Thialf hoopt straks Frans feestje te mogen bouwen
Na ruim een eeuw kan Nederland straks weer meehelpen met de Winterspelen! De Fransen zoeken een plek voor het schaatstoernooi en hebben hun oog laten vallen op Heerenveen. Vandaag – op de openingsdag van Milaan 2026 – leverden Turijn en Heerenveen hun dik ingevulde vragenlijst af bij het Frans Olympisch Comité. Doe dus met ons mee-duimen dat Thialf er in 2030 mag bijhangen.
Waarom de Fransen geen eigen ijsbaan willen
Kern van het verhaal: bouwen doen ze bij de Olympische organisatie niet meer, tenzij het echt niet anders kan. De mensen van het Internationaal Olympisch Comité zwichten voor twee woorden: duurzaamheid en klimaat. Niks meer rechttoe-rechtaan nieuwbouw, maar slim gebruik maken van locaties die er al staan.
Niels Dokkuma van NOC-NSF legt het simpel uit: “Minder beton, meer bestaande hallen, dat is de nieuwe koers.” En omdat geschikte winterplekken steeds dunner bezaaid raken, zie je nu dat de Spelen over meerdere steden worden uitgesmeerd – ook buiten het gastland.
Thialf zegt: “Wij staan al klaar!”
Yvonne Kager, business manager bij Thialf, straalt. “We draaien al jaren wereldbekerwedstrijden en kampioenschappen. Niet lullen, maar ijs maken – dat doen we hier dagelijks.”
De Fransozen ondervroegen de Friezen over van alles: hoeveel mensen er in het stadion passen, hoe dik het ijs is, waar de energie vandaan komt en of die duurzaam is. Antwoord: dat laatste kan Thalf zeker beloven, want onder het stadion ligt een eigen waterbron en de stroom komt uit groene bronnen. Volgens kenners is Thialf de snelste én de groenste ijsbaan ter wereld.
“Afstand maakt het minder olympisch”
Oud-schaatster Marianne Timmer zit in Milaan en voelt de sfeer: “Heerenveen is prachtig, maar zó ver van de Franse Alpen. Geen echt olympisch dorp betekent misschien ook mindere ambiance.”
Burgemeester Avine Fokkens-Kelder in Heerenveen glimlacht alleen maar. “Zet de vlaggen alvast klaar! We kleuren het hele centrum rood-wit-blauw en rood-wit-blauw-met-geel-zwart – oftewel Frans én Fries. Het zal voelen alsof je midden op een olympische plein staat. Wij kunnen een feest bouwen, daar zijn wij Friezen goed in.”
De tegenstander: Turijn
De Italianen in Turijn staan op de shortlist. Hun oude Oval Lingotto moet wel een metamorfose krijgen; dat kost een slordige 12 miljoen euro. Terwijl Thialf gewoon de deur kan openzetten. De gok van Italiaanse media: Turijn ligt dichter bij Frankrijk – een voordeel als je reistijd laat meetellen.
Wanneer weten we het?
De Franse organisatie maakt komende zomer bekend waar de schaatsers over 4 jaar hun olympische rondjes draaien. Tot die tijd: fingers crossed en ijsbanen glimmen!
Pieter (67) durft het alvast te zeggen: Femke duwt dat goud zo het halsje in!
Z’n wiskundeklas op pauze, spreadsheet open
Pieter Post (67) uit Arnhem zit helemaal in z’n Excel-sheets als onze verslaggever belt. De ex-wiskundeleraar heeft er een lange traditie van gemaakt: elke editie legt hij de hele medaillespiegel vast nog voordat de fakkel aangestoken wordt. Nu de opening van de Winterspelen in Milaan vanavond op tv komt, heeft hij weer een vragenlijstje paraat. “Weet je welk land volgens mijn modellen op zes verschillende momenten goud gaat binnenhalen binnen één discipline?” Het antwoord lees je straks verderop – maar eerst checken we hoe hij überhaupt tot z’n getallen komt.
Wedkantoren als kristallen bol
Eigenlijk is het heel simpel, zegt Pieter. “Ik duik niet diep in formules, ik kijk gewoon wat de Nederlandse wedkantoren zeggen. Zelf gok ik nóóit – daar blijft je portemonnee het langst van dicht – maar hun quoteringen zijn keiharde data.” Met die cijfers voorspelde hij voor Parijs 2024 dat Nederland 35 medailles zou binnenhalen; TeamNL strandde op 34. “50 % van alle medailles op de hele wereldranglijst had ik goed. Best tevreden mee!”
Zijn Nederlandse goud-gokjes
Ondanks z’n credo dat sport toch altijd gokken blijft, heeft Pieter drie namen alvast klaargezet. “Femke Kok, Jutta Leerdam én bij de mannen Jordan Stolz; op hun afstanden durf ik bijna m’n hand in het vuur te steken.” Zijn eindbalans: zeven keer goud voor Nederland, plus zilver en brons bij elkaar goed voor negentien plakken. Minder dan de 24 medailles van Sotsji 2014, maar ja, records wil ook wel eens sneuvelen.
Eindeklassement: VS op 1, Brazilië stunt
Pieter schuift Nederland naar plek zeven, vlak achter Duitsland. De strijd om de hoofdprijs is volgens hem een nek-aan-nekrace tussen Canada en de Verenigde Staten. “De Amerikanen krijgen de voorkeur in mijn lijstje.” En dan: “Brazilië gaat waarschijnlijk voor het eerst ooit een wintermedaille pakken! Lucas Pinheiro Braathen op de alpineski – een bronzen kans die best goudkleurig kan uitpakken.”
Van ski-bergbeklimmen tot slapende Russen
Met een pensioenschema heeft Pieter alle tijd om vanaf vanavond de tv weer vast te plakken. “Olympic Ski Mountaineering bijvoorbeeld… Geen idee wat het is, maar ik gun die Française uit mijn lijst zeker succes.” Tijdens elk onderdeel schrapt hij puntjes af. “Het is stiekem een soort bingokaart – één verrassing erbij, ééntje minder. En als er een onbekende Rus voorbijstreeft terwijl ik nog in pyama zit? Heerlijk.”
Slovenië schrijft geschiedenis met broer en zus
Komt het allemaal uit, dan breekt Slovenië volgens Pieter elk record. “Broer en zus Domen en Nika Prevc ramenvieren het schansspringen. Kleine schans, grote schans, combinatie, landenteam… Uiteindelijk tikken ze zes keer goud aan.” Of het zo gaat? Daar kijkt Pieter net zo graag naar als jij en ik.
Slimme belegging: met die 19 miljard per jaar kunnen we onze eigen wapentuig-briljantjes laten shinen
Goed nieuws én een flinke uitdaging: volgend jaar klapt er al 2,1 miljard extra over de balk bij Defensie, en in 2030 is dat opgelopen naar 9,5 miljard euro. Vanaf 2035 komt er jaarlijks zelfs meer dan 19 miljard bij. Doel? De NAVO-norm van 3,5 % van ons bbp halen. En ja, de coalitie wil daarvoor een ‘vrijheidsbijdrage’ (een soort extra belasting voor jou en mij) invoeren.
Maar eerst even real talk: die torenhoge bedragen leveren op korte termijn amper economische groei op, zo zeggen de economen van DNB. Hoezo? Een heleboel spullen – tanks, kogels, drones – kopen we nu nog bij de buren. Daarnaast is de arbeidsmarkt al kurkdroog, dus hogere salarissen om personeel te lokken remmen ook nog eens een tandje extra. Het CPB stelde al vorig jaar dat de nieuwe miljarden niet snel zorgen voor extra banen of omzet.
Dat wil nog niet zeggen dat die investeringen verloren geld zijn. Veiligheid blijft natuurlijk de hoofdzaak. En omdát we de uitgaven over jaren uitspreiden, krijgen we ruimte om onze eigen productiecapaciteit vorm te geven. Daarvoor moeten we enkel spelen op onze eigen sterke punten:
-
Dual-use technologieën inzetten
Alle apparatuur die zowel helikopters als smartphones, brandweerwagens of zelfs ziekenhuizen beter maken. Denk aan superkrachtige chips of ultrasterke microscopen. -
Buitenlandse krachten links laten liggen
Laat Duitsland, Frankrijk en Spanje maar lekker kogel- en tankfabrieken bouwen. Wij mikken op maritieme innovaties en andere creatieve toepassingen waarin we al voorop lopen. -
Voorspelbaarheid bieden
Voor bedrijven is het cruciaal om te weten dat ze de overheid de komende jaren als vaste afnemer hebben. Anders is er geen bedrijf dat een multi-miljoenen R&D-project van de grond krijgt.
Kortom: als Den Haag een duidelijk en jarenlang plan neerlegt, kunnen onze tech- en scheepsbouwers flink groeien. De afspraak is simpel: pak de portemonnee, maar zet het geld vooral daar neer waar Nederland nu al blinkt. Dan levert dat machtige ‘vrijheidsbudget’ straks niet alleen veiligheid, maar ook een flinke economische slag op. En zover zijn we echt nog wel even… want met een kleine coalitie is elk defensieplan sowieso een kwestie van steeds weer nieuwe overtuigingsrondes in de Tweede Kamer.
Spannende nachtelijke achtervolging levert wrak én gewonde op bij Hazeldonk
Weet je nog die zware sirenes vannacht? Die hoefden hoorde niet voor niets: de politie zat achter een automobilist aan die eerst in Utrecht al paar autos had geraakt én later dwars door Breda scheurde. Tussen de auto-improvisaties door doken zelfs twee helikoptersboven op – om nog een beetje overzicht te houden. Maar na al dat geraas ging het fout: direct ná Hazeldonk, op de Belgische John Lijsenstraat in Meer, knalde de vluchter tegen de vangrail. Gewonden dus, maar of ‘ie meteen mee is naar het ziekenhuis? Geen idee. Overigens zijn de Nederlandse én Belgische collega’s uitgerukt, plus een ambulance – kortom, een knotsgek interland-spektakel. Wat de bestuurder nou precies op zijn kerfstok heeft en waarom-ie er zo vandoor ging, daar zwijgt iedereen nog even over.
Asielzoekers en Oekraïners aan het werk voor een appel en een ei in Ibis Hotel
Je hoort het steeds vaker: hotels die schoonmakers inhuren via een lappendeken van onderaannemers. In Arnhem liep die constructie zo uit de hand dat de Arbeidsinspectie er nu bovenop zit.
“Kom maar mee, we regelen alles”
Een tiental asielzoekers werd letterlijk van de straat geplukt met mooie beloften: werk, loon en de juiste papieren geregeld. Een groepje vluchtelingen uit Oekraïne kreeg hetzelfde verhaal voorgeschoteld. Ze gingen aan de slag in het Ibis Styles Hotel, maar de realiteit was ontbijtresten aan het eind van de dienst en een handjevol munten.
3,50 euro per kamer – als je geluk hebt
De schoonmakers kregen geen vast uurloon, maar een bedrag per gekuiste kamer. Volgens eigen zeggen tussen de 3,50 euro en 4,50 euro. Een Oekraïens duo moest dat bedrag nog delen en hield dus 1,75 euro per persoon over. Hostel-ontbijt als bonus, geld als het uitkomt – in de lobby, contant, onder de camera’s. In Nederland moet een werkgever loon via de bank betalen, maar ja, wie gaat daar in zee met mensen zonder werkvergunning?
Geen toestemming, geen geld, geen rechten
Voor asielzoekers buiten de EU geldt een strenge regel: geen tewerkstellingsvergunning, geen werk. Die vergunning ontbrak voor iedereen in het Ibis-team. Wie zijn achterstallige loon kwam opvragen, werd door de politie van hotelterrein gebonjourd.
Juristen kijken raar op naar het “contract”
Fairwork, een organisatie die arbeidsuitbuiters op het spoor komt, kreeg de “arbeidsovereenkomsten” in handen. Opvallend: stukken lijken rechtstreeks uit het Duits vertaald, inclusief Duitse termen (“mini-job”) die in Nederland niet bestaan. Registeren bij de Kamer van Koophandel? Nooit van gehoord, blijkbaar. Volgens jurist Niels Jansen en CNV-vakbond zijn de contracten juridisch “Meer een wensenlijstje dan een echte overeenkomst.”
Doorschuiven, doorschuiven, doorschuiven
Ibis Styles valt onder Novum Hospitality, een Duitse keten met ruim 130 hotels. Zij verwijzen naar Ö&I Clean Group GmbH, die vervolgens naar AHR Clean UG wijst. AHR zegt dat ze “voor sommigen” een tewerkstellingsvergunning hebben aangevraagd, maar “wachten tot dat binnen is, was kennelijk geen optie”.
Anna Ensing van Fairwork vermoedt opzet: “Bewust een eindeloze ketting van bedrijven neerzetten, dan blijft niemand precies verantwoordelijk.”
Eerste centen pas na camera’s op de stoep
Nadat Nieuwsuur vragen stelde, kreeg een deel van de asielzoekers alsnog cash betaald – nog steeds in de lobby, nog steeds zonder strookje. De Oekraïense collega’s wachten nog steeds op hun geld. De Arbeidsinspectie kondigde onlangs een diepgravend onderzoek aan; begin december werd het hotel al doorzocht.
Niet alleen Ibis: hotels blijven in de fout
Fairwork zag vorig jaar tachtig nieuwe meldingen binnenstromen over uitbuiting in de hospitalitysector, vooral van schoonmakers. Multinationals huren steeds vaker via buitenlandse schoonmaakfirma’s, waarmee de controle verdwijnt. “Zolang niemand de regels aan de ketting lijkt te houden, blijven mensen met een kwetsbare status het haasje”, zegt Ensing.
Wat nu?
De inspectie onderzoekt de kwestie, maar de vakbond roeft om snelle opheldering. “Ministerie van Sociale Zaken moet nu eens voorkomen dat bedrijven zich nestelen in ondoorzichtige buitenlandse constructies”, vindt Jan Kampherbeek van CNV. Hoe lang de schoonmakers op hun laatste beetje loon moeten wachten, is onbekend.
Weekend-tip: Trek de wandelschoenen aan, Brabant schijnt volop!
Gooi die regenjas vrijdag nog maar even aan, want het weer blijft grauw en nat. Maar hey, met de lunch komt al een oppepper: rond acht à negen graden en dat voelt al een beetje lente-achtig.
Zaterdag kun je pas écht los. Dan lacht de zon, blijft het overal droog en tikken we lekker de elf, misschien wel twaalf graden aan. Volgens Richard van Weerplaza is dit “perfect weer om uit die luie stoel te komen en eropuit te gaan”. Pak de koek-en-zopie, spring op de fiets of maak een lange wandeling door het Mastbos – je krijgt er geen spat regen voor terug.
Zondag zit in hetzelfde straatje: zon volop. Hou wél een plekje in je rugzak vrij voor een eventuele jas; in het uiterste westen van de provincie kan nog een enkel drupje vallen. Maar eerlijk: kans is klein en het duurt geen minuut.
Na het weekend zakken de temperaturen weer naar een schappelijke negen graden. En carnaval dan? Nou, dat belooft een tikkeltje wisselvallig te worden – denk aan zo’n vijf graden en af en toe een bui. Maar hé, daarover maken we ons straks druk, deze dagen liggen nog vol zon in het verschiet!
