Een jaar later stuurde Rúben Neves nog steeds een berichtje naar Diogo Jota — alsof hij er gewoon nog is
Luuk Blijboom, redacteur NOS Sport
Als Rúben Neves donderdagavond na de zestiende finale tegen Kroatië de catacomben van het Toronto Stadium instapt, haalt hij meteen zijn telefoon tevoorschijn. Niet om te checken hoe het met zijn team gaat, of wat de media schrijven — maar om iets te delen met iemand die al een jaar geleden overleed: Diogo Jota.
Op precies dezelfde tijd dat in Portugal één jaar geleden het leven van Jota op een Spaanse snelweg abrupt eindigde, typt Neves een bericht in hun oude appgroep. Over de wedstrijd. Over hoe het voelde. Over wat hij voelde toen hij het veld opliep — met rugnummer 21 op zijn rug, als eerbetoon aan zijn vriend.
“Weinig mensen weten dit, maar ik praat nog altijd met Diogo”, bekent de 29-jarige middenvelder van Al Hilal — en hij meent het letterlijk. Zijn boodschap bereikt niet Jota zelf, maar diens weduwe Rute, die als enige buitenstaander in de groep zit. “Op deze manier is hij er tijdens dit WK bij.”
En ja — ook na de wedstrijd tegen Kroatië zal Neves weer vertellen hoeveel kracht hij voelde van Jota naast zich. “Ik deel nog altijd al mijn gevoelens met hem en daar voel ik me goed bij. Alles wat ik in het leven nog bereik, bereik ik in tweevoud. Diogo staat bij alles wat ik als voetballer doe aan mijn zijde.”
Hij herinnert zich nog exact wanneer hij Jota voor het laatst persoonlijk sprak: op 8 juni 2025, na de Nations League-overwinning op Spanje in München. Jota was trots — hij had net een gifgroene Lamborghini Huracán gevonden, en wilde ermee naar een bruiloft in Engeland. Omdat hij vanwege een longaandoening niet mocht vliegen, zou hij met de boot van Santander oversteken.
25 dagen later, op 3 juli, sloeg diezelfde auto op de slecht onderhouden A-25 in Spanje tegen de vangrail — vermoedelijk door een klapband tijdens een inhaalmanoeuvre. Jota en zijn broer André Filipe overleden ter plaatse.
“Als ik vroeger op het veld stond, bestond er geen wereld buiten de lijnen. Die onschuld is na het ongeval definitief voorbij.”
Voetbal leerde hem opstaan na een nederlaag — maar niet omgaan met écht verlies. Niet met zo’n tragisch, onverdiend einde.
Hun levens liepen samen bij FC Porto, Wolverhampton en het Portugese elftal — 136 keer droegen ze hetzelfde shirt. Totaal verschillende karakters, en toch: een band die nooit losliet. Op zijn linkerkuit draagt Neves een tatoeage van twee vrienden die elkaar omhelzen — met Jota’s rugnummer 21 duidelijk zichtbaar.
“Het is een levenslange omhelzing. We zijn altijd samen.”
“Er gaat geen dag voorbij dat ik niet intens aan Diogo denk. Hij zit voor eeuwig in mijn hoofd. Ik hou ervan om hem bij me te dragen, hoe ongelofelijk veel pijn dat nog altijd ook doet. Ik zal dat verdriet nooit wegstoppen. Deze pijn doet me namelijk realiseren wat een geweldige vriend hij was.”
Dus ja — ook donderdagavond in Canada was Diogo Jota erbij. En voor Neves is dat geen illusie. Het is een keuze. Een belofte. Een manier om terug te geven.
“Elke prijs die ik in mijn loopbaan nog verover, win ik samen met Diogo.”
Na het rampjaar: NAC wil maar één ding — ‘Twee stappen terug, vier vooruit’
Het afgelopen seizoen was puur drama: degradatie, spanning tot het uiterste, en een trainer die na een nederlaag tegen Ajax zelfs naar het ziekenhuis moest vanwege hartklachten. Voor Carl Hoefkens (47) was het een zware tijd — maar hij koos ervoor om bij NAC te blijven. En nu? Nu heeft hij één duidelijk doel voor ogen: terug naar de Eredivisie — en wel binnen één jaar.
“Wij zijn ongelofelijk ambitieus”, zegt de Belgische coach. “En we willen echt écht terug.”
Dat ‘rampjaar’ is voor hem geen reden om in te storten, maar juist een springplank: “Twee stappen terug, vier vooruit.” De degradatie ziet hij als een tijdelijke tegenslag — een pijnlijke, ja, maar ook een kans om opnieuw krachtig te beginnen. Binnen de club is de wens duidelijk: niet zomaar terugkeren, maar écht blijven — als een stabiele ‘halve’ subtopper in de Eredivisie.
En die ambitie begint al meteen in de voorbereiding. Woensdagavond won NAC met een flinke 0-9 van een samengesteld team van drie amateurclubs uit Etten-Leur. Een mooi startsein — en een signaal dat er weer winnen op het programma staat. Want volgens Hoefkens is dat komend seizoen de hoofdopgave: “Vorig jaar was winnen niet vanzelfsprekend. Volgend jaar wel.”
Hij blijft trouw aan het systeem dat hij kent: 4-4-2. “Dit is de manier waarop wij willen voetballen. Wie speelt, bepaalt de speler zelf — door prestaties, vertrouwen en onderlinge afstemming.” Ook op de transfermarkt gaat NAC actief aan de slag. Maar eerst: houden wat je hebt. “Niemand moet weg. Ik ben daar zelf het eerste voorbeeld van”, lacht hij — en verwijst daarmee naar de belangstelling van OH Leuven. “We willen deze groep bij elkaar houden, hier en daar een versterking halen, en de jeugd ruimte geven.”
Kortom: geen excuses, geen teruggrijpen — alleen doorgaan. Met alles wat er is, en nog wat meer.
Van der Poel wil in 2028 écht alles: Olympische wegrace én mountainbike op één Spelen
Mathieu van der Poel heeft een droom die bijna te mooi lijkt om waar te zijn: op de Olympische Spelen van 2028 in Los Angeles zowel de wegwedstrijd als de mountainbike wedstrijd rijden. Dat vertelde de Nederlandse wielrenner tijdens een persconferentie in Barcelona — net voor hij zaterdag de start van zijn zesde Tour de France neemt.
“Alweer in LA geweest, en het wegparcours ziet er echt veelbelovend uit”, zei hij met een knipoog. “Als het lukt, wil ik zeker ook mountainbiken daar. Maar ja… het is nog lang geleden, dus we kijken gewoon wat er allemaal mogelijk is.”
Een olympische medaille ontbreekt nog op zijn indrukwekkende palmares — en dat is iets wat de 31-jarige Van der Poel graag wil afsluiten. “De Spelen zijn de afgelopen jaren steeds belangrijker geworden in het wielrennen. Voor mij is dat een grote, mooie uitdaging die ik nog niet heb afgemaakt.”
Terugblik op eerdere Spelen
In Tokio (2021) stapte hij op het mountainbike — maar helaas viel hij af. In Parijs (2024) koos hij voor de weg en werd twaalfde. Nu kijkt hij verder dan alleen één discipline: hij wil beide combineren.
En het blijft niet bij de Olympische Spelen alleen. Ruim een maand na de Tour hoopt hij eind augustus in Italië voor het eerst wereldkampioen te worden in het mountainbiken. Dat WK is eind augustus — en ja, dat is al weer een flinke stap op zijn agenda.
Ondertussen begint hij dit weekend aan zijn zesde Tour de France. Bij zijn debuut in 2021 won hij meteen een etappe — en ook dit jaar durft hij te dromen van de gele trui. Al erkent hij eerlijk: “Dit parcours ligt niet helemaal op mijn lijf. Maar wie weet wat er allemaal gebeurt…”
Medewerker kondigt tijdens live persconferentie het overlijden van de vader van Congo’s coach aan
“We moeten u mededelen dat de coach zijn vader heeft verloren. Onze oprechte deelneming”, klonk het plotseling tijdens de persconferentie — midden in de camera’s, met alle journalisten aanwezig. De woorden kwamen van de persvoorlichter, en troffen als een bom. De Franse coach, die net nog rustig antwoordde op vragen over de komende wedstrijd, reageerde zichtbaar geschokt. Hij keek de voorlichter strak aan, alsof hij het niet direct kon geloven. “Bedankt”, zei hij kort daarna — zacht, maar duidelijk.
Volgens Le Parisien had hij het bericht vlak voor de wedstrijd tegen Engeland ontvangen. En toch wilde Desabre, ondanks de zware persoonlijke klap, zijn team blijven leiden tijdens het duel.
Gisteren speelde Congo zijn eerste WK-wedstrijd in de knock-outfase — en het werd een emotionele en spannende partij. Brian Cipenga bracht Congo al in de zevende minuut op voorsprong. Engeland kreeg het zwaar, maar wist pas een kwartier voor tijd via Harry Kane gelijk te trekken. De Engelse topscorer aller tijden maakte vijf minuten voor tijd zijn dertiende WK-doelpunt — en zo de 2-1-eindstand.
Gedegradeerd Hera zegt vaarwel aan zeventien speelsters én hoofdtrainer
Hera United heeft na een pittig eerste seizoen in de eredivisie flink ingegrepen in de kern van het team. De club, die vorig jaar in september officieel toetrad tot het vrouwenvoetbal op profniveau, neemt afscheid van maar liefst zeventien voetbalsters — en ook van drie leden van de technische staf, waaronder hoofdtrainer Ed Engelkes.
Het seizoen eindigde op een bittere noot: door de nederlaag op de laatste speeldag tegen FC Utrecht (1–2) eindigde Hera als tiende. En omdat de eredivisie voor vrouwen van twaalf naar tien clubs werd ingekrompen, was dat genoeg voor degradatie naar de eerste divisie. Een harde klap voor de eerste onafhankelijke vrouwelijke profclub van Nederland.
