Opgevist ‘vinvisbot’ blijkt afkomstig uit oud Amsterdams museum

Een bijzonder bot — een bijna drie meter lange walviskaak — dat een jaar geleden uit de Oosterschelde werd gehaald, blijkt helemaal geen wild opgedoken zeebewoner te zijn. Nee, het bleek een oude museumtros: afkomstig uit het voormalige Zoölogisch Museum Amsterdam, dat al in 2011 zijn deuren sloot.

De duiker Bas van der Sanden vond het stuk in februari vorig jaar bij de Zeelandbrug. In eerste instantie leek het logisch om te denken aan een vinvis die zich door de Oosterscheldekering had gewerkt — maar Van der Sanden had meteen een knopje in zijn hoofd dat niet klopte. De botten waren ongewoon wit en schoon. “Dat kon eigenlijk niet voor botten die lang onder water hebben gelegen”, legt hij uit. Toen tijdens het conserveren bleek dat het bot al eerder was behandeld, werd zijn vermoeden sterker. En toen de DNA-test uitwees dat het helemaal niet om een gewone vinvis ging, maar om een Balaenoptera omurai — een soort die hier nooit voorkomt — begon hij écht te twijfelen.

Zo begon zijn speurtocht. En ja hoor: het kaakbeen bleek ooit onderdeel te zijn geweest van de collectie van het Zoölogisch Museum Amsterdam. Na de sluiting werd het overgedragen aan Naturalis — maar daar wilde men er niets mee. De opdracht luidde: afvoeren. Een voormalig medewerker vond dat jammer, nam de kaak mee naar huis en zette hem achter de bank. Bij een verhuizing bleek het ding echter te groot voor de nieuwe woning. Terug naar een museum? Geen optie — want de officiële papieren waren verdwenen.

Dus bedachten hij en een collega een creatieve oplossing: het bot ergens in het water dumpen, op een plek waar het zeker zou worden gevonden. Dan zou het automatisch weer ‘officieel’ worden — met nieuwe registratie, nieuwe papieren, en dus een tweede leven als museumstuk. Het plan werkte… tot het niet meer werkte. Want uiteindelijk kwam de waarheid toch boven tafel.

Van der Sanden kan er zelfs om lachen. “Er zijn sec gezien geen strafbare feiten gepleegd. Het was geen diefstal. In de museumwereld zal dit worden afgedaan met een bestraffend: foei! Uiteraard met een glimlach.”

Bekijk origineel artikel

Cybercriminelen dreigen met lekken van Odido-klantgegevens

De groep cybercriminelen die beweert Odido gehackt te hebben, zet de telecomprovider flink onder druk: ze dreigen de gestolen klantgegevens binnenkort op het dark web te publiceren als er geen losgeld wordt betaald. Dat meldt RTL Nieuws — en het klinkt niet als een bluf.

Volgens de bronnen is de hackgroep Shinyhunters verantwoordelijk voor de inbraak. Zij eisen van Odido meer dan een miljoen euro — of, zoals ze het zelf formuleren op hun dark web-pagina: “een laag bedrag van zeven cijfers”. De deadline voor betaling zou komende donderdagochtend verstrijken.

Al op 12 februari werd bekend dat hackers toegang hadden gekregen tot gegevens van maar liefst 6,2 miljoen klanten van Odido én Ben (het merk voor jongeren onder de Odido-groep). En het wordt erger: Shinyhunters claimt nu dat het om maar liefst 8 miljoen klanten gaat — met in totaal 21 miljoen regels aan persoonlijke informatie. Denk daarbij aan namen, adressen, telefoonnummers, maar ook bankrekeningnummers en zelfs paspoortgegevens.

Op hun dark web-pagina schrijven de daders: “Dit is een laatste waarschuwing. Voordat we gaan lekken en verscheidene andere vervelende (digitale) problemen jullie kant op komen.”

Shinyhunters is geen onbekende naam in Nederland: eerder dit jaar was de groep al betrokken bij een grote datalek bij Ticketmaster in 2024. Ook multinationals als Microsoft, Jaguar en Louis Vuitton zijn eerder slachtoffer geweest van hun aanvallen.

Hoe zijn ze bij Odido binnengekomen? Niet via een ingewikkelde hack, maar via phishing: ze stuurden valse mails naar klantenservicemedewerkers, wisten zo wachtwoorden te bemachtigen en logden daarmee in op interne systemen.

Bekijk origineel artikel

Jeroen Akkermans over vier jaar oorlog: ‘De pijn is zo erg geworden dat die verdoofd lijkt’

Is het alweer vier jaar geleden dat de oorlog in Oekraïne op volle kracht losbarstte? Eigenlijk wel — maar als je goed kijkt, duurt de onderdrukking van Oekraïne al elf jaar. En zelfs als er ooit een wapenstilstand komt, betekent dat nog lang niet dat het voorbij is. Het land dat eeuwenlang probeerde Oekraïne te domineren — onder tsaren, Sovjetleiders én nu onder Poetin — weet niet wat het is om echt terug te trekken. Repressie en dwang-Russificatie zaten al jaren in het systeem. Poetin heeft het dus niet uitgevonden — hij heeft het alleen maar scherper, brutaler en doortrapter gemaakt.

Toch voelde de volledige invasie in 2022 als een schok. Niet alleen in Oekraïne, maar ook hier in Duitsland, waar ik woon. Veel mensen konden het bijna niet geloven, terwijl Amerikaanse waarschuwingen duidelijk waren: een Russische aanval zou elk moment kunnen komen — misschien zelfs binnen dagen.

Journalistiek zoekt vaak naar het meest extreme: de grootste ramp, de heftigste scène, het meest dramatische moment. Maar wat gebeurt er met gewone mensen die elke dag leven onder bombardementen, drones en onzekerheid? Die balanceren op die overtreffende trap — niet uit keuze, maar uit noodzaak.

In 2022 reisden cameraman Han Pannevis en ik, met tussenpozen, zes maanden lang door Oekraïne om te verslag te doen. Een jaar later waren het vier maanden, vorig jaar drie. Dit jaar zijn we nog niet eens terug geweest. De tijd slijt aan het gevoel van urgentie — terwijl de oorlog gewoon doorgaat.

Vraag het maar aan mijn collega Galya, die met haar dochtertje uit voorzorg op de gang of in de kelder slaapt, terwijl ze de brommende tweetaktmotoren van drones hoort.
De pijn is zo erg geworden dat die verdoofd lijkt.
Wie 1461 dagen oorlog van dichtbij meemaakt, raakt niet alleen moe — hij of zij wordt murw geslagen, kapot, apathisch. Er zijn grenzen aan wat een mens kan dragen.

Ik heb het hier niet eens over de harde cijfers: de 10 burgerdoden, 27 gewonden, 96 gesneuvelde Oekraïense soldaten of 342 gewond geraakten — allemaal dagelijks gemiddelden die boven het hoofd van elke Oekraïner hangen. En ook niet over de recente aanval met 28 drones op de haven van Odesa, die ook bedoeld is om het land economisch uit te putten.

Uit de Donbasregio in het oosten trekken mensen massaal weg — op zoek naar veiligheid, verder van het front vandaan. Die reportage maakte Jeroen Akkermans afgelopen winter.

Nee — ik heb het over de journalistieke plicht om te getuigen.
Elk verslag is een wapen: tegen straffeloosheid, tegen de houding van ‘wij wisten het niet’, tegen onverschilligheid, tegen de angst die ook bij jou en mij blijft hangen.

Onze eigen geschiedenis laat zien hoe diep oorlog in een land snijdt. Nederland droeg 1822 dagen het juk van de Duitse bezetting. En nog steeds, 81 jaar na de bevrijding, blijven we vragen stellen over goed en kwaad — net zoals in Duitsland.

Maar de pijn van een oorlog laat zich niet opmeten in dagen. En het aftellen naar vrede in Oekraïne? Dat is nog niet eens begonnen.
Vrede betekent dat Oekraïners een weg moeten vinden om te leven met een buurman die zijn grenzen niet kent.

Als eerste op de hoogte van het laatste nieuws

Bekijk origineel artikel

SCP: “Veel beloftes in coalitieakkoord klinken mooi, maar zijn lastig waar te maken”

De nieuwe regering – een minderheidscoalitie van D66, VVD en CDA – heeft flinke plannen op papier gezet. Maar volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is het twijfelachtig of al die mooie beloften daadwerkelijk worden ingewilligd. En dat is geen klein geitje: als politici telkens beloven wat ze niet kunnen nakomen, wordt het vertrouwen van burgers in de politiek alleen maar verder ondermijnd. Dat zegt het SCP in een analyse van het coalitieakkoord.

Wat wil de regering écht bereiken? En waar zit de knelpunt?

Op het gebied van zorg, bijvoorbeeld, wil de coalitie de pijn van het hogere eigen risico verzachten door meer te focussen op preventie – denk aan bewegen stimuleren, gezondere keuzes financieel aantrekkelijk maken en meer aandacht voor kindergezondheid. Leuk idee, zegt het SCP, en op lange termijn misschien ook effectief. Maar het biedt weinig houvast voor de problemen die nu al op tafel liggen: zoals de snelle vergrijzing, die de vraag naar zorg hard doet stijgen.

Ook op migratiegebied lijken sommige doelen moeilijk haalbaar. Zo wil de regering het aantal asielzoekers terugdringen – onder andere via de ‘Asielnoodmaatregelenwet’ uit het vorige kabinet. Volgens het SCP is dat op korte termijn echter niet realistisch. En hoe laagbetaalde arbeidsmigratie precies moet worden teruggedrongen, blijft onduidelijk.

Mooie ambitie, maar wie draagt de last?

Het SCP ziet wel positieve signalen: er komt extra geld voor veiligheid, woningbouw, economie en onderwijs. SCP-directeur Karen van Oudenhoven noemt de duidelijke wil om grote maatschappelijke uitdagingen aan te pakken zelfs “positief”. Maar tegelijkertijd waarschuwt ze dat sommige maatregelen – vooral rond zorg, sociale zekerheid en het verhogen van de AOW-leeftijd – juist kunnen leiden tot meer ongelijkheid.

Neem de AOW: voor iedereen gaat de pensioengerechtigde leeftijd omhoog. Maar wat gebeurt er met mensen die een zwaar beroep hebben en daarom lang doorwerken heel lastig vinden? Dat is nog niet duidelijk.

En dan zijn er de cijfers van andere planbureaus, die vrijdag al bekend werden: het Centraal Planbureau en het Planbureau voor de Leefomgeving concludeerden dat lagere inkomens in koopkracht achterblijven. Op klimaat- en stikstofgebied worden slechts kleine stappen gezet – veel te klein om de doelen te halen.

Kortom: het akkoord zit vol ambitie, maar het SCP vraagt zich af of de regering ook echt kan leveren – vooral voor de mensen die het meest op hulp wachten.

Bekijk origineel artikel

Opnieuw aanslagen op Oekraïense politie — dit keer in Mykolajiv en Dnipro

Voor de derde keer binnen drie dagen zijn Oekraïense politieagenten het doelwit geweest van explosie-aanvallen. Maandag ging het mis in zowel Mykolajiv als Dnipro, terwijl er al zaterdag een gruwelijke aanslag plaatsvond in Lviv.

In Mykolajiv raakten zeven agenten gewond toen er een explosie ontplofte — twee van hen zijn ernstig geblesseerd. Volgens het hoofd van de nationale politie gebeurde het vlak nadat de agenten hun auto’s hadden geparkeerd, net voor het begin van hun dienst.

Enkele uren later volgde een nieuwe klap: in Dnipro werd een administratief politiegebouw getroffen. Gelukkig vielen er geen gewonden, maar de schade aan het gebouw is flink.

“Eergisteren was er al een terroristische aanslag op politieagenten in Lviv”, schreef de politiecommandant op Facebook. “Dit is geen toeval. De vijand wil bewust Oekraïense agenten doden — mensen die dagelijks de bevolking én de staat beschermen.” En dat klinkt bitter waar: zaterdag kwam bij de explosie in Lviv (in het westen van Oekraïne) een politieagente om het leven, en raakten 24 anderen gewond.

De Oekraïense veiligheidsdienst SBU heeft nu een onderzoek gestart naar alle drie de aanslagen.

En het blijft niet bij Oekraïne: ook in Moskou werd maandag een politiepatrouille aangevallen. Een man liet een zelfgemaakte bom ontploffen bij een politiewagen bij een treinstation — rond middernacht. Eén agent overleed, twee raakten gewond… en de dader kwam zelf ook om het leven, zo meldt het Russische ministerie.

Bekijk origineel artikel

Ontslagen jeugdzorgwerkster die in cliëntendossiers neusde, krijgt 27.000 euro

Dat blijkt uit een gisteren openbaar geworden uitspraak van de rechtbank Rotterdam.

De vrouw werkte sinds 2002 voor de jeugdzorginstelling William Schrikker — met een korte onderbreking in 2023. Bij de instelling stond ze bekend als een ‘ervaren werkneemster met een goede staat van dienst’. Maar in oktober vorig jaar werd ze op staande voet ontslagen, nadat bleek dat ze zonder zakelijke reden had gekeken in meerdere cliëntendossiers. Omdat dat strikt verboden is, kreeg ze meteen haar papieren — en daarmee ook geen recht op een WW-uitkering.

Ze vond het onterecht en ging naar de rechter. Haar verhaal? Ze had de dossiers ingezien omdat zij én haar zoon waren bedreigd én mishandeld door twee cliënten van de instelling. Zo zou een pupil in januari vorig jaar haar en haar zoon hebben bedreigd met een vuurwapen — en later nog eens bedreigend zijn geweest. In september raakte haar zoon in conflict met een andere pupil, waarbij hij volgens haar werd mishandeld. Drie maanden na de eerste bedreiging had ze trauma- en angstklachten gekregen. En daarom, zo legde ze uit, wilde ze weten of de betreffende jongeren nog in haar buurt woonden — dus keek ze in hun dossier.

De jeugdzorginstelling zag die bedreigingen niet als een verzachtende omstandigheid. Sterker nog: ze vond het juist extra problematisch dat de vrouw haar ‘persoonlijke betrokkenheid’ bij die dossiers nooit eerder had gemeld.

Maar de Rotterdamse kantonrechter ziet het anders. In de gisteren gepubliceerde uitspraak erkent de rechter wel dat het inkijken van dossiers zonder reden niet mag — maar oordeelt ook dat de instelling de specifieke omstandigheden van dit geval onvoldoende heeft meegenomen bij het onmiddellijke ontslag.

“De werkneemster kan worden verweten dat zij, in momenten van zwakte, in de dossiers heeft gekeken. Maar WSS had gelet op de omstandigheden (…) echter wel enige compassie met haar mogen tonen.”

Omdat ze een lange en goede staat van dienst had, en omdat haar gedrag geen grote, tastbare schade heeft veroorzaakt — noch voor de instelling, noch voor de cliënten — was het op-staande-voet-ontslag volgens de rechter te hard van stapel.

En dan komt de klap:

“De William Schrikker Stichting is uiteraard verantwoordelijk voor het welzijn van haar pupillen en ongeoorloofd kijken in dossiers van die pupillen mag niet, maar WSS moet zich naast die verantwoordelijkheid ook als goed werkgever jegens medewerkers gedragen. Dat heeft WSS niet (voldoende) gedaan.”

Omdat de ex-werkster haar baan niet meer terug wil, moet de instelling haar nu drie vergoedingen betalen:
– Een transitievergoeding van ruim €5.400 (laag, omdat de berekening pas vanaf 2023 loopt — vanwege haar tijdelijke uitstap);
– Het salaris over de opzegtermijn: bijna €11.700;
– Een schadevergoeding voor onterecht ontslag: €10.000.

Totaal: ruim €27.000.

Bekijk origineel artikel