Avondje NAC 50 jaar: waaronder die lampen alles magisch werd
Twee Bredanen op de koffie in het NAC-museum
Bob Maaskant (87) en Eugene Lemmens (85) wisselen anekdotes als vroegere snoepjes uit. “Het varken!” gilt Maaskant ineens. “Hij gleed over het veld alsof-ie op de ijsbaan stond, vet van top tot teen.” Lemmens schudt hoofdschuddend: “En weet je nog de keren dat honderden wc-rollen als confetti over de lijn zweefden? Alleen op een Avondje NAC gebeurt zoiets.”
Het duo lijkt het er nog altijd niet over uit hoe uit een simpele praktische vraag – “Hoe krijgen we kunstlicht?” – een volksfeest ontstond dat heel Nederland kent.
Van zondagmiddag naar zaterdagavond
Begin jaren zeventig kende NAC nog geen lichtmasten. Telkens een interland? Wegwezen naar De Kuip of naar Eindhoven. Tot Lemmens via een amateurscheids uit Breda bij een Parijse fabriek belandde: dichte masten, gloednieuw in ons land. De eerste test was op 27 december 1975, oefenpot tegen Fortuna Düsseldorf.
“We knipten ze aan en tóen gebeurde het,” herinnert Lemmens zich. “Dat warme licht, die schaduwen op het gras – alles leek weggelopen uit een sprookje.” De kantine stond stampvol, de kelen waren schor, en trainer Maaskant zag dat het goed was. “Geen getik op de achterlijn,” zegt hij nog steeds trots. “Eerste bal lang, tweede bal erin, vooruit!”
Horeca? Prima, maar na tien uur dan…
Lemmens belde alle Bredase cafées: “Valt het erg als we op zaterdagavond om half acht trappen?” Replies van “tot tien uur is het toch rustig” stapelden zich op – en zo werd het vaste tijdstip. De naam? Briljant simpel: “Ik zei gewoon ‘het Avondje NAC’, want dat is het – zo voelt het,” lacht Lemmens.
Magische goals op het nippertje
Met de lampen aan wilde men aanvallen, en dat deden ze ook. “We scoorden keer op keer in blessuretijd,” zegt Maaskant. “Het publiek wist: komt nog wel.” De laatste fluitslag was dan regelmatig het startschot voor een bierdouche vanaf de vakken.
Cultureel erfgoed in geel-zwart
Vijftig jaar later is het Avondje NAC geen voetbalavond meer – het is een volksbeweging. Stadions met LED-lampen en VAR, maar onder dezelfde masten die ooit uit Frankrijk kwamen, knippert nog steeds het oude vuur.
“We hadden nooit durven dromen dat dit zo’n instituut zou worden. Maar ík krijg er nog kippenvel van,” besluit Lemmens. Limburgse uit, Feyenoord thuis – de kickoff is om half acht. Boefje bier in de hand, gezang in de lucht. Het Avondje NAC blijft.
Wanneer dromen je lichaam in de weg zitten: Tim zegt tennis vaarwel
Een zomer om nooit te vergeten
Vergeet die film Wimbledon – in de zomer van 2022 leefde Tim van Rijthoven z’n eigen Hollywoodscenario. Thuis slapen in Rosmalen, racquet in de koffer en binnen no-time schakelde hij steenrijke grootheden uit. Taylor, Félix én de man die even later wereldkampioen werd, Daniil Medvedev – ze vlogen er allemaal uit. Vier sets werk voor twee toppers, dat riekt naar een goed script, toch?
Op de rand van de magische top-100
De rode draad: waren er geen coronaregels geweest, had Tim met z’n 101ste plek wél die eeuwige bucketlist kunnen afvinken. Eén plaatsje, één kraslot dat net niet viel. Na afloop knaagde dat nog even, maar tegenwoordig kijkt hij er met een lach op terug.
Migraine van alle heisa
Wat je niet ziet op tv is de tsunami aan interviews, talkshows en cameraflitsen. Tim pakte het slim aan – hij huurde een mediacoach om de hectiek wat te temperen – maar toch kreeg hij er migraine van. De luxeproblemen van een overnight-succes.
De mentor op de achterbank
Richard Krajicek, de Wimbledon-held van ’96, schoot te hulp. Een simpele e-mail en Tim kreeg een wildcard voor Wimbledon. Richard werd later zijn stille mentor langs de lijn, vooral op mentaal gebied.
Novak knikt als je geslaagd bent
In Londen reed hij z’n Rosmalen-vorm gewoon door. In de vierde ronde stond Novak Djokovic op de andere kant van het net. Verliezen deed hij, maar met eer. “Ik heb van elke minuut genoten,” laat Tim doorschemeren. En na afloop? Djokovic tikte hem op de schouder: “Mooie toekomst voor je.” Ironisch, nu we weten hoe dat gelopen is.
Lichaam: “Sorry, ik stop ermee”
Een decennium lang had Tim al last van elleboog, oksel, pols en rug. Na een operatie in 2023 was het verdict helder: 85 % kans op genezing. Maar bij z’n rentree in 2024 spookte de pijn terug. Geen explosieve service meer, weg topsport. “Mijn lichaam zei: ‘tot hier en niet verder.’”
Dochter Luna in de hoofdrol
In april werd dochter Luna geboren – het nieuwe hoogtepunt in Tim’s leven. Hij wil haar geen beroepsadvies geven. “Teamsport, vrienden maken… dat raad ik haar eerder aan.” Hij zou haar op z’n tiende ook nooit naar een gastgezin in Frankrijk sturen, zoals hijzelf moest.
Uitwaaien met ultra’s
Topsporter in ruste, maar het vuur brandt nog. Tim fietst, loopt marathons en pakte zelfs een ultratrail. Die lange rondjes over onverharde paden zijn nu z’n uitlaatklep. “De wil om te winnen zit er nog steeds,” knipoogt hij.
50 jaar Avondje NAC: de mooiste gekte in geel-zwart
Was het echt al vijftig jaar geleden dat NAC voor het eerst onder de spots speelde? In Breda voelt het nog steeds als gisteren. Het Avondje NAC groeide van een simpele avondkick-off uit tot een volksfeest vol supportersliefde, bier en legendarische emotie. Vier keiharde fans blikken terug op hun mooiste avond.
De allereerste keer met zoonlief
Miriam (56, Clubraad) neemt je mee naar 25 september 1976.
“Raoul was amper vijf en stond voor het eerst op z’n stoeltje op de B-Side. Zijn ogen draaiden helemaal over: flitsende lichten, volwassen ketenen die meezongen, een gek heen en weer geloop op het veld. Het leek wel dat ik mijzelf daar stond, jaren eerder met m’n vader. Hetzelfde gevoel, maar nu als mama. Die dubbele liefde – voor NAC én m’n kind – vergeet ik nooit meer.”
Doek in brand, match op tilt
Peter (52, NAC Museum) denkt nog dagelijks aan 30 maart 1996, het laatste Avondje NAC in het oude stadion aan de Beatrixstraat.
“Tijdens de warming-up vloog het dak van de B-Side al in brand. Iemand met een fakbel had zich misrekend, vlammen metershoog. We moesten even allemaal naar buiten, brandweer erbij. 45 minuten later trapte NAC tegen Heerenveen af, kreeg binnen negen seconden een tegengoal en Yassine werd er met z’n tweede gele uit gebonjourd. Met tien man klaarden we het karwei toch nog: 5-1. Brand, tranen, euforie: alles in één avond.”
Een doek, een beker, een Willem II’er omgedraaid
Jean Paul (voorzitter Samen voor NAC) geniet nog na van 21 januari 2009.
“Bekerduel tegen Groningen, pure chaos. We kwamen voor, vielen terug, kregen een penalty tegen… maar Ten Rouwelaar stopte ’m! Nog een rode kaart, toch strafschoppen winnen met 7-5. M’n vriend – Willem II-supporter – had ik meegetroond. Rond één uur ’s nachts renden we nog naar de laatste trein. Die man is nu as we speak NAC-fan.”
Vierduizend vierkante meter Breda-Polen-liefde
Thomas (29, Fr0nt76) kan 26 oktober 2024 niet loslaten.
“Samen met de Breda Loco’s sleepten we maanden lang aan een mega-spandoek van 3.400 m² ter ere van de Poolse bevrijders van Breda. De tekst ‘Pamietamy’ (we onthouden) was mijn eigen idee – m’n vriendin is Pools, dat snijdt gewoon dieper. Ochtend vroeg hingen we het al uit, en toen het wegrolde voelde iedereen – van vak G tot de wethouder – echt één. Poolse veteranen op het veld, camera’s aan de lippen. Voor mij was dat een avondje NAC zoals het bedoeld: samen sterk, geel-zwart.”
Avondje NAC bestaat 50 jaar: van Franse lichtmasten tot vetgesmeerde varkens
Fifty-freaking-years! Het ‘Avondje NAC’ is een halve eeuw lang hét moment van de week in Breda. En nee, het is nooit een doorsnee onderonsje geweest. Denk aan een overrompelend lichtplan uit Parijs, maar ook aan kippen, shitloads aan wc-papier en ooit zelfs een varken dat men moeiteloos over het gras glijdt, omdat iemand het had ingesmeerd met bakvet. True story.
Twee mannen, één masterplan
Check deze twee oudgedienden: Eugene Lemmens (85), ex-secretaris, en Bob Maaskant (87), ex-trainer. Ze rollen begin jaren ‘70 samen aan de tekentafel: “Hé, laten we van die suffe zondagmiddagwedstrijden eens een avondspektakel maken.” Quote Van Basten? Nope, gewoon Lemmens. Want kunstlicht? Daarván had NAC woensdagmiddagbedrijf nog niet. Dus reed de club via-via naar een Franse fabriek voor peperdure lichtmasten. 27 december 1975, Fortuna Düsseldorf komt op bezoek, de lampen gaan aan en bam: magie. Volle bak, alles erop en eraan.
Bob bedacht ‘t gevaarlijke spel, supporters bedachten alles daarna
Bob Maaskant besloot dat de ploeg voortaan knetterhard moest spelen. Pressie, bal vóórwaarts, geen gedoe achterin. En consistently scoorden ze in de slotfase. “Die goal komt er nog wel,” voelde elke supporter. Waarna het stadion ontplofte. Tussendoor ging er van alles naar beneden: kippen, rollen wc-papier, vandalen die zich vastketenden aan de paal. Volgens Bob: “Typisch NAC: vrijheid en creativiteit. De emotie lag altijd sky-high.”
Cultureel erfgoed verankerd in de Gouden Zandloper
Tegenwoordig staat de term ‘Avondje NAC’ met stip in iedere diary van Bredaas. Al uren van tevoren vulen de straten zich met geel-zwarte haviken. De cafés klinken leeg. De lichtmasten komen op, en alles lijkt even stil. Lemmens: “We hadden nooit durven dromen dat zoiets een begrip zou worden.” Maaskant beaamt: “Wat er ook verandert, de ziel blijft. Ooit, altijd en voorgoed.”
Wanneer je hoofd overuren draait tijdens het OKT: hoe houd je het hoofd koel?
Niet op het ijs, maar midden in Thialf gebeurde vrijdag de snelste start van het toernooi. Suzanne Schulting racete in een paar seconden heen en weer over het middenterrein zodra ze zeker wist: Spelen, here I come! Haar gil deed de dakconstructie trillen. Op hetzelfde moment botsten bij Leerdam de tranen met de ijskast; een val had haar droom even vermorzeld. En Femke Kok zei met een lach-verbijnde grijns: “Het voelde of de stress rechtstreeks uit mijn oren spoot.” Geen frats, want tijdens het olympisch kwalificatietoernooi rusten er hele werelden op een paar messcherpe ijzers.
Chaos, wat nu?
Dai Dai N’Tab wilde het liefst laten zien hoe snel hij écht is, maar de griep besloot anders. Voor de tweede keer op rij valt zijn OKT letterlijk letterlijk in het water. De 2017-editie eindigde met twee valste starts en een diskwalificatie – iets dat hij inmiddels in een mentale la heeft opgeborgen. Ook het feit dat de KNSB hem vier jaar geleden oversloeg ondanks een zilveren 500 meter heeft hij afgekoppeld. “Lastig, maar uiteindelijk toch goed dat ik het los heb gelaten.”
Team-maatje gezocht: de sportpsycholoog
Samen met een paar teamgenoten schakelt hij nu ondersteuning in van Yara van Gendt, sportpsycholoog bij IKO-X20. Volgens Van Gendt is haar rol simpel: luisteren, tools aanreiken en voorkomen dat de kop eraf vliegt, letterlijk en figuurlijk. “Ik haal situaties uit het verleden erbij. ‘Herinner je dit? Dit werkte destijds.’ Daarmee voorkom ik dat ze zichzelf voorbij lopen.”
Focus op opdracht, niet op prijs
De boodschap is helder: blijf bij je taak. Draai niet om de kilo meel heen, maar eet de pannekoek. Van Gendt hamert op minimaal prestatieverlies in plaats van het streven naar een buitengewoon toppunt. Reguliere trainingen kopiëren; niet laten afleiden door de oktober-OKT-koorts of juichende menigtes ernaast.
Koks gouden prik
Femke Kok deed precies dat. Spanning? Jazeker, maar ze diende het gewoon maatje thee. “Ik wilde niks opblazen. Ik word toch weer wakker.” Toen een val en een valse start haar schema overhoop gooiden, hield ze focus. “Ik zei: speel het vertrouwen op. Zo’n chaos kan in Peking ook gebeuren; schaduwrijden maar.” Resultaat: 1.000 meter-winst en een petje in de lucht.
Huilen mag
Ook Naomi Verkerk gooide eerlijkheid eruit: “Een dag van te voren nog even goed gejankt.” Gewoon omdat het moest. Van Gendt knikt instemmend. “Laat tranen komen; dat lucht op. Als je de boel gaat tegenhouden, knellen alarmbellen nog harder.”
De ultieme life-hack tijdens een OKT-woestijn
N’Tab heeft er nog een simpele ingreep bij: op je kamer een filmpje knallen, even geen schaats in beeld. Kok bevestigt: “Blijf kalm. Dat is de sleutel.”
Bottomline: adem in, adem uit, doe gewoon je ding – al klinkt dat op z’n Hollands nogal plat. Maar midden in een ijspaleis vol verwachtingen is geen magie nodig, gewoon je eigen rhythm vasthouden. Zo kuier je over die laatste finishlijn, hoofd koel en blik helder – zelfs als de stress uit je oren spuit.
