Volleybalsters van Sneek kunnen weer niet aan tegen Beveren in BeneCup-finale

De dames van Friso Volleybal Sneek hebben helaas opnieuw hun handen moeten afhalen van de BeneCup. Gisteren stond ze tegenover Asterix Avo Beveren, en net als vorig jaar moesten ze de Belgen voor laten gaan. De eindstand? 25-19, 16-25, 17-25, 14-25 – dus duidelijk in het voordeel van de Belgische topclub.

Beveren pakt daarmee opnieuw de beker die pas vorig seizoen werd ingevoerd, en ook toen al was Sneek de tegenstander in de finale. Helaas verliep het verhaal opnieuw in hetzelfde patroon: veel strijd, maar uiteindelijk te weinig kwaliteit om de titel te bemachtigen.

Friso Sneek, onder leiding van coach Erik Rijtsma, ging al vanaf het begin als underdog het veld op. Met slechts een zevende plek in de Nederlandse eredivisie – na negen nederlagen in twaalf duels – was de verwachting logisch genoeg niet extreem hooggespannen. Toch lieten de Sneeksters in de eerste set zien dat ze er met hoofd en hart bij waren. Van een 7-11 achterstand kwamen ze knap terug, en opeens stond het 18-11. Het publiek moest denken: misschien dit keer?

Maar nee. Beveren herpakte zich snel en trok in de tweede set stevig van leer. Met een voorsprong van vier à vijf punten lieten ze niets meer afglijden. Vanaf dat moment nam het tempo van Sneek af, en kon de ploeg de kwaliteit van de Belgen niet langer volgen. Gewoon een maatje te groot, simpel gezegd.

Later vandaag staat trouwens de mannenfinale op het programma: Orion Stars tegen Knack Roeselare, aftrap om 15.30 uur.

Bekijk origineel artikel

Vergeten helden, grote dromen: deze Nederlanders werden stilletjes wereldkampioen in 2025

Het Wilhelmus klonk dit jaar weer vaak – maar niet alleen bij de bekende namen zoals Femke Bol of Harrie Lavreysen. Onder de radar, ver van het media-licht, pakte een handjevol Nederlanders ook goud op het wereldkampioenschap. Alleen: hun namen staan zelden in de krant en hun overwinningen worden nauwelijks opgemerkt. Toch zijn hun prestaties net zo indrukwekkend. We praten met drie atleten die in 2025 wereldkampioen werden, zonder dat heel Nederland het doorhad.

Koen Hermans: motor, modder en moed

Koen Hermans (28) en zijn bakkenist Ben van den Bogaart schreef geschiedenis door voor het eerst samen de wereldtitel in de zijspancross te pakken. Een sport waarbij man en vrouw (of helper) op een gekanteld tweewieler door modder, sprongen en rotsen scheuren – letterlijk aan elkaar vastgebonden.

Hun grote dag viel op 21 september, maar wie toen naar de tv keek, zag vooral AZ-Feyenoord (3-3), PSV-Ajax (2-2) en Max Verstappen die in Bakoe wint in Formule 1. De concurrentie was groot, en de aandacht klein.

Toch viert Hermans het met volle overgave. “Ik begon pas op mijn derde poging écht met crossen. Vanaf dat moment had ik één doel: wereldkampioen worden. Het was een lange weg, vol tegenslagen. Maar ik heb nooit losgelaten. En toen het eindelijk lukte? Dat is gewoon het mooiste wat je kan overkomen.”

Hij werkt nog steeds fulltime als tegelzetter en investeert elke avond in training, onderhoud van de motor of reizen naar wedstrijden. En nee, er is geen tv-uitzending of sponsordeal die alles financiert. “Helaas zien we nergens live beelden van onze races. Dat is zonde, want wie het eenmaal ziet, is verkocht.”

Na de titel twijfelde hij of hij door wilde gaan – vooral sinds hij onlangs vader werd. Maar nu voelt het anders. “De druk is weg. Ik wil nog een jaar genieten als nummer 1. Daarna zie ik wel. Maar dan heb ik alles gedaan wat ik wilde.”

Merel Bruijnsteen: bruggen bouwen, overwinningen maken

Merel Bruijnsteen (33) werd wereldkampioen bridge – ja, die kaartspel. Samen met het Nederlandse vrouwenteam versloegen ze in de finale de favoriete Chinezen. Hun triomf viel op 31 augustus, precies op de dag van de Formule 1 in Zandvoort, een bergetappe in de Vuelta en de US Open. Geen wonder dat het amper opviel.

Ze vierden de eerste Nederlandse bridge-wereldtitel in een kwarteeuw in een pub in Herning, Denemarken. Thuis: geen grachtenparade, wel bloemen en bubbels op de club. “We kregen best wat aandacht, en tijdens toernooien word ik nog steeds gefeliciteerd. Dat houdt het gevoel levend.”

Bruijnsteen werkt fulltime als manager bij het UWV. Geld verdienen met bridge? In Nederland bijna onmogelijk. “In de VS kun je prof worden, teams huren jou in voor grote toernooien. Maar dat past niet bij hoe ik mijn leven wil leiden.”

Toch is bridge meer dan een hobby. “Op negentienjarige leeftijd was ik nog helemaal niet volwassen. Door bridgen leerde ik mensen begrijpen, samenwerken, strategisch denken. En trouwens: ik ontmoette mijn echtgenote ook via bridge. Dit spel heeft mijn leven gevormd.”

Therèse Klompenhouwer: biljarten is haar leven

Therèse Klompenhouwer (42) is alweer wereldkampioen driebanden – haar zesde keer! Na twee jaar zonder goud pakte ze op 25 september de titel terug. Diezelfde dag wonnen Nederlandse roeiers goud op het WK en speelden FC Utrecht en Go Ahead Eagles Europa League. Geen ruimte voor biljart op de voorpagina’s.

Maar Klompenhouwer, de meest succesvolle biljartster ooit, laat zich daar niet door uit het veld slaan. “De erkenning is fijn, maar gaat nooit stilletjes voorbij. Wat ik echt waardeer? De vriendschappen die ik over de hele wereld heb opgedaan, en de plekken die ik heb mogen zien.”

In Azië is ze bijna beroemd. “Niet dat iedereen me herkent, maar in biljartzalen? Dan weten ze wie ik ben. Daar is het een populaire sport. In Nederland minder.”

Zij is de enige van de drie die van haar sport kan leven – dankzij sponsors en prijzengeld. Ze traint 15 tot 20 uur per week en speelt jaarlijks tussen de 90 en 100 toernooien. “Zolang ik er plezier in heb, ga ik door. Ik zie mezelf dit nog twintig jaar doen.”

En hoewel de schijnwerpers elders schijnen, blijft de passie bij alledrie levend. Want soms is de grootste beloning niet de erkenning, maar het feit dat je je droom hebt waargemaakt – zelfs als niemand het ziet.

Bekijk origineel artikel

Lucinda Brand weer niet te volgen: elfde zege op rij in Dendermonde

Het crossseizoen lijkt één grote solo van Lucinda Brand – en ook in Dendermonde was er weer niemand die haar kon bijbenen. De Nederlandse renster pakte haar elfde overwinning op rij, waarmee ze haar reeks van dominante prestaties nog verder uitbreidt. In de wereldbekerwedstrijd in Dendermonde finishte ze ruim voor de rest, gevolgd door Puck Pieterse op elf seconden. De Franse Amandine Fouquenet mocht zich goedkoper maken met de derde plek.

Brand staat nu al aan haar zevende opeenvolgende wereldbekervictory en heeft het klassement flink in handen. Vooraf was er veel gesprek over de baan – twee dagen na de ongewoon droge cross in Gavere was het parcours in Dendermonde net zo hard en glad. “Een hele harde ondergrond met een dun laagje dat nergens grip geeft”, omschreef Brand het voor de start. Ze had liever modder gezien, net als Pieterse. “Niemand hier heeft ooit gereden onder zulke omstandigheden.”

Maar hoe lastig het terrein ook was, Brand liet zich er niet door tegenhouden. Al snel zat ze samen met Fouquenet en Célia Gery vooraan. Pieterse begon wat trager en raakte in het begin achterop. Toch leek ze terug te kunnen komen, maar in de derde ronde – op de lange trap – sloeg Brand plots het gat. Samen met Fouquenet trok ze weg, en al snel reed Brand solo naar de finish.

Pieterse wist nog aansluiting te maken bij de twee Françaises, maar dichter bij Brand kwam ze niet. “Ik zat ingeklemd bij de start,” legde ze uit. “En op het moment dat ik loskwam, ging Lucinda al. Dan moet je achtervolgen, en dat gat wordt alleen maar groter.” Ze benadrukte hoe relatief tijdsverschillen zijn op zo’n baan: “Vijf seconden is hier echt veel. Als ik vijf seconden achter lag, wilde ik niet dat mijn moeder riep: ‘Sprint erheen!’ Want op tv ziet het er makkelijker uit dan het is. Dat gat is gewoon te groot.”

Brand zelf was zelfs een beetje verrast dat het zo snel lukte. “Amandine had een lekker tempo, en toen Puck dichterbij kwam, dacht ik: nu moet ik er echt bovenop. En dat is gelukt.” Ze is vooral trots op hoe haar lichaam dit drukke schema weet te volhouden. “Het is verbazingwekkend hoe goed alles blijft draaien. Als je in vorm bent, gaat alles net iets soepeler.”

De cijfers spreken boekdelen: elf overwinningen op rij, vijftien zegevieringen dit seizoen. “Dat gaat lekker,” lacht Brand.

Later op zondagmiddag staat de mannenwedstrijd in Dendermonde op het programma. Mathieu van der Poel ontbreekt, dus zijn er kansen voor Thibau Nys, Tibor del Grosso en Wout van Aert om zich in de schijnwerpers te zetten.

Bekijk origineel artikel

Veldrijder Nieuwenhuis keert sneller terug dan gedacht

Wie dacht dat Joris Nieuwenhuis nog even uit de roulatie zou zijn, heeft het mis. De Nederlandse veldrijder, die recent nog moest opgeven in zowel Heusden-Zolder (Superprestige) als Gavere (wereldbeker), keert al veel eerder terug dan verwacht. Hij had toen last van een knie die hij zich ruim een week geleden in Antwerpen blesseerde, en liet weten even pauze te nemen om het probleem goed te laten onderzoeken.

Maar goed nieuws: Nieuwenhuis staat komend weekend alweer aan de start – en wel in Loenhout. Dat bevestigt Bob De Cnodder, operations manager van het Ridley Racing Team, zondag. “Joris Nieuwenhuis start in Loenhout. Zijn doel is om zijn leiderspositie zo goed mogelijk te verdedigen, ook al is het lastig.”

De Achterhoeker heeft dit seizoen al flink wat punten op de teller gezet. Denk aan zijn overwinningen in Heerde (Exact Cross), Lokeren (Rapencross, onderdeel van de X2O-trofee) en Merksplas (Superprestige). Op dit moment staat hij bovendien kopman in het klassement van de X2O-trofee. Zijn snelle comeback zal zeker voor spanning zorgen bij de concurrentie.

Bekijk origineel artikel

We gaan rammen: Paul Spierings zet alles op alles tijdens Dakar Rally

Woestijn, snelheid, stof en pure adrenaline – dat is waar Paul Spierings uit Sint-Michielsgestel voor leeft. Vanaf 3 januari stapt hij voor de achtste keer in zijn leven in de cockpit van een buggy om zich te storten op de meest extreme rally ter wereld: de Dakar. En dit jaar? Dit jaar gaat het niet alleen om finishen. Nee, hij komt voor méér. Veel meer.

In de zogeheten Challenger-klasse wil Spierings het podium raken – of nog beter, erop staan. “Dit is geen hobby”, zegt hij duidelijk. “Het is een verslaving. Mijn eigen versie van rock-’n-roll.” Terecht gesproken, want de Dakar is geen plek voor halfbakken plannen. Het is hard, eerlijk en genadeloos. En daar houdt hij juist van.

Afgelopen jaar leek het al binnen te zijn. Spierings lag strak in de top drie, op koers naar een historische finish. Totdat het drama toesloeg: 240 kilometer voor de eindstreep brak het motorblok. Game over. “Je staat letterlijk op het podium… en dan pfft. Weg. Dat laat zien hoe snel Dakar je alles kan afnemen”, vertelt hij nuchter. “Dus dit jaar moet het anders. Beter. Harder.”

En dus heeft hij het team flink uitgebreid. Wat begon als een kleine operatie is nu uitgegroeid tot een volledige racebende met drie buggy’s én een krachtige racetruck in de achterhoede. Alles is verdrievoudigd: auto’s, onderdelen, mensen, logistiek. En daarmee ook de verantwoordelijkheid. “Het is veel meer werk, maar het geeft ons slagkracht”, zegt Spierings. “Als er iets misgaat, kunnen we direct ingrijpen. Dat is cruciaal als je mee wilt doen om de winst.”

Deze truck wordt gereden door Egbert Wingens uit Sint-Oedenrode – een ervaren collega die tijdens de etappes paraat staat om te helpen bij pech of andere rampen. “Dat is goud waard”, benadrukt Spierings. “Zonder zo’n back-up ben je kansloos.”

Maar hoe belangrijk de techniek en de truck ook zijn, zonder team is het niets. “Ik zit achter het stuur, maar het team wint de rally”, benadrukt hij. “Eén foutje in het bivak ’s nachts, één boutje dat blijft liggen, één slechte communicatie – en alles is voorbij. Dakar win je nooit alleen.”

Al een heel jaar lang werkt het team aan het perfectioneren van de buggy. Testritten, aanpassingen, nieuwe techniek, schokdempers op punt gezet – elke centimeter is geoptimaliseerd. “We hebben de beste auto, de beste mensen, de beste ondersteuning”, somt Spierings op. “Alles klopt. Nu moet het gewoon gebeuren.”

Maar waarom doet hij dit eigenlijk? Vrijwillig dagenlang door zandvlakten, duinen en rotswoestijnen scheuren, met het constante risico op pech of ongeluk? “Het is een kick”, zegt hij simpelweg. “Net als drugs, feesten of rock-’n-roll. Maar dan alles tegelijk: spanning, strijd, samenwerking, kracht. Dit is mijn leven. Dit is mijn passie.”

Of hij uiteindelijk wint, weet hij niet. Maar één ding is zeker: hij gaat er met volle kracht in. Geen compromissen. Geen remmen.

“De lat ligt maximaal. We gaan gewoon rammen.”

Bekijk origineel artikel