Deze records breekt PSV als het kampioenschap dit weekend al in Eindhoven valt
Dat PSV bijna zeker de vroegste kampioen ooit wordt in de Eredivisie, is geen nieuws meer. Maar wat wél spannend is: er liggen nog flink wat andere records op de loer — en die kunnen allemaal dit weekend vallen… mits een paar voorwaarden uitkomen.
Vroegste titel ooit? Bijna zeker in de wacht
Het huidige record voor het vroegst mogelijke kampioenschap dateert uit het seizoen 1977/1978 — toen was het op 8 april feest in Eindhoven. En ja, dat record staat bijna op instorten: PSV heeft nog maar drie wedstrijden te gaan voordat die datum aanbreekt. Dit weekend moet het dus gebeuren — of in elk geval kunnen gebeuren.
Maar let op: PSV is niet helemaal zelf in controlle. Zaterdag moet eerst tegen NEC worden gewonnen. Daarna moet Feyenoord zondag thuis verliezen van Excelsior. Dan is de schaal binnen — en dan wordt het een recorddag met meerdere laagjes.
Ook op het gebied van cijfers: PSV kan historisch scoren
Als het kampioenschap dit weekend al rond is, dan wordt PSV niet alleen de vroegste kampioen — maar ook de ploeg die het kampioenschap haalt in het minste aantal wedstrijden. Het huidige Nederlandse record staat op naam van AZ uit 1981: na 28 duels was de titel in de wacht. PSV kan daar nu onderuit komen.
En dan is er nog het record voor het grootste puntenverschil tussen nummer 1 en 2. Op dit moment ligt PSV al 19 punten voor op Feyenoord. Het bestaande record stamt uit 2021/2022, toen Ajax 16 punten voor lag op PSV. Dus: dat record is al gebroken — of wordt dat dit weekend.
Het absolute landelijke puntenrecord (93 punten, uit 1971/1972, toen overwinningen nog 2 punten waard waren) blijft onaangetast. Maar PSV kan het wel evenaren: met drie overwinningen in de resterende wedstrijden komt de ploeg op 30 zegepartijen, twee gelijke spelen en twee nederlagen — en daarmee op 92 punten. Een persoonlijk record.
Ook in Europa: PSV stapt in een exclusieve club
Als PSV dit weekend al kampioen wordt, dan is de ploeg zeven wedstrijden voor het einde van de competitie klaar. Dat is een prestatie die in de Europese top 5 (Engeland, Duitsland, Spanje, Italië, Frankrijk) maar zelden voorkomt.
Paris Saint-Germain werd in 2016 al op 13 maart kampioen — acht wedstrijden voor tijd. Bayern München deed het in 2014 en Liverpool in 2020 beide met zeven wedstrijden voor tijd. In Italië en Spanje is het vaak veel spannender: daar staat het record op vijf wedstrijden voor tijd.
Als je alle Europese competities meeneemt, dan zou PSV bij een kampioenschap dit weekend op plek 4 komen in de ranglijst van vroegste kampioenen — achter alleen Skonto FC (Letland), Celtic (Schotland) en PSG (Frankrijk). En zelfs als het pas volgende week tegen Telstar rond is, dan staat PSV nog steeds op plek 6.
Petit flink in de war op slalom – Paralympische Spelen al voorbij voor debuteerster
Claire Petit is alweer uitgeschakeld op de paralympische slalom – en dat al na haar eerste run. De 22-jarige debutante miste vroeg in haar afdaling een poortje, waardoor ze automatisch buiten beeld was voor de tweede run. En ja: zonder tweede run is het meteen ‘game over’ voor de slalom, want de eindtijd wordt bepaald door de som van beide runs.
Voor Petit was dit haar vijfde en laatste onderdeel op de Paralympische Spelen in Cortina d’Ampezzo – en daarmee ook haar laatste kans om zich te laten zien op het hoogste niveau. Ze had zelf gezegd dat ze vooral op zoek was naar wat eerherstel, na een week die tot dan toe wat tegenviel: zesde plaats op de super-G, zevende op de afdaling, tiende op de combinatie… Niet slecht, maar wel minder dan ze zichzelf had voorgesteld. En donderdag ging het al mis op de reuzenslalom door materiaalpech. Nu dus ook nog dit – een snelle, ongelukkige afloop op de slalom.
PSV landskampioen door de jaren heen: alle titels op een rij
Je kent het wel: dat gevoel als de laatste minuut van de slotdag afgelopen is, de fluit klinkt, en Eindhoven in vuur en vlam staat. PSV is weer landskampioen — en dat is al veel vaker gebeurd dan je misschien denkt. Van het allereerste kampioenschap in 1929 tot de meest recente triomf: hier is de volledige lijst van alle Eredivisie-titels van de Eindhovense club, op een rij — écht allemaal, zonder uitzondering.
🏆 De nieuwste titel: 2024–2025
Een echte thriller! Toen Ajax nog negen punten voorsprong had, leek de titel bijna weg. Maar PSV zette een geweldige inhaalrace neer, terwijl Ajax zelf wat punten liet liggen. Op de allerlaatste speeldag werd alles beslist: met een knappe 3–1 overwinning bij Sparta Rotterdam was de 26e landstitel in de wacht gesleept. Feest in Brabant!
🏆 2023–2024
Eén puntje was genoeg — en PSV pakte er meteen vier mee! Een 4–2 zege op Sparta Rotterdam maakte de 25e titel officieel. De stad Eindhoven stond op zijn kop, en de huldiging op het Stadhuisplein was puur énergie.
🏆 2017–2018
Ajax op eigen veld? Geen probleem. PSV won met 3–0 en pakte daarmee landstitel nummer 24. Voor Luuk de Jong was het alweer zijn derde kampioenschap in vier jaar tijd — en dat zegt genoeg.
🏆 2015–2016
Een klein wonder nodig? Geleverd. PSV moest zelf winnen bij PEC Zwolle én hopen dat Ajax bij De Graafschap zou falen. En ja hoor: PSV won 3–1, Ajax eindigde 1–1, en de 23e titel was binnen. Daarna werd het Stadhuisplein ook nog eens dubbel gehuldigd — voor PSV én Oranje Zwart.
🏆 2014–2015
Na een fraaie 4–1 overwinning op Heerenveen kon de kampioensschaal worden ingepakt. Maar de huldiging was net zo onvergetelijk: Van Rekik en Bruma zongen over zichzelf, Isimat-Mirin liet het hele plein meezingen op ‘Come on PSV’ — pure Eindhovense sfeer.
🏆 2007–2008
Vier keer op rij kampioen — en pas op de laatste speeldag viel de beslissing. Een strakke 1–0 overwinning op Vitesse deed de 22e titel in de wacht vallen.
🏆 2006–2007
Een spannende afsluiting: AZ verloor van Excelsior, Ajax won maar met 2–0 van Willem II, en PSV versloeg Vitesse met 5–1. Het verschil? Één doelpunt. Niet meer, niet minder.
🏆 2005–2006
Een gelijkspel tegen FC Groningen was genoeg: PSV eindigde met 84 punten — tien boven AZ. Een duidelijke boodschap aan de concurrentie.
🏆 2004–2005
Een seizoen vol hoogtepunten: Mark van Bommel scoorde een hattrick tegen Ajax, PSV bereikte de halve finale van de Champions League — én het was de laatste wedstrijd waarbij clubicoon Frits Philips aanwezig was. Tijdens de huldiging rende Van Bommel de tribune op om hem persoonlijk de schaal te overhandigen.
🏆 2002–2003
Onder Guus Hiddink (die terugkeerde naar de club) werd de 17e titel gewonnen. Mateja Kežman leverde met 35 goals een enorme bijdrage — en de titelstrijd met Ajax was tot de laatste minuut spannend.
🏆 2000–2001
Een bijna perfect seizoen: 25 overwinningen, 8 gelijke spelen, slechts 1 nederlaag. Met 83 punten bleef PSV ruim voor Feyenoord (66). Duidelijk wie de baas was.
🏆 1999–2000
Landskampioen in Enschede! Na een 1–3 overwinning op FC Twente brak de uitbarsting los — ook al was Ruud van Nistelrooy geblesseerd en alleen als supporter aanwezig.
🏆 1996–1997
Dick Advocaat’s derde seizoen als trainer leverde de 15e titel op — met 4 punten voorsprong op Ajax. Luc Nilis was met 21 doelpunten de absolute topscorer.
🏆 1991–1992
Wim Kieft debuteerde, Bobby Robson was coach — en PSV werd opnieuw kampioen. Slechts één nederlaag die hele winter. Robson vertrok na twee landstitels, maar liet een blijvende indruk achter.
🏆 1990–1991
Een spannende strijd met Ajax, beslist op doelsaldo (+56 tegen +54). De 1–0 overwinning op Ajax in Eindhoven was de doorslaggevende wedstrijd.
🏆 1988–1989
Na het gouden jaar 1988 kwam de titel direct op de voet — met 24 overwinningen, 5 gelijke spelen en 5 nederlagen. Romário maakte zijn debuut, en de KNVB-beker werd ook gewonnen.
🏆 1987–1988
‘Het Gouden Jaar’: PSV pakte de treble — landskampioenschap, KNVB-beker én Europacup I. Onder Guus Hiddink een historisch seizoen.
🏆 1986–1987
Met grote namen als Gullit, Koeman, Van de Kerkhof, Van Beveren en Nielsen werd de 11e titel behaald — waaronder een dramatische 1–0 overwinning op Ajax in Eindhoven, met een doelpunt van Gullit.
🏆 1985–1986
Ruud Gullit’s eerste seizoen bij PSV — en meteen een nieuwe titel. Ook dit jaar ontstond het klassieke liedje ‘Eens per jaar wordt PSV kampioen’, geschreven door Henk van der Heijden en Rudy Reker.
🏆 1977–1978
PSV werd op 8 april 1978 al landskampioen — het vroegst ooit in de geschiedenis van de Eredivisie. Ernie Brandts en Toine van Mierlo waren onderdeel van deze ongeslagen kampioenploeg.
🏆 1975–1976
Twee wedstrijden voor het einde stonden PSV en Feyenoord gelijk — en toen kwam de beslissende wedstrijd: PSV – Feyenoord. Met een overtuigende 4–1 zege op 30 mei 1976 was de titel veilig.
🏆 1974–1975
Onder Kees Rijvers werd op 11 mei 1975 de titel binnengehaald met een 3–1 overwinning op Den Haag. Van de Kerkhof, Van der Kuijlen en doelman Jan van Beveren droegen zwaar bij.
🏆 1962–1963
Een 5–2 overwinning op Ajax op 9 juni 1963 — met Pierre Kerkhoffs als topscorer van de competitie — leverde de 4e titel op.
🏆 1950–1951
In juni 1951 werd Willem II verslagen, en PSV werd voor de derde keer landskampioen. Coen Dillen, Frans Roosendaal en Harry van Elderen deden hun best.
🏆 1934–1935
PSV versloeg Ajax en werd voor de tweede keer kampioen. Frans Hunting, Jan van den Broek en Kees Visser stonden in de ploeg.
🏆 1928–1929
De allereerste titel: op 23 juni 1929 versloeg P.S.V. (toen nog met puntjes!) Velocitas uit Groningen — en werd voor het eerst ooit landskampioen van Nederland.
Paralympische Winterspelen vandaag: Petit zet alles op één kaart in de slalom
Na een drukke paralympische vrijdag met meerdere Nederlandse sporters in actie, is het vandaag rustiger op het Nederlandse front — maar niet minder spannend. Alleen skiester Claire Petit staat vandaag in Cortina d’Ampezzo op de startlijst voor Nederland. En dat is ook wel logisch: de slalom is haar vijfde én laatste onderdeel van deze Paralympische Winterspelen.
Tot nu toe ging het redelijk goed: zesde op de super-G, zevende op de afdaling en tiende op de combinatie. Echt solide prestaties, vooral als je bedenkt dat Claire op één been skiet — zonder prothese, en met een outrigger (een soort steunstok op wieltjes) voor balans. Maar donderdag sloeg het noodlot toe tijdens de reuzenslalom. Bij de start van de tweede run klapte haar outrigger niet goed uit. Ze moest even naar de kant om het ding te herstellen… en miste daardoor een poortje. Gevolg? Diskwalificatie. Na afloop stond ze tranen bij de ogen — een pijnlijke tegenvaller midden in de Spelen.
Vandaag is dus haar kans op eerherstel. De slalom — het allereerste onderdeel waar ze ooit mee begon, toen ze tijdens een tv-item voor Zappsport met Anna Jochemsen (ook een ex-paralympisch skiester op één been) voor het eerst echt leerde hoe je een slalom pakt. “Dat vond ik zo leuk”, vertelde ze voorafgaand aan de Spelen. “Daar begon mijn nieuwsgierigheid pas echt te groeien.” Twaalf jaar later staat ze hier — op het grootste podium van allemaal — en heeft ze nog één run over. Één kans om af te sluiten met een knal.
En ja, ze erkent het zelf ook met een knikje: “Maar dat is wel echt mijn minst goede onderdeel.”
Terwijl Claire zich voorbereidt op haar laatste rit, blijft Barbara van Bergen dit keer buiten beeld. Zij mist de slalom door een lichte hersenschudding na een harde val op de afdaling een week geleden.
Antonelli (19) breekt F1-geschiedenis met eerste pole — en doet alsof het een bakje thee is
Hij straalde geen uitzinnige vreugde uit, maar Kimi Antonelli heeft in China écht een Formule 1-record aan stukken geslagen. De 19-jarige Italiaan is nu de jongste coureur ooit die op poleposition staat — en dat is geen kleinigheid. “Dit is nog maar het begin”, zei hij rustig, alsof hij net een extra kop koffie had ingeschonken.
Tot nu toe hield Sebastian Vettel het record in handen: hij was 21 toen hij in een Toro Rosso (nu Racing Bulls) op een doorweekt Monza de snelste tijd neerzette. Antonelli heeft dat nu ver achter zich gelaten — en wel met een koele blik en een zachte stem. “Het was een goede sessie”, keek hij terug, licht verlegen maar vol zelfvertrouwen. “Natuurlijk had George (Russell, zijn teamgenoot) een probleem in Q3. Het had een heel ander verhaal kunnen worden, maar ik ben blij met mijn ronde — en erg blij dat ik voor het eerst op pole start.”
Russell liep tegen motorproblemen aan tijdens de beslissende kwalificatieronde. Op het allerlaatste moment wist hij nog een tijd neer te zetten, maar door te koude banden én een onvoldoende opgeladen batterij kon hij Antonelli’s tijd niet evenaren. Resultaat? Russell start morgen als tweede in Shanghai — en Antonelli als eerste.
En toch: geen sprake van een explosie van emotie. Geen dans op het podium, geen tranen, geen gillen. Alleen een nuchtere vaststelling: “Er is meer op komst. Ik kijk uit naar de race van morgen — de auto voelt erg goed. Er is een hoop om voor te strijden.”
Begin vorig jaar stapte de toen 18-jarige Antonelli als rookie bij Mercedes in — als vervanger van Lewis Hamilton, die bij dezelfde ploeg zes wereldtitels op zijn naam heeft staan. Grote schoenen, zachtjes gezegd. En toch: Hamilton zelf was vol lof. “Het is een geweldige prestatie”, prees hij zijn opvolger. De ervaren Brit eindigde zelf als derde in de kwalificatie. “Kimi heeft mijn stoeltje overgenomen. Hij is goed begonnen en het is erg mooi om hem te zien groeien — hij verdient dit record. Het zal lang duren voordat iemand in de buurt komt.”
Voor context: Hamilton debuteerde in 2007 bij McLaren als rookie en maakte Fernando Alonso — toen tweevoudig wereldkampioen — behoorlijk het leven zuur. Antonelli is nog steeds jonger dan Hamilton was toen hij begon. Vergelijken tussen tijdperken? Volgens Hamilton is dat lastig — maar overeenkomsten zijn er wel. Advies geven? “Dat heeft hij niet nodig. Hij staat net op poleposition. Er is niets wat ik op hem over kan brengen.” En verder: “Hij heeft alle wijsheid die hij nodig heeft. Geniet ervan, blijf doorgaan — en blijf pushen. Geef niet op. Maar dat doet hij duidelijk al niet.”
Een pole betekent natuurlijk nog geen overwinning — zeker niet in Shanghai. Zowel in de sprintrace hier als in de GP van Australië toonde Ferrari al dat ze Mercedes serieus dwars kan zitten, vooral in de openingsfase. “Ze zien er sterk uit, zeker op koude banden”, waarschuwde Antonelli. “Ze hebben goede snelheid én een snelle start is een groot pluspunt voor hen. Wij moeten een soepele start neerzetten — en vanaf daar kijken wat er gebeurt.”
