Waarom Rixt van der Horst nu pas écht kan genieten van haar goud
Het werd voor haar een WK om nooit meer te vergeten. Een dag na haar tweede individuele gouden medaille op het WK paradressuur in Aken heeft Rixt van der Horst (34) uit Someren nog steeds een onwerkelijk gevoel. “De hele week was een echte rollercoaster.”
Samen met haar paard Eisma’s Royal Fonq N.O.P. zette ze zondag in de kür op muziek — in de klasse Grade III — een kampioensrecord neer: 83,120 procent. En ja, dat leverde haar goud op. Haar tweede individuele plak op dit WK.
“Twee gouden individuele medailles was waar ik op hoopte”, zegt de amazone. “Ik heb het niet hardop gezegd, maar ik wist wel dat het kon. Je bent afhankelijk van zó veel dingen — maar samen met mijn paard hebben we gewoon fantastische proeven neergezet. En ik heb er écht van genoten.”
Meer dan alleen winnen: écht genieten
Natuurlijk is dit niet haar eerste gouden WK-medaille. In 2014 en 2018 pakte ze al eerder twee keer individueel goud. “Het is supergaaf dat ik er na zoveel jaar nog steeds bij ben”, zegt ze. Toch voelde dit toernooi anders.
“Dit keer heb ik bewust geprobeerd om er méér van te genieten. Dat is zo belangrijk — want voor je het weet, is het weer voorbij. Na mijn eerste plak heb ik echt een moment genomen om erbij stil te staan. Daarna ging de focus weer naar de volgende proef.”
Blik op Los Angeles — maar ook op de realiteit
En het bleef niet bij twee gouden plakken. Met het team haalde ze ook nog eens brons — en daarmee een ticket voor de Paralympische Spelen van 2028 in Los Angeles. Dat toernooi staat bovenaan haar wensenlijstje.
“Het is een grote droom om daar te zijn, maar ik kijk per jaar of het mogelijk is om door te gaan met topsport”, zegt de meervoudig wereldkampioen. “Het moet lichamelijk goed gaan — bij mij én bij het paard. Plezier is cruciaal, en dat zit momenteel hartstikke goed. Ik kijk ook naar de financiële kant: het is een dure sport, en elke keer weer vraag ik me af of we het rond kunnen krijgen.”
Nu eerst: vakantie én afstuderen
De komende tijd staat de paardensport even niet centraal. Eisma’s Royal Fonq N.O.P. mag lekker op vakantie, en Rixt gaat binnenkort afstuderen.
“En daarna is het echt even tijd om bij te komen.”
Peloton Vuelta stopt plotseling vanwege hagelstorm tijdens derde etappe
Tijdens de derde etappe van de Vuelta a España – op weg van Gruissan in Aude naar Font-Romeu, dwars door Frankrijk – moest het peloton opeens halt houden. Niet vanwege een aanval of mechanisch probleem, maar omdat het weer volledig losbarstte: hagel, wind en regen kwamen met volle kracht neer.
Op beelden is duidelijk te zien hoe renners haastig een gebouw binnenspringen om zich te beschermen tegen de kletterende hagelstenen. Een onverwachte, bijna surrealistische onderbreking midden in de koers – terwijl iedereen nog volop in de race zat.
Zandvoort zegt vaarwel aan Formule 1 — met volle tribunes, maar ook met een knoop in de maag
Zondagavond sloot Zandvoort na zes jaar zijn Formule 1-boekje — met een klap, een knik, en een knusse, emotionele zwanenzang. Niet met een triomfantelijke finish van Max Verstappen, maar met een vroege uitval op het circuit tussen de duinen… en toch: een gevoel van “ja, dit was het moment”.
De laatste race in Zandvoort was geen gewone afsluiting. Het was een feest met poncho’s tegen de wind, een festival met Davina Michelle en Martin Garrix, en een officiële uitreiking door koning Willem-Alexander — maar ook een moment van stille reflectie. Want terwijl de tribunes zaterdag én zondag weer stampvol zaten (105.000 toeschouwers), voelde je toch dat het einde van een tijdperk naderde.
“We stoppen op ons hoogtepunt” — maar wat is ‘hoogtepunt’ eigenlijk?
De organisatie had het al maanden vooraf duidelijk gemaakt: dit was de Final Lap. Geen verlenging, geen ‘misschien volgend jaar’. Gewoon: dit is het. En ja — technisch gezien was het hoogtepunt misschien drie jaar geleden, toen Max voor de derde keer op rij won in een compleet uitverkocht weekend. Maar nu? Nu was het hoogtepunt juist het besef dat het mooi was geweest — én dat het beter is om te stoppen voordat de glans eraf gaat.
Sportief directeur Jan Lammers zei het ronduit: “Ik vond dit de leukste editie, omdat emoties heel eerlijk zijn.” En dat klopte. Geen geforceerde euforie, geen gefabriceerde spanning — alleen mensen die wisten: dit is de laatste keer dat we hier samen staan, onder deze wind, met deze muziek, met deze auto’s die zo goed als niet inhalen op het kleine circuit.
En over die uitval van Max? Lammers: “Niet iedere Oscarwinnaar heeft een happy end. Dit is autoracen. We willen ook dat hij het probeert natuurlijk. Dit kan gewoon gebeuren.” En toen bleek hij ongedeerd? “Ik zie liever dit dan dat-ie kleurloos zevende of achtste wordt.”
Niet alles liep soepel — en dat maakt het juist menselijk
De laatste editie was geen perfecte postkaart. Vrijdag stond een groot deel van het publiek urenlang voor de poort van de hoofdtribune. Zaterdag kwamen duizenden fans te laat voor de sprintrace — door drukte op Amsterdam Centraal én een kleine storing. De NS zette wel extra treinen in vanaf 05.00 uur… maar blijkbaar wilde niemand zo vroeg al uit bed voor een race die pas rond de middag begon.
En op het circuit zelf? De sprintrace werd door sommigen omschreven als “de saaiste sprintrace ooit”, met slechts twee inhaalacties. Op het krappe circuit in de duinen blijft inhalen lastig — zelfs met de moderne half-elektrische auto’s en hun overtake-buttons. De Tarzanbocht bleef de enige plek waar nog iets gebeurde.
Toch: de sfeer bleef. De muziek bleef. De tribunes bleven vol. En de belangstelling? Die was er nog steeds — al was vrijdag voor het eerst niet uitverkocht (zo’n vijfduizend tickets bleven over). Bij de eerste edities moest je nog loten om een ticket te bemachtigen. Dat is nu gelukkig niet meer nodig… maar het bewijst wel: de nieuwigheid is er langzaam af.
Waarom stoppen nu? Omdat 1985 nooit terug mag komen
In 1985 vertrok de Formule 1 uit Zandvoort — simpelweg omdat het circuit verouderd was en niet meer aan de eisen voldeed. Niemand was rouwig. Deze keer wel. Deze keer is het een keuze. Een bewuste, emotionele, realistische keuze.
Lammers: “Dit waren fantastische jaren, Max drie keer gewonnen, volle tribunes. Economisch is het een succes geweest en in de regio is het een succes geweest.”
En ja — Max’ contractverlenging tot 2030 was het grote nieuws van het weekend. Maar wie de afgelopen jaren door Zandvoort liep, voelde het: het wordt elk jaar een klein beetje stiller, een klein beetje minder spannend, een klein beetje minder nieuw. En daarom is nu het juiste moment. Niet te vroeg. Niet te laat. Gewoon… op tijd.
KNVB zet fans buiten spel bij veiligheidsregels voor spelers en scheidsrechters
Het competitiebestuur kwam maandag bijeen voor de gebruikelijke evaluatie van het voetbalweekend – en daar stond de chaos in Leeuwarden hoog op de agenda. De KNVB benadrukt dat het officiële veiligheidsprotocol allereerst gericht is op wie op het veld actief is: spelers, clubstaf en officials zoals scheidsrechters. Dat gebied valt onder de directe verantwoordelijkheid van de scheidsrechter én het competitiebestuur betaald voetbal.
Wat betreft de veiligheid binnen en rondom het stadion – dus waar de supporters zich bevinden – is de situatie anders. Daar zijn meerdere partijen betrokken: gemeenten, politie, beveiligingsdiensten én clubs. Volgens de bond worden afspraken op dat vlak dan ook gezamenlijk gemaakt. Fans staan dus niet in het protocol als ‘verantwoordelijke partij’, maar wel als een belangrijke stakeholder bij de uitvoering van die gezamenlijke afspraken.
Van Bommel: terug van de knie, vol gas en alweer op topniveau
“Soms heb ik het gevoel dat ik nog sterker én sneller ben dan vroeger”, zei PSV-aanvaller Ruben van Bommel gisteren tijdens de persconferentie na de 5-1 overwinning op FC Groningen. En ja — hij had alle reden om te stralen. De linksbuiten was gewoon de man van de avond: razendsnel, altijd gevaarlijk, twee assists op zijn naam én een constante bedreiging voor de tegenstander.
Oud-international én oud-PSV’er Wim Kieft was meteen onder de indruk. In de nieuwste NOS Voetbalpodcast (opent in nieuw venster) noemde hij Van Bommel: “Ik denk dat hij een grote speler gaat worden.” En hij legde uit waarom: “Hij doet me een beetje aan Cody Gakpo denken, alleen gaat hij meer buitenom.”
En dat alles… nog geen jaar na een zware kruisbandblessure. Op 21 september vorig jaar scheurde hij zijn voorste kruisband tegen Ajax — een pijnlijke, langdurige en vaak eenzame revalidatie lag daarna voor hem. Maar op 18 juli maakte hij zijn officiële rentree in een oefenduel met Union Sint-Gilles op De Herdgang — precies driehonderd dagen na die fatale wedstrijd in Amsterdam.
Sindsdien is het één grote opwaartse lijn:
– 45 minuten in de Johan Cruijff Schaal tegen AZ
– 45 minuten tegen Fortuna Sittard
– 63 minuten tegen Excelsior (waar hij ook zijn eerste doelpunt sinds de blessure scoorde)
– En nu: 68 minuten tegen Groningen — steeds dichter bij de volle 90.
“Het belangrijkste voor mij is wedstrijden spelen en een steeds hoger niveau halen”, zei Van Bommel gisteren. “Daar doe ik mijn best voor — en ik ben blij dat het nu lukt.”
Heeft die lange revalidatie dan ook voordelen gehad? Nee, zegt hij duidelijk: “Nee, deze blessure heeft geen voordelen. Van zo’n lange periode word je niet vrolijk.”
Angst om weer te gaan geblesseerd raken? Die kent hij niet. “Dat heb ik vanaf moment één niet gehad. Daar ben ik blij mee. Je kan beter vol een duel ingaan dan half — want als je het half doet, heb je juist grotere kans om weer geblesseerd te raken.”
Coach Peter Bosz was ook vol lof: “Ruben was werkelijk geweldig. Hij heeft vandaag laten zien dat hij iedere keer zo’n actie kan maken — niet één keer in de twintig minuten. Zijn actieradius moet omhoog. Dat is nodig om de top te halen.”
En wat ziet Bosz in hem? Een moderne vleugelspits met alle eigenschappen: sterk, lang, goed in één-op-één, snel, kopballer, tactisch inzicht, goede trap, doelpuntenmaker én assistgever. “Dan heb je heel wat voorwaarden om een recordtransfer te gaan maken. Maar alleen als je het ook laat zien. Iedere week. Iedere wedstrijd.”
Tegen Groningen miste hij alleen het doelpunt — maar zelf erkende hij met een knikje: “Ik had zeker kunnen scoren, maar over het algemeen heb ik goede keuzes gemaakt. Vaak koos ik voor de pass naar iemand die er beter voor stond.”
Kortom: Van Bommel is terug. En hij komt harder dan ooit.
Willy en René: Feyenoord-fans mogen dit seizoen niet meer mee naar uitwedstrijden
Als de voortekenen niet bedriegen, heeft het PSV-publiek de komende tijd nog heel wat te genieten van Ruben van Bommel. Volgens Willy van de Kerkhof — legendarisch PSV-icoon én gast in de Willy en René-podcast van Omroep Brabant — heeft de aanvaller gewoon alles wat je nodig hebt: snelheid, bal erlangs… En dan is er nog dat extraatje: “Mijn broer kon niet zo goed koppen, maar Ruben kan dat wél.” Zo noemt Willy hem dan ook alvast de ‘nieuwe René van de Kerkhof’.
En ja, een debuut voor Oranje lijkt bijna onvermijdelijk — ook al is Van Bommel nog steeds in opbouw na zijn zware knieblessure en speelt hij dus nog geen volledige wedstrijden. “Eén zwaluw maakt nog geen zomer”, waarschuwt René. “Hij moet het nu vaker laten zien.” Toch vinden beide broers: een oproep voor Oranje is nu nog niet te vroeg. “Je moet zo’n jongen gewoon meenemen, om de sfeer te proeven”, zegt Willy. Hij had kortgeleden een praatje met Patrick Lodewijks, keeperstrainer bij Oranje, die wel iets losliet over veranderingen — maar verder hield hij zijn mond. “Daar is hij een keeper voor, haha.”
Ook Lutsharel Geertruida komt ter sprake: hij maakte tegen Groningen zijn eerste minuten voor PSV, en volgens Willy is hij letterlijk ‘als geroepen’. “Die verdediging godverdomme — de eerste tien minuten zitten die te slapen, man! Groningen kreeg gelijk twee grote kansen. Je moet vanaf de eerste minuut scherp zijn, en nou dat waren ze niet!” Opvallend was ook hoe het publiek reageerde: bij elke actie van Geertruida klonk applaus. “Bij mij klapten ze pas als ik van het veld ging — en dat was dan nog omdat ze van me af waren”, lacht René. Dat warme ontvangst contrast met de harde reacties uit Rotterdam, waar veel Feyenoord-fans nog steeds boos zijn op Geertruida omdat hij als ex-Feyenoorder naar PSV vertrok. “In mijn tijd kwamen er ook veel spelers van Ajax naar PSV. Toen was er ook kritiek, maar dat waait vanzelf wel over.”
Maar deze week zorgden Feyenoord-fans op een andere manier voor ophef: tijdens de thuiswedstrijd tegen SC Cambuur werd de wedstrijd lang onderbroken omdat er vuurwerk in een vak met Cambuur-fans werd gegooid. “Schandalig. Het wordt tijd dat de KNVB een heel duidelijke lijn trekt, want dit kán niet!”, fulmineert René. En dan komt het: “Ik denk dat het goed zou zijn als er de rest van het seizoen geen Feyenoord-fans mee mogen naar uitwedstrijden.” Willy is het daar volledig mee eens: “Al moeten de goeden er dan onder lijden. Want het is maar een klein groepje dat het doet.”
Verder kwam ook de afwezigheid van Joey Veerman ter sprake — die nu bij Borussia Dortmund speelt. PSV speelde tegen FC Groningen voor het eerst zonder hem. “Dat beviel goed”, zegt Willy. “Die Sano blijft negentig minuten lang gaan. Dat deed Joey niet.” En dan is er nog Sven Mijnans, die de hele wedstrijd aan de kant bleef: “Die heeft het heel moeilijk, maar hij krijgt zijn kansen nog wel.”
