Rybakina pakt haar eerste Australian Open-titel – en wraakt de nederlaag van vorig jaar tegen Sabalenka
Jelena Rybakina heeft eindelijk haar eerste Australian Open op haar naam staan! In een heftige, emotionele finale in Melbourne versloeg de Kazachse wereldnummer één Aryna Sabalenka in drie sets: 4–6, 6–4, 6–4. Voor Rybakina is het alweer haar tweede grandslamtitel – na Wimbledon in 2022 – maar deze voelde zeker anders: het was een rechtstreekse revanche op de finale van vorig jaar, die Sabalenka toen won. En dit keer ging het écht om alles.
Beide speelsters kwamen met een ongelofelijke vorm naar de finale: Sabalenka had in 2024 nog geen enkele set verloren (11 wedstrijden lang!), terwijl Rybakina – op dat moment wereldnummer vijf – 19 van haar laatste 20 duels gewonnen had… en ook in Melbourne geen set had afgestaan. De spanning was dus bijna tastbaar.
De wedstrijd begon meteen spannend: Rybakina greep meteen het initiatief, profiteerde van een wankel begin van Sabalenka en pakte meteen een break – dankzij een onnodige fout van de Belarussische. Sabalenka probeerde zich te herstellen, maar werd steeds geïrriteerder door haar eigen zeven onnodige fouten in de eerste set. Rybakina liet zich niet uit het veld slaan en sloot de set af.
In de tweede set kwam Sabalenka sterker terug, vooral met haar service, en dwong ze een beslissende derde set af. En dan… een echte rollercoaster: Sabalenka stormde weg met de eerste drie games van de derde set – agressief, scherp, bijna onstuitbaar. Maar Rybakina gaf niet op. Ze ontregelde het ritme van haar tegenstandster, won vijf games op rij en stond plotseling op 5–3. En met een koele, precieze ace onder de knie besliste ze de wedstrijd.
Na afloop: “Het was echt een gevecht – en de steun van het publiek hielp me enorm.”
Rybakina pakt revanche met epische comeback in Melbourne
De 27-jarige Aryna Sabalenka stond gisteren voor de vierde keer in de Australian Open-finale in Melbourne. Ze pakte al eerder de titel in 2023 en 2024, maar verloor vorig jaar van de Amerikaanse Madison Keys in de eindstrijd. Op de US Open was Sabalenka de afgelopen twee jaar onverslaanbaar — tot gisteren.
Elena Rybakina, die in 2023 door Sabalenka werd verslagen in de finale van dezelfde toernooi, liet zich dit keer niet weer overtuigen. Na een spannende, wisselvallige wedstrijd draaide ze de derde set compleet om met een geweldige inhaalrace — en pakte daarmee haar tweede grandslamtitel, na haar overwinning op Wimbledon in 2022.
Van het oranje naar de regenboogtrui: ‘Moest eerste dag wel overgeven’
Toen Hetty van de Wouw in 2016 bij de topsportselectie kwam, keek ze vol bewondering naar de baanwielrensters die trots de regenboogtrui droegen — een trui die voor haar toen net zo ver weg leek als de maan. Nu is de 27-jarige uit Kaatsheuvel zelf drievoudig wereldkampioen… en mag ze komend Europees kampioenschap echt in die legendarische trui stappen. “De eerste keer dat ik ’m aantrok, voelde het alsof ik het niet mocht — alsof ik op een verboden plek was beland,” lacht ze.
Na een zilveren medaille op de keirin tijdens de Olympische Spelen 2024 in Parijs toonde ze al dat ze bij de absolute wereldtop hoort. Maar het WK een jaar later was pas écht haar moment: goud op de sprint, teamsprint én de kilometer tijdrit. “Dat ik me nu wereldkampioen mag noemen? Dat voelt gewoon heel, heel speciaal.” En toch: haar leven is er niet mee op zijn kop gezet. “Na de Spelen werd ik wat vaker herkend op straat of in de supermarkt — maar het is niet alsof ik nu elke dag door fans word omringd of zo.”
Dit EK in Konya (Turkije), dat komende zondag van start gaat, staat helemaal in het teken van Hetty. De rol van favoriet is nieuw voor ‘Hetty Raketty’, maar ze neemt ’t rustig. “Ja, de ogen staan op me gericht — maar dat is vooral iets van buitenaf. Op de baan blijft alles hetzelfde: ik doe wat ik altijd doe. Dankzij de Spelen én het WK weet ik nu echt: ik kan op mezelf vertrouwen. Een eendagsvlieg ben ik zeker niet.”
En over tactiek? Die is op de baan veel persoonlijker dan op de weg. “Op de weg kun je met een ploeg strategisch spelen. Op de baan is het puur jouw ding: wat werkt voor jou, dat doe je.” Bij vier onderdelen zal ze in Konya dus fietsen in de regenboogtrui — dezelfde trui waar ze als jonge renster al jaren naar uitkeek. “Vorig jaar bij het NK had ik ’m één dag mogen dragen. De eerste ochtend was ik ziek. Toen ik de volgende ochtend wakker werd, wilde ik meteen fietsen — maar het werd niks. Ik moest overgeven en had drie kwartier nodig om weer op adem te komen.” Dit EK is dan ook meer dan een wedstrijd: het is het moment dat ze eindelijk écht mag genieten van de trui waar ze ooit zo naar verlangde.
En ja — dit EK telt niet als kwalificatie voor de Olympische Spelen van 2028. Maar voor Hetty is het toch belangrijk. “We hebben niet zoveel grote wedstrijden, dus het is leuk om te zien waar je staat. Voor mij draait het vooral om doorgroeien: ik zit nog lang niet aan het einde van mijn leercurve. Uiteraard ga ik voor het podium — maar bovenal wil ik plezier hebben.”
Favoriet Brand worstelt met kuitblessure voor WK veldrijden: “Als een oma binnen gefietst”
Vier weken geleden leek de wereldtitel bijna in de zak van Lucinda Brand. Zo dominant was ze dit veldritseizoen — van de 25 wedstrijden die ze reed, eindigde ze maar liefst twintig keer op het podium. En niet zomaar: meestal als winnares, anders op plek twee of drie. Ze zat middenin een ongelofelijke reeks van 63 opeenvolgende podiumplaatsen… tot haar tiende plaats in Maasmechelen vorige week. Dat soort cijfers doet denken aan legendarische namen uit het verleden. Maar nu, vlak voor het WK in Hulst, is haar tweede wereldtitel (na die van 2021) helemaal niet meer vanzelfsprekend. De laatste weken ging het steeds minder soepel — en juist nu begon haar kuitspier te spelen.
Na de wereldbekerveldrit in Maasmechelen een week geleden kwam de pijn pas echt opzetten. “In de wedstrijd voelde ik er eigenlijk niks van — hooguit heel licht. Maar daarna werd het vrij snel serieus. Zo serieus dat ik mijn voet niet eens normaal kon afwikkelen zonder pijn. En dat doe je zowel lopend als fietsend, dus ja… dat is best lastig.” Brand vertelt het vrijdagmiddag met een glimlach, net na een rustige parcoursverkenning in Hulst. Die grijns verbergt misschien wel wat zorgen — want woensdag werd ze pas écht pijnvrij wakker en kon ze weer buiten. “Tot dan toe heb ik als een oma binnen gefietst, heel voorzichtig. Dat is op zich niet zo erg. Ik heb eerder heftiger dingen meegemaakt in de week voor zo’n WK — zoals ziekte, bijvoorbeeld. Daaraan heb ik me gewoon vastgehouden.”
Haar lang en uitzonderlijk succesvolle seizoen — waarin ze ook nog haar moeder verloor — kreeg begin januari een harde knik in de Kuil van Zonhoven. Samen met concurrentes Puck Pieterse en Ceylin Alvarado sloeg Brand over de kop in het zand en hield daar een krakend gestel aan over. In Zonhoven werd ze nog wel tweede, maar na een paar dagen herstel in de Spaanse zon kon ze het NK niet aan. In Huijbergen daarentegen kwamen Alvarado en Pieterse, haar ploeggenotes bij Fenix-Premier Tech, juist in hun beste vorm. Zij hadden juist aan het begin van het seizoen hun moeilijkheden: Alvarado door een hardnekkige knieblessure en ziekte, waardoor ze pas in januari echt van de partij was. En wat een start: ze won achtereenvolgens de sneeuwcross in Mol, het ijzig koude NK én de prestigieuze wereldbekerveldrit in het winterse Zonhoven. Pieterse had een lang seizoen op de weg en de mountainbike achter de rug en speelde lange tijd geen echte rol in het veld. Maar één wedstrijd stond rood omcirkeld in haar agenda: het WK — waar ze voor het eerst wereldkampioene wil worden. Met overwinningen in Maasmechelen en Hoogerheide vorige week lijkt ze precies op tijd te pieken.
Misschien speelt zelfs het ploegenspel een rol: het zou niet de eerste keer zijn dat commerciële belangen van ploegen door nationale tricots heen schemeren. Op een uitdagend parcours als Hulst — met steile wallen, listige schuine kanten en passages over het water — kan het al snel ieder voor zich worden. Bekijk de parcoursverkenning van het WK in Hulst door Puck Pieterse en Tibor Del Grosso.
Als het toch op ploegenspel aankomt, dan heeft Brand ook een sterke troef in Shirin van Anrooij. In het veld rijden ze samen bij Baloise-Het Poetsbureau, op de weg bij Lidl-Trek. En voor Van Anrooij, die vrijdag al wereldkampioen werd in de gemengde aflossing, zijn er genoeg redenen om te dromen van een individuele titel. “Er zijn natuurlijk een paar duidelijke topfavorieten, maar ik denk dat het niveau heel dicht bij elkaar ligt”, zegt ze. “Uiteindelijk komt het aan op wie de perfecte dag heeft.” Zoals in 2023, toen ze voor familie en vrienden in het nabijgelegen Hoogerheide wereldkampioen werd bij de beloften. Dit keer is het WK zelfs in haar eigen provincie. “Opa en oma, familie, iedereen kan erbij zijn”, glundert ze. “Een kampioenschap leeft natuurlijk altijd, maar dat het in Zeeland is, maakt het extra bijzonder.”
Brand is dus niet langer de enige favoriet. Maar dat betekent niet dat ze teruggaat op gas. Ook niet met haar wegseizoen in het achterhoofd. “Nu voel ik die pijn niet, dus dan is het er niet”, is haar mantra. “En als ik het na de wedstrijd wel voel, dan zien we dat zondag wel weer. Ik rijd precies zoals altijd. Volle bak.”
Geblesseerde skiester Lindsey Vonn meldt zich af voor super-G
“Helaas kan ik niet racen, maar ik wens iedereen veel succes”, schrijft de olympische kampioene van 2010 op Instagram — en dat doet ze met een zware boodschap op het hart. Na een harde val op de piste bleef Vonn minuten liggen, maar ze gaf niet op: ze stond op en skiede zelfs nog naar de finish.
Eind 2024 maakte de Amerikaanse, na vijf jaar afwezigheid, haar grote comeback. Dat was een emotionele terugkeer, want ze had in 2019 officieel afscheid genomen van het wereldbeker-skiën — onder meer door een langdurige knieblessure die haar jarenlang parten speelde. Toch liet ze onlangs in Zauchensee zien dat de oude vuur nog brandt: daar behaalde ze haar 84e wereldbekeroverwinning.
De afdaling voor de vrouwen op de Winterspelen van Cortina d’Ampezzo is volgende week zondag. En nu moet Vonn, slechts een week voor de Olympische Spelen, afspreken voor de super-G. “Dit is een heel moeilijke situatie”, erkent ze eerlijk. “Maar als er één ding is waar ik goed in ben, dan is het wel terugkomen. Mijn olympische droom is nog steeds levend.”
Lavreysen: “Misschien gaat Richardson nu wel trucjes uithalen”
Met vier wereldtitels op zijn naam liet Harrie Lavreysen vorig jaar weer eens zien dat hij één van de grootste namen in het baanwielrennen is. Maar nu het EK zondag begint in Konya (Turkije), klinkt er ook een knorretje twijfel uit Luyksgestel. “Ik ben een beetje bang of het genoeg zal zijn”, zegt de 28-jarige renner eerlijk — en dat terwijl hij eind 2025 werd uitgeroepen tot Sportman van het Jaar, onder meer dankzij die vier historische wereldtitels.
Een lange rustperiode? Die is er niet geweest. Het EK komt dus wat snel aan op het jaar 2025, volgens Lavreysen zelf. “Mijn voorbereiding is niet top, maar ik wil graag rijden. Het is het laatste toernooi dat niet meetelt voor de Olympische Spelen — en dat merk je wel. Ik sta er wat meer ontspannen in.”
In Konya gaat hij mee op drie onderdelen: de individuele sprint, de teamsprint en de keirin. De kilometertijdrit laat hij voorlopig links liggen. “Dat is gewoon niet mijn favoriet. Ik richt me liever op de andere drie. En nee, ik stap niet op de fiets om zomaar zo veel mogelijk titels te pakken — dat is niet mijn doel.”
Met het Nederlandse team hoopt hij op een podiumplek. Voor de keirin durft hij geen voorspelling te doen. En de individuele sprint? Dat is voor hem het hoofdnummer — en daar staat hij tegenover Matthew Richardson, zijn grote concurrent. De geboren Engelsman, die opgroeide in Australië maar recent overstapte naar Groot-Brittannië, is sinds kort ook de nieuwe houder van het wereldrecord op de 200 meter sprint vliegende start… én dat record was eerst van Lavreysen.
“Het WK blijft het belangrijkste, dit EK staat iets minder prominent op de kalender”, zegt Lavreysen. “Mijn topvorm is er nog niet, want ik wil niet te vroeg pieken. Ik ben benieuwd hoe ‘gebrand’ Richardson is op zijn eerste EK. Zijn topsnelheid ligt wat hoger dan die van mij, maar ik heb bewezen dat ik hem kan verslaan. Misschien gaat hij nu wel trucjes uithalen, omdat het de vorige keer niet genoeg was. En natuurlijk zijn er nog meer sterke renners.”
Over het wereldrecord: “Ik denk niet dat ik dat dit jaar al terugpak, daar heb ik simpelweg niet genoeg getraind. 2027 lijkt me een mooi jaar om het opnieuw aan te gaan — dan werk ik eraan via mijn Olympische Spelen-shape. Het record leeft binnen de sport, en het geeft me energie.”
De recordpoging zou dan in Konya kunnen plaatsvinden: op die snelle baan waar hij komende week voor het eerst rijdt. “Ik kan bijvoorbeeld naar Mexico gaan, maar Richardson heeft het hier ook gedaan — al was het toen warmer. Voor mij voelt het EK dus ook als een soort verkenning van de baan.”
