Bij Barcelona praten ze niet over Feyenoord — en De Jong’s herstel verloopt ‘naar wens’
Feyenoord staat op het punt om in de Champions League tegen FC Barcelona te spelen — een enorme uitdaging, zeker voor een Nederlandse club die het tegen de 29-voudig Spaanse kampioen moet opnemen. Maar hier in Barcelona? Niemand is er echt mee bezig. Niet trainer Hansi Flick, niet sterspeler Lamine Yamal, en ook geen enkele Spaanse journalist vroeg tijdens de persconferentie naar Feyenoord. Het lijkt bijna alsof de Rotterdammers een soort geheime voetnoot zijn in een verhaal dat alleen over één ding draait: de Champions League winnen.
Barcelona wil dit seizoen écht die trofee terugpakken — de laatste keer dat ze de finale wonnen, was in 2015. Twaalf jaar geleden. En Flick maakt geen geheim van zijn doel: “Elke club droomt daarvan. Dit is de beste competitie. We hebben het laten zien in La Liga — nu moeten we het laten zien in de Champions League.”
En dan komt de vraag over Frenkie de Jong. Die zit nog steeds aan de kant met een knieblessure na het WK, en zijn terugkeer duurt langer dan verwacht. Flick spreekt wel over ‘geweldige kwaliteiten’ en hoeveel hij De Jong waardeert — maar over een exacte datum voor zijn comeback? Geen sprake van. “Misschien is hij na de interlandbreak al terug, misschien niet. We bekijken het per dag.” Het herstel verloopt volgens hem ‘naar wens’, en hij heeft De Jong ‘vanochtend nog gesproken’. “Het gaat de goede kant op.”
Ondertussen is De Jong ook een plekje gezakt in de aanvoerdershiërarchie: hij is nu vierde aanvoerder, achter Raphinha (de eerste captain), Pedri en Eric Garcia. Nieuw in die groep is Lamine Yamal — door zijn ploeggenoten gekozen, ondanks zijn pas 19 jaar. “Ik ben blij dat ze mij hebben gekozen”, zegt hij. “Ook al ben ik pas 19, ik moet die verantwoordelijkheid dragen — en daar ga ik mijn best voor doen.” Met een wereldtitel op zak na de zomer, mist hij op zijn palmares alleen nog de Champions League. En ja — die wil hij graag winnen. “Er is geen beter doel. Het is de speciaalste competitie. We hebben nieuwe, goede spelers bijgekregen, zoals Rodri en Anthony Gordon. We zijn allemaal enorm gemotiveerd om te winnen.”
Over Feyenoord? Yamal zwijgt. Maar over Xavi Hernández, de nieuwe bondscoach van Oranje, heeft hij wel wat aardigs te zeggen: “Ik denk dat hij een goede coach is. Onder hem maakte ik op mijn vijftiende mijn debuut bij Barcelona. Ik heb alleen maar goede herinneringen aan hem. Ik hoop dat hij het goed doet met Nederland — behalve tegen Spanje.”
FC Den Bosch breekt door in Eindhoven… maar dan komt de ramp in vier minuten
FC Den Bosch heeft maandagavond met 3-1 verloren van Jong PSV — en die nederlaag werd pas echt bepaald in een dramatische vierminutenspanning na rust.
In de eerste helft zagen de Bosschenaren er goed uit: ze kregen flink wat kansen, waaronder een schot van Boumassaoudi en een gevaarlijke poging van Maas. Maar het bleef 0-0 tot de pauze.
En dan kwam die tweede helft.
Eerst maakte Cornecion gebruik van balverlies achterin bij Den Bosch voor de 1-0. Één minuut later legde Sidibé een prachtige steekpass af, en Austyn Jones tikte hem koel binnen: 2-0. En nog eens een paar minuten later? Invaller Boet Mulders profiteerde opnieuw van een fout in de verdediging en schoot de 3-0 binnen. Drie doelpunten, drie keer balverlies, allemaal binnen vier minuten.
FC Den Bosch probeerde het nog te redden: trainer Schreuder bracht Barglan, Hoffman en Semedo op — en dat leverde wel degelijk resultaat op. Via een assist van Semedo schoot De Corte de 3-1 binnen vanaf de rand van het zestienmetergebied. Maar daarna bleef het bij hoopvol aandringen, geen échte kans meer.
Uiteindelijk eindigde het dus in een 3-1 nederlaag — ondanks dat beide ploegen grotendeels even sterk waren. Het verschil? Die vier minuten waarin alles omsloeg.
Zondag is er alweer een nieuwe kans: uitwedstrijd tegen FC Volendam. Dan hopen de Bosschenaren op een betere start… en vooral op een betere tweede helft.
Dankzij twee goals in de laatste 26 minuten: Utrecht pakt een punt tegen Eagles
Go Ahead Eagles dacht misschien al te weten hoe het zou aflopen — maar FC Utrecht liet zich niet zomaar neerleggen. Na een gestaakt duel zaterdag, waarbij de wedstrijd na 65 minuten werd stilgelegd door herhaalde storingen vanuit het thuispubliek (eerst vuurwerk, daarna bekertjes op het veld), werden de resterende 26 minuten dinsdagmiddag afgemaakt in de Galgenwaard. En wat een afloop werd het: 3-3.
Trainer Anthony Correia had al zaterdag laten merken dat hij op terugkomen speelde — met aanvallende wissels en een duidelijke boodschap: druk zetten, snel naar voren, geen tijd verliezen. En dat werkte. Nadat Matisse Didden de aansluiting binnenkopte (2-3), bleef Utrecht doordrukken. Adrian Blake had eerder al de lat geraakt, maar de energie en intensiteit bleven hoog. Go Ahead kon onder die druk niet meer rustig voetballen — en in blessuretijd kreeg Utrecht dan ook een strafschop. Blake werd neergelegd door Alfons Sampstead, en Artem Stepanov benutte de kans koud en zeker: 3-3.
Een punt gewonnen, een comeback gevierd — en een onvergetelijke afwerking van een wedstrijd die op zaterdag abrupt was onderbroken.
PSV ontvangt Shakhtar Donetsk in de Champions League – een herkansing met veel geschiedenis
Donderdagavond staat er weer een grote Europese avond op het programma in Eindhoven: PSV ontvangt Shakhtar Donetsk in de Champions League. Een wedstrijd die niet alleen om punten draait, maar ook om herinneringen — vooral voor de fans die nog goed in gedachten hebben hoe het vorige duel verliep.
Een comeback die nooit werd vergeten
Twee jaar geleden speelde PSV al eens tegen Shakhtar — en wat een wedstrijd was dat! Op 27 november 2024 leek alles verloren te zijn… totdat Malik Tillman tweemaal toesloeg en Ricardo Pepi in de slotfase de winnende treffer maakte. In acht minuten draaide PSV een nederlaag om naar een dramatische overwinning. Die kwalificatie voor de achtste finale was daarmee binnen, hoewel Arsenal uiteindelijk te sterk bleek in de volgende ronde. Voor Shakhtar betekende die avond het einde van hun groepsfase — en daarmee ook het einde van hun campagne.
Shakhtar: sterk, maar met wisselvalligheid
Shakhtar komt deze keer als nummer twee van de Oekraïense competitie — met evenveel punten als koploper Polissja Zjytomyr. Toch zaten ze onlangs tegen een tegenvaller: een 0-2 nederlaag tegen juist diezelfde Polissja. Onder coach Arda Turan (sinds vorig jaar aan het roer) pakte de club wel de nationale titel en bereikte ze de halve finale van de UEFA Conference League — waar Crystal Palace uiteindelijk te sterk bleek. Interessant: geen enkele speler die in 2024 tegen PSV speelde, zit nu nog bij Shakhtar. De huidige aandachtspunten zijn doelpuntenmakers Alisson (2 goals, 2 assists in 5 wedstrijden) en Kauã Elias, die in één wedstrijd drie keer raak was tegen FC Kudrivka. En ja — door de oorlog in Oekraïne speelt Shakhtar zijn thuisduels sinds langere tijd in Stamford Bridge, het stadion van Chelsea FC.
PSV: ongeslagen, maar met ruimte voor verbetering
PSV is dit seizoen nog steeds ongeslagen in de Eredivisie — en dat is geen kleinigheid. Afgelopen zondag wonnen ze zelfs met 1-3 van Ajax, onder andere dankzij een doelpunt van debutant Lutsharel Geertruida. Met dertien punten uit vijf wedstrijden staan ze op de tweede plek, met een doelsaldo van twaalf. Ricardo Pepi heeft al drie keer weten te scoren, maar de nul blijft nog even wachten. In de zomer zijn er nieuwe gezichten binnengehaald — zoals Sami Ouaissa, Sam Lammers en Mikkel Bro Hansen — maar die hebben tot nu toe nog geen minuut gespeeld. Vorig seizoen strandde PSV in de groepsfase van de Champions League; een seizoen daarvoor haalden ze wel de kwartfinale. Dus: er is duidelijk ruimte én ambitie om verder te komen.
De laatste dagen van Kruijswijk als profrenner: ‘Het afzien is na 17 jaar wel genoeg’
Het woord Granada komt de laatste dagen steeds vaker voor — en met reden. Daar ligt zondag de finish van Steven Kruijswijk’s allerlaatste koers, na zeventien jaar vol afzien op de fiets. Hij zegt er niet echt mee bezig te zijn, met dat naderende einde van zijn loopbaan… maar stiekem speelt het al het hele jaar door zijn hoofd. De eerste afscheidsfilmpjes zijn al in de doos. Enkele ‘laatste keren’ zijn al geweest — zoals zijn laatste start in een grote ronde. Die vond plaats bijna voor zijn deur: in Monaco. Familie en vrienden waren erbij. Mooier kon het bijna niet.
“We werkten al naar dat moment toe. Ik besefte heel goed dat dit de laatste keer is dat ik in een peloton rond ga rijden. En dat er vanaf volgend jaar een ander leven voor me ligt.”
Kruijswijk, nu 39 jaar oud, is een klassementsrenner in ruste — een man die ooit derde werd in de Tour (2019), vierde in de Vuelta (2018) én ook eens vierde in de Giro (2016). Over die laatste ereplaats — en de beroemde val in de sneeuwwand die hem de roze trui kostte — wil hij liever niet meer praten.
Op de laatste rustdag van de Vuelta maakten Andries Lamain en Stef Clement de balans op: Enric Mas lijkt op weg naar de eindzege, en Visma-Lease a Bike blijft de overwinningen aan elkaar rijgen. Een mooie gelegenheid om Steven Kruijswijk te bellen — terwijl hij midden in zijn allerlaatste koers zit — en hem hardop te horen dagdromen over een leven zonder rugnummer, zonder pijn in de benen… en misschien zelfs over een rol in Wie is de Mol?
(De podcast is te beluisteren via de gratis NPOLuister-app, NPO Radio 1, Spotify en de podcast-app van Apple.)
Inmiddels heeft Kruijswijk langzaam een nieuwe rol gevonden binnen zijn ploeg. “De laatste keer dat ik de Tour reed (in 2022), was al meer in een dienende rol voor de kopmannen — vooral bergop. Ik heb een aantal jaren pech gehad met blessures, in 2022 en 2023. Daarna ben ik in deze rol terechtgekomen.”
Hij moest opboksen tegen andere sterke renners in de ploeg, die hun eigen successen boekten. “We hadden met Olav Kooij altijd een goede sprinter in de ploeg, en met Wout (van Aert) en onze klassementsrenners ben je toch gedwongen vaak de koers in handen te nemen — en moet je op kop rijden.”
Aan inhoud geen gebrek: “Gezien mijn kwaliteiten ben ik best wel een diesel te noemen — die lang meegaat. Die kun je op dit soort terreinen dan goed gebruiken. Ik heb er geen moeite mee om op deze manier mijn bijdrage te leveren.”
Hij is geen man van grootse uitspraken of dramatische daden — en dat is in zijn laatste jaar niet veranderd. Kruijswijk is simpelweg altijd gewoon daar: in 24 grote rondes.
Wat kunnen we dan nog verwachten in zijn laatste etappes? Een ritzege? Dat zou zijn carrière mooi afronden.
“Nee. Heel eerlijk: in deze Vuelta zijn de bergritten voor ons niet de interessantste dagen.”
Daarmee zegt hij eigenlijk ook: die dagen zijn geweest. Zijn dadendrang op weg naar Alpe d’Huez, zijn glorietijd als klassementsrenner tussen 2016 en 2019 — het zit nog wel in zijn hoofd, maar niet meer in zijn benen. Nu is hij vooral een breakawaykiller.
“Mijn job in deze ronde is om Wout en Matthew te laten strijden om de overwinning”, verwijst hij naar Van Aert en Brennan, die samen al vijf etappezeges pakten. “Dat ze kunnen sprinten voor hun kansen. Dat betekent voor mij vaak dat ik in de eerste uren van de wedstrijd de kopgroep probeer terug te halen — of dat ik het peloton zo lastig mogelijk probeer te maken.”
Met het afscheid is hij de laatste weken, naar eigen zeggen, niet altijd continu bezig geweest. Op het afgelopen weekend na.
“Na die zware bergrit van zaterdag dacht ik wel: ik ben blij dat het er hierna op zit. Want het afzien is na zeventien jaar wel genoeg. Ik kan nu wel uitkijken naar een leven zonder rugnummer.”
Er liggen al plannen. “Ik ben niet bang dat ik in een zwart gat val.”
Voordat het zover is, geniet hij vooral van zijn laatste kilometers. “We zijn hier met een heel mooie ploeg, die succesvol is. Dat maakt het heel plezierig — en des te mooier voor mij om dit als laatste wedstrijd te hebben.”
Heeft hij dan helemaal geen doel meer? Toch wel. Eén met de ploeg.
“Als ploeg hebben we wel eens zes etappes gewonnen in een grote ronde, maar nog nooit zeven. Dat is wel een mooie uitdaging. Ik denk dat het ook best wel realistisch is, met de etappes die nog voor ons liggen.”
En na zondag, in Granada? Hij verklapt het nog niet, maar in of rond een koers is hij voorlopig even niet meer te vinden.
“Ik zal zeker wel even van mijn vrije tijd genieten, maar ik wil ook wel weer door. Er liggen al plannen. Ik ben niet bang dat ik in een zwart gat val of iets dergelijks.”
