Steenbergen en Giele stranden net naast het podium, wereldrecord voor Curtis
Marrit Steenbergen heeft bij de EK langebaanzwemmen in Parijs maar net haar vierde medaille van het toernooi misgelopen. De 26-jarige Nederlandse zwom in de finale van de 50 meter rugslag naar de vierde plek. Met haar tijd van 27,16 seconden kwam ze op een honderdste van het brons te kort. Tessa Giele eindigde als zesde in 27,26 seconden.
Het goud ging naar Sara Curtis. De Italiaanse stoof in 26,56 seconden naar een gloednieuw wereldrecord. Curtis had eerder dit toernooi al zilver gepakt op de 4×100 wisselslag voor gemengde teams en brons op de 100 meter vrije slag. In de halve finales had ze met 26,63 seconden het wereldrecord al overgenomen van Kaylee McKeown.
Voor Steenbergen was het een drukke middag. Om 19.36 uur staat ze namelijk weer in de finale van de 200 meter vrije slag. Eerder dit EK won ze al overtuigend goud op de 100 meter vrije slag en met de estafetteploeg op de 4×100 meter vrij. Daarnaast was er ook nog zilver op de 4×100 meter wisselslag voor gemengde teams.
Giele kwam een klein half uur na haar zesde plek op de rugslag alweer in actie, dit keer in de tweede halve finale van de 100 meter vlinderslag. De inspanningen van de rugslagfinale eisten echter hun tol. Ze eindigde als achtste in haar race. Gieles tijd van 59,65 was daarmee de langzaamste van alle zestien zwemsters.
Negentien jaar verschil, één EK turnen: Sanne Wevers gidst, jonge Ubbink geniet
Sarah Westphal, verslaggever turnen
De één kijkt haar ogen uit. De ander weet inmiddels precies waar ze moet kijken. De muziek schalt door de hal, waar de Nederlandse turnsters zich voorbereiden op de EK in Zagreb, die vandaag van start gaan met de kwalificaties.
Voor de 15-jarige Vera Ubbink is alles nieuw. Ze wist tot haar eigen verbazing op de kwalificatiemomenten voor het EK de richtscore te turnen, waarmee ze EK-deelname afdwong. Voor Sanne Wevers voelt het juist vertrouwd. De 34-jarige olympisch kampioene keert na twee jaar afwezigheid terug op het internationale podium.
Twee turnsters, negentien jaar verschil, één team. Deze week jagen ze allebei op hetzelfde doel: de teamfinale halen en bij de beste dertien landen eindigen. Alleen dan is een ticket voor de WK in Rotterdam, in oktober, veiliggesteld.
Het leeftijdsverschil binnen de Nederlandse ploeg is groot: Ubbink is met haar 15 jaar de jongste, terwijl Wevers met 34 jaar de oudste is. Naomi Visser en Sanna Veerman zijn 24, Floor Slooff is 19.
Als Ubbink praat, klinkt ze met haar zachte meisjesstem nog jong. Maar zodra ze de hal in stapt, verandert dat. Dan staat er een zelfverzekerde turnster. “Het is wel een heel groot toernooi”, zegt ze. “Heel veel mensen, heel veel landen. Dat is natuurlijk spannend. Maar ik ben vooral heel blij.”
Audiofragment: Twee turnsters, één EK en twee heel verschillende verhalen
Wevers kent dat gevoel. Ze was zelf 16 toen ze in 2007 haar eerste EK turnde, in Amsterdam. Inmiddels heeft ze een olympische titel, een zilveren WK-plak, meerdere EK-medailles en vijf nationale titels achter haar naam staan. Toch weet ze nog precies hoe bijzonder zo’n eerste EK is. “Voor ons allemaal is die route ooit begonnen”, zegt ze.
Toen Ubbink werd geboren, had Wevers haar eerste internationale wedstrijden er al op zitten. “We hebben allemaal ooit niet geweten hoe alles werkte. Daarom hoop ik dat Vera voelt dat ze alles mag vragen.” Dat doet Ubbink ook. “Ook al ben ik jong, ik heb wel het gevoel dat ik erbij hoor.”
De vrouwen rekken en strekken wat. Dan begint een warming-up die voor veel amateurs al als een volledige work-out zou voelen. De trainingen zijn in deze fase bedoeld om de boel te finetunen, om ritme te creëren, maar ook om elkaar te leren kennen.
De individuele prestaties wegen dit EK minder zwaar voor Oranje, dat ziet het team als ‘mooi meegenomen’. De vrouwen moeten in Zagreb een sterk team vormen.
Gymnastics Now @Gymnastics_Now
2016 Olympic beam champion Sanne Wevers is set to compete at her first Euros in three years 👏 Last time she was on the European stage in 2023, Wevers won beam gold.🥇
https://t.co/c24XjetQce
11 augustus 2026
Ubbink: “Vroeger wilde ik altijd met Sanne op de foto. Dat vond ik heel cool. En nu zit ik gewoon samen met haar in het team. Dat is nog steeds heel bijzonder.”
Wevers ziet op haar beurt een talent dat haar plek op dit niveau heeft verdiend. Er klinkt iets van trots door als ze over Ubbink praat. “In de topsport worden geen cadeautjes gegeven. Vera heeft hier keihard voor gewerkt en laat nu al zien dat ze op dit niveau thuishoort.”
En dan zijn de twee ook nog concurrenten. Op de balk, het onderdeel waarop Wevers in 2016 olympisch goud won, kan Ubbink haar ‘mentor’ deze week zelfs proberen te verslaan. “Cool”, zegt Ubbink met een grijns. “Zeker cool”, lacht Wevers.
Voor Wevers zijn de EK bovendien meer dan alleen een comeback. Na de Spelen van Parijs twijfelde ze of ze nog wel terug zou keren. Een elleboogblessure hield haar lang aan de kant en pas in januari kon ze weer serieus trainen. Maar ze is op tijd fit. In juni werd ze bovendien Nederlands kampioen op de balk, haar vijfde nationale titel.
Grijnzend constateert Wevers dat ook haar tweede comeback is geslaagd. Na een eerdere onderbreking van bijna twee jaar weet ze opnieuw terug te keren aan de top. Toch voelt deze comeback anders. Misschien is dit wel haar laatste. “Het voelt gek om dat hardop te zeggen”, zegt Wevers. “Mochten we ons plaatsen, dan heb ik het gevoel dat de WK misschien mijn laatste kunstje worden. Daardoor geniet ik nu veel bewuster van alles.”
Ubbink hoeft die beslissing voorlopig nog lang niet te maken. Zij staat aan het begin van haar carrière. Wat ze haar ervaren ploeggenoot mee wil geven richting deze EK? “Genieten. Juist omdat je niet weet hoeveel van dit soort momenten er nog komen.”
De mannen komen een week later in actie. Ook daarvan zijn de toestelfinales en de teamfinale te volgen via de NOS-app en NOS.nl.
Deel artikel: Advertentie via Ster.nl (opent in nieuw venster)
Hockeyers van dik in de 80 gaan voor goud: ‘Zoek je man op, kom op!’
“Jos, probeer nou niet iedereen de les te lezen!”, klinkt het over de hockeyvelden van Push in Breda. Even later vliegt een pass de verkeerde kant op. “Dat is naar niemand!” Wie denkt dat het er op het WK Masters voor 80-plussers rustig aan toegaat, heeft het mis. De oudste Nederlandse hockeyer op het veld is zelfs 91 jaar, maar winnen willen ze nog allemaal. Al is de derde helft ook heel belangrijk.
Op de velden van Push wordt deze week het WK Masters gespeeld voor hockeyers van 65, 70, 75 en 80 jaar en ouder. In totaal doen 79 teams uit 19 landen mee, van Australië en Nieuw-Zeeland tot Japan, Maleisië, Canada en de Verenigde Staten. Voor Eric Hengst van gastheer Push is het één groot internationaal hockeyfeest. “Als je door de stad loopt, zie je overal internationals eten, drinken en rondlopen. Wij afficheren ons als de hockeyhoofdstad van Nederland, dus wat dat betreft hoort zo’n WK gewoon in Breda thuis.”
De oudste deelnemer: “Alles doet het”
Tussen al die internationals loopt ook de 91-jarige Henk Kwast rond. Hij speelt bij Nederland B. Waarom hij op zijn leeftijd nog met een hockeystick rondloopt? “Om te hockeyen. Dat moet een leuk spelletje zijn”, grapt hij. Dat hij op zijn 91e misschien achter de geraniums hoort te zitten, maakt weinig indruk. “Die heb ik niet”, reageert hij droog. “En dat hoeft ook niet als je nog een beetje fit bent om mee te kunnen doen.”
Fit is Kwast zeker. Hij hockeyt nog iedere donderdagavond en fietst veel. Een ingewikkeld geheim heeft hij niet. “Ik heb kennelijk een goed gestel. Alles doet het. En dat probeer je in stand te houden. Je niet druk maken over zaken waar je toch niks aan kunt doen.” Langs de lijn kijkt zijn kleinzoon trots toe. “Zo vaak kan ik hem niet meer zien spelen. Zeker niet op die leeftijd.”
Geen blad voor de mond
Op het veld gaat ondertussen niet alles zoals gepland. Na een mislukte actie klinkt een luid en weinig diplomatiek: “Kut, kut, kut.” Leeftijd of niet, balverlies blijft balverlies.
Ook Peter Lammers (83) uit Den Bosch en H.J. Wessels (84) uit Breda staan nog op het veld. Hun motto is simpel: “Een leven lang hockey.” Bang om eens onderuit te gaan of blessures zijn ze niet. “We weten nog steeds hoe we moeten opstaan”, zegt Lammers met een vette knipoog.
De tegenstanders kennen ze soms al tientallen jaren. Sommige Duitsers komen ze al 26 jaar tegen. De rivaliteit is er nog, maar na afloop overheerst de vriendschap. “Dan ga je ’s avonds met die jongens eten en natuurlijk ook veel bier drinken”, aldus Wessels.
De 86-jarige Engelsman Peter Danson kent dat gevoel ook. Hij speelt al bijna dertig jaar Masters-hockey. “Alle teams zijn vriendelijk en het is erg gezellig.” Hockeyen op deze leeftijd is volgens hem prima te doen, zolang iedereen zich een beetje aan elkaar aanpast. “Het gaat wat minder snel.”
“Anders mis je de derde helft”
Toch gaat er met regelmaat een speler tegen de grond. Dan blijkt dat sommige dingen juist ouderwets zijn gebleven. “Kijk, zo ging het vroeger ook”, klinkt het als een speler pijn heeft. “Dan stop je even met z’n allen.”
Maar gezelligheid of niet, de heren op leeftijd willen ook winnen. “Natuurlijk willen we wereldkampioen worden”, zegt coach Frank van den Bogaard van Nederland A, “want deze jongens hebben allemaal hoofdklasse-ervaring en willen ook op deze leeftijd nog resultaten boeken”. Maar winnen of verliezen: uiteindelijk wacht het clubhuis. “Pas je wel een beetje op”, krijgt een Nederlandse speler tijdens de wedstrijd te horen. “Anders mis je de derde helft.” Sommige dingen veranderen nooit, hoe oud je ook bent.
Bij Oranje past een voetbalnaam als Xavi, maar: ‘Dit is geen keuze uit luxe’
“Nederland is een groot voetballand en daar past een grote naam bij”, vindt oud-international Rafael van der Vaart. Alleen daarom al denkt de voormalig Oranjespeler dat Xavi een goede keuze als nieuwe bondscoach van het Nederlands elftal is. “Ik had eerlijk gezegd niet aan hem gedacht. Natuurlijk moet je kwaliteiten hebben als trainer, maar ik denk dat de spelers gewoon heel veel respect voor hem hebben en dan loop je toch een stapje harder.”
Oud-international Pierre van Hooijdonk heeft zijn twijfels bij de keuze voor de 46-jarige Spanjaard, die als voetballer een indrukwekkende staat van dienst opbouwde, maar als trainer nog een tamelijk onbeschreven blad is. “Het is een heel verrassende naam. Hij is een geweldige oud-speler, alleen is dat geen garantie dat hij ook een hele goede bondscoach is.”
Gemengde gevoelens
Bekijk hier de reactie van Van der Vaart op de aanstelling van Xavi:
Gemengde gevoelens dus bij de twee NOS-analisten. Van der Vaart had misschien liever een Nederlandse trainer aan het roer gezien bij Oranje. “Maar als je dan iemand neemt die van het Nederlandse voetbal houdt en altijd met Johan Cruijff in zijn achterhoofd heeft gevoetbald en gecoacht, dan is dit wel een uitstekende keuze.”
Van Hooijdonk snapt niet waarom de KNVB niet voor een Nederlandse trainer is gegaan. “We hebben op dit moment heel goede Nederlandse trainers, die ook beschikbaar waren, zeker een half jaar geleden. Nu geef je Xavi een vierjarig contract, maar waarom geen twee jaar? Zo zet je toekomstige kandidaten als Erik ten Hag en Peter Bosz vier jaar lang in de kast.”
Over de tijd die de KNVB – al dan niet gedwongen – heeft genomen om een opvolger voor de na het WK opgestapte Ronald Koeman, hebben de twee analisten ook een andere mening. Van der Vaart: “Het duurde lang, dat vond ik ook. Maar de KNVB heeft zich niet gek laten maken om snel een beslissing te nemen, omdat wij dat allemaal wilden. Weet je, we vinden er allemaal wat van. Kritiek is er altijd.”
“Dit is geen keuze uit luxe”, vindt Van Hooijdonk. “De KNVB was liever met Michael Reiziger in zee gegaan, maar daar was te veel weerstand tegen. Daardoor zijn ze bij Xavi uitgekomen, waar ze pas dinsdag de eerste gesprekken mee hebben gevoerd. Het is geen naam die ze heel lang geheim hebben gehouden. Xavi zat bij het groepje trainers zonder baan.”
De ‘Hollandse School’
Bekijk hier de reactie van Van Hooijdonk op de aanstelling van Xavi:
Xavi, die zich wel eens heeft laten ontvallen dat hij is “geobsedeerd door balbezit” krijgt als opdracht mee om het Nederlands elftal weer aanvallend voetbal te laten spelen, de ‘Hollandse School’ moet terug. Van der Vaart put daar hoop uit. “Ik heb bij Real Madrid ook de eer gehad om tegen hem te mogen spelen, toen hij voor Barcelona uitkwam. Barcelona vormde zo’n beetje het hele Spaanse elftal, balbezit was daar heilig. Beter dan maar achter die bal aan hollen. Of hij een goede bondscoach is moet nog blijken, maar zijn filosofie past wel bij Nederland.”
“En je moet er wel de spelers voor hebben”, beseft hij. “Zeker Frenkie de Jong zal een gat in de lucht springen, want dit soort voetbal is zijn ding. Maar je zult er toch meer balvaste spelers bij moeten hebben op het middenveld.”
Van Hooijdonk relativeert de mogelijke nieuwe speelstijl. “In het hedendaagse voetbal heb je nog twee systemen over: je speelt met vijf verdedigers of 4-3-3. Het kan soms ook samen gaan. En daar kun je succes mee hebben, maar soms ook niet, zoals bij de laatste WK-wedstrijd van het Nederlands elftal tegen Marokko.”
Taalbarrière
Van de nieuwe bondscoach is bekend dat hij niet makkelijk in het Engels communiceert. Of dat een probleem is? “Misschien moet er een tolk bij en dat is wel een nadeel, daar moet je gewoon eerlijk in zijn”, vindt Van der Vaart. “Ik heb zelf gespeeld onder een trainer die een tolk gebruikte. Het is ontzettend lastig”, meent Van Hooijdonk. “De boodschap die via een tolk wordt overgedragen, is nooit hetzelfde, nooit zo intens, als wanneer dat een-op-een wordt gedaan. Maar Ruud van Nistelrooij, die lang in Spanje heeft gespeeld, blijft aan als assistent. Daar gaat Xavi veel aan hebben.”
Deel artikel: Advertentie via Ster.nl (opent in nieuw venster)
Oranje en Xavi: Een grote naam, maar is het ook de juiste?
“Nederland is een groot voetballand en daar past een grote naam bij”, vindt oud-international Rafael van der Vaart. Alleen daarom al denkt de voormalig Oranjespeler dat Xavi een goede keuze als nieuwe bondscoach van het Nederlands elftal is. “Ik had eerlijk niet aan hem gedacht. Natuurlijk moet je kwaliteiten hebben als trainer, maar ik denk dat de spelers gewoon heel veel respect voor hem hebben en dan loop je toch een stapje harder.”
Oud-international Pierre van Hooijdonk heeft zijn twijfels bij de keuze voor de 46-jarige Spanjaard, die als voetballer een indrukwekkende staat van dienst opbouwde, maar als trainer nog een tamelijk onbeschreven blad is. “Het is een heel verrassende naam. Hij is een geweldige oud-speler, alleen is dat geen garantie dat hij ook een hele goede bondscoach is.”
Bekijk hier de reactie van Van der Vaart op de aanstelling van Xavi:
Gemengde gevoelens dus bij de twee NOS-analisten. Van der Vaart had misschien liever een Nederlandse trainer aan het roer gezien bij Oranje. “Maar als je dan iemand neemt die van het Nederlandse voetbal houdt en altijd met Johan Cruijff in zijn achterhoofd heeft gevoetbald en gecoacht, dan is dit wel een uitstekende keuze.”
Van Hooijdonk snapt niet waarom de KNVB niet voor een Nederlandse trainer is gegaan. “We hebben op dit moment heel goede Nederlandse trainers, die ook beschikbaar waren, zeker een half jaar geleden. Nu geef je Xavi een vierjarig contract, maar waarom geen twee jaar? Zo zet je toekomstige kandidaten als Erik ten Hag en Peter Bosz vier jaar lang in de kast.”
Over de tijd die de KNVB – al dan niet gedwongen – heeft genomen om een opvolger voor de na het WK opgestapte Ronald Koeman, hebben de twee analisten ook een andere mening. Van der Vaart: “Het duurde lang, dat vond ik ook. Maar de KNVB heeft zich niet gek laten maken om snel een beslissing te nemen, omdat wij dat allemaal wilden. Weet je, we vinden er allemaal wat van. Kritiek is er altijd.”
“Dit is geen keuze uit luxe”, vindt Van Hooijdonk. “De KNVB was liever met Michael Reiziger in zee gegaan, maar daar was te veel weerstand tegen. Daardoor zijn ze bij Xavi uitgekomen, waar ze pas dinsdag de eerste gesprekken mee hebben gevoerd. Het is geen naam die ze heel lang geheim hebben gehouden. Xavi zat bij het groepje trainers zonder baan.”
Bekijk hier de reactie van Van Hooijdonk op de aanstelling van Xavi:
Xavi, die zich wel eens heeft laten ontvallen dat hij is “geobsedeerd door balbezit”, krijgt als opdracht mee om het Nederlands elftal weer aanvallend voetbal te laten spelen, de ‘Hollandse School’ moet terug. Van der Vaart put daar hoop uit. “Ik heb bij Real Madrid ook de eer gehad om tegen hem te mogen spelen, toen hij voor Barcelona uitkwam. Barcelona vormde zo’n beetje het hele Spaanse elftal, balbezit was daar heilig. Beter dan maar achter die bal aan hollen. Of hij een goede bondscoach is moet nog blijken, maar zijn filosofie past wel bij Nederland.”
“En je moet er wel de spelers voor hebben”, beseft hij. “Zeker Frenkie de Jong zal een gat in de lucht springen, want dit soort voetbal is zijn ding. Maar je zult er toch meer balvaste spelers bij moeten hebben op het middenveld.”
Van Hooijdonk relativeert de mogelijke nieuwe speelstijl. “In het hedendaagse voetbal heb je nog twee systemen over: je speelt met vijf verdedigers of 4-3-3. Het kan soms ook samen gaan. En daar kun succes mee hebben, maar soms ook niet, zoals bij de laatste WK-wedstrijd van het Nederlands elftal tegen Marokko.”
Van de nieuwe bondscoach is bekend dat hij niet makkelijk in het Engels communiceert. Of dat een probleem is? “Misschien moet er een tolk bij en dat is wel een nadeel, daar moet je gewoon eerlijk in zijn”, vindt Van der Vaart. “Ik heb zelf gespeeld onder een trainer die een tolk gebruikte. Het is ontzettend lastig”, meent Van Hooijdonk. “De boodschap die via een tolk wordt overgedragen, is nooit hetzelfde, nooit zo intens, als wanneer dat een-op-een wordt gedaan. Maar Ruud van Nistelrooij, die lang in Spanje heeft gespeeld, blijft aan als assistent. Daar gaat Xavi veel aan hebben.”
Deel artikel:
Advertentie via Ster.nl (opent in nieuw venster)
Doelman Didillon-Hödl maanden uitgeschakeld
Doelman Thomas Didillon-Hödl staat Willem II voorlopig niet bij. De Fransman raakte geblesseerd tijdens het duel met Go Ahead Eagles en uit onderzoek blijkt dat hij een hamstringblessure heeft opgelopen. Het herstel gaat enkele maanden duren, waardoor hij voor een flinke periode niet inzetbaar is voor de Tilburgse ploeg.
Dat is een flinke domper voor zowel de club als de keeper zelf. Didillon-Hödl gaf aan het vervelend te vinden dat hij zijn team de komende tijd niet kan helpen. Hij richt zich nu volledig op zijn revalidatie en wil samen met de medische staf er alles aan doen om sterker terug te keren.
Willem II moet voorlopig dus op zoek naar een andere oplossing voor de positie onder de lat. De club en de medische staf houden zijn herstelproces nauwlettend in de gaten. Of hij dit seizoen nog in actie komt, is op dit moment nog niet duidelijk.
