Van bikini naar winterjas: deze zomer dag valt even flink door de mand
Vanochtend start nog redelijk vriendelijk: zon glipt regelmatig door de wolken, maar ondertussen groeien de stapelwolken al snel. In het westen barst rond 10 uur het eerste kanon los. Denk: flinke dreun van donder, een schietgebedje dat je paraplu de windvlaag overleeft en natte voeten – hagel is zowaas ook een optie. Wind zit in het zuidwesten, eerst nog rustig (3-4), maar de kust krijgt al snel een stevige 6 wind mee, waardoor je fietsbel vast niet meer te horen is. De thermostaat piekt tegen de middag naar een ‘grandioze’ 16 graden, dus uhh nog één laagje extra trui aan.
Er komt geen eiland ongeschonden vanaf: buienraters dak door het hele land
Vanmiddag dus écht festival “ZomerKomtNiet”. Vanuit de Noordzee razen zware buien als racekarts over ons land. Links een zonnetje, rechts volgende minuut een crashedump van bliksem, hagelkorrels als knikkers en een zijwaartse regenbui waar je instant doorweekt inkomt. Het hele circus schuift van west naar oost; rond drie-uur heeft het oosten de buit binnen, met alle drama van dien. Temperaturen krabbelen koppig naar 18 graden, maar gevoelsmatig blijft het fris door die kletsnatte wind (kracht 4-7). Time to glue your umbrella! Check voor de zekerheid nog even de buienradar, want de buien walsen niet op schema.
Avond & nacht: zon, maar sla je niet in slaap – de buien slapen namelijk niet
Vanavond krijgen alleen de binnenlanders last van af en toe een nieuwe aardbeving-uit-de-lucht. Tussen zonnestralen door ploft er een plensbui in je BBQ-saus, dus dek die tafel maar af. De nacht blijft actief: wolken rollen in diagonale lijn van zuidwest naar noordoost over Nederland, gewapend met onweer en kletsregen. Rond de klok van 1 uur is het 12 spreekwoordelijke graden en piept de wind stug door in zuidwestelijke richting. Kortom, ideaal voor slapen met een open raam? Niet echt.
Morgen, het weekend en daarna: halve troost, halve frust
Goeie morgen alsnog! Morgen zien de noord- en westkusten de zon steeds meer. In het zuidoosten blijft het wispelturig, dus wie daar woont, mag opnieuw thunderdodgingen. Tot 19 graden onder een vriendelijke westenwind – niet stralend, maar verzetje van vandaag. Weekend & begin volgende week: soft wisselvallig zomerweer, oftewel: korte broek één moment, regenjas het volgende. Nederland in een notedop.
Vers brokkelig akkoord tussen Israël en Libanon: “Als Hezbollah niet meedoet, is het voor niks”
Na twee dagen intensief overleg hebben Israël, Libanon en de VS vannacht een nieuw staakt-het-vuren bekendgemaakt. Klinkt goed, maar: het hangt compleet af van Hezbollah. Geen wapens van die groep meer, geen strijders meer in het zuiden van Libanon, anders knapt het voorstel als een luchtbellenblaas. Allen zijn het er dus over eens dat Hezbollah z’n vuisten thuis moet houden en het Libanese leger de baas wordt in een paar proefzones – zonder bemoeienis van zogenaamde “niet-statelijke actoren”.
Waarom zo wantrouwig? Nou, de vorige wapenstilstand bestond al op papier, maar in de praktijk vlogen er nog steeds drones en raketten over en weer. Israël nam ondertussen kasteel Beaufort over en stuurde z’n troepen dieper Libanon in. Gisteren alleen al vielen er negen doden ten zuiden van de grens, terwijl Hezbollah raketten afvuurde op Noord-Israël. Snap je meteen waarom iedereen een beetje sceptisch kijkt.
De tijdslijn voor de komende dagen: volgende week – in de week van 22 juni – gaan de knappe koppen weer om tafel. De bedoeling is om uiteindelijk een “allesomvattend vredes- en veiligheidsakkoord” in de maak te hebben. De notulen vermelden ook dat alle landen vinden dat Israël én Libanon zelf mogen bepalen wat hun toekomst wordt; geen buitenstaanders – lees: Iran of Hezbollah – die het stuur proberen over te nemen.
Kort samengevat: klein stapje voorwaarts, maar het kan in een handomdraai weer misgaan als Hezbollah besluit om niet mee te spelen.
Facebook-actie brengt Sergei uit Rusland samen met zijn André én twee nieuwe getuigen
Sergei en André uit Rusland dromen al jaren van een huwelijk, maar onze regels vragen nou eenmaal getuigen. Hun familie durfde niet mee te doen en twee beste vriendinnen hielden zich vrijgemaakt op het laatste moment. Dus gooide Sergei zijn vraag de wereld in via een Facebook-oproep: “Wie wil als toevallige passant tekenen dat wij echt ‘ja’ tegen elkaar zeggen?” De reactiestroom die volgde deed hun hart kloppen: binnen mum van tijd was de oproep al zo’n 200.000 keer bekeken. Keuzestress! Uiteindelijk gaven ze de voorkeur aan een spontane vrouw uit Eindhoven die een persoonlijk berichtje stuurde, en een collega neemt de tweede stoel. Vreemden die straks dus mee aan tafel schuiven terwijl Sergei en André hun handtekening zetten – hoe Bijzonder is dat?
Van St-Petersburg naar boekje Twee
Voor dit homostel was trouwen lange tijd ondenkbaar. In hun thuisland mag het niet en krijgen ze vaak de wind van voren. Hun eerste vlucht leverde hen in Zweden af, maar daar keek de overheid de andere kant op: “Kunnen jullie niet gewoon naar een andere deelstaat verhuizen?” Toen ze terugkeerden, liepen ze direct tegen hun achterdeur aan met een groep kwade beschuldigers – André kreeg klappen mee en aangifte verdween in een prullenbak. Genoeg! Via een vage foto van koningin Máxima (“iedereen is hier welkom”) botsten ze uiteindelijk in Nederland.
De rechtbank gaf ze gelijk, maar Ter Apel bleek geen picknick – vijandige blikken, vervelende opmerkingen, verhuizing naar Arnhem. Sindsdien hebben ze een knus appartement in Gemert, hond, kat én werk. De volgende horde: ouders die het huwelijk niet durven steunen. “Zorgen voor je ouders is bij ons bloedserieus; er zijn nauwelijks betaalbare verpleeghuizen.” Hun broers reageren wél positief, maar voor het paar is het voortaan: eerst vieren, dan verder dromen.
Shirt in plaats van smoking
Geen dure pakken of uitbundig uit-de-heup-ceremonie voor Sergei en André. “Gewoon lekker in ons shirt, man,” grapt André. De verse getuigen weigerden trouwens het voorgestelde 50 euro-vat, dus na de handtekeningen lekker borrelen in het café. Missie geslaagd!
Verrassing in Angola: heel onbekend dierspul piept plots in het zonnetje
Vijftig jaar rariteiten in een keer: wie naar een hoekje van Angola gaat ontdekt opeens tientallen diersoorten die nog nooit op een A4’ke hebben gestaan. Wetenschappers van The Wilderness Project struinden in februari over het Lisima-plateau, een bergig stukje oost-Angola dat tot nu toe vooral bekendstond als ‘onveilig door landmijnen en burgeroorlog’. Resultaat: menig insect keek al die tijd vals de wetenschap aan.
Het scorelijstje op korte termijn:
– 8 nog onbeschreven libellen – piepklein blauw en saai op foto, maar met vleugels die geen enkeel karton kan evenaren.
– 3 nieuwe sprinkhaansoorten – waarvan er eentje zo stoer is dat-ie als verdedigingsgadget vloeistof spuugt over aanvallers.
– Zo’n 60 mot- en vlinderrookies – goed voor een kleurenkaart die Crayola nog niet in huis heeft.
– Een kreeft-achtige krabspin – lichtgewicht die onder UV-licht spontaan helder neon oplicht.
– Een wielwebspin in lieveheersbeestjesrood – mogelijk een bluftruc om roofdieren te laten denken dat-ie giftig smaakt.
En dan hebben we het nog niet over de inspectieronde in de zakken: nog veel meer insectjes zitten in petrischaaltjes en microscopen, dus de uitbreiding komt eraan. De gepantserde roofkrekel is tot nu toe de ster: “Geen grap, zag eruit alsof hij in een miniatuur-motorjasje rondliep,” lacht expeditieleider Rob Taylor. Hij laat weten dat de krekels als hij haar hard loopt een straaltje vocht in het gezicht van de vijand pompen: een biologische spuugkanon dus.
Helaas geen happy-end zonder maar: de teamleden houden de polsslag in de gaten. Zagen door kleinschalige diamantmijnbouw, machetes in het bos en landmijnen die even dichtbij liggen als een slecht idee – het Lisima-plateau is verre van veilig. Wetenschap doet dus nog een extra oproep: laat de natuur met rust, zodat ook onze kleinste nieuwe vrienden niet in één keer weer verdwijnen.
Niet alles dat puur Europees lijkt, is ook écht zonder Amerikaanse vingers in de pap
Waarom ziekenhuizen en ministeries wakker liggen van Amerikaanse servers
Stel je voor: je zet de medische dossiers van een zielig ziekenhuis of de geheime brieven van een ministerie in de cloud. Geen probleem, totdat iemand in Washington besluit dat die data opeens “in het nationaal belang” nodig is – of onder sancties valt en de stekker eruit gaat. Veel overheidsinstanties en zorginstellingen piekeren daarom niet langer alleen over de snelheid of prijs van een clouddienst, maar over hoe soeverein die echt is. Wie beslist er namelijk nog, als het ernst wordt?
Van Brussel kwam pas gisteren alweer een nieuw plan
De Europese Commissie lanceerde gisteren haar verse plannen om méér server-ruimte en controle richting eigen bodem te trekken. Geen gek idee, maar de vraag blijft wat een clouddienst nu precies “Europees” maakt. Want zelfs de big-tech-grootmachten hebben ondertussen een schap vol “Europese” vlaggetjes staan – en dat roept meteen discussie op over echte soevereiniteit.
KPN stapt in met Nederlands-Duitse samenwerking
Vorige week zette KPN een dikke stip op de horizon: vanaf volgend jaar gaat het telecombedrijf z’n eigen datacenters als volwaardige clouddienst aanbieden. Daarvoor werken ze samen met Schwarz Group – jawel, dezelfde club achter Lidl – die al clouddiensten heeft lopen in Duitsland en Oostenrijk. Typisch Nederlands-Duitse symbiose dus: servers hier, ondernemerschap daar, en maar hopen dat elke bit écht op Europees grondgebied blijft.
Zelfs Amazon en Microsoft gooien nu de term “Europese soevereine cloud” in de strijd
De Amerikaanse giganten kwamen al snel met een té goed gelijkend antwoord: een apart Europese tak waar de servers in Frankfurt (binnenkort ook Brussel en Amsterdam) staan, bestuurd door een Europees dochterbedrijf en losgekoppeld van de Amerikaanse moederbodeem. Stéphane Israël, topman van Amazons Europese tak, stelt zelf in een gesprek met RTL Z: “De infrastructuur is volledig zelfstandig; als iets in de VS hapert, draait Europa gewoon door.” Ze vullen zelfs aan dat alle cloud-features blijven, maar dat Amazons hoofdkwartier géén toegang heeft tot de klantdata – slimme technologie plus rechtspraak kunnen dat afschermen.
Maar juristen waarschuwen voor onzichtbare macht
Professor Lokke Moerel (Tilburg University) geeft toe dat de operationele kant okay voor elkaar zit: eigen datacenters, eigen stroom, automaat eraf. “Toch blijft er één risico schuilen: jurisdictie,” zegt ze. “Amazon blijft een Amerikaans moederbedrijf, en onder de Cloud Act kan de Amerikaanse overheid druk uitoefenen. Daarom pleit ik voor juridische constructies die beslissingen uit de VS Europa letterlijk fysiek onmogelijk maken. Tot die tijd blijft het voorzichtig bekkijken.” Mocht het nodig zijn, kunnen overheden strengere contracten eisen met zones die toestemming moet krijgen binnen Europa – en niet in een telefoontje vanuit Washington.
Brussel lanceert een soevereiniteits-scorekaart
Eind vorig jaar kwam de Europese Commissie met een happige checklist: acht meetsnoertjes die precies bepalen hoe ‘Europees’ een cloud nu echt is. Kijken ze mee waar je data letterlijk hangt, wie er aan de knoppen mag, welke rechtsvorm je hebt, enzovoort. Afhankelijk van je puntensaldo krijg je een soort soeverein-label. Voor overheidsaanbestedingen een uitkomst: vanaf nu moet een ministerie niet alleen kijken naar “snel en goedkoop”, maar kan het speuren naar een minimaal Europees controle-niveau. Grote organisaties krijgen zo directer houvast om echte europese alternatieven te kiezen.
Waar het om draait: innovatiekracht moet van eigen bodem komen
Moerels grootste boodschap is simpel: “Zelf doen, dan kun je verder innoveren. Willen we blijven spelen of vormen we ons eigen team?” Ze bedoelt dat je Big Tech niet hoeft te verjagen, maar wel gewoon eigen bakens moet neerzetten. Alleen dan blijf je niet afhankelijk van externe keuzes – en kun je pas echt op eigen krácht voortbouwen.
Nederlandse bedrijven tasten de eigen opties af
In een filmpje van RTL Z zie je hoe ondernemers in Nederland via scholing, subsidies en pilots alweer richting lokale cloudpartners lijken te bewegen. De klik “hoe los ik me los van AWS” vliegt over tafel tijdens koffiebreaks; want stilstand is geen optie meer.
€219.000 euro cadeau: Kasteel Heeswijk eindelijk uit de kou!
Heel de winter warm? Dat ging niet zonder slag of stoot
Lieve baron of barones, kun jij je voorstellen hoe koud het wordt in een gebouw van 1050? Nou, Luc Eekhout kan erover meepraten. Als directeur van Kasteel Heeswijk is hij gewend dat het op zolder flink fris kan zijn – met dank aan rammelende ramen en gangen waar de wind lekker vrij spel heeft. “In de winter kan het hier letterlijk vriezen,” lacht-ie, “en dat zijn niet eens de stroefste gasten!”
Glazen heldermatig: zestiende-eeuwse ramen krijgen tijdelijk hulp
De wapenzaal – ooit gevuld met harnassen en zwaarden, nu hippe locatie voor bruiloften en concerten – krijgt speciale voorzetramen. Voorzetramen? Gewoon een extra, onzichtbaar laagje glas voor die prachtige, glas-in-lood-helden uit de 1500. Resultaat: geen bibberend bruidspaar meer en nog steeds dezelfde blik op eeuwenoude kunst.
Warm als een warme kroket, zonder zonnepanelen op een monument
Zonnepanelen, warmtepompen, van die dingen kunnen natuurlijk niet zomaar op een rijksmonument. Daarom bedachten de kasteelexperten andere slimmigheden:
– Draaihek ipv warme kiosk — Geen verwarmde hokjes meer aan de poort, gewoon een hek dat draait. Mooier voor het oog én goedkoper in gebruik.
– Dikke isolatieplaten op zolder — De vloer boven de prachtige stucplafonds wordt bedolven onder een laag isolatie. Zo niet langer ‘s winters twintig graden beneden en ijsbloemen boven.
– Spleet-isolerende maatregelen — De buitenwanden hebben spleten die het houtwerk droog houden, maar gelijk al je warme lucht wegblazen. Slimme aanpassingen zorgen dat het hout én de bezoekers het naar hun zin hebben.
Fantastische timing: vijftig jaar stichting, twee ton erfgoedsteun
2024 is dubbel feest: het kasteel zelf telt bijna duizend kaarsjes, en Stichting Kasteel Heeswijk bestaat maar liefst vijftig jaar. Het Leye Fonds besloot dan ook om mooi op tijd een bedrag van 219.000 euro te strooien. “We hadden dit keihard nodig,” zucht Eekhout. “Als die schenking er niet was gekomen, zaten we echt in de problemen. Dit betekent dat we het kasteel veilig en warm kunnen houden – en dat voor nog eens duizend jaar.”
Nu pas begint het échte feestje
Met het nieuwe budget kunnen de komende tijd alle klusjes op het lijstje worden afgestreept. Geen winter meer waarin bezoekers handschoenen aan moeten in de trouwzaal, geen tocht meer bij de poort, en zolders die eindelijk niet meer als koelcel fungeren. Kortom: Kasteel Heeswijk krijgt een mega-opknapbeurt zonder een steen van zijn karakter te verliezen. Pak je agenda, want vanaf nu ben je van harte welkom – en nog lekker warm ook!
