Die ene botsing die alles op de kop zette: Kjeld’s bijna gestopte droom

“Dat was echt een soort keerpunt, hoor. Ik had daar makkelijk kunnen zeggen: ik stop ermee.” Kjeld Nuis (36) lag op dertienjarige leeftijd met z’n hoofd open op de spoedeisende hulp, en twijfelde voor het eerst of er ooit nog een prijsje zou komen. De auto-ongeluk die hem bijna fataal werd, vertelt hij in de documentaire ‘Kjeld Nuis: Missie Milaan’, die een jaar lang meekijkt naar zijn weg naar de Olympische Spelen – op 7 februari van start in Milaan.

Alles kapot in één klap

Nuis zat zonder gordel achterin de wagen van de moeder van een club­genootje. Op de terugweg van een training in Den Haag klapten ze op een file. “Die auto’s hadden toen nog metalen zijportieren. Mijn hoofd ramde er vol tegen – kapot was echt het goede woord.” De dertienjarige schaatser brak zijn oogkas op drie plekken, zijn jukbeen erger en sneed zich van kruin tot neus open. Met een hersenschudding erbij kotste hij alles leeg op de achterbank.

Z’n vader Roland herinnert het nog precies: “Hij lag helemaal open, een walgelijk gezicht.” Dokter Zegt: een nachtje blijven, bloedingen kunnen optreden. Vader én moeder bewaren geen traan meer die nacht. “En de volgende dag testen ze of hij neurologische schade heeft, dat vergeet je echt nooit.”

Geen KNSB-steun meer

De nasleep was simpel maar hard: een jaar niet kunnen trainen. Dus belde de KNSB dat hij z’n spullen maar moest inleveren – hij werd niet meer welkom in de gewest­selectie. Terug naar de club dus, schuld op eigen houtje. Daar nam papa Roland een besluit.

“Je komt in een leven waarin andere dingen ook leuk zijn,” zei hij tegen zijn zoon. “Wil je dit écht nog?” Kjeld knikte simpel: “Ja, ik wil de beste schaatser worden.” Afgesproken. Papa stelde zelf trainings­schema’s op (“ik kan niet eens schaatsen”) en Kjeld trok in een gepikte turnpak-look – “wit met zwart, echt lelijk” – naar de NK een jaar later.

De comeback die écht meetelde

Resultaat: ie­dee­reen uit de gewest­selectie reed hij naar huis. Einde seizoen kwam de envelop: “U bent uitgenodigd voor Zuid-Holland junioren A.” Alles was één jaar lang eigen werk – en nog steeds het moment waarop hij het hardste trots is.

Bekijk origineel artikel

Alcaraz knokt zich na 5,5 uur krampend naar finale op de Australian Open

Carlos Alcaraz heeft zich flink moeten uitsloven, maar staat voor het eerst op ‘Down Under’ in een grandslamfinale. De Spanjaard uit Arganda del Rey vocht zich in een duel van 222 minuten + 222 minuten extra tol, in vijf sets langs de immer vergevingsgezinde Alexander Zverev.

Kleine verrekijkers nodig in Melbourne

Tieners in Melbourne die met hun ouders naar de halve finale waren gekomen, konden rond middernacht een slaapliedje aanschouwen: vanaf de derde set begon Alcaraz stiekem rond te lopen alsof hij de spierbètine achteloos meesmeet, maar het was kramp van jewelste. De Spaanse nummer 1 van de wereld lag op dat moment al met 2-0 voor in sets, liet zich evengoed terugdringen tot een beslissende vijfde set en sloeg in de slotfase alsnig toe.

Set-voor-set drama

  • Set 1 – Für Elise voor beginners: een vroege break was genoeg voor Alcaraz om uit te lopen.
  • Set 2 – Tiebreak-tango: van 5-2 achter draaide Alcaraz de boel om en gooide een gemiste Zverev-volley in de prullenbak.
  • Set 3 – Cramp-invasion: bij 4-4 veranderde Alcaraz in een standbeeld, Zverev tuimelde binnen via tiebreak.
  • Set 4 – Tik tak krak: Alcaraz huppelde even weer, Zverev zette de terugkeer in de ijskast met tiebreak.
  • Set 5 – Een rollercoaster met dubbele fouten en highlight reels: Alcarax brak tenslotte bij 5-5, sloeg op zijn allereerste matchpoint af en smakte op de baan alsof hij een strandbedje claimde.

Wat verder nog opviel

  • Voor het eerst reikt Alcaraz tot in de finale op een grandslam dat niet Roland Garros, Wimbledon of de US Open heet.
  • Zijn tegenstander wordt later vandaag bekend: Sinner beheerst de statistieken tegen Djokovic, hij won zes van de laatste tien onderonsjes.

Bekijk origineel artikel

Vonn stort weer, laatste wereldbeker vóór Cortina gelijk afgebeld

Au, daar ging Lindsey. De Amerikaanse superster zat amper op de ski’s of ze vloog na een sprong al in het net. Een week voor de Olympische Spelen in Cortina d’Ampezzo liep dit podiumavontuurtje dus helemaal verkeerd af. Lindsey tikte met haar hand naar haar linkerknie, maakte de piste nog zelf af, maar je zag duidelijk dat ze pijn had. Meteen werd de wedstrijd in Crans-Montana afgefloten – laatste dames-afspraak voor het grote feest in Italië.

De teller staat nu op 41 jaar en vijf eerdere Spelen. In 2019 zette ze de lat al neer door haar rechterknie kapot ging, maar na een operatie één halve kunstknie later is ze terug. Dit seizoen stond ze steeds op het podium bij de afdaling en leidt ze ruimschoots het klassement; toch dus weer op jacht naar medailles nu zondag 8 februari de olympische afdaling wordt verreden.

In deze crash belandde ze met beide latten vooruit in het netje en liep daarna wankelend naar beneden. De organisatie besloot de wereldbeker meteen te schrappen nadat Lindsey – die als derde starter op pad was – haar val maakte. We houden ons hart vast voor haar knie.

Bekijk origineel artikel

In spektakeljaar wil Aniek nog even doordrukken: veldrijdster uit Hapert hoog op wereldbord

Ze is niet de allerbeste ooit, maar toch ramt Aniek van Alphen zaterdag het WK Veldrijden in met maar één doel: pakken die zege in Hulst! De 26-jarige Hapertse zit nu al in een droomseizoen en met een flitsende prestatie in eigen land kan ze daar echt een gouden randje aan geven.

Aniek van Alphen poseert met bloemen na een wereldbekerzege

Hoogst okay, toch?

Hoogerheide? Ach, slechts twaalfde. Prima precies genoeg voor een tweede plek in het eindklassement van de wereldbeker en dus een dik podiummoment én een cheque van zo’n 20.000 euro. “Dat zegt gewoon dat ik het dit jaar wel heel lekker heb gedaan,” lacht Aniek. En dat klopt: eind november kaapte ze er nog een wereldbekerzege in Frankrijk tussenuit. Al gaat niets meer vanzelf. “Iedereen rijdt keihard en de verschillen zijn mini, wauw!”

Superprestige-koningin én komende klapper

Momenteel torent ze bovenaan in het Superprestige-klassement (acht rondjes Belgisch spektakel). Over precies twee weken probeert ze die titel af te maken in Middelkerke – voor haar dé wedstrijd van het jaar. Maar eerst dus Hulst. “Ik wil op het WK-podium. Natuurlijk weet iedereen dat Lucinda, Ceylin en Puck makkelijker meestal de boekjes lezen, maar het parcours bepaalt straks. Ik start altijd om te winnen, ook al ben ik achteraf best tevreden met minder.”

Parcours-surprise en daarna… (geen) pistes

Ze heeft het Zeeuwse circuit nog niet verkend. “Tijdens de rondjes vrijdag kan ik pas echt checken of het technisch genoeg is voor mijn stijl.” Misschien is dat juist wel gunstig. Geen verrassing? Geen ramp, volgens haar.

Als straks alles is gereden, komt er eindelijk ‘rust’. Een week of twee staan de racefiets in de hoek – denkt ze. “Na twee dagen ben ik hoogstwaarschijnlijk alweer scheef.” Normaal sloft ze dan de piste op voor wintersport, maar die plannen sneeuwden onder door extra kansen op de weg bij team Fenix-Deceuninck. “Geen idee wat precies op de kalender komt, maar ik ben razend benieuwd hoe ik me daar ontwikkel.”

Bekijk origineel artikel

Drie dagen vol schaak-theater in Wijk aan Zee: wie pakt de Tata Steel-kroon?

Het is zo ver: de laatste drie rondes van Tata Steel staan op het programma en het blijft spannend tot het allerlaatste moment. De piepjonge Oezbeek Nodirbek Abdusattorov zit bovenaan, maar op zijn hielen loopt natuurlijk ook onze eigen Jorden van Foreest. En wat blijkt: de échte wereldtop zitten we niet in de top-zes, maar iets verder naar onder. Tijd voor actie dus!

Abdusattorov vooruit, maar niemand uitgeteld

De 21-jarige Abdusattorov staat keurig op 6,5 punten uit tien potjes. Niks mis mee, maar het is tegelijk de perfecte voedingsbodem voor een dolle achtervolging. Maar liefst vier snaken staan op één half punt: zijn landgenoot Javohir Sindarov (20), onze eigen Van Foreest (26), de Duitser Blübaum (28) én een paar outsiders zoals de kersverse Amerikaan Hans Niemann en een 14-jarige knul uit Turkije die iedereen kouw krijgt van zijn schaakbenen: Yagiz Kaan Erdogmus. Die laatste twee staan op 5,5 punten, dus het is zeker nog niet onmogelijk. Lastiger? Jazeker. Onmogelijk? Daar gelooft niemand in.

Vanmiddag klapuit: Abdusattorov vs Van Foreest

Ondanks het zware programma heeft Jorden van Foreest al heel wat stof laten opwaaien. Hij nam onder andere Anish Giri en Vincent Keymer op de korrel. Die zege op Keymer – “misschien wel de sterkste speler die ik ooit heb geklopt” – gaf hem een enorme boost. Toch kan hij niet ontkennen dat ook een nederlaag op zijn conto staat… tegen niemand minder dan diezelfde veertienjarige Erdogmus die hiermee zijn tent-opening in Wijk aan Zee opeens helemaal in vuur en vlam zette.

Super-teen Erdogmus: gewoon 14 jaar en al bij de grote jongens

Erdogmus is met afstand de jongste deelnemer ooit in deze groep en staat feitelijk te kloten tegen mannen die soms dubbel zo oud zijn. Zijn overwinning op #5 van de wereld, Arjun Erigaisi, deed flink wat wenkbrauwen fronsen. Zijn commentaar daarna? Kort maar krachtig: “Ik ben voor niemand bang.” Magnus Carlsen gaf al mee dat de beste veertienjarige ooit aan het bord zit. Als dat geen buzz is…

Waar zijn de wereldtoppers?

Een vreemde verzameling grootmeesters loopt wat achterop. Anish Giri begon dramatisch met twee klappers en daarna pas een half punt. Daarna kwam hij in stijl terug met zeges op wereldkampioen Gukesh en Abdusattorov zelf, maar ook hij kon niet voorkomen dat het weer even dippte. Nu staat hij met 4,5 punt een beetje buiten de titelrace, al lijkt dit toernooi vooral een laatste test voor zijn kandidatentoernooi dat eind maart aanstaat. Giri treft daarin nog Blübaum (verloren), Praggnanandhaa (remise) en Sindarov (remise), dus hij kan het nergens meer veroorloven om te slacken.

De ontknoping? We krijgen waarschijnlijk een knotsgekke donderdag-avond en dan gaan vrijdag en zaterdag pas echt knallen. Pack je popcorn!

Bekijk origineel artikel