Ajax schaamt zich diep na vernederende bekeruitslag

Het was voor interim-trainer Fred Grim een groot raadsel hoe het zó fout kon gaan in de bekerwedstrijd tegen AZ. Die draaide uit op een pijnlijke 6-0 nederlaag. Eén ding was voor hem echter glashelder: “We schamen ons kapot voor deze uitslag.” Om die reden beloofde Grim dat de club de kaartjes zou terugbetalen aan de fans die naar Alkmaar waren afgereisd. “Dat moeten de spelers, technische staf en club regelen.”

“We begonnen belabberd aan de wedstrijd”, zei de coach, die pas maandag te horen kreeg dat hij het seizoen mag afmaken. “We verloren over de hele linie. AZ was scherper, speelde doelgerichter en maakte hun kansen af. Alle lof voor AZ, maar wij waren gewoon heel slecht.”

Ook speler Youri Regeer keek met schaamte terug. “Na twee minuten stonden we volgens mij al achter”, blikte hij terug. “Zo beginnen… dat mag gewoon niet. Alles wat we de laatste weken goed deden – als een team vechten – was verdwenen. Ik zag nu te veel losse spelers op het veld.”

Grim was niet mals voor zijn selectie. “Vandaag haalde geen enkele speler zijn niveau. Natuurlijk is dat zorgelijk, want in onze laatste wedstrijden zagen we een goed georganiseerd team dat weet wat het moet doen. We blijven dan ook als groep bij elkaar, zelfs bij tegenslag. Daar was vandaag helemaal niets van te zien.”

Bekijk origineel artikel

Handballer Steins hoopt via EK de weg naar Olympische Spelen open te houden

Lars Steins, de Nederlandse handballer van Paris Saint-Germain, benadrukt hoe cruciaal het EK is voor de olympische ambities van het Nederlands mannenteam. “Als we de poule niet halen, wordt het snel lastig. Dan wordt kwalificatie voor het WK van 2027 een stuk moeilijker, en zonder WK-deelname kunnen we ons ook niet plaatsen voor de Spelen van 2028”, zegt de spelmaker.

Voor de handbalmannen, die nog nooit op de Olympische Spelen hebben gestaan, is dit het ultieme doel. Het team deed de afgelopen jaren mee aan EK’s en WK’s, en na het WK in 2023 spraken ze de gezamenlijke wens uit om naar de Spelen te gaan. “Persoonlijk hoop ik het deze cyclus al te bereiken. Gezien mijn carrière is dat realistisch. We hebben een mooie ontwikkeling doorgemaakt en het zou zonde zijn als we die nu niet door kunnen zetten”, aldus Steins.

EK als belangrijke test

Steins ziet het EK als een echte test. “Er zijn de laatste tijd best wat wisselingen in de ploeg geweest, ook door blessures. We zijn bijna nooit helemaal compleet geweest en daardoor konden we niet altijd een stabiel hoog niveau halen.” Voor dit toernooi missen ze onder meer Bart Ravensbergen, Samir Benghanem, Thomas Houtepen en Kay Smits. “Er zijn jongens bijgekomen die nog weinig ervaring hebben op dit niveau. De vraag is of we kunnen laten zien wat we op eerdere toernooien hebben bereikt.”

In de groepsfase in Malmö nemen de Nederlandse handballers het op tegen Kroatië en Georgië. De top twee uit de poule gaat door naar de hoofdronde. Het EK wordt gespeeld in Zweden, Noorwegen en Denemarken.

Bekijk origineel artikel

Nederlandse tennissers treffen zware tegenstand bij Australian Open-loting

De loting voor de Australian Open heeft voor de Nederlandse deelnemers flinke uitdagingen opgeleverd. Vooral Jesper de Jong kreeg het zwaar te pakken: hij moet in de allereerste ronde al op tegen Daniil Medvedev.

De Jong tegen titelhouder Medvedev

Jesper de Jong (25) uit Haarlem heeft zonder twijfel het moeilijkste lot getrokken van alle Nederlanders in Melbourne. Hij begint het toernooi meteen tegen de Rus Daniil Medvedev, die op dit moment de nummer twaalf van de wereld is en in 2021 de US Open won. Het belooft een enorm lastige kluif te worden voor De Jong in de bovenste helft van het schema.

Griekspoor en Van de Zandschulp met Amerikaanse tegenstanders

Tallon Griekspoor, als nummer 25 de hoogst geplaatste Nederlandse man, lootte de Amerikaan Ethan Quinn (ATP-80). Griekspoor komt net uit het voorbereidingstoernooi in Adelaide, waar hij in de tweede ronde verloor. Ook Botic van de Zandschulp treft een Amerikaan: Brandon Nakashima, die bijna vijftig plekken hoger staat op de ranglijst. Beide Nederlanders spelen in de onderste helft van het schema.

Moeilijk pad voor Van de Zandschulp

Voor Van de Zandschulp ligt er een bijzonder zwaar pad klaar. Als hij de eerste rondes overleeft, zou hij al in de derde ronde kunnen botsen met Novak Djokovic, de legendarische 24-voudige grandslamwinnaar. En mocht hij daar doorheen komen, dan wacht mogelijk een onderlinge clash met landgenoot Tallon Griekspoor in de vierde ronde.

Lamens als enige Nederlandse vrouw

Aan vrouwelijke kant is Susan Lamens de enige Nederlandse vertegenwoordiger. Zij moet in de eerste ronde op tegen de Oostenrijkse Anastasia Potapova (WTA-55). Lamens zelf staat op plek 97. Als ze de eerste twee rondes weet te overleven, staat de nummer één van de wereld, Aryna Sabalenka uit Belarus, waarschijnlijk al in de derde ronde op haar te wachten.

Het eerste grandslamtoernooi van het jaar gaat van start en de Nederlandse tennissers hebben er meteen een paar stevige klussen bij.

Bekijk origineel artikel

De jonge schaakkampioen: hoe vroeg begin je met talent?

De volgende wereldkampioen schaken zit nu misschien wel als kind achter een computer in Delhi, Peking, of gewoon hier in Nederland. Als zo’n uniek talent in jouw land opduikt, moet je er klaar voor zijn. Dat vindt in elk geval de Nederlandse schaakbond, die speciaal beleid maakt om zulke talenten op te sporen. Maar in de zoektocht naar een toekomstige Nederlandse topschaker stuit de bond op een lastige vraag. Want topschakers – zoals die op het Tata Steel-toernooi, dat zaterdag begint – worden steeds jonger. Neem de 14-jarige Turk Yagiz Kaan Erdogmus of de 12-jarige Argentijn Faustino Oro. De gemiddelde leeftijd is met 23 jaar het laagste ooit.

“Dertig jaar geleden had ik niet durven voorspellen dat een 14-jarige in de hoofdgroep zou spelen,” zegt toernooidirecteur Jeroen van den Berg. Schaken verjongt, talent breekt vroeg door, en dus is het cruciaal om dat talent jong te spotten. In Nederland is dat ontdekken niet het probleem, legt Jeroen Bosch, technisch directeur van de bond, uit. “We zijn een relatief klein land en goed georganiseerd met verenigingen en toernooien.” Het nieuwste veelbelovende Nederlandse talent is volgens Bosch al gesignaleerd. Maar: “Ik denk niet dat het slim is om zijn naam nu al te noemen.” Dat is uit bescherming, om de druk en verwachtingen niet te groot te maken – iets wat jonge talenten als Erdogmus en Oro in andere landen vaak wel ervaren.

“Veel toptalenten gaan niet normaal naar school. Ze reizen op jonge leeftijd de wereld over en trainen permanent met hun coach,” zegt Bosch. “Die situatie kunnen we in Nederland niet zomaar kopiëren. En misschien vinden we dat maatschappelijk ook niet wenselijk. Hoe jong mag je met talenten aan de slag gaan en wat is ethisch verantwoord?” Van den Berg vult aan: “Dat je als kind al als een prof door het leven gaat, is in de Nederlandse cultuur niet gebruikelijk. Dat vinden we raar. Maar in het buitenland gebeurt het wel. Daar worden die toptalenten volledig vrijgemaakt voor schaken. Het is een cultuurverschil; daar zijn ze trots als een jongen of meisje uitblinkt.”

Tegelijk is de concurrentie groter dan ooit. Door de digitalisering is relevante schaakkennis overal ter wereld online beschikbaar. “Die kennis zit niet meer op één plek, zoals vroeger in de Sovjet-Unie,” zegt Bosch. “Nu staat er ontzettend veel vrij op internet, en je krijgt hulp van schaakcomputers bij je analyses.” Die online opkomst zorgt ervoor dat schakers jonger beginnen en sneller beter worden. Wie pas in z’n tienerjaren begint, loopt al snel een achterstand op. Veel grote talenten zoals Erdogmus hebben dan ook al persoonlijke sponsors en privétrainers.

De Nederlandse bond staat niet zo vroeg bij de grootste talenten op de stoep. Bosch: “8-jarigen kunnen prima training krijgen op een lokale club. Op een gegeven moment vragen wij als bond: kunnen wij helpen?” Maar de vraag blijft lastig: “Moet je een kind uit z’n thuissituatie halen? In Nederland is dat niet nodig, denken wij. In de schaaksport is dat ook niet per se noodzakelijk, we kunnen goed online trainen.” Van den Berg benadrukt dat de bond alles doet om jong talent in Nederland te vinden en beter te maken. “En dat lukt ook. Maar als je het vergelijkt met landen als China en India, zie je de cultuurverschillen. Als Nederland ooit een supertalent als Erdogmus krijgt, zal die toch een achterstand hebben.”

Bekijk origineel artikel

Navigeren op de Dakar: Marco Siemons is de rustige kracht naast jonge coureur Marnix Leeuw

Tijdens elke etappe van de Dakar Rally stuurt Marnix Leeuw (20) de enorme truck richting de finish. Maar dat lukt niet zonder zijn navigator, Marco Siemons (50). Wat maakt deze Mierlonaar zo goed in zijn vak? “Je moet kunnen lezen terwijl je rijdt. Veel mensen kunnen dat niet en worden dan misselijk,” legt hij uit. Als je met Marco praat, valt vooral zijn rust op. En dat is precies wat de jonge, onervaren Marnix nodig heeft in zijn eerste Dakar.

“Ik vertel wat er in de etappe gaat komen, Marnix bevestigt het,” zegt Siemons. “Verder vinden we rust in de cabine heel belangrijk. Zo kan Marnix zich focussen op één ding: rijden. Als er iets gebeurt, is er geen reden voor paniek. Monteur Bert en ik hebben jaren ervaring en kunnen snel ingrijpen.”

Een werkplek vol schermen en berekeningen

In de truck laat Marco zijn werkplek zien. Voor zijn neus staan twee tablets met het routeboek en de kaart. “Ik houd de hele dag afstanden en koersen in graden in de gaten. Je mag zelf je route bepalen, zolang je de waypoints maar haalt. Het gevaar? Als je een andere route kiest, kun je zomaar in een kuil belanden. Afsnijden voor tijdwinst kan, maar dan moet je heel goed opletten wat er voor je ligt.”

Een werkdag voor Siemons draait om continu rekenen. “Vlak voor de start weet je pas wat er komt, het is altijd een verrassing. Daarna is het abracadabra? Ik vind het niet zo spannend. Ik geef al mijn berekeningen door aan de rijder. Je moet de rust kunnen bewaren en een beetje tegen stress kunnen.”

De passie voor brute kracht

Genieten van het Saoedische landschap heeft de navigator tijdens de rit weinig tijd voor. Toch is navigeren zijn grote passie. “Met een vrachtwagen 135 kilometer per uur rijden en anderen inhalen, dat geeft een geweldig gevoel. Die truck heeft zulke brute kracht.”

Voor Siemons is dit zijn vijfde Dakar. De eerste keer zat hij als monteur bij Marc Leeuw. Daarna reed hij drie edities voor Van Velsen Rallysport, waar hij de kans kreeg om navigator te worden. “Ik stond ervoor open, maar het moest wel goed. Ik heb een cursus gedaan en het me helemaal eigen gemaakt. In het begin werkten we nog met een papieren boekje dat ik vol kleurde.”

Het verschil tussen vader en zoon

Het rijden met vader Marc en zoon Marnix verschilt duidelijk. “De ene rijdt wat lomper, de ander is meer beheerst. Zonder namen te noemen… de jongste heeft wat meer ruimte in zijn hoofd,” zegt hij lachend. “Hij heeft zoveel controle over de truck. Hij schakelt snel, is leergierig en rijdt met meer vertrouwen dan aan het begin van de rally.”

Over de toekomst wil Siemons niet te veel voorspellen. “Hij is pas 20, maar als je zo hard en gecontroleerd rijdt, dan heb je het over een talent. We moeten niets forceren, we laten hem gewoon zijn gang gaan.”

Bekijk origineel artikel

Van monteur tot navigator in de Dakar Rally: dit komt er allemaal bij kijken

Marnix Leeuw (20) racet tijdens elke etappe van de Dakar Rally met zijn truck naar de finish, maar dat lukt niet zonder zijn navigator Marco Siemons (50). Wat maakt deze Mierlonaar nou zo’n goede wegwijzer? “Je moet kunnen lezen terwijl je rijdt. Veel mensen kunnen dat niet en worden dan misselijk.” Als je met Marco praat, valt meteen zijn rust op. En dat is precies wat Marnix nodig heeft, want als 20-jarige debutant zit hij voor het eerst zelf achter het stuur in deze zware rally.

“Ik vertel wat er in de etappe gaat komen, Marnix bevestigt dat”, legt Siemons uit. “Verder houden we de sfeer in de cabine rustig. Zo kan Marnix zich focussen op zijn hoofdtaak: rijden. Gaat er iets mis? Dan is er geen reden voor paniek. Monteur Bert en ik hebben jaren ervaring en kunnen snel ingrijpen.”

In de truck laat Marco zijn werkplek zien. Voor zijn neus staan twee tablets met onder meer het routeboek en de kaart. “Ik houd de hele dag afstanden en koersen in graden bij. Je mag best van de route afwijken, zolang je de waypoints maar haalt. Het gevaar is dat je in een kuil belandt. Tijd winnen door af te snijden kan, maar dan moet je wel goed opletten wat er voor je ligt.”

Een werkdag voor Siemons draait om continu rekenen. “Heel kort voor de start weet je pas wat er komt, het is elke keer een verrassing. Daarna is het: rekenen maar! Ik vind het niet spannend. Ik geef alle berekeningen door aan de rijder. Je moet rustig blijven en een beetje tegen stress kunnen.” Genieten van het Saoedische landschap zit er tijdens de etappes niet echt in. Toch is navigeren zijn passie. “Met een truck 135 kilometer per uur rijden en anderen inhalen, dat geeft een geweldig gevoel. Die truck heeft zo’n brute kracht.”

Voor Siemons is dit zijn vijfde Dakar Rally. De eerste keer zat hij als monteur bij Eindhovenaar Marc Leeuw. Daarna reed hij drie edities voor Van Velsen Rallysport en dit jaar navigeert hij voor Marc’s zoon, Marnix. “Van Velsen vroeg of ik wilde navigeren. Dat wilde ik wel, maar dan moest het goed. Ik heb een cursus gedaan en me het helemaal eigen gemaakt. In het begin werkten we nog met een papieren boekje dat ik helemaal vol kleurde.”

Het verschil tussen rijden met vader Marc en zoon Marnix is duidelijk. “De ene rijdt wat lomper, de ander is meer beheerst. Zonder namen te noemen heeft de jongste wat meer ruimte in zijn hoofd”, zegt hij lachend. “Hij heeft zoveel controle over die truck. Hij schakelt snel, is leergierig en rijdt met meer vertrouwen dan aan het begin van de rally.”

Over de toekomst wil Siemons niet te veel voorspellen. “Hij is pas 20, maar als je zo hard en gecontroleerd rijdt, dan heb je het over talent. We moeten niets forceren, we laten hem gewoon zijn gang gaan.”

Bekijk origineel artikel