Onderwerp van artikel

Zware twijfels over het oorlogsverleden van de 99-jarige verzetsman: zat hij eigenlijk wel echt in Dachau?


De 99-jarige Wilbrink en zijn omstreden Dachau-verhaal

De inmiddels 99-jarige Wilbrink uit Arnhem heeft de afgelopen jaren flink wat verteld over zijn oorlogsverleden. Hij stond regelmatig op het podium bij herdenkingen – met koning Willem-Alexander erbij – mooi vooraan in zijn veteranentenue, behangen met onderscheidingen. Ook bij allerlei media deed hij zijn verhaal, onder meer over zijn tijd in het Duitse Dachau. RTL Nieuws sprak hem ook. Afgelopen mei was hij nog eregast op Bevrijdingsdag in Wageningen, waar hij als een van de laatste veteranen uit die tijd zijn verhaal deed. Onze redactie kwam via het comité Wageningen 45 met hem in contact.

Het verhaal zoals Wilbrink het vertelt

Wilbrink zegt dat hij als 15-jarige jongen in het verzet werd gepakt en naar concentratiekamp Dachau werd gestuurd. “Daar werd ik lijksjouwer”, zei hij in een video. Wijzend op zijn onderscheidingen beweerde hij tegen RTL Nieuws dat hij recent de titel ‘held van Polen’ had gekregen, nadat hij eerder al ereburger van Polen zou zijn geworden. Ook vertelde hij dat hij tientallen mensen in Dachau het leven had gered. Als jonge knul moest hij de lijken van vermoorde gevangenen naar de verbrandingsovens brengen. Als hij merkte dat er nog iemand leefde, smokkelde hij die stiekem naar de ziekenboeg. “Zo heb ik veertig mensen kunnen redden”, staat ook in zijn biografie uit 2023, geschreven door Laurens van Aggelen.

De alarmbellen gaan rinkelen

Die biografie deed vorig jaar bij historisch onderzoeker Jos Sinnema – die al sinds 2002 onderzoek doet naar Dachau – alle alarmbellen afgaan. Wilbrink vertelt in het boek bijvoorbeeld over een heimelijke kerstviering in 1942 in het kamp, waarbij een van de bewakers zijn mitrailleur in de barak zou hebben leeggeschoten. Volgens Wilbrink was het “een vreselijk bloedbad, waarbij vele doden vielen. Als door een wonder heb ik het weten te overleven.” Maar Sinnema vond in zijn bronnenonderzoek niets terug over deze heftige gebeurtenis. Sterker nog: in andere kampmemoires staat over diezelfde viering dat die “vredig en feestelijk was, met drie vrije dagen en een – voor de kampomstandigheden – overvloedige maaltijd”. Sinnema vond zelfs helemaal geen bewijs dat Wilbrink in Dachau heeft gezeten. “Bewijs dat er bij andere gevangenen wel is”, zegt hij tegen RTL Nieuws. “Ik weet op basis van mijn bronnenonderzoek met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat hij er niet is geweest.”

Het Nederlands Dachau Comité schrikt

De onderzoeker stuurde een “lange lijst van onjuistheden” naar het in 1961 opgerichte Nederlands Dachau Comité (NDC), dat opkomt voor overlevenden en nabestaanden. Het NDC schrok van de uitkomsten en vond dat de biografie niet verder verspreid moest worden om verdere geschiedvervalsing te voorkomen. Dat leidde voor zover bekend tot niets. Willem Wilbrink kon zijn verhaal blijven vertellen.

Een publicist komt er ook achter

Tot ook publicist Hans Vogelzang, wiens schoonvader in Dachau heeft gezeten, afgelopen zomer het verhaal van Wilbrink op het spoor kwam. Hij schreef deze week een artikel in het Historisch Nieuwsblad over het “onbewezen Dachau-verleden van Willem Wilbrink”. Van een hoge pauselijke onderscheiding die Wilbrink naar eigen zeggen zou hebben gekregen, was bij het aartsbisdom van Utrecht niets bekend, bleek uit navraag door Vogelzang. Bovendien droeg Wilbrink die zogeheten Silvesterorde aan een verkeerd lint. Verder viel het Vogelzang op dat Wilbrink nooit het Verzetsherdenkingskruis droeg, waar hij gezien zijn verhaal wel voor in aanmerking zou komen. In zijn biografie zegt Wilbrink dat het verzoek voor die onderscheiding was geweigerd. Uit onderzoek van Vogelzang blijkt echter dat zijn naam niet voorkomt in het archief van aanvragen en afwijzingen.

Wat de biograaf en de zoon zeggen

Ook biografieschrijver Van Aggelen geeft toe dat hij behalve de woorden van Wilbrink geen direct bewijs heeft dat hij in Dachau gevangenzat. “Het kan ook zijn dat hij buiten het kamp zat, en erbinnen werkte. Misschien heeft hij het iets mooier gemaakt dan het is, maar dat is geen reden om de heer Wilbrink zo kapot te maken”, vertelt hij tegen RTL Nieuws. Ook Wilbrinks zoon Herman zegt tegen RTL Nieuws dat zijn vader “de waarheid soms iets interessanter maakt, met een beetje jus erbij”. Toch twijfelt hij niet aan zijn vader en zegt hij er voor hem te zijn. Wel begrijpt hij dat het verleden van zijn vader wordt uitgezocht.

Het ontbrekende kampnummer

Misschien wel het belangrijkste gat in het verhaal van Wilbrink is dat hij naar eigen zeggen geen kampnummer heeft gehad in Dachau. Alle gevangenen kregen bij binnenkomst een nummer. Ze werden niet aangesproken bij hun voor- of achternaam. Onderzoeker Vogelzang vroeg Wilbrink ernaar toen hij hem benaderde voor wederhoor voor zijn artikel. Hij stelde hem negen schriftelijke vragen en kreeg een beperkte, ontwijkende reactie. Vogelzang: “Elke gevangene kende dat nummer feilloos uit zijn hoofd en is dat nummer nooit vergeten. Van de periode dat Wilbrink gevangenzat, zijn alle nummers en namen bewaard gebleven. Hij staat niet in het ‘nummerbuch’.” Volgens Wilbrink is het ontbreken van een nummer “zijn pech”, zegt hij tegen RTL Nieuws. Dat zou met zijn jonge leeftijd te maken hebben gehad. Als minderjarige mocht hij niet eens in het kamp werken, zo was de verklaring. Maar na anderhalf jaar was hij er naar eigen zeggen nog steeds. Dat Wilbrink anderhalf jaar zonder nummer in het kamp werkte, is zeer onwaarschijnlijk, zegt Vogelzang. Dat bevestigt Wimar Jaeger, voorzitter van het Nederlands Dachau Comité, aan RTL Nieuws. “U moet zich voorstellen dat er honderdduizenden mensen gevangenzaten in Dachau. Die hebben een nummer gehad. Die nummers zijn ook geregistreerd. Dat hele archief werd zeer nauwgezet bijgehouden en is bewaard gebleven. Er is niet één verhaal van iemand die in concentratiekamp Dachau heeft gezeten zonder nummer.”

Geen spoor in de archieven

“Er is op geen enkele manier sprake van een relatie tussen de heer Wilbrink en concentratiekamp Dachau”, zegt Wimar Jaeger in een video. Wilbrink wordt überhaupt nergens vermeld in de belangrijkste bewaard gebleven Dachau-registraties. Ook in de archieven van onderzoeksinstituut NIOD, dat onder meer onderzoek doet naar de Tweede Wereldoorlog, komt de naam van Wilbrink niet voor, bevestigt een woordvoerder aan RTL Nieuws. “Onze archieven bestaan uit stukken van verschillende buitenlandse concentratiekampen, maar dat de naam van Wilbrink daar niet in voorkomt, wil niet met honderd procent zekerheid zeggen dat hij niet in Dachau gevangen heeft gezeten.”

Wilbrink houdt vol

Willem Wilbrink blijft erbij dat hij wel in Dachau heeft gezeten, vertelt hij gedecideerd tegen RTL Nieuws. Het bewijs hiervan is volgens hem een afschrift van 7669,38 euro. Dat bedrag kreeg hij in 2005 als compensatie voor dwangarbeid in Duitsland. Of en hoe hij bewijs heeft aangeleverd aan de organisatie die deze uitkeringen uitbetaalt, is onduidelijk. “Ook hier is het bewijs niet te verifiëren”, zegt Vogelzang.

“Zijn verhaal moet stoppen”

Voor Vogelzang is het klip en klaar: Wilbrink kan geen bewijzen leveren. “Dat het verhaal van de mensen die er wel hebben gezeten, wordt verweven met het verhaal van Wilbrink is respectloos. Zijn verhaal moet stoppen.” Het Nederlands Dachau Comité onderschrijft de bevindingen van het onderzoek. “Feitelijke en/of niet verifieerbare onjuistheden moeten worden weersproken. (…) Het NDC probeert te waken over de betrouwbaarheid van de verhalen uit het kamp Dachau. Als het NDC daarin geen rechte lijn aanhoudt, komt de betrouwbaarheid van de Dachau-geschiedenis in het geding. Dat is schadelijk voor het gedachtegoed van ‘dat nooit weer’.” “Wij weten als Nederlands Dachau Comité als geen ander wat oorlogstrauma in de hoofden van mensen kan doen”, zegt voorzitter Wimar Jaeger tegen RTL Nieuws. “We willen daar ook heel erg empatisch over zijn. En tegelijk is het wel heel belangrijk dat als die gebeurtenissen niet meer stroken met de feiten, we de werkelijkheid echt boven water moeten houden. Er zijn zeer nauwgezette gegevens over wie in Dachau hebben gezeten. Ik durf hier best de stelling aan dat dit in werkelijkheid nooit is gebeurd.”

Bekijk origineel artikel

Droogte zet Brabantse dieren onder druk, maar bever en otter komen terug

Het gaat nog steeds niet goed met ruim duizend bedreigde diersoorten in Brabant. Toch is er ook positief nieuws: sommige dieren doen het juist wél goed, blijkt uit het tweejaarlijkse rapport van het Wereld Natuur Fonds. De bever floreert, de lepelaar breidt zich uit en de otter laat zich steeds vaker zien in de provincie.

Klimaatverandering als boosdoener

Boswachter Frans Kapteijns legt uit dat klimaatverandering veel dieren onder druk zet. “Dat betekent dat er veel gebeurt. Er zijn plotseling heftige buien, maar ook veel verdroging.” Soorten die het in Brabant zwaar hebben zijn onder meer de knoflookpad, de grutto, de beekprik, de veldleeuwerik, de boomkikker, de huismus, de gierzwaluw en de watersnip. Met de meeste bedreigde soorten gaat het de afgelopen jaren bergafwaarts.

Droge beken en leeggelopen vennen

Vooral de beekprik, een vis zonder kaken, en de bosbeekjuffer, een insect, hebben last van de droogte. “Die willen stromende en zuivere beken”, aldus Kapteijns. Om te voorkomen dat deze dieren verdwijnen, pompte het waterschap de afgelopen zomers ‘overlevingswater’ in sommige beken. Ook amfibieën en watervogels hebben het moeilijk, omdat vennen steeds vaker droogvallen. “We hebben grote groene woestijnen in ons Brabantse landje. Daar kan geen beest op overleven.” Weidevogels lijden onder het verdwijnen van vochtige graslanden. “Dat is juist de basis voor deze dieren.”

Vervuiling door exotische ganzen

Exotische ganzen zorgen volgens Kapteijns voor extra problemen. De nijlgans en de Canadese gans rusten op plassen en vervuilen het water met hun uitwerpselen. Op sommige vennen zijn daardoor geen dodaarzen en kuifeenden meer te vinden. “Als water vol stront zit, zien ze het voedsel niet meer. En vissen verdwijnen ook omdat die niet in stront kunnen zwemmen.” Invasieve exoten bedreigen dus de diersoorten die hier al leven. Maar niet iedere nieuwe soort is een probleem: door klimaatverandering trekken sommige dieren juist verder naar het noorden. Zo kwam de bidsprinkhaan in 2023 op eigen kracht naar Nederland. Volgens Kapteijns vormt die geen bedreiging.

Breuk in de kringloop

Het verdwijnen van diersoorten kan gevolgen hebben voor de hele natuur. “Als er een bepaalde diersoort niet meer is, is er een breuk in de kringloop.” Verdwijnen bijvoorbeeld uilen, dan kunnen er meer ratten komen. “Als roofdieren wegvallen, wordt het wel lastig voor de mens.” Om dieren te redden, moet Brabant zich volgens Kapteijns beter aanpassen aan het veranderende klimaat. “Er zal wat moeten veranderen.” Dat betekent minder bomen kappen, niet elke tuin strak houden en meer bomen en struiken planten. “Daar zit voedsel in, dieren kunnen zich erin verschuilen en het als route gebruiken om zich te oriënteren.”

Bever en otter maken comeback

De provincie werkt aan het uitbreiden en verbinden van natuurgebieden, het herstellen van leefgebieden en het vasthouden van water. Ook wil de provincie verdroging en stikstof verminderen en bedreigde soorten beschermen. En er is goed nieuws: de bever is terug en de boomkikker rukt op sinds hij is uitgezet. Ook de otter maakt een comeback en is al meerdere keren in Brabant gezien. “Door schoner water, het verbinden van leefgebieden en het herintroduceren van otters doen ze het nu weer goed”, zegt Robert Zwiers tegen de NOS. Hij is hoofd impact bij het Wereld Natuur Fonds. Kapteijns blijft dan ook hoopvol: “Als we er met z’n allen onze schouders onder blijven zetten, kunnen we de dieren blijven tegenkomen.”

Bekijk origineel artikel

Franse minister komt met noodplan na protesten: 3000 invaldocenten

De Franse minister van Onderwijs heeft een noodplan uit de kast getrokken nu de protesten in Frankrijk maar blijven doorgaan. Zijn oplossing? Meer dan 3000 extra leerkrachten zo snel mogelijk aan het werk zetten. Die docenten moeten volgens minister Geffray terechtkomen op de 514 scholen waar het lerarentekort het ergst is. De meeste van hen kunnen volgens hem al voor volgende week dinsdag beginnen.

Daarnaast hebben Geffray en de Franse premier Lecornu laten weten dat er geld vrijkomt om na de herfstvakantie – die in Frankrijk van 17 oktober tot 2 november duurt – tijdelijk personeel in te huren. Maar of dit alles de protesten gaat temperen, is nog maar de vraag. “Édouard Geffray probeert geruststellingen te bieden….zonder echt iemand te overtuigen”, schrijft Le Parisien bijvoorbeeld. En Le Monde noemt het vooral een lapmiddel, met de vraag of er later in het jaar niet alsnog tekorten ontstaan. Lerarenvakbond SNES-FSU noemt het “een haastige poging om de schijn van een politieke oplossing te wekken, maar die niet houdbaar is”. Voor verdere maatregelen wijst de regering naar de begroting voor 2027. Lecornu wil daarin een wijziging aanbrengen waarin hij extra budget kan vrijmaken voor het verder opvangen van tekorten.

Gisteren werd weer op veel plekken gedemonstreerd door middelbare scholieren. Maar ook universitaire studenten hebben zich hierbij aangesloten. Volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken gingen gisteren 71.500 mensen de straat op. Die marsen en blokkades verliepen grotendeels vreedzaam, maar naast de vreedzame demonstraties zijn op sommige plekken ook geweldsuitbarstingen. In Straatsburg werd bijvoorbeeld een politieauto in brand gestoken en in Bordeaux werd brand gesticht bij een politiebureau. Tijdens de protesten werden gisteren 504 arrestaties verricht en raakten 48 politieagenten gewond.

De protesten zijn ook naar België overgewaaid. Daar werd de afgelopen dagen geprotesteerd tegen geplande bezuinigingen op het onderwijs. In Luik werden bij de protesten vernielingen aangericht, waarna gisteren een samenscholingsverbod inging. Daardoor en door verscherpte controles was het gisteren volgens de Luikse politie een rustige dag. Er werden geen vernielingen verricht en het was rustig in het centrum. Wel werden 76 mensen gearresteerd, waarschijnlijk omdat zij zich niet hielden aan het samenscholingsverbod.

Bekijk origineel artikel

Regenboogvlag wappert toch bij de Tweede Kamer

Een meerderheid van de Tweede Kamer wil dat er zondag een regenboogvlag bij het Tweede Kamergebouw hangt. Tijdens een hoofdelijke stemming donderdagavond laat stemden 90 Kamerleden voor en 36 tegen. Het is de eerste keer dat deze vlag bij de Tweede Kamer te zien zal zijn.

Een flinke discussie achter de schermen

Het wel of niet hijsen van de regenboogvlag zorgde de afgelopen dagen voor behoorlijk wat commotie in de Tweede Kamer. RTL Nieuws meldde dat het presidium – het dagelijks bestuur van de Tweede Kamer – eerst een streep zette door een plan van ambtenaren om de vlag te hijsen.

Het is zondag coming-outdag en medewerkers van de Tweede Kamer leken het een mooi gebaar om de regenboogvlag te laten wapperen als steun aan de lhbtiq+-gemeenschap. Het presidium vond dat aanvankelijk ook een goed idee, maar kwam er later op terug. Dat gebeurde nadat kleine christelijke partijen lucht kregen van het plan.

Verzet vanuit de christelijke hoek

De SGP, een christelijke oppositiepartij, zat het plan dwars. In het presidium zitten alleen grotere partijen, maar er hoort wel rekening gehouden te worden met de mening van kleinere partijen. De SGP vindt dat er terughoudend moet worden omgegaan met het hijsen van andere vlaggen dan de Nederlandse. Volgens SGP-Kamerlid Van Dijk is de regenboogvlag “geen nationale vlag, maar een vlag van belangenclubs die inmiddels is uitgegroeid tot een symbool van activisme.”

Eerder, op 24 februari 2024, werd de Oekraïense vlag nog gehesen bij het gebouw van de Tweede Kamer, twee jaar na de Russische inval.

Oppositiepartijen grijpen in

Een aantal oppositiepartijen – waaronder Pro, Partij voor de Dieren, 50Plus en Volt – was zo verbolgen over het besluit van het presidium dat ze besloten het terug te draaien. “De Tweede Kamer moet opkomen voor de rechten van de wereldwijde lhbtiq-beweging,” stellen de Kamerleden in een motie. Ze vinden het ook belangrijk dat er voor de medewerkers van de Tweede Kamer “sprake is van een inclusieve werkomgeving.”

Hoofdelijke stemming zorgt voor irritatie

Over de motie moest donderdagavond laat nog hoofdelijk worden gestemd. Dat betekent dat elk Kamerlid apart – dus niet per fractie – zijn of haar standpunt kenbaar moest maken. Alle Kamerleden moesten daarvoor opgetrommeld worden. Verschillende Kamerleden die op donderdag al naar huis waren gegaan – vaak ver weg van Den Haag – moesten rechtsomkeert maken. Dat zorgde voor de nodige irritatie.

BBB-Kamerlid Van der Plas, die terugkwam uit haar woonplaats Deventer, noemde het een verspilling van duizenden kilometers. CU-Kamerlid Grinwis noemde de hele gang van zaken “treurig en potsierlijk”, maar stemde wel in: “Om de mensen om wie het gaat.”

Bekijk origineel artikel

Beperking of niet, Mart gaat voor de halve marathon én biefstuk

Mart de Jong en Erik Ratelband staan zondag 11 oktober samen aan de start van de halve marathon in Eindhoven. Mart heeft een beperking, maar na maanden trainen is hij er helemaal klaar voor. En na de finish? Biefstuk!

Van dagopvang naar halve marathon

Mart komt graag bij de dagopvang van Ons Hagje in Haghorst. Erik is daar eigenaar en begeleider. “Wij zijn een doeboerderij, in de volksmond noemen ze dat ook wel een zorgboerderij”, legt Erik uit. Mart komt er al drie jaar en vertelde dat hij fitter wilde worden en meer zelfvertrouwen wilde krijgen.

Erik geloofde in Mart en stelde voor om samen te trainen voor een halve marathon. “Toen ik dat hoorde, dacht ik: ja vet”, zegt Mart. “Maar de vraag is hoe?” Mensen zeggen namelijk vaak tegen Mart: “Zou je dat nou wel doen?” Ook hoort hij regelmatig dat iets niet lukt. Volgens Erik onderschatten mensen hem door zijn beperking. “Ik heb altijd zoiets van: we kijken wel of het lukt. En lukt het niet, dan gaat hij misschien een keer op z’n bek. Daar leert hij van.”

Stapje voor stapje opbouwen

Erik bedacht een plan. Stapje voor stapje bouwden ze op: eerst een wedstrijd van 5 kilometer, daarna de 10 kilometer en vervolgens de Tilburg Ten Miles van zo’n 16 kilometer. En net als veel andere lopers had ook Mart het soms moeilijk. Erik: “We begonnen met trainen en hier om de hoek stond hij al te hijgen. Het lukte niet en hij vond het zwaar.”

Ook verzon Mart weleens blessures die er niet waren. Daar kunnen ze nu allebei om lachen. “Ik vroeg Mart na de training: ‘Had je wel echt pijn?’ En Mart antwoordde toen: ‘Nee, ik had eigenlijk geen zin meer'”, vertelt Erik lachend, terwijl Mart met zijn hand tegen zijn hoofd slaat. “Eerlijk zijn tegen jezelf is ook onderdeel van het proces om het vol te kunnen houden”, vervolgt Erik. “Want als je dan met tegenzin gaat lopen, dan ga je het niet volhouden.”

Toch heeft Mart ook geleerd dat doorzetten er soms bij hoort. “Soms moet je gewoon zin maken”, zegt hij. “Gewoon naar buiten gaan en je schoenen aantrekken en gaan hardlopen.”

Iemand die naast je staat

Erik is supertrots op hoe ver Mart al is gekomen. “Op het moment dat je verder kan kijken dan de beperking, dan kom je erachter dat het eigenlijk ook gewoon mensen zijn die heel veel willen en kunnen. Ze hebben soms alleen iemand nodig die naast ze staat. Iemand die ze kan motiveren en helpen. En dan lukt het ook.”

Mart heeft vooral heel veel zin in de halve marathon. Het meest kijkt hij uit naar de eindstreep. “En wat nog meer?” vraagt Erik hem. “Biefstuk!” roept Mart vastberaden. Want Erik heeft beloofd dat ze na de wedstrijd samen biefstuk gaan eten. En dat lijkt helemaal goed te komen. “Ik ga het gewoon doen. Hoe dan ook”, zegt Mart vol vertrouwen.

Bekijk origineel artikel

Pentagon wil executie van Nidal Hasan door vuurpeloton live op tv

Het Pentagon heeft laten weten dat de geplande executie van Nidal Hasan door een vuurpeloton live te volgen moet zijn voor het Amerikaanse publiek. Dat nieuws komt bovenop het eerdere bericht van afgelopen dinsdag dat Hasan überhaupt door een vuurpeloton geëxecuteerd zal worden.

Hasan was majoor en psychiater bij het Amerikaanse leger. Omdat hij militair was en het bloedbad aanrichtte op een legerbasis, valt hij onder de militaire rechtspraak en wacht hem de doodstraf. De executie staat nu gepland voor 3 december, al is het door allerlei beroepsprocedures nog maar de vraag of die datum daadwerkelijk gehaald wordt.

Minister van Defensie Pete Hegseth liet zich in een interview met de rechtse nieuwszender Real America’s Voice duidelijk uit over de gang van zaken. Hij wil de executie op een donderdag om 13.00 uur laten plaatsvinden — precies het tijdstip waarop Hasan zijn daad pleegde. Volgens Hegseth komt er een vuurpeloton met soldaten, “zoals het hoort”, en moeten mensen het kunnen bekijken. Zijn redenering: mensen moeten begrijpen dat dit soort daden serieuze gevolgen hebben.

Het is de eerste keer sinds 1961 dat het Amerikaanse leger de doodstraf voltrekt. Ook een executie door een vuurpeloton is in de VS uiterst zeldzaam: sinds 1977 gebeurde dat slechts zes keer op een totaal van 1684 executies. Verreweg de meeste terdoodveroordeelden krijgen een dodelijke injectie.

Hasan opende destijds het vuur in een gebouw op de Texaanse legerbasis Fort Hood, waar Amerikaanse militairen medisch gekeurd werden voordat ze naar Afghanistan vertrokken. De Amerikaan van Palestijnse afkomst riep daarbij “allahoe akbar”. Bij de aanslag kwamen dertien mensen om het leven en raakten meer dan dertig anderen gewond.

Bekijk origineel artikel