Grootste oliedeal in de wereldgeschiedenis? Dat blijft nog even spannend
“Op papier kun je het de grootste deal ooit noemen. Maar papier en werkelijkheid zijn twee verschillende dingen”, zegt energie-expert Jilles van den Beukel van HCSS. Het gaat om een megadeal tussen de VS en Venezuela. De Amerikanen krijgen toegang tot zeventien Venezolaanse olievelden, met maar liefst 65 miljard vaten olie in de grond. Een nieuw bedrijf, waar de VS een meerderheidsbelang van 55 procent in krijgt, gaat de boel beheren. En dat voor honderd jaar. Daarbovenop komt nog een investering van 100 miljard dollar in de Venezolaanse olie-industrie.
De deal is getekend, maar nu nog de uitvoering
De interimregering onder leiding van Delcy Rodríguez heeft de deal onder druk van de VS getekend. Die regering zit daar sinds de VS begin dit jaar president Maduro en zijn vrouw op gewelddadige wijze ontvoerde. Maar om dit megaproject echt van de grond te krijgen, heeft Trump de hulp nodig van Amerikaanse oliebedrijven. “Trump gaat niet zelf naar olie boren. Dat moeten Amerikaanse commerciële partijen doen”, legt Hans van Cleef, energie-expert bij Eqolibrium, uit.
In het verleden zaten Amerikaanse bedrijven wel in Venezuela. Maar door de nationalisering van de olie-industrie sinds de jaren 70 trokken de meesten zich terug. Nu zijn die bedrijven dus huiverig om opnieuw te investeren. En dat is niet zo gek, zegt Van den Beukel. “Het is een groot langetermijnproject. Ze moeten nu investeren terwijl ze er pas over een paar jaar mogelijk geld mee verdienen. Maar wat als de spelregels tegen die tijd anders zijn?”
Zware olie, zware risico’s
En er is nog een praktisch probleem: Venezuela heeft vooral zware olie, en dat is lastig en duur om te winnen. Daarnaast zijn er politieke risico’s. Wat gebeurt er met deze deal als Trump over twee jaar geen president meer is? En overleeft de instabiele interimregering het wel? Van Cleef denkt dat Trump met sterke garanties moet komen om bedrijven over de streep te trekken. “Hij kan bijvoorbeeld beloven dat de overheid garant staat als de plannen niet doorgaan of anders lopen dan afgesproken.”
In de deal schijnen daar inderdaad afspraken over te zijn. Volgens de Washington Post staat er dat de Amerikaanse overheid garandeert dat ze de geproduceerde olie zal afnemen. Zo weten de bedrijven in ieder geval zeker dat ze hun olie kwijt kunnen.
Trump wil de kiezer geruststellen
Maar zelfs als de deal doorgaat, duurt het jaren voordat de productie echt opgeschroefd is. Toch zegt Trump dat de deal gaat zorgen voor lagere energieprijzen voor Amerikanen. En dat komt mooi uit, want in november zijn er tussentijdse verkiezingen en de Republikeinen staan er niet goed voor. Amerika-correspondent Erik Mouthaan: “Amerikanen zijn boos dat alles duurder is geworden, waaronder de benzineprijzen.”
Volgens Mouthaan kan deze deal een signaal zijn voor de oliemarkt: er komt extra olie aan, al is dat misschien pas over een paar jaar. En dat kan de prijs drukken. “Maar vooral is het een boodschap aan de Amerikaanse kiezer. Trump wil laten zien dat hij bezig is met die hoge energieprijzen.”
Meer dan alleen olie
De deal past ook in Trumps ambitie om Amerika uit te breiden op het westelijk halfrond, iets wat hij al in zijn inauguratiespeech benadrukte. Hiermee wordt zijn invloed in de regio groter, en kan hij mogelijk geld verdienen aan de oliereserves van een ander land.
Venezuela zelf kan de buitenlandse investeringen goed gebruiken, zegt Van Cleef. Door de nationalisering is de olie-infrastructuur verwaarloosd en produceert het land veel minder dan vroeger. Een deel van de opbrengsten gaat waarschijnlijk ook naar Venezolaanse partijen, al is dat misschien een klein deel. Interim-president Rodríguez claimt dat de deal zo’n 209 miljard dollar aan belastinginkomsten zal opleveren.
De grote vraag: wie durft?
Het blijft dus afwachten welke Amerikaanse oliebedrijven bereid zijn om geld in Venezuela te steken. Mogelijk stappen ze wel in kleinere olieprojecten binnen deze grotere deal, omdat ze daar sneller winst kunnen maken. “Bedrijven durven daar op deze manier mogelijk makkelijker in te stappen”, aldus Van den Beukel. Maar of dit echt de grootste oliedeal ooit wordt? De tijd zal het leren.
Kolonisten vallen Palestijns dorp aan, Israëlisch leger grijpt dit keer wél in
Het was weer raak in het Palestijnse dorp Qusra, maar deze keer liep het net iets anders af dan normaal. Waar het Israëlische leger vaak te laat of helemaal niet ingrijpt, moesten ze nu echt aan de bak. Een grote groep kolonisten trok het dorp binnen en dat liep behoorlijk uit de hand.
Dit keer kwam er wél reactie
De aanval begon volgens lokale berichten met een kleinere groep kolonisten, waarna meer mensen naar Qusra kwamen. Beelden uit het dorp tonen tientallen kolonisten die vanaf omliggende heuvels richting het dorp trekken. Ook zijn op verschillende plekken branden te zien. Het Israëlische leger bevestigt dat tientallen kolonisten het dorp binnendrongen. Volgens het leger werden onder meer stenen naar Palestijnen gegooid. “Bij aankomst troffen de veiligheidsdiensten tientallen relschoppers aan die zich hadden verschanst in een Palestijns huis, terwijl er bewoners binnen waren”, schrijft het leger in een verklaring. De militairen en grenspolitie zeggen de kolonisten uit het huis te hebben verwijderd en de groepen van elkaar te hebben gescheiden. Verschillende voertuigen waarmee de kolonisten naar Qusra waren gekomen, zijn in beslag genomen en overgedragen aan de politie voor onderzoek. Er zijn voor zover bekend geen arrestaties verricht. Een Palestijnse vrouw raakte bij de aanval gewond en werd naar een ziekenhuis gebracht.
Niet de eerste keer
Qusra, ten zuiden van Nablus, is de afgelopen maanden vaker getroffen door geweld van kolonisten. De spanningen namen deze maand sterk toe. Kolonisten omsingelden eerder drie Palestijnse woningen aan de rand van het dorp. Volgens bewoners werden de watervoorziening en elektriciteit afgesloten en werden toegangswegen geblokkeerd. Sommige bewoners zaten dagenlang vast in hun huis en kregen nauwelijks eten en drinken. Het Israëlische leger was in het gebied aanwezig, maar wist de blokkade aanvankelijk niet te beëindigen. The Washington Post meldde op basis van verslaggeving ter plaatse dat militairen met enkele kolonisten koffie dronken en baden, terwijl de Palestijnse gezinnen in hun woningen vastzaten. Militairen hielden ook activisten tegen die voedsel en water naar de families wilden brengen. Later stuurde het leger meer militairen naar Qusra en werd het gebied tot gesloten militaire zone verklaard. Het leger noemde de acties van de kolonisten illegaal en zei verdere confrontaties te willen voorkomen. Toch bleven kolonisten volgens AP in de omgeving en keerden zij na ingrijpen van het leger meerdere keren terug. De situatie leidde eerder deze maand zelfs tot kritiek van de Amerikaanse ambassadeur in Israël, Mike Huckabee. Hij noemde de kolonisten die de woningen belegerden ’terrorists’ en riep Israël op in te grijpen.
Een breder probleem
Geweld van Israëlische kolonisten tegen Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever komt al jaren voor en is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Aanvallen bestaan onder meer uit mishandelingen, het in brand steken en vernielen van woningen en auto’s, het vernietigen van landbouwgrond en het verdrijven van Palestijnen van hun land. Sinds het begin van de oorlog in Gaza in oktober 2023 zijn volgens een telling van persbureau AFP, gebaseerd op cijfers van het Palestijnse ministerie van Volksgezondheid, minstens 1100 Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever gedood door Israëlische militairen of kolonisten. De VN waarschuwden deze maand dat het kolonistengeweld een ongekend niveau heeft bereikt. Tot 10 augustus registreerde de VN dit jaar meer dan 1430 incidenten waarbij kolonisten betrokken waren, verspreid over ongeveer 260 Palestijnse gemeenschappen. De VN stelt bovendien dat kolonisten en Israëlische veiligheidsdiensten bij aanvallen op Palestijnse gemeenschappen vaak gezamenlijk hebben opgetreden. Mensenrechtenorganisaties beschuldigen Israël er al langer van dat geweld van kolonisten zelden wordt bestraft. AP schrijft dat onderzoeken naar aanvallen vaak zonder vervolging worden afgesloten en dat militairen bij geweld geregeld niet of pas laat ingrijpen. Israël zegt geweld door kolonisten te veroordelen en stelt dat veiligheidsdiensten optreden om de orde te herstellen. Op de Westelijke Jordaanoever wonen inmiddels ruim een half miljoen Israëlische kolonisten, naast miljoenen Palestijnen. De Israëlische nederzettingen in bezet gebied zijn volgens het internationaal recht illegaal. Israël betwist die juridische beoordeling. Israël wil op de Westelijke Jordaanoever in Palestijns gebied nieuwe nederzettingen en wegen bouwen. Maar op die plekken wonen al Palestijnse herders en ondernemers, die worden nu gedwongen te vertrekken.
Kabinet probeert verder uitstel wind op zee te voorkomen met subsidies en overleg
Rob Koster, verslaggever Economie
Met miljarden euro’s aan subsidie probeert het kabinet de vaart erin te houden voor de bouw van windparken op de Noordzee. Minister Van Veldhoven van Klimaat en Groene Groei zit ook om tafel met bedrijven die binnenkort aan de slag moeten met de grootste windparken tot nu toe. Pensioenfonds ABP en energiebedrijf Vattenfall kregen in 2024 de opdrachten binnen voor windparken van 2 gigawatt, zonder subsidie. Die 4 gigawatt in totaal op het kavel IJmuiden Ver moet in 2030 stroom leveren voor vier miljoen huishoudens.
Maar beide partijen twijfelen nu over het definitieve investeringsbesluit. De bouwkosten zijn met zo’n 40 procent gestegen en er is onzekerheid over de vraag naar elektriciteit van de zware industrie. Vorig jaar mislukte een aanbesteding voor een groot windpark; geen enkel bedrijf deed een bod. Daardoor komen ook de duurzame energiedoelen in gevaar. Vanaf 2032 moet zo’n 90 procent van de Nederlandse elektriciteit duurzaam zijn, en driekwart daarvan moet van windparken op de Noordzee komen.
Daarom is de miljardensubsidie voor wind op zee dit jaar weer ingevoerd. Het kabinet-Jetten heeft 9,5 miljard euro gereserveerd om bedrijven over de streep te trekken. Minister Van Veldhoven wil ook vertraging bij IJmuiden Ver voorkomen. “We zetten nu met elkaar alles op alles om te kijken of we ook deze projecten gewoon kunnen laten doorgaan. Want dit soort parken hebben we hard nodig om in Nederland nog meer schone energie te krijgen”, zei ze tijdens een werkbezoek aan het installatieschip Boreas van Van Oord.
De voorwaarden voor Vattenfall zijn al iets versoepeld; met ABP wordt nog gepraat. Ondertussen geeft netbeheerder Tennet al miljarden uit aan de aansluiting van de windparken – onder meer honderden kilometers kabels en transformatorplatforms zo groot als het Gelredome. Vertraging raakt ook Nederlandse bedrijven zoals SIF op de Tweede Maasvlakte, dat funderingen maakt. Uitstel van opdrachten zet de winst onder druk. Ook Van Oord wil duidelijkheid: “We bouwen zo’n schip voor tientallen jaren, dus wat we nodig hebben is continuïteit en voorspelbaarheid in de markt.”
De Boreas, met een lengte van 175 meter en poten van 126 meter, kan turbines tot 20 megawatt installeren – met een tiphoogte van ruim 300 meter groter dan de Eiffeltoren. Het schip installeert nu een deel van windpark Hollandse Kust West voor Ecowende, een joint venture van Eneco en Shell. Verslaggever Rob Koster liep een paar dagen mee.
Volgend jaar moet de tijdelijke subsidieregeling overgaan in een financieringsvorm die in veel EU-landen al gebruikelijk is: het contract for difference. Bij een lage stroomprijs krijgt de eigenaar subsidie; bij een hoge prijs draagt hij een deel van de winst af aan de overheid.
Ingrid zoekt fotoalbums van overleden broer (17): ‘We hadden ze uitgeleend’
Ingrid Kilwinger-Janssen uit Eindhoven is al jaren op zoek naar de fotoalbums van haar broer Frank. De albums waren bedoeld om zijn herinnering levend te houden, maar na het uitlenen zijn ze spoorloos verdwenen. “We hebben ze nooit meer teruggezien.”
Een broer die alles uit het leven haalde
“Ik was zestien toen mijn broer in 1980 overleed. Frank was een jaar ouder dan ik”, vertelt Ingrid. Frank had taaislijmziekte en wist dat hij niet oud zou worden. Toch leefde hij volgens Ingrid volop. “Op school pakte hij elke kans die hij kreeg. Hij was fanatiek en enorm betrokken.” Zo was Frank actief bij de toneelvereniging op het Bisschop Bekkers College in Eindhoven en deed hij enthousiast mee aan allerlei schoolactiviteiten. Zijn ouders, Lau en Annie Janssen, legden die momenten graag vast. De foto’s werden zorgvuldig verzameld in albums. “Van de laatste jaren van Frank hadden ze drie albums gemaakt.”
Uitgeleend en nooit meer teruggezien
Na zijn overlijden wilden veel mensen de foto’s nog eens rustig bekijken. “Ze wilden graag herinneringen ophalen”, zegt Ingrid. Dat begrepen haar ouders heel goed, maar tegelijkertijd waren de albums voor henzelf enorm waardevol en behandelden ze die erg voorzichtig. Toch ging het mis toen de albums in de jaren daarna werden uitgeleend. “Eerst besef je niet dat ze weg zijn. Dat komt pas later.” En toen was het te laat.
Overal gezocht
Ingrid weet niet meer wie de albums als laatste heeft geleend. “Ik heb iedereen uit het telefoonboekje van mijn ouders opgebeld. Eén voor één vroeg ik of zij de fotoalbums toevallig hadden.” Ook thuis werd er meerdere keren alles overhoop gehaald, op zoek naar de foto’s van Frank. “We hebben uitgebreid gezocht toen mijn ouders kleiner gingen wonen en later nog toen ze doorgingen naar een nieuw appartement.” Ook daar vonden ze niets. “Op een bepaald moment weet je niet meer hoe je het moet aanpakken en waar je nog kunt zoeken.”
Hoop blijft
Toch heeft Ingrid de hoop niet opgegeven. Nu ze zelf ouder is en kleinkinderen heeft, vraagt ze zich steeds vaker af of iemand niet toevallig de albums heeft. “Misschien kent iemand het verhaal van mijn broer, de namen van mijn ouders, of denken ze: ‘verrek, ik heb op zolder nog albums liggen van een onbekende’.” De Eindhovense zou niets liever willen dan de foto’s van haar broer nog eens bekijken. Niet alleen voor zichzelf, maar ook om de herinneringen aan hem door te geven aan de volgende generatie. “Ik zou er alles voor over hebben.”
Slachtoffers ernstig busongeluk op A28 bij Wezep weer thuis
Wat een opluchting: alle slachtoffers van het zware busongeluk op de A28 bij Wezep zijn inmiddels weer thuis. Burgemeester Tanja Haseloop-Amsing van Oldebroek bevestigt dit tegenover Omroep Gelderland. In de bus zaten 54 Duitse scholieren, vier begeleiders en de chauffeur. Ook de 30-jarige bestuurder van de bestelbus, waarmee de touringcar in botsing kwam, is inmiddels uit het ziekenhuis ontslagen.
“Ik ben heel blij om te zeggen dat hij thuis verder kan revalideren”, laat de burgemeester weten. Toch benadrukt ze dat het ongeluk nog lang niet is verwerkt. “Als je eenmaal thuis bent, dan is de impact pas echt voelbaar: het is best wel heel traumatisch wat er gebeurd is.”
Het drama gebeurde in de nacht van zondag op maandag, rond 04.15 uur. De touringcar reed achter op een bestelbus, week uit en kwam aan de andere kant van de snelweg op zijn kant terecht. De bestelbus brak door de klap in tweeën. De hulpdiensten moesten passagiers via het dak uit de bus halen.
Zestien mensen werden met verwondingen naar het ziekenhuis gebracht. De meeste anderen kwamen er met lichte verwondingen vanaf, vooral door rondvliegend glas. In de bus zaten leerlingen van 17 en 18 jaar van een middelbare school uit Schönberg, in de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein. Ze waren zondagavond laat vertrokken voor een schoolreis naar Parijs.
Na het ongeluk werden de leerlingen en begeleiders opgevangen in de Erica Terpstra-hal in Wezep. Daar was het Rode Kruis aanwezig en hielpen vrijwilligers van de lokale korfbalvereniging mee. Ook de burgemeester was er maandag om met slachtoffers en hun toegesnelde ouders te praten. Ze blikt trots terug op de hulpverlening: “Het had veel erger kunnen aflopen, dus ik sta hier als blije burgemeester.”
De Duitse ambassadeur in Nederland en de consul-generaal hebben alle hulpverleners en vrijwilligers bedankt voor hun inzet na het ongeval.
Brabant Blijkt Een Opvallend Goede Kweekvijver Voor Cabaretiers
Theo Maassen, Hans Teeuwen, Guido Weijers, Marc-Marie Huijbregts, Mark van de Veerdonk en Janneke de Bijl. Het lijstje bekende Brabantse cabaretiers dat ooit meedeed aan cabaretfestival Cameretten is opvallend lang. Zijn Brabanders dan gewoon grappiger? Cabaretkenner Carmen Verhoeven uit Rosmalen heeft daar wel een paar ideeën over.
Verhoeven is docent aan de Koningstheateracademie in Den Bosch, waar ze onder meer lesgeeft in cabaretanalyse. Daarnaast schrijft ze een jubileumboek over zestig jaar Cameretten, het oudste cabaretfestival van Nederland dat nog bestaat. Op haar zolder liggen tientallen dozen vol met zestig jaar Nederlandse cabaretgeschiedenis. Foto’s, juryrapporten, inschrijfformulieren, programmaboekjes en handgeschreven briefjes. Tijdens het doorspitten daarvan viel haar iets op: hoeveel Brabanders via het festival hun weg naar de grote theaters hebben gevonden. Naast Maassen, Teeuwen en Weijers noemt ze onder anderen Alex Klaasen, Ronald Goedemondt en Ivo de Wijs. “We hebben er een hele berg Brabanders aan overgehouden.”
Het Kleinste Jongetje Van De Klas
Een wetenschappelijke verklaring heeft ze niet. Maar op basis van “psychologie van de koude grond” heeft ze wel een theorie: Brabant heeft volgens haar misschien lange tijd een soort Calimero-gevoel gehad tegenover de Randstad. Humor kan dan een manier zijn geweest om toch op te vallen. “Zoals je vaak ziet dat de kleinste jongetjes van de klas de grappigste zijn, omdat ze iets moeten compenseren”, zegt Verhoeven.
Ook de Brabantse gemoedelijkheid kan volgens haar helpen. Brabanders kunnen soms iets behoorlijk scherps of plats zeggen, maar door de gezellige manier waarop het wordt gebracht, komt het minder hard aan. “Misschien kun je daardoor meer maken en meer zeggen”, denkt ze.
Jonge Theo Tussen De Dozen
Op haar zolder ziet Verhoeven ook hoe de grote namen ooit begonnen. Zo ligt er materiaal uit 1990, het jaar waarin Theo Maassen Cameretten won. Opvallend genoeg werd die editie in de pers destijds omschreven als een slecht jaar. In het oude juryrapport werd Maassen al een duidelijk talent genoemd. De jury zag dat hij sterk was met taal en verhalen, maar vond ook dat hij nog meer contact met zijn publiek moest maken. Dat hij later nog vaak op het podium zou staan, stond volgens de jury eigenlijk al vast.
Toch wil Verhoeven niet beweren dat er één soort Brabantse humor bestaat. Daarvoor verschillen Maassen, Teeuwen, Weijers en de anderen volgens haar te veel van elkaar. Maar trots zijn mag volgens haar wel. “Stiekem denk ik dat we dat als Brabanders best mogen zijn.” Het boek over 60 jaar Cameretten komt in 2027 uit.
