Smogwaarschuwing in noordelijke helft van Nederland
Het ziet er niet best uit voor de luchtkwaliteit in het noorden van het land. Vandaag is die op veel plekken gewoonweg onvoldoende, en op sommige locaties zelfs slecht. Dat blijkt uit gegevens van het RIVM, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Vanwege de hoge concentratie fijnstof in de lucht heeft het instituut een smogwaarschuwing afgegeven – vooral geldig voor gebieden ten noorden van de denkbeeldige lijn van Amsterdam naar Arnhem.
Fijnstof is geen pretje, vooral niet als je al last hebt van je longen of hart. Het kan leiden tot verminderde longfunctie, en bij mensen met astma, bronchitis of hart- en vaatziekten kunnen er dus klachten ontstaan. Het RIVM raadt daarom aan dat deze groep mensen het rustig aan doet vandaag. Wie zich zorgen maakt, kan beter even contact opnemen met de huisarts.
Waar komt die vieze lucht eigenlijk vandaan? Door een oostenwind wordt vervuilde lucht uit het oosten naar Nederland geblazen. Daar komt dan nog eens extra uitstoot bij vanuit oost-Nederland zelf. Die smog trekt langzaam maar zeker van Groningen en Drenthe richting het zuidwesten. En omdat het vrijwel niet waait, blijft die troebele lucht gewoon hangen. Geen ideale situatie dus.
Gelukkig is er hoop: vannacht zou er schonere lucht aankomen, zodra de wind draait naar het noordoosten en later naar het noorden. Dan zou de situatie zich hopelijk verbeteren.
Overigens komt smog in Nederland gelukkig niet vaak voor. Sinds 1992 – toen de metingen begonnen – is het aantal smogdagen flink gedaald. Dat komt onder andere doordat er continu wordt gewerkt aan een betere luchtkwaliteit. Meestal zie je smog juist optreden bij weinig wind, waardoor vervuiling niet snel wordt weggeblazen. In de winter gaat het meestal om fijnstof, in de zomer eerder om ozon. Wintersmog ontstaat vaak bij zwakke oostenwind, wanneer vervuilde lucht uit het oosten binnenkomt. Ook vuurwerk rond oud en nieuw zorgt regelmatig voor een piek in fijnstof.
Ruud redde een stier van de slacht en wil hem tameren: ‘Geen peulenschilletje, maar ik ga het proberen’
Oei. Wat een beest. Groot, zwaar, met horens die eruitzien alsof ze rechtstreeks uit een horrorfilm komen. Toen Ruud Zwaan en Mandy Sams deze stier voor het eerst zagen, dachten ze even: nee, dit is niks voor ons. Maar toen keken ze in zijn ogen – en plotseling klonk er binnenin: ja, deze moet mee.
De stier, nu gedoopt als Bruno, vonden ze op Marktplaats. Niet bij een hobbyboerderij, maar bij een gewone boer die hem aan het vlees wilde verkopen. Zijn tijd als dekstier was voorbij, dus was de volgende stap: slachthuis. “Er stond bij dat hij al extra gevoed werd,” vertelt Ruud, “omdat meer vet ook meer geld oplevert.” Maar Bruno gaat niet naar het vleesschap. Hij krijgt een tweede kans – in een kudde, ver weg van het mes.
Ruud en Mandy wonen sinds vijf jaar in Leiderdorp, waar hun tuin langzaam is veranderd in een minizoo. Twee schapen, vijftien runderen (koeien én stieren), drie waterbuffels, twee kamelen, één dromedaris, vier ezels en twee paarden – allemaal hebben ze hier een thuis gevonden. “Het is geen officiële opvang,” benadrukt Mandy. “Het is eerder een hobby die uit de hand is gelopen. We willen gewoon dat dieren een goed leven krijgen. En toevallig belanden er vaak dieren bij ons die anders geslacht waren.”
En nu dus ook Bruno. Al staat hij nog niet echt in de kudde. Voorlopig woont hij 130 kilometer verderop, in de buurt van Lochem. “We konden daar via een contact een sterke stal regelen,” legt Ruud uit. “Want je kunt een stier niet zomaar bij een kudde zetten. Dat loopt mis. Helemaal als-ie nog ongetemd is.”
Hij meent het. Als Ruud nu in dezelfde ruimte zou staan als Bruno, zou het foute boel kunnen worden. “Hij kan je vermoorden. Niet alleen met zijn horens, maar vooral door simpelweg op je te gaan liggen. Met z’n duizend kilo? Dan ligt er net zo goed een auto op je.”
Toch is Ruud vastbesloten. Dit wordt zijn nieuwe avontuur. En nee, het is niet zijn eerste rode draad met een stier. Drie jaar geleden haalde hij Pinto vrij – een roodbehaarde reus die inmiddels elke dag op Instagram knuffelt met Ruud, of met zijn kop op diens schoot ligt. “Pinto was ook ooit een wild beest. Nu rent hij wel op me af, maar als ik ‘ho’ zeg, stopt hij. Het kostte een jaar voordat we elkaar volledig vertrouwden.”
Maar let op: stieren zijn niet zomaar huisdieren. Peter Tamsma van Stigas, een arbodienst in de landbouw, houdt al jaren bij hoeveel mensen omkomen bij ongevallen met stieren. Sinds 2005 zijn er minstens vijftien dodelijke slachtoffers geweest. “En dat zijn vaak ervaren boeren, in de zestig of zeventig. Ze denken: ik heb dit al honderd keer gedaan. En dan gaat het mis.” Een stier hoort de kudde te beschermen – indringers worden aangevallen. Punt uit.
Dus wat doet Ruud anders? Aandacht. Geduld. Gewoon er zijn. “Ik ga nu nog niet in zijn hok. Ik rijd veel heen en weer, praat tegen hem, maak de stal schoon. Het gaat om respect. En om niet bang te zijn.” Hij heeft een voordeel: hij begon rustig, met drie stierkalfjes die hij grootbracht. Daardoor snapt hij hun lichaamstaal. “Eigenlijk zijn stieren best voorspelbaar.”
Bruno heeft nog touwen aan zijn horens en een ring in zijn neus – iets wat sommige volgers zielig vonden. “Die ring zit er al, dus hij voelt er niets meer van,” zegt Ruud. “Voor mij is het juist veiligheid. De neus is supergevoelig. Als het fout dreigt te gaan, heb ik iets om hem vast te pakken.” Lachend: “Kan hij nog zo’n lieve blik hebben – ik vertrouw hem gewoon niet.”
Het plan? Uiteindelijk verdwijnen de touwen. Dan de ring. En uiteindelijk komt Bruno bij de kudde. “Zie het als een game,” zegt Ruud. “Level één: touwen eraf. Level twee: luiken open – nu durven we dat nog niet, want hij zou er misschien doorheen springen.” De finish? De kudde. Daar werken ze naartoe.
Mandy ziet hoe de dieren onderling bloeien. “Je ziet onwaarschijnlijke vriendschappen ontstaan.” Zo was veulen Ylias vroeger bang voor dromedaris Woodi – tot Woodi hem achterna ging. Nu plagen en knuffelen ze elkaar. “En de ezels en waterbuffels? Die zijn dikke vrienden. Echt een gekke combinatie, maar het werkt.”
Er is een rangorde. Pinto is de baas. Hij eet altijd het eerst. Daarna mag de rest. “Als iedereen genoeg plek heeft om weg te gaan, en genoeg eetplaatsen, dan kan het goed gaan,” zegt Mandy. “Zelfs in hetzelfde weiland in de zomer.”
Maar ja: dit alles kost geld. Veel geld. Ruud betaalt het allemaal uit zijn eigen zak, via zijn bedrijf in duurzame verhuisdozen. Donaties doen ze normaal niet, maar bij Bruno was het anders. “Mensen vroegen of ze iets konden bijdragen,” zegt Ruud. Ze deelden een donatielink – en binnen no time stroomde er 22.000 euro binnen. “Dat hebben we hard nodig. Een stier kan ouder worden dan twaalf. Hooi, stro, brokken, onderdak, veearts – het loopt op.”
Over een week wordt Bruno gecastreerd. Dat helpt tegen de hormoonmatige agressie. Wanneer hij daarna bij de kudde mag? Geen idee. “De tijd zal het leren,” zegt Ruud. “Maar ik kan niet wachten om dat mee te maken.” Mandy: “Hij verdient het. Op naar de finish.”
En experts waarschuwen: zelfs als een stier geen kwaad in de zin heeft, kan hij gevaarlijk zijn. “Soms drukt hij iemand per ongeluk tegen een muur,” zegt Tamsma. “Met 1000 tot 2000 kilo? Dan krijg je het snel benauwd.” En snel zijn ze ook. “Sneller dan Usain Bolt.” Tam maken kan, maar alleen met geduld, kennis en constante aandacht. “Boeren zeggen het altijd: vertrouw ze nooit helemaal. En ik zou het zeker niet zonder ervaring thuis proberen.”
Herenhuis in hartje Den Bosch te koop: een uniek pand achter de kerk
Zestien jaar lang was dit herenhuis aan de Sint Jacobstraat in Den Bosch het thuis van Jacqueline en haar gezin. Nu is het moment aangebroken om afscheid te nemen – en staat het prachtige pand te koop. En wat voor pand is het! “Dit huis klopt gewoon helemaal”, zegt Jacqueline met een glimlach. “Je voelt meteen dat er veel liefde in is gestopt.”
Toen ze er voor het eerst kwam wonen, leek het nog helemaal niet op wat het nu is. “We woonden eerst alleen in nummer 31”, vertelt ze. “Maar later konden we ook nummer 33 kopen. En in 2016? Toen ging alles echt over de schreef.” Samen met een architect werd het geheel verbouwd tot één grote, vloeiende woning. “Van twee huizen één maken – dat vraagt tijd. We zijn bijna tien maanden weg geweest. Maar het was het waard. Er is echt niets aan voorbijgegaan.”
De keuken als hart van het huis
Voor Jacqueline draait alles om de keuken. “Daar komt iedereen samen. Gezin, vrienden, bezoek – je belandt automatisch daar. ’s Avonds trekken we ons wel terug in de zithoek bij de haard. Dat is zo’n fijne, knusse plek.” Ook de wellnessruimte met sauna en jacuzzi was in het begin flink in gebruik. “In het begin, hoor. Na een tijdje wordt het toch meer iets voor gasten.”
Het huis zelf dateert uit 1891 en biedt maar liefst 270 vierkante meter woonplezier. Vijf slaapkamers, twee badkamers, meerdere terrassen én een patio – kortom, ruimte zat. De vraagprijs? 1,7 miljoen euro.
Kerk als buurman (of liever: tuin)
Wat het pand écht bijzonder maakt? De locatie. Want ja, het ligt pal achter de Sint-Jacobskerk. “Het voelt alsof de kerk in je achtertuin staat”, lacht Jacqueline. “De architect heeft daar slim op ingespeeld. De patio’s lopen trapsgewijs naar de kerk toe, waardoor je zoveel licht hebt én toch privacy. Iedereen die hier voor het eerst binnenkwam, was verrast. Dan kijk je er zelf ook weer even anders naar.”
En dan is er nog het straatje zelf: rustig, doodlopend, midden in de binnenstad én autovrij. “Je loopt de Hinthamerstraat uit en ineens sta je in dit knusse buurtje”, vertelt ze. “Onze kinderen konden hier veilig spelen. Er zijn buurtborrels, etentjes… en in de zomer zaten we vaak gewoon voor het huis op een bankje in de zon.”
Waarom weg?
Toch is het tijd om los te laten. “Alles speelt zich af in één grote ruimte”, legt Jacqueline uit. “Leuk en gezellig, maar met drie jongens is het soms fijn om wat meer eigen hoekjes te hebben.” In hun nieuwe huis is de indeling anders – meer ruimte om samen te zijn én je tegelijk terug te trekken. “Dat past nu beter.”
Tiende Dinnershow Django Wagner: Superfan Carlo Er Alweer Bij
Stel je voor: lange tafels vol met mensen die lachen, eten, drinken en genieten van lekkere muziek. Dat is precies wat er dit weekend speelt in Son en Breugel tijdens de tiende editie van de dinnershow van Django Wagner. Midden tussen het feest zit Carlo uit Schijndel, samen met zijn vaste vriendengroep. En hij miste nog geen enkele avond. Nee, serieus: alle tien de edities waren hij en zijn club erbij.
“Wij zijn elk jaar terug”, zegt Carlo trots. “Al vanaf het begin.” Zijn liefde voor de show begon tien jaar geleden tijdens een artiestenreis naar Turkije, waar hij Django toevallig tegenkwam. Toen de zanger vertelde dat hij een dinnershow ging starten, nodigde hij Carlo en zijn vrienden persoonlijk uit. “Hij zei: ‘Kom gerust langs!’ En sindsdien is het een traditie geworden.”
Wat maakt het zo bijzonder? Volgens Carlo is het simpel: “Gewoon gezelligheid. Goed eten, lekker drinken, toffe muziek. Wat wil je nog meer?” Maar het is ook het concept dat onderscheidt. Dit is geen concert waar je stilletjes op een stoel zit. Nee, hier zit je aan een grote tafel, wordt er rondgebracht, en loopt Django zelf door de tent om een praatje te maken.
“Ik meng me echt onder de mensen”, zegt Django. “Ik loop langs de tafels, klets, hef een glas. Het voelt soms net alsof je op een privéfeest bent.” En dat is precies wat hij wilde toen hij het tien jaar geleden bedacht: iets terugdoen voor zijn trouwe fans. “Mensen geloven het hele jaar in mij. Dit is mijn manier om te zeggen: bedankt.”
Deze keer vindt alles plaats op het Kerkplein in Son en Breugel, met in totaal zo’n 1500 bezoekers verspreid over drie dagen. Naast Django staan ook Thomas Berge en zanger Alex op het podium. Maar het is dat persoonlijke contact dat de doorslag geeft. Terwijl Carré vorig jaar een grote droom was – “geweldig geweest” – vindt Django dit toch leuker. “Daar kijk je vanaf afstand. Hier voel je het. Je ziet mensen stralen, lachen, meezingen. Dat raakt.”
Carlo was ook in Carré, maar als hij moet kiezen? “Dit. Duidelijk. Brabant, jongen!” lacht hij. Hoewel hij wel klaagt over één ding: de prijzen. “Die gaan omhoog, hoor”, grapt hij. “Maar verder? Niks veranderd. Nog steeds top artiesten, goede sfeer, veel lol. Daar komen we voor.”
En ja, de groepen zijn alleen maar groter geworden. Wat begon met een handvol vrienden, is nu vaak een tafel met twintig of meer. “Van zes man naar vijfentwintig”, zegt Django. “Dat zie je steeds vaker.”
Carlo? Die blijft komen. “Zolang zij het doen, zijn wij erbij.” En voor Django is dat het grootste compliment dat hij kan krijgen. “Als mensen zeggen: ik wil terug? Dan weet ik: het werkt. Dan doe ik iets goed.”
Sneeuwstorm Fern hakt erin: duizenden zonder stroom, drie doden in New York
Het ziet er niet naar uit dat de Verenigde Staten snel van het winterweer afkomen. Sneeuwstorm Fern heeft al meer dan 700.000 huishoudens in de VS zonder stroom gezet, en dat aantal kan nog verder oplopen. De storm trekt zich een groot deel van het land onder de gordel, met name het zuiden en oosten krijgen flink te maken met sneeuw, ijzel en ijskoude temperaturen.
In de stad New York zijn inmiddels minstens drie mensen omgekomen door de barre weersomstandigheden. Volgens burgemeester Mamdani zijn gisteren “zeker vijf” mensen overleden, maar of alle sterfgevallen direct te wijten zijn aan de kou is nog niet duidelijk. Hij waarschuwt wel: “Dit herinnert ons eraan dat elk jaar mensen in New York bezwijken aan de kou. Het gevaar van dit weer kan echt niet genoeg worden benadrukt.” Scholen in de stad blijven morgen gesloten – het is daar momenteel -11 graden.
Voor bijna 200 miljoen Amerikanen gelden waarschuwingen voor winterse buien. President Trump noemde de stormen die nu ruim twee derde van het land teisteren zelfs “historisch”. In 23 staten is de noodtoestand afgekondigd, vooral in het zuiden leidt de storm tot grote overlast. Door omgevallen bomen op elektriciteitskabels zijn veel gebieden van de stroom af. Tennessee, Texas, Mississippi en Louisiana hebben allemaal minstens 100.000 huishoudens zonder stroom, waarbij Tennessee het hardst is getroffen. In hoofdstad Nashville zit bijna een op de drie huishoudens en bedrijven zonder elektra.
De meeste sneeuw viel tot nu toe in de Rocky Mountains in Colorado, waar het op sommige plekken maar liefst 58 centimeter werd. Veel delen van het land blijven onder nul, op sommige locaties daalt het kwik zelfs tot -30 graden. Dat soort temperaturen is levensbedreigend, vooral voor mensen die buiten slapen of geen verwarming hebben.
Ook het luchtverkeer zit in het slop. Vandaag werden opnieuw bijna 10.000 vluchten geannuleerd – dat is ongeveer 30 procent van alle uitgaande vluchten. Gisteren was het ook al raak: ook toen vielen zo’n 10.000 vluchten in de schikking. De verwachting is dat de ellende de komende dagen gewoon doorgaat. Vooral in de noordoostelijke staten wordt nog flink wat sneeuw verwacht.
Meteorologen vergelijken de mogelijke schade van deze winterstorm met die van een orkaan. Dat zegt genoeg over hoe serieus de situatie is.
Voetbalsupporters veroorzaken chaos: 64 agenten gewond in Magdeburg
Het liep tijdens een voetbalwedstrijd in het Duitse Magdeburg helemaal uit de hand. Tijdens de rust van de match in de tweede Bundesliga werden agenten buiten het stadion onder vuur genomen door woedende supporters. En niet zomaar even wat geschreeuw: we hebben het over vuurwerk, stenen en zelfs een putdeksel dat richting de politie vloog.
Er waren honderden agenten ingezet om orde te houden, maar dat hielp weinig tegen de agressie van een groep fans van FC Magdeburg. Volgens een woordvoerster van de politie probeerden die supporters juist voor de rust een aanval te starten op de uitvak, waar de fans van Dynamo Dresden zaten. Dat escaleerde snel tot rellen buiten het stadion.
Naast het bekogelen van de politie meldden de autoriteiten ook andere overtredingen in de stad, hoewel daar weinig details over zijn gegeven. Uiteindelijk raakten 64 agenten gewond – een fors cijfer dat laat zien hoe ernstig de situatie was.
