Vijf premiers in tien jaar: wie durft het stokje in Groot-Brittannië over te nemen?
Na een flinke klap voor de Labour-partij tijdens de lokale verkiezingen vorige week, had premier Starmer vandaag hoopvol uitgekeken naar de ‘King’s Speech’ — het moment waarop Koning Charles de plannen van de regering voor de komende periode bekendmaakt. Maar in plaats van een frisse start, is alles alleen maar onrustiger geworden. Het getouwtrek om het leiderschap van Labour (en daarmee het premierschap) blijft onverminderd doorgaan.
Gisteren bereikten de spanningen binnen de partij een piek. Één na één lieten parlementariërs weten dat ze hun vertrouwen in Starmer hebben verloren na het verkiezingsnederlaagje. Ruim tachtig leden spraken zich uit voor zijn vertrek, en vier ministers stapten zelfs op. Toch bleef Starmer op zijn plek. Want volgens de regels van de partij moet een lid minstens 81 collega’s achter zich zien te krijgen om een officiële leiderschapsverkiezing op gang te zetten — en niemand durfde die stap vandaag te zetten.
Maar dat betekent niet dat het gevaar is geweken. Door de openlijke kritiek vanuit eigen gelederen is Starmer’s geloofwaardigheid flink onder vuur komen te liggen. En achter de schermen wordt er nog steeds druk overlegd over wie er straks het stokje overneemt — want laten we eerlijk zijn: wie wordt de zesde Britse premier in tien jaar?
De uitgesproken kandidaat: Wes Streeting
De 43-jarige minister van Volksgezondheid maakt geen geheim van zijn ambities. Hij zegt duidelijk dat hij het premierschap wil — en zijn aanhangers denken zelfs dat hij morgen al de strijd met Starmer kan aangaan. Als gezondheidsminister pakte hij de wachttijden in de NHS aan en onderhandelde hij met stakende artsen. Van insiders wordt hij vaak genoemd als de beste spreker binnen Labour. Zijn achtergrond? Opgegroeid in een sociale huurflat in Oost-Londen, geschiedenis gestudeerd aan Cambridge — en in zijn tweede studiejaar openlijk uitgekomen als homo. Zijn imago als ‘rechtser’ figuur binnen Labour maakt hem echter minder geliefd bij veel partijleden, die over het algemeen linkser staan dan de parlementariërs zelf.
De ervaren leider: Angela Rayner
Angela Rayner is al jaren een zware jongen in de Britse politiek. Onder Starmer was ze minister van Volkshuisvesting én vicepremier. Haar weg naar de top was allesbehalve gemakkelijk: op zestien stopte ze met school, zonder diploma’s, en was ze zwanger. Daarna werkte ze als zorgmedewerkster in verpleeghuizen — en via de vakbond kwam ze uiteindelijk in de politiek terecht. Maar in 2025 trad ze terug nadat ze toe gaf te weinig belasting te hebben betaald bij de aankoop van een tweede woning. De Britse belastingdienst onderzoekt de zaak nog — en afwachten wat daaruit komt, kan haar kandidatuur behoorlijk in de weg staan.
De populaire buitenstaander: Andy Burnham
Op dit moment is Andy Burnham de geliefde burgemeester van Manchester — zo populair dat hij de bijnaam ‘Koning van het Noorden’ kreeg. En ja, hij hoopt ook op Downing Street. Hij heeft zelfs al twee keer geprobeerd om leider van Labour te worden: in 2010 en in 2015. Dit keer lijkt alles anders — behalve één ding: Burnham is momenteel géén lid van het Britse parlement. En zonder zetel in het Lagerhuis kan hij zich niet kandidaat stellen voor het leiderschap. Zijn steuners hopen nu op een snelle oplossing — want wanneer die komt, is hij klaar om te gaan.
Maatregelen in Loosdrecht: alle voertuigen worden gecontroleerd
Gisteravond liep een demonstratie tegen de opzet van een asielzoekerscentrum in Loosdrecht volledig uit de hand. Er werd met vuurwerk gegooid, fakkels afgestoken — en dat leidde tot brand. Het was al eerder onrustig in het dorp door de komst van de opvang, maar deze avond sloeg de situatie echt over de top.
De gemeente heeft daarom direct ingegrepen — en neemt geen halve maatregelen. Vanaf 13 tot en met 16 mei 2026 gelden er strakke regels in twee gebieden rondom de locatie:
🔹 Rond de noodopvang (het oude gemeentehuis): alleen mensen met een aantoonbaar redelijk doel mogen erheen. Dat betekent: geen toegang voor nieuwsgierigen, demonstranten of toeschouwers zonder duidelijke reden.
🔹 In een ruimer gebied rond het gemeentehuis: het is verboden om iets te doen wat de openbare orde of veiligheid in gevaar kan brengen. Samenscholing in groepen van vier of meer personen is niet toegestaan als dat onrust kan veroorzaken — of als de politie gewoon zegt: “Uiteengaan, nu.”
🔹 Ook is het verboden om zwaar vuurwerk of andere brandbare of brandversnellende middelen bij je te hebben. En gezichtsbedekkende kleding? Alleen toegestaan als je daardoor nog steeds herkenbaar bent — dus geen bivakmutsen of sluiers die je identiteit verbergen.
Gisteravond was het moment van de brand ook het moment waarop de eerste asielzoekers en COA-medewerkers net het gebouw binnenkwamen. De brandweer kon in eerste instantie niet snel genoeg ter plaatse komen, omdat actievoerders hen tegenhielden. Uiteindelijk trad de Mobiele Eenheid op op last van de burgemeester, werd het gebied ontruimd en werden drie mensen aangehouden.
Reacties in Loosdrecht lopen uiteen: sommige inwoners steunen de maatregelen, anderen vinden ze te streng — maar één ding is duidelijk: de gemeente wil écht voorkomen dat zoiets zich herhaalt.
Milka schuldig aan misleidende ‘krimpflatie’, zegt Duitse rechter
Je koopt een Milka Alpenmelk-reep, herkent de vertrouwde kleur en vorm — en dan blijkt hij opeens veel kleiner dan je je herinnert. Geen gevoel, geen illusie: de reep is écht dunner geworden. En duurder ook. De Duitse rechtbank in Bremen heeft nu officieel bepaald dat dat niet mag — en dat Mondelez, de maker van Milka, consumenten hiermee misleid heeft.
Waarom is die repenwikkel zo misleidend?
De verpakking van de Milka Alpenmelk werd al eerder gekozen als Mogelpackung — oftewel de meest misleidende verpakking van het jaar — in Duitsland. Nu heeft ook de rechter er zijn zeg over gedaan: de nieuwe versie mag zo niet op de plank staan. Wat is er precies gebeurd? Begin vorig jaar besloot Mondelez om de reep een beetje te verkleinen: van 100 gram naar 90 gram. Tegelijkertijd ging de prijs omhoog — van €1,49 naar €1,99. Minder chocolade, meer geld: een klassiek voorbeeld van ‘krimpflatie’.
De Duitse consumentenbond kreeg talloze klachten binnen en stapte daarom naar de rechter. En die gaf ze vandaag gelijk. Volgens de uitspraak mag je een product wel kleiner maken of duurder maken — maar niet op een manier die mensen doet denken dat ze hetzelfde krijgen als altijd. En dat is precies wat er gebeurt: de verpakking ziet er identiek uit. Het gewicht staat wel ergens klein op de wikkel, maar wie koopt er nou elke keer de hele verpakking onder de loep? Bij een product dat je jarenlang kent, valt zo’n verschil gewoon niet op.
Wat betekent dit nu voor de winkelplank?
De rechter stelt dat de oude verpakking minstens vier maanden uit de schappen moet zijn voordat een nieuwe versie mag worden geïntroduceerd. In dit geval is die periode al verstreken, dus er hoeft niets meteen weggehaald te worden. En ja — de uitspraak is nog niet definitief: Mondelez kan nog in beroep gaan. Maar ondanks die juridische mogelijkheid is het een belangrijke signalering. Want Milka is lang niet de enige die krimpflatie toepast.
Zo verkleinde Ritter Sport recentelijk zelfs repen van 100 naar 75 gram — zonder prijsverhoging, maar ook zonder dat het duidelijk was voor de klant. Wel introduceerden ze die repen als een ‘nieuwe lijn’ met een vernieuwde verpakking. Dat maakt het volgens de rechter acceptabeler.
En in Nederland?
Hier strijden organisaties als de Consumentenbond en Foodwatch al jaren tegen krimpflatie — denk aan grotere hagelslagpakken met evenveel inhoud, of bierflesjes met 25 ml minder. Ze hebben zelfs klachten ingediend bij de Reclame Code Commissie. Maar die keek alleen naar de verpakking zoals die nu is — niet naar wat er vroeger in zat of hoe het er vroeger uitzag. Daarom kwam er tot nu toe weinig uit.
De Duitse uitspraak kan daarom een belangrijke impuls geven. Niet alleen voor strengere controle, maar ook voor meer transparantie — en voor consumenten die steeds vaker vragen: ‘Waar is mijn chocolade gebleven?’
Gebrek aan politie speelde mee bij het schrappen van de AZC-opvang in Coevorden
De gemeente Coevorden heeft vorig jaar besloten om de opvang van minderjarige vluchtelingen in de wijk Tuindorp af te blazen — en dat had onder andere te maken met te weinig politie op het juiste moment. Dat blijkt uit interne documenten die RTV Drenthe in handen kreeg.
Oorspronkelijk wilde de gemeente in juli vorig jaar veertien jonge vluchtelingen tussen de 15 en 18 jaar huisvesten in vijf rijtjeswoningen. Het ging specifiek om meisjes, maar veel omwonenden waren bang dat er ook ‘getraumatiseerde jongens’ zouden komen. Dat leidde tot heftige protesten: demonstranten bezetten dagenlang kruispunten, staken auto’s en aanhangers in brand, gooiden eieren naar agenten en dreigden openlijk met geweld tegen de toekomstige bewoners.
Burgemeester Bergsma kondigde toen een noodverordening af, maar ook daarmee kon hij de escalatie niet stoppen. Na vijf dagen van onrust gaf de gemeente het op: “We kunnen de veiligheid van de meisjes niet waarborgen”, zei Bergsma destijds. En daar lag een groot deel van het probleem: de politie had simpelweg niet genoeg mensen ter plekke om de situatie onder controle te houden.
Dat kwam mede omdat de rellen plaatsvonden kort na de NAVO-top in Den Haag — een evenement dat al veel politiemensen in beslag nam. In Coevorden was dus snel extra personeel nodig, maar dat moest haastig vanuit andere regio’s worden ingevlogen. “Zo moest de politiecapaciteit voor het weekend nog worden geregeld en uit andere eenheden worden gehaald”, schreef een ambtenaar in een mail aan RTV Drenthe. En er waren ook signalen dat het nog erger zou worden: mogelijk met zwaar vuurwerk of zelfs brandstichting van het pand zelf. “In het achterhoofd houdend dat het doel was het veilig plaatsen van veertien minderjarige meisjes, was dit niet haalbaar”, concludeerde de ambtenaar.
Hoewel er een noodverordening was, werd die nauwelijks gehandhaafd. De burgemeester beloofde stevig optreden met politie én de Mobiele Eenheid (ME), maar toen er echt brandstichtingen plaatsvonden, bleef de ME eerst een paar straten verderop staan. Pas later ging de eenheid de wijk in — om de brandweer te begeleiden bij het blussen. Er werden geen arrestaties verricht.
De politie wil zich niet uitspreken over wat er precies gebeurde in Coevorden. Een woordvoerder vertelt wel aan RTV Drenthe dat het roosteren van agenten voor zo’n verordening veel werk kost — en dat legt druk op andere taken. Maar als het moet, wordt het volgens hem altijd voor elkaar gekregen. “De capaciteitan zich is daarbij niet het dilemma. Wel dat die niet per direct beschikbaar is.”
De gemeente Coevorden wil nu niet meer ingaan op de keuzes die vorig jaar zijn gemaakt. Maar hoogleraar Marcel Boogers van de Universiteit Utrecht vindt het een ernstige zaak: “Een besluit van een democratische meerderheid delft het onderspit ten opzichte van een gewelddadige minderheid. Anderen overwegen nu misschien ook wel om geweld te gebruiken wanneer ze hun zin niet krijgen. Dat is niet wat je wil in een democratie.”
Toch begrijpt hij ook de positie van de burgemeester: “Hij is verantwoordelijk voor de openbare orde, maar je hebt de politie niet aan een touwtje. Als kleine gemeente sta je er dan alleen voor.” Volgens Boogers had de Rijksoverheid meer moeten doen: “De overheid heeft de mond vol van weerbaar bestuur, maar dan moet je ook met politiecapaciteit over de brug komen en lokale bestuurders fanatiek ondersteunen.”
Zo wordt jouw huis verwarmd met poep: ‘Het bruine goud’
Huizen verwarmen met koeienpoep? Ja, echt waar — en dat gebeurt al in Brabant. Het klinkt misschien alsof je in een grap terecht bent gekomen, maar het is volkomen serieus: mest wordt omgezet in groen gas, en dat gas stookt nu al de cv-ketels van honderden huishoudens.
Van last naar luxe: hoe Jos zijn ‘poepprobleem’ oploste
Jos Seuntiëns uit Knegsel was eerst vooral blij dat hij zijn mest niet meer hoefde te laten wegvaren — want dat kostte hem jaarlijks honderdduizenden euro’s. En dan moest hij nog kunstmest kopen om zijn land mee te bemesten. “De mestkosten liepen echt uit de hand”, vertelde hij eerder aan Omroep Brabant. In 2012 besloot hij radicaal te veranderen: hij bouwde een nieuwe stal met dichte vloeren, zodat hij de mest van zijn koeien volledig kon opvangen. Vandaag maakt hij er niet alleen mestkorrels en bodemverbeteraar mee, maar ook groen gas — genoeg voor 250 huishoudens in zijn eigen dorp.
Frank en zijn ‘bruine goudmijn’
Frank van Genugten uit Sint-Oedenrode herkende het probleem direct. Ook hij zag zijn mest als een last — tot hij besloot er goud mee te maken. “Mest is het bruine goud”, lacht hij. Met zijn bedrijf Groenewoud Gas is hij één van de pioniers die op grote schaal groen gas produceren uit dierlijke mest. Op zijn terrein staat een gigantische vergistingsinstallatie waar dagvers mest binnenkomt. Daar eten methaanbacteriën de organische stoffen op — en wat ze daarna ‘laten vallen’, is precies het biogas dat we nodig hebben. Dat gas wordt opgewaardeerd tot aardgaskwaliteit en stroomt direct de gasleiding in — naar 1100 huishoudens die er lekker warm mee zitten.
Waarom het zo slim is (en toch niet eenvoudig)
Vergisten is goed voor het klimaat: het vermindert de uitstoot van stikstof én broeikasgassen, vooral bij veehouders. En anders dan veel andere duurzame grondstoffen — denk aan hout of gewassen — is mest altijd en overal in Nederland beschikbaar. Platform Groen Gas maakt zich zelfs geen zorgen over tekorten: zelfs als de veestapel met twintig procent krimpt, is er in 2030 nog steeds meer dan genoeg mest om mee te werken.
Maar… het is geen wandeling in het park. Een vergistingsinstallatie bouwen is een forse investering — zowel financieel als logistiek. “Individueel is het veel te complex en te duur”, legt Ton van Korven van de ZLTO uit. Daarom werken boeren vaak samen: Jos doet het met zijn buurman, Frank haalt mest van zestien familiebedrijven bij elkaar. Zo’n samenwerkingsverband opzetten duurt minstens één à twee jaar. En als je een middelgrote installatie als die van Frank wilt bouwen? Dan kan de hele ontwikkeling wel vijf jaar duren — onder andere door vergunningsprocedures. Denk aan een vol bouwblok, een woningbuurt vlakbij of een natuurgebied in de buurt: alles wat de omvang of soort activiteit beperkt.
Toch ziet de provincie het initiatief positief. Mest is een belangrijke grondstof voor hun plannen rond groen gas — en de bijmengverplichting helpt mee. Maar volgens de provincie: “De echte zwieper moet nog komen.”
Rucphen krijgt misschien haar eerste PVV-wethouder — en dat is helemaal bewust
Wesley Tack uit Rucphen staat op het punt om één van de allereerste PVV-wethouders van Nederland te worden. Woensdagavond presenteerde de nieuwe lokale coalitie — bestaande uit de PVV, De Rucphense Volkspartij én het CDA — wie er straks aan de bestuurstafel gaat zitten. En ja: Tack is de kandidaat van de PVV. “We willen heel graag meedoen”, zegt hij daarover — en dat meedoen is geen toevalligheid, maar het resultaat van maandenlange voorbereiding.
Geen haast, wel overleg
De onderhandelingen gingen volgens Tack rustig en goed. “We zijn te spreken over de manier waarop we te werk zijn gegaan”, vertelt hij. Al voor de verkiezingen had de hele PVV-raadsfractie afgesproken hoe het proces zou verlopen — ongeacht wie er uiteindelijk zou winnen. Zo werd een formateur van buiten gehaald, en werden alle partijen als gelijkwaardige gesprekspartners behandeld. Ook wilde de PVV rekening houden met ideeën van andere fracties bij het opstellen van het coalitieakkoord. En ja: dat is volgens Tack gelukt.
Een gemeenteraad met veel rechts
Een handige factor? De Rucphense raad bestaat vrijwel geheel uit rechtse en uiterst rechtse partijen — de PvdA is de enige linkse fractie. “Dan gaat het inderdaad makkelijker”, zegt Tack. “Als je de programma’s naast elkaar legt, liggen we vrijwel op één lijn.” Dat geldt zelfs voor het CDA — hoewel dat partij landelijk in 2010 een pijnlijke samenwerking met de PVV achter de rug heeft. Het landelijke CDA laat echter de beslissing over aan de lokale afdeling. En die heeft duidelijk gekozen: het CDA heeft net als de andere twee partijen zijn handtekening onder het akkoord gezet.
“Aan de juiste kant van de tafel”
Voor de PVV ging het nooit alleen om zetels — maar om mee te mogen beslissen. Al maanden voordat de stembusjes open waren, spraken de kandidaten met elkaar over hoe een rol in het college eruit zou kunnen zien. Rucphen is al jaren een van de sterkste PVV-gemeenten van Nederland. Deze keer werd de partij niet de grootste, maar toch komt er nu een plek aan de bestuurstafel. “Het was belangrijk dat onze kandidaat-wethouder de dorpen kent, uit Rucphen komt én bekend is met hoe de raad werkt”, legt Tack uit. Hij is al acht jaar actief voor de PVV, vier jaar als raadslid — en voldoet dus aan alle criteria. Zijn collega’s vonden hem ook geschikt. Als hij door de raad wordt benoemd, is hij waarschijnlijk één van de eerste PVV-wethouders van heel Nederland. “Iets betekenen voor je gemeente, dat kan het beste als je aan tafel zit”, zegt hij. “En als je aan de juiste kant van die tafel zit, nog beter.”
Wat betekent dat nou eigenlijk?
Hoe zal Tack zich gedragen als wethouder — vooral vergeleken met het scherpe verkiezingsprogramma van de PVV, waarin onder meer staat dat ‘massa-immigratie’ moet worden ‘gestopt’ en ‘vermeden’, grenscontroles moeten komen (ook al is dat niet een gemeentelijke bevoegdheid) en migranten ‘voldoen aan strikte voorwaarden’ om zorg te krijgen? Daarover zwijgt Tack bewust. Over de inhoud van het akkoord wil hij eerst alles met de raad bespreken. Ook op de vraag wat hij zou doen als er asielzoekers via de Spreidingswet in Rucphen moeten worden opgevangen, geeft hij geen antwoord: “Ik wil nu niet in als-dan-scenario’s gaan denken.” Wel benadrukt hij: “Een wethouder moet zich niet anders gedragen dan zijn partijprogramma.” En dat geldt voor alle nieuwe wethouders in Rucphen — inclusief de PVV.
