Gewonde zeehondjespup op N15 bij Rotterdam gered

Vrijdagochtend vroeg, rond 08.00 uur, werd er iets vreemds gespot op de N15 bij Rotterdam – op het eerste gezicht leek het net een vergeten vuilniszak langs de weg. Maar niets was minder waar. Het bleek namelijk een gewonde zeehondjespup te zijn, die midden op de snelweg terecht was gekomen.

Ad van den Berge van stichting Strand in Zicht vertelt aan RTV Rijnmond dat de mix van ochtendschemer en de ligging van het dier de verwarring begrijpelijk maakte. “Iemand in de brandweerwagen zag opeens dat het ding bewoog – en toen wisten we: dit is geen zak, dit is een zeehond!” De brandweer greep meteen in en spande een stuk van de weg af, gelukkig nog rustig door de vroege ochtend.

Met handschoenen aan tilde Van den Berge het jonge dier op en bracht het in veiligheid. Daarna ging de reis direct naar de zeehondenopvang A Seal in Stellendam. Daar bleek dat het pupje – ongeveer vijf weken oud – een lelijke wond bij zijn oog had. Gelukkig wordt het nu goed verzorgd. Als het eenmaal hersteld is en weer wat kracht heeft, mag het terug de zee in.

Hoe zo’n klein zeehondje nou helemaal op de N15 belandde, is nog altijd raadselachtig. Volgens Strand in Zicht kan het komen doordat pups soms het strand ontvluchten als het daar te druk wordt. “Ze zoeken dan ergens anders een rustig plekje om te rusten,” leggen ze uit. En honger kan ook een rol spelen: na zo’n drie weken wordt een pupje namelijk in de steek gelaten door zijn moeder en moet het zelf gaan visvangen.

Toch is dit niet de eerste keer dat een pup op een bizarre locatie wordt aangetroffen. “Het komt regelmatig voor,” zegt Van den Berge. “Ik heb ze zelfs al eens zien liggen bij een elektriciteitshuisje. En ondanks hun kleine formaat kunnen ze best honderden meters ver lopen.”

Goed nieuws is dat het aantal grijze zeehonden in de Waddenzee weer flink toeneemt. Vroeger waren ze bijna verdwenen door de jacht, maar sinds ze in de jaren ’80 terugkwamen, groeit de populatie gestaag.

Bekijk origineel artikel

Vier auto’s gebotst op N391 bij Roswinkel

Vanmorgen heeft zich een flinke knal afgespeeld op de N391 bij Roswinkel: vier voertuigen zijn op elkaar gebotst. De politie heeft de weg direct in beide richtingen afgesloten zodat hulpdiensten hun werk konden doen.

Op beelden is duidelijk te zien dat één van de auto’s zelfs op zijn dak terechtkwam – een behoorlijk spektakel. Naast die auto waren er nog twee andere personenwagens en een busje bij betrokken.

Of er gewonden zijn gevallen, is nog niet bekend. Ook is nog niet duidelijk hoe het ongeval precies kon gebeuren. Wel was het wegdek vanmorgen behoorlijk glad, en door de dichte mist was het zicht sterk beperkt. Dat maakt het rijden al snel riskant.

De politie doet onderzoek naar de oorzaak en laat weten dat het even kan duren voordat de weg weer vrijkomt.

Bekijk origineel artikel

Mannen sloegen auto’s kort na middernacht in Breda en reden bijna over getuige heen

Rond 01.30 uur kreeg een man in Breda meer te zien dan hem lief was. Hij hoorde ineens een harde knal en zag dat een kerel met volle kracht tegen een geparkeerde auto trapte. In de buurt stond een bestelbusje klaar, waarin een tweede man zat te wachten. Toen de getuige erop reageerde en hen vroeg om gewoon normaal te doen, liep het helemaal uit de hand.

Volgens de politie begonnen de twee mannen direct te schelden, sprongen in hun busje en gooiden nog snel een spuitbus naar de getuige. Daarna scheurden ze met hoge snelheid meerdere rondjes over het parkeerterrein. Onderweg raakten ze een andere stilstaande auto – en kwamen gevaarlijk dichtbij de getuige, die zelfs werd geraakt door het voorbijscheurende voertuig.

Maar het werd nog gekker: de jongens gingen vervolgens achteruit rijden op hoge snelheid, waardoor de getuige letterlijk moest wegspringen om niet onder de wielen te komen. Ook nu botsten ze weer tegen een auto die vlak achter hem stond. Gelukkig raakte niemand ernstig gewond, maar de schrik zat er wel in.

Meerdere mensen hadden het tumult gezien en belden direct de politie. Die kon de twee verdachten kort daarna aanhouden. De betrokkenen zijn een 24-jarige man uit Breda en een 21-jarige uit Hillegom. Beiden zitten vast. Wat precies hun motief was voor de vernielingen, is nog onduidelijk.

De getuige én de eigenaar van één van de beschadigde auto’s hebben inmiddels aangifte gedaan.

Bekijk origineel artikel

Grote zoektocht naar 16-jarige Milan uit Heemskerk

Alweer voor de derde dag achter elkaar zijn er veteranen en vrijwilligers actief in en rond Heemskerk op zoek naar Milan, een 16-jarige jongen die sinds eerste kerstdag spoorloos is. Milan, afkomstig uit Oekraïne en met een verstandelijke beperking, kan niet praten en is niet teruggekomen van een wandeling.

Sinds vrijdagmiddag is het Veteranen Search Team bezig met de zoekactie, en ook vrijwilligers van het Coördinatie Platform Vermissing zijn sinds gisteren bij de actie betrokken. Vandaag verwacht de politie tientallen hulpverleners die meezullen zoeken in Beverwijk en Velsen-Noord.

De laatste keer dat Milan gezien werd, was donderdag op de Debora Bakelaan in Heemskerk. Volgens de politie zou hij mogelijk zijn gaan lopen richting de Wijkerstraatweg in Velsen-Noord – ongeveer 5 kilometer verderop. Om zoveel mogelijk mensen te bereiken, heeft de politie bovendien via sociale media een oproep gedaan in het Oekraïens om uit te kijken naar de jongen.

Bekijk origineel artikel

Moerdijkers worstelen met mentale klachten door verdwijnen dorp, maar hulp wordt weinig gezocht

Er hangt een zware wolk over Moerdijk – niet alleen letterlijk vanwege de onzekerheid, maar ook gevoelsmatig. Ruim een derde van de inwoners kampt namelijk met mentale klachten sinds bekend werd dat hun dorp op termijn misschien moet wijken. Dat blijkt uit een onderzoek dat WPG Research heeft gedaan voor Omroep Brabant.

Van de mensen die zijn ondervraagd, geeft maar liefst 38% aan dat het nieuws over het mogelijke einde van het dorp echt iets doet met hun hoofd. Vooral stress en een sterk gevoel van onzekerheid spelen een grote rol. Sommigen spreken zelfs over depressieve gevoelens. En dan is er nog eens een kwart van de ondervraagden (20%) die niet goed weet of ze zich mentaal wel of niet slechter voelen sinds het nieuws. De rest – 42% – merkt gelukkig geen verandering.

Het onderzoek is serieus aangepakt: er zijn 127 huishoudens persoonlijk afgelopen in het dorp, bijna een kwart van alle gezinnen dus. Ze kregen een vragenlijst over hoe het nieuws over het verdwijnen van Moerdijk hen raakt – en de antwoorden zijn duidelijk: veel mensen zijn bezorgd, bang en voelen zich in de steek gelaten.

Onzekerheid duurt al te lang

Sinds 11 november hangt het mes al boven Moerdijk. Toen kondigde de gemeente aan dat ze eigenlijk wil dat het dorp opgeheven wordt. De hoop was dat provincie en Rijk daar achter zouden staan, en dat er op 1 december helderheid zou komen. Maar niets is minder waar: het besluit is uitgesteld. Eerst wilde de provincie meer tijd voor onderzoek, daarna stapte ook het Rijk uit het schema. Nu wordt pas rond juni verwacht dat er écht duidelijkheid komt. En dus blijft de onzekerheid hangen als een natte deken.

Veel klachten, weinig hulp

Wat opvalt? Mensen lijden wel, maar zoeken nauwelijks hulp. Van degenen die stress, onzekerheid of depressieve gevoelens ervaren, heeft maar liefst 83% nog niks gedaan om er iets aan te doen. Slechts 17% heeft al contact opgenomen met hulpverleners. Een derde van de mensen met klachten overweegt het nog, maar doet het nu nog niet.

Toch is er wel ondersteuning beschikbaar. Zorgorganisatie Surplus was al snel ter plekke op de avond dat het nieuws bekend werd gemaakt. Ook liggen er folders in het dorpshuis voor wie behoefte heeft aan een luisterend oor of professionele begeleiding. Maar blijkbaar durven veel bewoners nog niet de stap te zetten.

Hier lees je alles over de toekomst van Moerdijk en wat het met de mensen doet.

Bekijk origineel artikel

Weekmarkt brengt Esch weer samen: dorpsgevoel keert terug na sluiting supermarkt

Elke zaterdagochtend is het druk op het Marktplein in Esch – en dat is niet zonder reden. Sinds de lokale supermarkt een tijdje geleden de deuren moest sluiten, is de weekmarkt uitgegroeid tot dé plek om verse producten te kopen én oude bekenden tegen te komen. Wat begon als een proefproject door vier enthousiaste vrouwen, is nu een vaste waarde geworden in het dorp.

“De mensen weten nu pas echt wat ze gemist hebben,” vertelt Marjolein, één van de initiatievenneemsters. Toen de supermarkt nog open was, was het niet alleen een plek om boodschappen te doen, maar ook om even te kletsen, iemand te zien of een glimlach uit te wisselen. “Dat moment verdween toen de winkel dichtging. We wilden dat gevoel terugbrengen – en tegelijkertijd verse, lokale producten aanbieden,” legt Lian uit, een andere organisator.

Het opzetten van de markt was allesbehalve makkelijk. Veel marktkooplieden hadden al vaste plaatsen elders of waren gewoon te druk. “We zijn tientallen keren afgewezen,” zegt Lian. Maar ze gaven niet op. Eind september kon de eerste weekmarkt eindelijk van start gaan. Alleen… het begon met een knoeperd. De groente- en fruitverkoper kwam niet opdagen. “Ik kon wel huilen,” biekt Lian op. “De wethouder stond klaar om de markt officieel te openen, en er stonden amper twee kraampjes. Het was een echte afgang.”

Gelukkig pakte het daarna beter uit. Vanaf oktober stond er een nieuwe groenteboer op de markt, en langzaam maar zeker begon het draaien. De eerste weken was het nog chaotisch – sommige bezoekers moesten wel een uur wachten in lange rijen. Maar net daaruit ontstond iets moois: mensen begonnen met elkaar te praten. “Iedereen raakte aan de praat, en ineens voelde het weer als een dorp,” zegt Marjolein. “Een man van tegenover het plein bracht zelfs koffie voor iedereen rond. Dat soort gebaren maken veel uit.”

Inmiddels is de weekmarkt een vast ritueel geworden. Bewoners zoals Ria zijn blij dat je weer basisproducten in je eigen dorp kunt kopen. “Je wenst je eraan dat de supermarkt weg is, maar het is fijn dat je hier terechtkunt voor eieren, brood en fruit.” Koen komt met zijn dochters langs. “Ik haal hier mijn fruit, en daarna ga ik ergens anders verder shoppen. Maar het is belangrijk dat er iets blijft in het dorp – vooral voor oudere mensen die minder mobiel zijn.”

Het gaat bij de markt niet alleen om boodschappen. Het is ook een sociale ontmoetingsplek. Leonie en Karin staan te kletsen tussen het winkelen door. “Vroeger deed je dit in de supermarkt, en daarna zag je elkaar nooit meer. Nu praten we weer. Het voelt goed.”

Ook de marktkooplieden zijn verrast door de warme ontvangst. “In andere dorpen zonder supermarkt zie je dit enthousiasme niet,” zegt kaashandelaar Hans. Bakker Art vindt het financieel misschien niet de grootste klapper, maar emotioneel wel. “In de stad heb je meer drukte, maar hier bouw je iets op in een dorp dat behoefte heeft aan verbinding. Dat maakt het extra waardevol.”

De weekmarkt was oorspronkelijk een proefactie tot eind december, maar door het grote succes gaat hij zeker door in het nieuwe jaar. Sterker nog: de markt wordt uitgebreid. In november kwam er al een kraam met Thaise hapjes, koffie en thee bij, en vanaf januari staat er ook een slager. Met vijf vaste kramen is de markt straks compleet.

“We waren bang dat er misschien geen animo zou zijn, gezien de reden dat de supermarkt dichtging,” zegt Marjolein. “Maar het tegenovergestelde gebeurde. Mensen willen dit niet kwijt.” Lian kijkt trots: “Dat de markt doorgaat, laat zien hoe sterk het dorpsgevoel in Esch is. We bouwen samen iets nieuws op.”

Bekijk origineel artikel