Roel laat zijn tuin zijn gang gaan, trekt tientallen vogels en vlinders aan
Een natuurtuin die echt mag leven
Roel Winters heeft geen zin in een tuin die er ‘netjes’ uitziet — met strakke lijnen, glimmende rododendrons en een grond zo kaal als een keukenvloer. In plaats daarvan liet hij gedurende vijfentwintig jaar landgoed De Langakkers in Leende langzaam, maar zeker, terugkeren naar de natuur. Geen kunstmatige orde, geen dwang — alleen ruimte, geduld en een duidelijke visie: laat de natuur haar gang maar gaan.
Van vogelliefhebber naar natuurbouwer
Al op zesjarige leeftijd kreeg Roel zijn eerste tortelduif. Op tien had hij al een volière vol grasparkieten, kanaries en zebravinkjes. Die vroege passie groeide uit tot een diepe verbinding met de natuur — en uiteindelijk tot de wens om zijn eigen stukje Nederland te veranderen in een levendig, ademend natuurgebied. “Een ‘cultuur-natuurgebied”, noemt hij het zelf — een plek waar mens en natuur samenwerken, zonder dat de mens constant aan het corrigeren is.
Wat maakte die tuin niet natuurlijk?
Toen Roel in de jaren negentig begon, was zijn tuin typisch Nederlands: strak, geordend, vol exoten — coniferen, vlijtige liesjes, begonia’s — en veel te veel schoppen, maaien en (misschien zelfs) spuiten. Elke onkruidspriet werd gezien als een vijand. Maar voor Roel was dat precies het probleem. Hij haalde alle exotische planten weg en vervangde ze door soorten die hier echt thuishoren. De tuin werd kleinschalig, ‘rommelig’ — hoewel hij dat woord liever niet gebruikt: “Dan denk je meteen: o, daar moet ik wat aan doen. Terwijl het juist om niet ingrijpen gaat.”
Waarom ‘rommelig’ juist goed is
Het geheim zit hem in het ritme van de natuur — vooral bij het maaibeheer. Roel en zijn team kijken niet naar de kalender of de schoonheidsideaal, maar naar wat de natuur op dat moment nodig heeft. En het werkt. Jaar na jaar verschijnen er nu tweeënvijftig soorten broedvogels en minimaal zesentwintig dagvlinders in de tuin. Denk aan de spotvogel, de patrijs, de fitis en de braamsluiper — vogels die je tegenwoordig zelden nog in een gewone tuin aantreft. Ook herten, vleermuizen, wezels, hagedissen en talloze insecten voelen zich thuis op De Langakkers.
Natuur begint op elke schaal
Roel benadrukt: je hebt geen groot landgoed nodig om dit te doen. “Een tuin hoeft geen hectare groot te zijn. Zelfs een balkonnetje kan al voldoende zijn.” Het gaat niet om de grootte, maar om de instelling: minder controleren, meer observeren. Minder ‘aanpassen’, meer laten gebeuren. En toch: ook hier is controle belangrijk — maar dan wel de soort die luistert, observeert en op het juiste moment ingrijpt. “De natuur gaat helemaal haar vrije gang — en dat is precies wat het zo mooi maakt.”
Water besparen: wat kun jij écht zelf doen, en wat scheelt dat nou eigenlijk?
Nederland krijgt steeds vaker te maken met lange droogteperiodes. Gevolg? De grondwaterstanden zakken, en de vraag wordt steeds luidruchtiger: blijft er straks nog genoeg drinkwater uit de kraan komen? Volgens hoogleraar hydrologie Niko Wanders zijn veel Nederlanders zich nog maar weinig bewust van hoe kritiek de situatie al is. Dat komt waarschijnlijk doordat we gewend zijn aan een land vol water — rivieren, plassen, kanalen. Maar hé: niet alles wat glinsterend in de zon ligt, is geschikt om te drinken of te gebruiken als kraanwater.
We verbruiken gemiddeld 118 liter drinkwater per persoon per dag — dat is zo’n 12 volle emmers. In 2021 was dat nog 129 liter. Dus we zijn al wat zuiniger geworden, maar het Rijk wil nog verder: tegen 2035 moet het 100 liter per dag zijn. Voor vergelijking: in België is het gemiddelde al 103 liter. Daar is men van oudsher voorzichtiger met water — simpelweg omdat het er minder van is.
Waar gaat al dat water naartoe?
De grootste ‘slokop’ zit in je badkamer. Ongeveer 70 liter per dag verdwijnt daar per persoon — vooral door douchen en baden. En dan is er nog de wc: zo’n 35 liter per dag per persoon. Let op: het kraanwater in Nederland is wereldklasse. Het wordt gemaakt van grond- en oppervlaktewater (zoals de Rijn of Maas), gezuiverd tot het veilig is om te drinken — en dan naar jouw kraan.
Kleine wijzigingen, behoorlijk veel besparing
Volgens Karin Aalberts van Milieu Centraal zit er nog flink wat winst in ons douchegedrag — ook al is het een gevoelig onderwerp. “Het draait om hygiëne én om wat we als ‘normaal’ ervaren.” Gemiddeld staan we zeven minuten onder de douche. Haal je dat terug naar vijf minuten, dan bespaar je per douchebeurt zo’n 15 liter. Een lekkende kraan repareren? +5 liter per dag. Kraan dicht tijdens het tandenpoetsen? Zo’n 22 liter minder. En gebruik je na het plassen de kleine spoelknop in plaats van de grote? Dan bespaar je ongeveer 12 liter — en dat is volgens Aalberts de allereerste tip die ze geeft: “Daar verlies je echt niks mee.”
In Engelstalige landen hoor je vaak de regel: ‘If it’s yellow, let it mellow; if it’s brown, flush it down.’ Vertaald: spoel niet na elke plas. Dat zou minstens 3 liter per keer kunnen besparen.
Let op in de zomer!
Dan schiet het drinkwaterverbruik vaak omhoog — vooral door tuinbesproeiing en het vullen van opblaaszwembadjes. Volgens Aalberts zijn dat ‘echte drinkwaterverslinders’. “Juist als het droog is, doen mensen dat vaak juist het meest — terwijl we dan juist extra moeten opletten.”
Is het wel eerlijk om alleen op jouw schouders te leggen?
Veel mensen vinden het oneerlijk dat de verantwoordelijkheid vooral bij het individu wordt gelegd, terwijl bedrijven en grote sectoren veel meer water gebruiken. Aalberts begrijpt die kritiek, maar wijst erop dat consumenten zelf wel driekwart van al het drinkwater gebruiken. Gedragswetenschapper Willemijn Vermeer benadrukt dat klimaatverandering (en dus ook waterbeheer) geen ‘alleen-consumentenvraagstuk’ is: overheden én bedrijven spelen een cruciale rol. Maar dat betekent niet dat jouw eigen keuzes niets uitmaken. “Als mensen zich bewust worden van hun eigen voetafdruk, praten ze er ook vaker over — en daarmee inspireren ze anderen.”
En wat zeggen de datacenters?
Op social media wordt vaak gewezen op het watergebruik van datacenters — volgens het CBS zo’n 1 miljard liter per jaar (ongeveer 2,7 miljoen liter per dag). Dat lijkt veel — maar Wanders legt uit dat dit water vooral gebruikt wordt voor koeling, en dat koelwater vaak hergebruikt kan worden. “Ik snap de kritiek, maar het is een ander soort gebruik.”
De echte grootverbruikers? Volgens Wanders zijn dat de boeren — vooral de veehouderijen. Ze gebruiken veel water, en vaak juist in tijden van schaarste. Gelukkig gelden er restricties, zoals het beregeningsverbod: boeren mogen dan geen water meer uit sloten of beken halen.
Wat is nu de rol van jou én de overheid?
Wanders ziet een taak voor alle partijen. Jij kunt bijvoorbeeld douchewater opvangen, regenwater in een regenton verzamelen, of het water uit je opblaaszwembad gebruiken om planten te besproeien. De overheid kan daarentegen actief stimuleren om regenwater te opvangen en hergebruiken — bijvoorbeeld door in elk nieuw huis een speciale watertank te verplichten, zoals in België al gebeurt (voor toiletdoorspoeling, bijvoorbeeld). “Dat is geen kwestie van ‘gewoon even zelf doen’,” zegt Wanders. “Dat zijn ingrijpende aanpassingen — niet voor iedereen haalbaar.”
Thailand wordt overspoeld door meth, ketamine en yaba – en de pillen zijn zo goedkoop dat iedereen ze kan betalen
Mustafa Marghadi, correspondent voor Zuidoost-Azië
Thailand zit midden in een explosieve stijging van synthetische drugs – en het is geen overdrijving om te zeggen dat het land letterlijk wordt overspoeld. Methamfetamine (meth), ketamine én vooral yaba – een regionale mix van meth en cafeïne in pilvorm – vloeien in recordtempo over de grenzen naar binnen. En het ergste? Ze zijn zo’n beetje overal te koop voor minder dan een euro per stuk.
Recordaantal onderschepte pillen… maar het helpt niet genoeg
De Thaise politie pakt harder dan ooit: vorig jaar werden meer dan 851 miljoen methpillen in beslag genomen. In heel Zuidoost-Azië steeg het aantal onderschepte pillen met maar liefst 50 procent, terwijl de hoeveelheid ketamine die ze opvingen zelfs met 189 procent omhoogspoot – tot ruim 50 ton. Dat meldt het VN-Bureau voor Drugs en Misdaad.
Maar hier zit de knoop: hoe meer ze pakken, hoe meer er blijkbaar ook binnensluipt. De vraag stijgt, de aanbod blijft groeien, en criminele netwerken passen zich razendsnel aan. Veel groepen die eerder geld verdienden met online oplichting (zoals ‘pig butchering’-fraude) investeren nu ook massaal in drugproductie en -smokkel. Volgens de VN vormt zich een steeds strakker verweven criminele economie – waarbij internetfraude, witwassen én drugshandel elkaar steeds vaker ondersteunen.
Grenscontroles op de vlieg: elke avond ergens anders
Luitenant Paithun weet dat maar al te goed. Elke avond rijdt hij met zijn team langs de grens met Laos – nooit op dezelfde plek, nooit op hetzelfde tijdstip. Zijn doel? Onverwachts controleren in kleine dorpjes in de provincie Loei, want daar komt het grootste deel van de drugs binnen. Vrachtwagens, bromfietsen, zelfs fietsen – alles wordt stilgezet, snel gecheckt met zaklampen, en burgers worden beleefd begroet. Maar vaak eindigt het toch in een arrestatie.
“Twee of drie keer per week pakken we dealers”, zegt hij. Eén recente vangst was bijna onvoorstelbaar: vijf miljoen yaba-pillen in één keer.
Yaba: de ‘werk-één-pil-om-verder-te-gaan’-drug
Yaba is geen gewone drug – het is een sociaal fenomeen. Arbeiders gebruiken het om wakker te blijven tijdens lange ritten, jongeren op het platteland om de verveling te verdrijven. Het is goedkoop, makkelijk verkrijgbaar en extreem verslavend. En ja: het is spotgoedkoop. Volgens de VN kost één pil rond de 50 cent. “De prijs is sinds de eerste keer dat ik er een kocht gehalveerd”, zegt een gebruiker.
Meer pillen gepakt, maar ook meer verslaafden
Politiegeneraal Archayon Kraithong van het Thaise Drugsbestrijdingsbureau erkent het openlijk: “We zijn trots op het stijgende aantal onderschepte pillen – maar dit beleid is maar deels succesvol. Er is nog veel werk aan de winkel.” En dat klopt. Het aantal drugsverslaafden in Thailand steeg vorig jaar met 10 procent.
Daarom is er ook een andere pijler: herstel. Op een legerbasis in Loei is een rehabcentrum opgezet. Sinds vorig jaar hebben zo’n tweehonderd patiënten het driedelige programma van drie maanden afgerond. Op dit moment zitten er dertig anonieme mannen rustig op een rij, luisterend naar instructies van een sergeant – over zelfrespect, verantwoordelijkheid, en wat het betekent om je leven weer in eigen hand te nemen.
Eén van hen vertelt over zijn worsteling met yaba: “Ik wilde bij de politie, maar werd afgewezen vanwege een tatoeage. Ook nadat ik die liet verwijderen. Ik raakte vastzittend, kwam nergens aan de bak.” Stress en depressie leidden hem naar de pil. “Ik sliep zeven dagen achter elkaar niet en begon te hallucineren. Toen wist ik: ik moest hierheen.”
Hij is al eens behandeld. En toch teruggevallen. Zoals meerdere patiënten hier. Want na drie maanden discipline en hoop, keert de realiteit terug: thuis, in hun dorp, liggen de pillen nog steeds overal – en ze kosten minder dan een fles water.
Niet alleen een Thais probleem – het reist verder
Deze drugs stromen niet alleen door Thailand, maar ook naar buurlanden – en uiteindelijk zelfs naar Australië en Japan. Thailand werkt samen met de Amerikaanse DEA, maar generaal Kraithong benadrukt: “Als je niet helpt de instroom naar Thailand tegen te gaan, dan komen de drugs zonder twijfel uiteindelijk ook in jouw land terecht.”
Luitenant Paithun weet dat. Na een half uur controleren vindt hij deze avond niets. Maar hij weet ook: het is bijna onvermijdelijk dat er die nacht weer honderdduizenden pillen vanuit Laos de grens over zijn gekomen.
Honderden migranten zwemmen van Marokko naar Ceuta — stad slaat alarm
Vannacht lagen honderden mensen buiten op straat in Ceuta, de Spaanse enclave aan de noordkust van Marokko. Geen plek meer in de opvangcentra — dus slapen ze onder open hemel. Voor de hitte hebben ze zelfs tijdelijke schuilplaatsen in elkaar gezet. De landgrens naar Ceuta is bijna ondoordringbaar: hoge hekken, strenge controles, overal bewaking. Dus kiezen steeds meer migranten voor een andere route: de zee.
Langs die kust staan ook enorme, hoog opgetrokken hekken — Spanje wil juist voorkomen dat mensen er zelfs maar aan denken om daar te proberen door te komen. Maar precies dat gebeurt nu in rap tempo. De afgelopen dagen zwommen honderden mensen vanuit de Marokkaanse plaatsen Fnideq en Belyounech naar Ceuta. Een tocht van twee tot drieënhalf uur, soms in volle zon, soms ’s nachts. Ze komen moe, nat en vaak blij aan — sommigen roepen zelfs “Leve Spanje!”. Op stranden en in het water liggen hun wetsuits, vinnen en elastische bandjes achter: spullen die hen hielpen om de oversteek te halen.
Het zijn vooral jonge Marokkanen, maar ook vrouwen en Algerijnen maken de tocht. Van de aangekomenen zijn er minstens 700 minderjarig — zo meldt de lokale overheid. En ondanks reddingsacties zijn dit maand al zeven mensen verdronken, volgens de Marokkaanse nieuwswebsite Akhbarona.
Vandaag trokken honderden van hen zich los uit een gebouw van de Guardia Civil waar ze tijdelijk ondergebracht waren. Op video’s die rondgaan bij Spaanse media is te zien hoe ze massaal een poort uitrennen.
Burgemeester Juan Jesús Vivas van Ceuta spreekt van een ‘uiterst ernstige migratiecrisis’ en vraagt de Spaanse regering dringend om een ‘nationale noodtoestand’ af te kondigen. Ook roept hij om directe hulp van zowel Spanje als Marokko: “Deze situatie vereist een onmiddellijke, krachtige en gecoördineerde reactie — met meer personeel, meer middelen, noodvoorzieningen én snelle overplaatsingen uit Ceuta.”
Waarom nu écht zo veel mensen zwemmen?
Misschien speelt een recente uitspraak van het Spaanse Hooggerechtshof mee: begin deze maand bepaalde het gerecht dat mensen die via zee aankomen niet zomaar terug kunnen worden gestuurd. Dat nieuws werd in Marokko nauwelijks besproken in de traditionele media — maar wellicht heeft het zich via sociale media verspreid onder jongeren. Volgens correspondent Richard Hogenkamp is dat een plausibele verklaring.
Het generaal pardon dat Spanje vanaf april had ingevoerd — waarmee honderdduizenden illegalen kans maakten op verblijf en werk — speelt daarentegen vrijwel geen rol meer. Die regeling liep immers vorige maand af. “Dan had je beter toen nog met de veerboot kunnen komen”, zegt Hogenkamp.
Dit is trouwens niet de eerste keer dat Ceuta massaal wordt bestormd. In de zomer van 2024 gebeurde het meerdere keren tegelijk — vaak na oproepen op sociale media. De Marokkaanse politie gelooft dat die berichten uit Algerije kwamen of daarop waren geïnspireerd, als onderdeel van regionale spanningen tussen de landen. Hetzelfde gold voor mei 2021 — een van de ergste momenten voor Ceuta. Toen wisten in één dag zelfs zo’n 8.000 mensen via zwemmen of kleine rubberboten de enclave te bereiken.
Maar nu is het anders. Vakbonden en immigratieagenten zeggen dat de huidige crisis ernstiger is dan in 2021. “Die situatie duurde twee dagen. Nu zitten we er al een week mee — en het ziet er niet naar uit dat het stopt”, waarschuwen agenten tegenover El País.
“Daarom roep ik vandaag meer dan ooit op tot kalmte en eenheid”, zegt burgemeester Vivas. “Samen zullen we, zoals altijd, deze moeilijke periode weer te boven komen.”
Handel en horeca trekken de economie weer op gang: ‘Crisis in Midden-Oosten prima doorstaan’
De Nederlandse economie laat zich blijkbaar niet zomaar uit het lood slaan — zelfs niet door alle spanningen in de wereld. In het tweede kwartaal van dit jaar groeide de economie met 0,4 procent ten opzichte van het eerste kwartaal. Dat is een flinke stap opwaarts vergeleken met de lichte groei van 0,3 procent eerder dit jaar. En hoewel de eerste ramingen nog veel minder optimistisch waren (0,1 procent), bleek de werkelijkheid toch wat rooskleuriger.
Vooraf werd er wel wat onrust gevoeld: met de oorlog rond de Perzische Golf en de hoge energieprijzen verwachtten veel economen dat bedrijven en consumenten hun portemonnee zouden dichtknijpen. Maar juist het afgelopen kwartaal lieten we zien dat die zorgen kennelijk minder zwaar wegen dan gedacht.
Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS, noemt het een verrassend goed kwartaal. En zijn conclusie is duidelijk: “Tot nu toe doorstaat de Nederlandse economie de crisis in het Midden-Oosten prima.”
Vergelijk je het met hetzelfde kwartaal van vorig jaar? Dan zie je zelfs een groei van 1,3 procent. En wie zit daar vooral achter? De handel — die groeide fors — én de horeca, die weer flink op de kast ging. Consumenten pakten ook vaker hun portemonnee: meer geld ging naar voedings- en genotsmiddelen, maar ook naar auto’s.
En ja, de hoge energieprijzen hadden wel degelijk invloed — maar niet zoals je misschien zou verwachten. In plaats van dat mensen minder gingen rijden of kopen, kochten ze juist méér elektrische auto’s. Volgens Van Mulligen is dat geen toeval: “De prijzen aan de pomp schoten omhoog. En dat kan voor heel veel mensen die toch al twijfelden over de aanschaf van een elektrische auto de doorslag geven om het nu toch maar te doen.”
Gewonde bij botsing op de A73 bij Sambeek – traumahelikopter ingezet
Donderdagmiddag is er op de A73, richting Nijmegen en vlak bij Sambeek, een ongeluk gebeurd met twee auto’s. Het leek ernstig genoeg om direct een traumahelikopter op te roepen — een duidelijk teken dat er snel professionele medische hulp nodig was.
Naast de helikopter kwamen ook andere hulpdiensten massaal ter plaatse: brandweer, ambulance en politie waren allemaal aanwezig om de situatie onder controle te krijgen. Volgens de eerste informatie is één persoon gewond geraakt. Dat slachtoffer is met spoed naar een ziekenhuis vervoerd voor verdere zorg.
Wat precies is gebeurd, is nog onduidelijk. Er is geen officiële oorzaak bekend — het onderzoek is nog gaande.
Door het ongeluk ontstond er een flinke file. Rijkswaterstaat Verkeersinformatie waarschuwde al snel dat de weg waarschijnlijk tot in de avond afgesloten zou blijven. Vanaf Venlo wordt verkeer omgeleid: “We leiden om”, zo meldden ze.
