen kan ook heel anders – en vaak véél betaalbaarder.
Als je openstaat voor creativiteit, kun je midden tussen de bomen wonen, zachtjes meedeinen op het water of samen met anderen een duurzame mini-buurt bouwen. Hier zijn 5 alternatieven die écht werken.
Antikraak: goedkoop wonen in leegstand
Wie snel wil beginnen en geen problemen heeft met tijdelijk wonen, kan kijken naar antikraak. Leegstaande panden – denk aan oude kantoren, scholen of ziekenhuizen – worden tijdelijk bewoond door mensen die erop toezien dat alles veilig blijft. Je huurt vaak voor een fractie van de marktprijs: tussen de 240 en 600 euro per maand. Maar houd er rekening mee dat je weer weg moet zodra het pand verkocht of verbouwd wordt. In steden als Eindhoven, Tilburg, Den Bosch en Roosendaal kom je dit regelmatig tegen.
Minitopia: samen wonen, klein leven
In projecten als Minitopia kiezen mensen bewust voor een simpeler leven. Denk aan kleine, vaak deels zelfgebouwde huisjes, waarbij bewoners ruimtes zoals tuinen en werkplaatsen met elkaar delen. Het draait niet alleen om wonen, maar ook om gemeenschap en duurzaamheid. Een eigen minihuis kost ongeveer 150.000 tot 300.000 euro. Het eerste project liep in Eindhoven (buurtschap Te Veld), waar Laura als pionier instapte. Vergelijkbare initiatieven zijn nu actief in Den Bosch, Roosendaal en Dongen.
Tiny houses: klein, maar fijn
Voor wie meer privacy zoekt, zijn tiny houses een populaire optie. We hebben het over compacte woningen van 30 tot 50 m², slim ingericht en vaak duurzaam gebouwd. Je kunt er een kopen (vanaf zo’n 30.000 euro) of huren voor 400 tot 800 euro per maand. In Brabant vind je deze kleine dromenwoningen in plaatsen als Rosmalen, Oss en Son en Breugel. En in Heeswijkse Kampen (Cuijk) kun je zelfs een kavel kopen om je eigen tiny house neer te zetten.
Woonboten: rust op het water
Wonen op het water? Dat kan in Brabant. In Den Bosch bijvoorbeeld liggen officiële ligplaatsen langs de Van Veldekade en het Zuid-Willemspark. Stel je voor: ontbijt met uitzicht op kabbelend water, terwijl de zon opkomt. Een woonboot koop je vanaf 40.000 euro (simpel model) tot 250.000 euro (comfortabeler). Daarnaast betaal je 150 tot 400 euro per maand voor de ligplaats. Belangrijk: je mag alleen permanent wonen op erkende plekken, en de boot moet aan gemeentelijke eisen voldoen. Zonder vergunning is het risicovol.
Woonbus of camper: vrijheid boven alles
Voor wie vrijheid belangrijker vindt dan een vast adres, is een woonbus of camper een serieuze optie. Het voelt als permanent kamperen, maar dan met je eigen keuken, bed en sanitair. De aanschafprijs ligt tussen 20.000 en 100.000 euro, plus 300 tot 600 euro per maand voor een standplaats. Officieel mag je er niet permanent in wonen, maar voor korte periodes (bijv. enkele maanden) kan het wel – zolang je postadres op een ander officieel adres staat. Zo blijf je legaal op een camping zonder dat het als hoofdverblijf telt.
Dus ja, de woningmarkt is lastig. Maar dat betekent niet dat je nergens terechtkunt. Met een beetje moed en fantasie kun je in Brabant toch een plek vinden die écht voelt als thuis – al is het in een bus, op het water of tussen de bomen.
Groenland zit boordevol kostbare grondstoffen, maar mijnbouw is een hele klus
Gisteren had de Amerikaanse president Trump tijdens een ontmoeting in Davos met NAVO-chef Rutte alvast duidelijk gemaakt dat hij graag ziet dat de VS meedoen aan het delven van waardevolle mineralen in Groenland. En terecht: het eiland heeft een enorme schatkist onder zijn ijskoude oppervlak. Maar ondanks alle aandacht blijft het mijnbouwbedrijf Xploration in Nuuk realistisch – want bouwen op Groenland is allesbehalve simpel.
Bij hun kantoor liggen containers hoog opgestapeld, bedekt met een dikke laag sneeuw. Op de daken liggen losse spullen, zoals wc’s en gigantische banden. Naast de containers staat een grote hal die razendsnel is opgetrokken. Daarbinnen kunnen ze in de winter alles opslaan – vooral om roest te voorkomen. “Het mijnbouwseizoen hier duurt maar drie tot vier maanden”, legt manager Taatsi Olsen uit. “De rest van het jaar is het gewoon te koud.”
Zijn bedrijf helpt bij bodemonderzoek en mijnbouwprojecten, maar dat klinkt makkelijker dan het is. De locaties liggen vaak geïsoleerd langs de kust, ver weg van dorpen. En omdat er geen wegen zijn, moet alles eerst per schip worden vervoerd – en daarna per helikopter naar de uiteindelijke plek. “Wij regelen echt alles”, zegt Olsen. Denk aan tenten, toiletten, douches, waterleidingen, slaapzakken en helmen. Hij opent een container vol isolatiebuizen. “Water is superbelangrijk voor mijnbouw. Zonder goede isolatie bevriest het binnen no time – zelfs in de zomer!”
Groenland zit vol met goud, kobalt, ijzer, maar ook zeldzamer spul zoals vanadium, nikkel en niobium. Deze materialen zitten in dingen als sterke magneten voor windmolens en elektrische auto’s, of worden gebruikt om constructiematerialen lichter én sterker te maken – handig in de defensie-industrie. Al honderd jaar lang doet het geologisch instituut Geus onderzoek in Groenland, met vestigingen in zowel Kopenhagen als Nuuk. Zij hebben het potentieel van de ondergrond tot in detail in kaart gebracht.
Toch zijn er op dit moment maar twee mijnen in bedrijf: één goudmijn in het zuiden, en één anorthosiet-mijn in het zuidwesten. Anorthosiet kan gebruikt worden voor glasvezel. Maar ‘in bedrijf’ is misschien wat groot gezegd. “Die goudmijn heeft tot nu toe maar één staaf goud geproduceerd”, zegt geoloog Per Kalvig van Geus. “En bij de anorthosiet-mijn is de markt nog niet eens goed op gang gekomen.” Mijnbouw is dus echt iets voor mensen met geduld – en dikke portemonnees.
De eerste 10 tot 15 jaar draait alles om onderzoek: hoeveel zit er, hoe goed is het, en hoe zou je er een mijn van kunnen maken? In die tijd verdien je niks, maar geef je juist heel veel geld uit. En dan komt pas de volgende stap: afspraken maken met verwerkingsbedrijven, die op hun beurt weer moeten overeenkomen met fabrieken. “Vooral Australië, Canada en Europese landen investeren”, vertelt Kalvig. “De VS houden zich liever op afstand.”
In Amerika wordt Groenland vaak gezien als een lastige plek: koud, weinig infrastructuur, strikte milieuregels. Maar volgens Kalvig is dat een beetje een mythe. “In Rusland, Alaska, Canada en Noord-Noorwegen werken er al genoeg mijnen in vergelijkbare omstandigheden. Die hebben dezelfde of zelfs grotere uitdagingen.”
Hij denkt dat Groenland meer kan doen door ook de verwerking van grondstoffen aan te trekken – bijvoorbeeld aluminiumsmelterijen die draaien op goedkope, duurzame energie uit waterkrachtcentrales. Of zelfs datacentra. Maar: “Dat zijn keuzes die alleen de Groenlandse regering mag maken.”
Taatsi Olsen is positief over de interesse van Amerikaanse bedrijven, maar houdt wel een slag om de arm. “We vinden het leuk als ze komen. Maar ze moeten wél onze regels en onze cultuur respecteren.”
Gieren die klappen: onderzoek naar seksleven van vale gieren in Beekse Bergen
Heb jij al eens het geluid gehoord van gieren die het met elkaar doen? Nee, wij ook niet – en toch is het precies wat bezoekers van dierenpark Beekse Bergen deze dagen kunnen meemaken. In Hilvarenbeek knalt er namelijk uit luidsprekers een behoorlijk hard, onverwacht geluid – en dat blijkt de audioversie te zijn van parende vale gieren.
Dit gekke geluid maakt deel uit van een opvallend wetenschappelijk onderzoek naar het paringsgedrag van deze imposante vogels. Bioloog Stijn Berger van Beekse Bergen legt uit hoe het zit tijdens een gesprek in het radioprogramma Afslag Zuid van Omroep Brabant: “Deze gieren paren echt heel vaak, het hele jaar door. En als ze het doen, dan doen ze het met veel lawaai. Echt bombarie, zo kun je het wel noemen.”
Het onderzoek wordt geleid door de Universiteit Utrecht en loopt samen met andere dierentuinen zoals Diergaarde Blijdorp en Avifauna. Het doel? Uitzoeken of het afspelen van paringsgeluiden daadwerkelijk kan helpen om het voortplantingsgedrag van de vale gier aan te wakkeren. Of simpel gezegd: “Horen seksen, doet seksen?” zo vat presentator Ronny Balk het brutaal samen. En ja – dat is eigenlijk precies wat de onderzoekers willen weten.
Want laat één ding duidelijk zijn: de vale gier staat op de rode lijst. De soort is ernstig bedreigd, en het aantal bevruchte eieren is teleurstellend laag. Door het afspelen van geluiden hopen de biologen daar verandering in te brengen. “Misschien kunnen we ze hiermee een duwtje in de rug geven,” zegt Berger. “En wie weet leren we er ook nog eens bij over hoe sociaal deze dieren eigenlijk zijn.”
Maar laten we eerlijk zijn: paren is voor een gier niet makkelijk. Die beesten zijn groot, zwaar en hebben geen gemakkelijke positie. “Je hebt de éne bovenop de ander, en dan moet je gaan balanceren,” vertelt Berger. “De bovenste mag niet afglijden. Ze pakken elkaar vaak vast met hun snavels, zodat ze niet van elkaar vallen. Voor zulke grote vogels is het best een acrobatieknummer.”
Inmiddels hangen er luidsprekers bij het verblijf van de gieren in Beekse Bergen, waar regelmatig het harde paringsgeluid uit dreunt. Onderzoekers praten met bezoekers, en er staan waarschuwingsborden dat het flink kan knallen. Toch denkt niemand spontaan: “Oei, daar is een gier aan het neuken.” Meestal horen mensen gewoon herrie.
Stijn Berger wil nog geen feest afblazen, maar hij kijkt hoopvol vooruit. “We zien nu meer paringsgedrag met het geluid dan zonder. Dat ziet er goed uit. Ik ben erg tevreden.” Er is al een ei gelegd, en het vrouwtje broedt erop. Over iets meer dan twee maanden – ongeveer 55 dagen – weten ze of het ei bevrucht was… en of er een kuikentje uit komt.
Fingers crossed!
De man zonder masker: hoe Greg Bovino het gezicht werd van ICE
Sinds het dodelijke neerschieten van Renee Gooddoor – een actie die plaatsvond begin deze maand in Minneapolis door een ICE-agent – is de spanning rondom immigratiecontroles flink opgelopen. Op straat zien we steeds vaker demonstranten die recht tegenover zwaarbewapende overheidsagenten staan. Veel betogers dragen maskers om hun identiteit te verbergen, maar er is één figuur die juist helemaal geen moeite doet om onzichtbaar te blijven: Greg Bovino.
Hij duikt telkens weer op bij protesten en optochten, vaak vooraan, zonder iets voor zijn gezicht. En daarmee is hij langzaam maar zeker uitgegroeid tot dé bekende kop van Trumps harde aanpak op het vlak van immigratie. Na eerdere optredens in Los Angeles en andere delen van Californië, leidt Bovino nu ook de operaties in Minneapolis.
Wat veel mensen niet weten: Bovino hoort technisch gezien niet bij ICE, de Immigration and Customs Enforcement. Hij is eigenlijk lid van de Amerikaanse grenspolitie (Border Patrol). In 2020 kreeg hij al een hoge functie in El Centro, vlak bij de grens met Mexico. Zijn interesse voor het vak ontstond al op jonge leeftijd, nadat hij de film The Border met Jack Nicholson had gezien. Zo vertelde hij zelf in een interview met The New York Times. “Het geweld dat die agenten meemaakten… dat raakte me echt. Wat moet dat een zwaar beroep zijn, daar helemaal alleen aan de grens, zonder directe hulp,” zei hij.
Die ervaring lijkt ook mee te spelen in zijn houding van vandaag. Bovino staat pal achter de manier waarop hij en zijn team te werk gaan, ook al roept dat veel kritiek op. Terwijl de regering-Trump hem prijst, schuiven Democratische politici hem liever naar de zijlijn. Zij beschuldigen hem ervan het hoofd te zijn van een dienst die agressieve, bijna autoritaire tactieken gebruikt. Denk aan razzia’s op parkeerterreinen, het inslaan van autoruiten of binnenkomst in woningen zonder officieel huiszoekingsbevel.
Recentelijk richtte hij tijdens een protest traangas op demonstranten – beelden daarvan circuleren intussen online. Ook deels dankzij Bovino zelf, want hij deelt graag videomontages van deze acties via sociale media. Snelle cuts, harde muziek, teksten als ‘We zullen niet gestopt worden’ – het lijkt wel een trailer van een actiefilm. Maar voor critici is het eerder beangstigend.
Californische gouverneur Gavin Newsom ging zelfs nog verder. Tijdens een gesprek op het WEForum in Davos zei hij dat Bovino “eruitzag alsof hij een SS-uniform op eBay had gekocht”, verwijzend naar de lange jas die Bovino soms draagt. Die opmerking greep aan op sociale media, maar het ministerie van Binnenlandse Veiligheid (DHS) reageerde snel: Bovino droeg een standaarduniform. Volgens de regels mag die jas alleen bij ceremoniële gelegenheden worden gedragen, dus het feit dat hij hem ook in actieve dienst draagt, valt op – en werpt vragen op.
Critici maken zich bovendien zorgen over de manier waarop arrestaties worden uitgevoerd. Sommigen beweren dat er wordt gekeken naar etniciteit in plaats van concrete verdachten. Bovino wuift dat weg in een gesprek met CNN. “Al onze acties zijn gebaseerd op inlichtingen. We gaan naar plekken waar de dreiging zit.” Voor hem is het meer dan werk – het is een missie. “En die missie is cruciaal. Anders zouden we hier niet moeten zijn. En als iemand in de weg staat, kan dat slecht aflopen. Als we een burger of wie dan ook moeten arresteren, dan doen we dat.”
Eerder omschreef hij zijn aanpak in gesprek met The New York Times als ‘ethisch, moreel en legaal’. De video’s die hij deelt? Volgens hem een manier om zijn agenten te beschermen tegen aanvallen van politici. En hij gelooft werkelijk dat hij “Amerika veiliger maakt”.
