FC Den Bosch flink onderuit in Eindhoven: drie doelpunten in vier minuten

Maandagavond ging het bij Jong PSV even flink mis voor FC Den Bosch — en wel op een moment dat niemand echt zag aankomen. In de tweede helft, binnen maar vier minuten, vielen er drie tegendoelpunten. Van 0-0 werd het opeens 3-0, en hoewel De Corte nog een hoopvolle aansluitingstreffer wist te maken, was de schade al toegebracht.

Wat gebeurde er precies?

De wedstrijd in Eindhoven begon met wat wijzigingen in de opstelling van Den Bosch: Wolters, De Vries en Wang kwamen in de basis, terwijl Monzialo, Felida en Karlsson Grach op de bank bleven. In de eerste helft kregen de Bosschenaren zelfs een paar mooie kansen — denk aan een schot van Boumassaoudi en een poging van Maas — maar de netten bleven droog. Ruststand: 0-0.

Na de pauze kwam de ramp. Eerst maakte Cornecion gebruik van balverlies achterin en schoot de 1-0 binnen. Één minuut later verdubbelde Austyn Jones de voorsprong na een steekpass van Sidibé. En dan kwam het derde doelpunt: invaller Boet Mulders benutte opnieuw een fout bij Den Bosch om de 3-0 te scoren.

Een laatste snik van hoop

Trainer Schreuder probeerde het tij te keren met drie wissels: Barglan, Hoffman en Semedo kwamen het veld in. Het hielp — Den Bosch kreeg meer grip op het spel, en via een prachtige assist van Semedo schoot De Corte de 3-1 binnen vanaf de rand van het zestienmetergebied. Maar daarna bleef het bij aandringen. Geen aansluitingstreffer meer, geen gelijkspel, geen wondermeer. Alleen een 3-1 nederlaag.

Interessant detail: beide ploegen waren grotendeels aan elkaar gewaagd — alleen Jong PSV maakte zijn kansen in die cruciale vier minuten heel goed uit.

Wat nu?

Zondag is er alweer een nieuwe kans: uitwedstrijd tegen FC Volendam. Daar hoopt Den Bosch zeker een betere uitslag neer te zetten — en vooral wat meer controle te houden over de tijd na de rust.

Bekijk origineel artikel

Wereldtop vrouwengolf strijkt neer in Cromvoirt: ‘Dit is next level’

Voor het eerst ooit wordt de Solheim Cup — één van de grootste en meest prestigieuze wedstrijden in het wereldvrouwengolf — in Nederland gespeeld. En ja, je leest het goed: niet in een grote stad of een bekende golfresort, maar in Cromvoirt, een klein dorpje in Brabant. De golfbaan Bernardus Golf is dit weekend het middelpunt van de sportwereld, waar de beste vrouwengolfsters van Europa en de Verenigde Staten tegen elkaar strijden. “Het is als het WK voetbal, maar dan voor golf”, legt Nienke Nijenhuis van de Nederlandse Golf Federatie (NGF) uit. En dat klinkt niet overdreven: tienduizenden fans zijn afgereisd, de internationale pers is er, en de spanning zit in de lucht.

Net als bij de Ryder Cup voor mannen, gaat het hier om een echte teamwedstrijd — geen individuele prestaties, maar samenstand, strategie en gezamenlijk gevoel. Voor veel speelsters is dit het hoogtepunt van hun carrière. “Als je als kind begint met golfen, droom je ervan om ooit op dit podium te staan”, zegt Nijenhuis. “Normaal speel je alleen, maar hier doe je het écht als team. Dat maakt het ongelofelijk bijzonder.”

Onder de Europese selectie kijken velen uit naar de populaire Engelse Charley Hull. En aan de Amerikaanse kant is natuurlijk wereldnummer één Nelly Korda één van de grote sterren die iedereen wil zien spelen.

Jonge talenten op hetzelfde podium

Wat deze editie extra speciaal maakt? De Junior Solheim Cup wordt voor het eerst ooit op dezelfde baan gespeeld als de volwassenen. Ja, echt: dezelfde greens, dezelfde bunkers, dezelfde druk. “Hoe gaaf is dat voor een jonge golfster?”, vraagt Sabiene Riezebos, general manager van Bernardus Golf. “Op dezelfde baan spelen als je idolen — dat is nog nooit gebeurd.” Ook Nijenhuis ziet hierin de kracht van het evenement: “Junioren spelen normaal ergens anders, vaak afgezonderd. Nu krijgen zij hetzelfde podium. Dat inspireert gewoon enorm.”

Al tijdens de oefenrondes zitten er op de tribunes veel kinderen — sommigen met grote ogen, anderen met een eigen club in de hand. Toon, een jongen uit Cromvoirt, kan het bijna niet geloven: “Ik vind het vooral gek dat het in ons dorp is. Al die mensen van over de hele wereld, hier in Cromvoirt. Dat had ik echt niet verwacht.” Zijn schoolmaat kijkt vooral onder de indruk naar de speelsters: “Ze doen het heel goed. De ballen gaan heel ver.” Een professionele carrière ziet hij nog niet direct voor zich — “dan moet je echt superprofessioneel zijn. Je kan niet zomaar zo’n bal zo ver slaan.”

Heel Cromvoirt doet mee

En het blijft niet beperkt tot de baan. Het hele dorp draait deze week om de Solheim Cup. Ondernemers halen extra voorraden binnen, cafés zetten borden op de stoep, en straten die normaal rustig zijn, staan vol met bezoekers uit alle hoeken van de wereld. Bij bruin café en restaurant De Oude Herberg is het al volle bak: “Dit is iets wat Cromvoirt nog nooit heeft meegemaakt”, zegt een medewerker. Buurtbewoners zijn ook enthousiast: “We hebben er lang naar uitgekeken. Er gebeurt wat — je ziet van alles. Ik vind het een gezellige drukte.”

Een historische week voor Nederland

De organisatie verwacht tussen de 60.000 en 80.000 bezoekers deze week — een enorm aantal voor een dorp als Cromvoirt. “We hebben hier al drie keer het KLM Open gehad”, vertelt Riezebos, “maar dit is op wereldniveau. Dit is echt next level.” Vier jaar geleden leek de Solheim Cup nog een verre droom. Nu staat het hier, in het hart van Brabant. En voor haar is het toernooi pas echt een succes als iedereen straks met trots terugkijkt — en misschien zelfs samen kan roepen: we did it.

Bekijk origineel artikel

Van de Zandschulp weer kwartfinalist US Open na slijtageslag van ruim vijf uur

Botic van de Zandschulp heeft op de US Open — voor de tweede keer in zijn carrière — de kwartfinales gehaald. En wat een weg was het: een epische, zweetdruppelende, zenuwslopende slijtageslag van maar liefst 5 uur en 18 minuten tegen de Franse lucky loser Arthur Gea. De eindstand? 3–6, 6–7(0), 7–6(7), 7–6(3), 6–4. Een ware rollercoaster, waarbij Botic in de derde set zelfs een matchpoint overleefde — en daarna letterlijk door bleef knokken.

In 2021 bereikte hij al eens de laatste acht in New York. Maar deze keer voelt het anders: na jaren met veel ups en downs, lijkt het eindelijk weer te klikken. “Ik heb lastige jaren gehad, maar sinds dit jaar gaat het beter. Ik moet het allemaal nog beseffen, maar morgen word ik waarschijnlijk met een goed gevoel wakker”, lachte hij na afloop.

Hoe het zo ver kwam

Het begon niet rooskleurig. Botic had in de eerste twee sets duidelijk de kwaliteit, maar miste telkens de kans om echt door te drukken. In set één kwam hij terug van 1–3, liet twee breekkansen liggen bij 3–3, en zag Gea toch rustig de set winnen (6–3). In set twee leidde hij 4–1 — maar maakte onnodige fouten, en Gea was in de tiebreak gewoon onfeilbaar.

De frustratie sloeg toe in set drie: Botic sloeg zelfs een bal het stadion uit (en kreeg daarop een waarschuwing), maar die uitbarsting bracht wel iets van ontspanning. Toch verzuimde hij op 5–4 de set uit te serveren — en kreeg Gea op 6–5 in de tiebreak écht een matchpoint. Gelukkig: Botic knokte zich terug. Met 25 onnodige fouten in die set alleen al — maar ook met pure wilskracht — dwong hij een vierde set af.

En dan die vierde set: weer gelijk opgaand, weer spannend tot het uiterste. Gea kon op 5–4 de partij niet afsluiten, en Botic bleef koel, maakte minder fouten, en domineerde de tiebreak — onder meer met een prachtig drop-shot.

In de vijfde set werd het nog eens spannend: Gea begon met drie dubbele fouten, Botic brak direct — maar gaf zijn eigen game meteen weer weg door slordigheden. Gea ging steeds vaker naar het net, speelde agressief… maar Botic bleef taai. Op 3–3 brak hij Gea na een lange, zenuwslopende game — en serveerde de rest van de partij onder flinke druk knap uit. De finalebal? Een wilde slag van Gea die net in het net belandde. Einde verhaal.

Wat nu?

Woensdag staat Botic in de kwartfinale tegen de winnaar van de wedstrijd tussen Alexander Zverev (1) en Luciano Darderi (21).

Bekijk origineel artikel

De Champions League ontwaakt: vier dingen om op te letten

De bal rolt dinsdagavond weer in de Champions League — het grootste clubvoetbaltoernooi van Europa. Voor de derde keer in de nieuwe opzet strijden 36 teams om de meest iconische trofee uit het Europese voetbal. Van Nederland zijn PSV en Feyenoord van de partij, terwijl er maar liefst 22 Nederlandse spelers actief zijn bij clubs uit het buitenland. De finale wordt in juni gespeeld in het Estadio Metropolitano in Madrid — een moment dat al nu als hoogtepunt van het seizoen wordt gezien.

Maar wacht even: Paris Saint-Germain won de afgelopen twee edities… en toch is de titelverdediger dit jaar niet de grote favoriet. Volgens het statistiekbureau Opta — na 10.000 simulaties van het hele seizoen — staat Arsenal bovenaan de kansentabel (20,9% op de eindzege), gevolgd door Bayern München (19,4%), Manchester City (12,3%) en FC Barcelona (8,2%). PSG ligt op plek vijf met ‘slechts’ 7,1% kans.

En wat zegt de statistiek over onze eigen ploegen? PSV heeft 0,7% kans op de titel, Feyenoord slechts 0,04%. Dat klinkt mager — maar vergeleken met debuteerders als Sabah (Azerbeidzjan), Slovan Bratislava en Sjachtar Donetsk? Dan zijn ze nog steeds in de running.

Vier nieuwe gezichten in de elite

Voor het eerst ooit doen vier clubs mee aan de Champions League:
Como (Italië): onder leiding van trainer Cesc Fàbregas, en voor het eerst sinds de oprichting in 1907 op Europees niveau. Op 10 september begint hun historische avontuur tegen RB Leipzig — thuis, op het legendarische Stadio Giuseppe Sinigaglia aan het Comomeer.
LASK Linz (Oostenrijk): plaatste zich via een spectaculaire comeback tegen Celtic.
Sabah (Azerbeidzjan): pas opgericht in 2017, en nu al in de hoofdfase na een verlengingswinst tegen Hapoel Beer-Sheva.
Viking (Noorwegen): acht jaar geleden nog op het tweede niveau, nu terug op het hoogste Europese podium. Met onder meer spits Romano Postema (ex-FC Emmen) en verdediger Essiën Bassey (recent overgekomen van Jong PSV).

Nederlandse namen, ver van huis

Natuurlijk zien we Virgil van Dijk, Jurriën Timber en Denzel Dumfries in actie — maar er zijn veel meer Nederlanders verspreid over de continentale topclubs:
Nathan Aké, die nu voor Fenerbahçe speelt — een club die na 18 jaar afwezigheid weer terug is in de hoofdfase.
Devyne Rensch, Marten de Roon en Donyell Malen, allen actief bij AS Roma — waar men sinds 2018/2019 niet meer in de Champions League speelde.
Ramon Hendriks, die met VfB Stuttgart zijn eerste Champions League-seizoen ingaat. Hij kwam in 2024 van Feyenoord, maar speelde in de Rotterdamse hoofdmacht slechts elf keer.
Ezechiel Banzuzi, die voor RB Leipzig uitkomt — maar kiest ervoor om internationaal voor Congo te spelen.
Başar Önal, ex-NEC-revelatie van vorig seizoen, nu te zien bij Lille.
– En Xavier Mbuyamba, de 24-jarige verdediger bij LASK, die via MVV, Barcelona, Chelsea en FC Volendam terechtkwam in Oostenrijk.

Een ‘thuiswedstrijd’ in Londen?

Ja, echt. Door de oorlog speelt de Oekraïense club Sjachtar Donetsk sinds jaren geen wedstrijden in eigen land. Ze hebben tijdelijk onderdak gevonden in Londen — dus ja, de Champions League-bal zal ook op Stamford Bridge rollen, maar dan met een blauw-zwarte trui en een Oekraïens shirt. Eerder speelden ze al ‘thuis’ in Duitsland, Slovenië en Polen.

PSV begint donderdag om 18.45 uur met een thuiswedstrijd tegen Sjachtar Donetsk. Feyenoord reist woensdagavond om 18.45 uur naar Camp Nou voor een duel tegen FC Barcelona — een echte test voor de start van hun campagne.

Bekijk origineel artikel