Esbeek draait om zijn dorpshuis: zonder dat zou het hier een stille plek zijn
Als je woensdagavond rond negen uur door Esbeek rijdt, lijkt het alsof iedereen al lekker in bed ligt. Maar kijk eens goed naar de parkeerplaats bij het dorpshuis – die zit vol. Binnen? Helemaal wakker en levendig. En terecht, want het Schuttershof is veel meer dan ‘gewoon’ een café. Het is het hart van het dorp, en dat merk je overal.
De dorpscoöperatie kocht het complex bijna twintig jaar geleden, en dat allemaal zonder geld van de gemeente. Sindsdien is het een vaste plek voor tientallen verenigingen, clubs en gewone dorpsbewoners. Van buitenaf zie je vooral een gezellige bar met wat stamgasten en een barvrouw die chips ronddeelt. Maar binnen gebeurt zoveel meer.
“Dit is niet zomaar een café, dit is dé ontmoetingsplek van Esbeek,” zegt Corné Smolders van Coöperatie Esbeek. Hij was er vanaf het begin bij en vertelt trots hoe ze het voor elkaar kregen. “We hadden geluk: onder ons zat een makelaar, een jurist én iemand uit de verfbusiness. Alle expertise zat al in het dorp.”
En dat heeft geresulteerd in een plek waar iedereen wel eens komt. Jonge mensen pakken hier vrijdag en zaterdag een biertje, oudere inwoners komen op dinsdag samen eten. “Iedereen uit het dorp van duizend tweehonderd zielen is hier al geweest,” zegt Corné. “Het maakt het uniek.”
Het dorpshuis is zeven dagen per week open – voor een drankje, een borrel, een vergadering of een repetitie. Zo ook voor de toneelvereniging, waar 26-jarige Martje van Roovert haar passie kwijt kan. “Zonder deze plek zouden we echt in de problemen zitten,” vertelt ze. “De sfeer is superontspannen. Je kunt je jas drie weken laten hangen, en hij staat er nog steeds.”
Naast de open haard zit de fietsclub net terug van een tocht van zo’n veertig kilometer. “Maakt niet uit hoe ver we rijden, we eindigen altijd hier,” zegt één van de leden, terwijl hij geniet van zijn welverdiende pils. Een ander vult aan: “Deze plek houdt Esbeek bij elkaar. Zonder dit dorpshuis? Dan is het hier een dooie boel.”
Aan de andere kant van het café hangt de tennisvereniging rond – zoals elke keer weer – aan hun vaste hoge tafel. “Eigenlijk praten we over niks,” lachen ze. “Maar het is altijd gezellig.” En ook zij benadrukken het belang: “Haal dit weg, en het dorp valt uit elkaar.”
Het voorbeeld van Esbeek trekt aandacht. Dorpen als Riel, Gilze en Elshout zijn al langs geweest om te kijken hoe ze dit als coöperatie voor elkaar kregen. “We hebben al heel wat bezoek gehad,” zegt Corné. “Veel dorpen worstelen met hetzelfde probleem.”
Terwijl de klok richting elf loopt en er nog een rondje wordt besteld, komt de blaaskapel binnenwandelen. Ze hebben geoefend in een van de zalen achterin. “Wij komen eigenlijk uit Hilvarenbeek,” vertelt Joep Roberts, “maar hier voelen we ons echt thuis. Dit dorpshuis redt Esbeek. Haal het weg, en het dorp stort in.”
Grote voedselcrisis in Afghanistan: ‘Het is echt zorgwekkend’
Stel je voor: bij een kleine gezondheidskliniek staan moeders met hun kinderen al vroeg in de rij. Veel van die kinderen zijn duidelijk veel te mager. Een medewerker meet het armpje van een baby van pas zeven maanden – en de uitslag is schokkend. De indicator kleurt donkerrood, wat betekent dat het kind acuut ondervoed is. Helaas is dit geen uitzondering.
Afghanistan worstelt al jaren met gebrek aan eten, maar dit jaar is de situatie harder dan ooit. Volgens het Wereldvoedselprogramma van de VN (WFP) zal in de komende maanden meer dan 17 miljoen Afghanen kamperen met acute voedselonzekerheid. Dat zijn er véél meer dan vorig jaar. En bijna een op de drie kinderen loopt risico op ernstige ondervoeding.
Er komt nog eens bij dat het WFP voor het eerst in tientallen jaren niet genoeg middelen heeft om iedereen te helpen. “Onze teams zien families die dagen achter elkaar geen maaltijd binnenkrijgen”, waarschuwt de VN-organisatie. “De situatie is echt schrijnend”, beaamt Jannie Goedkoop van Save the Children, die nauw samenwerkt met hulpverleners ter plekke.
Dit jaar nam het aantal opnames van zwaar ondervoede kinderen met maar liefst 13 procent toe. Waardoor? Een combinatie van rampen: langdurige droogte zorgde voor slechte oogsten, de economie ligt op z’n gat, en aardbevingen hebben dorpen platgegooid. In onderstaande video zie je hoe verwoest sommige gebieden zijn.
Maar daar stopt het niet. Er is ook een enorme toestroom van mensen uit buurlanden. Pakistan en Iran hebben besloten duizenden Afghanen zonder papieren terug te sturen – zelfs als ze daar al jaren wonen. “We zagen dit jaar 1,8 miljoen mensen met alleen een koffertje over de grens komen”, vertelt Goedkoop. “Dat legt een gigantische druk op de hulpvoorziening.”
Die nieuwe vluchtelingen hebben allemaal tenten, kleding en verwarming nodig. Geld dat dus niet naar voedselhulp gaat. Terwijl de vraag naar eten groter is dan ooit, is het aanbod juist flink gekrompen.
Daarnaast speelt ook het politieke klimaat een rol. Sinds de taliban weer aan de macht zijn, krijgt Afghanistan minder ontwikkelingshulp door sancties. Hulporganisaties moeten zich bovendien houden aan strikte regels – zo mag een man soms niet helpen bij een zwangere vrouw.
En dan is er nog het grote geldprobleem. Toen de Amerikaanse president Trump besloot buitenlandse hulp sterk te verminderen, volgden andere donoren. Het gevolg? Hulporganisaties kunnen nu maar liefst zes keer minder voedsel uitdelen dan vorig jaar. “Veel gezondheidscentra zijn gesloten omdat er gewoon geen geld meer was”, zegt Goedkoop. “Sommige klinieken lopen leeg – en de winter staat voor de deur.”
En dat is extra gevaarlijk. Want in de komende maanden kan het in Afghanistan behoorlijk hard vriezen. Kinderen die al ernstig ondervoed zijn, worden daardoor sneller ziek. Longontsteking wordt een groot risico. “Het aantal kindersterfgevallen neemt toe – en dreigt de komende tijd verder te stijgen”, waarschuwt WFP-directeur John Aylieff.
Goedkoop maakt zich grote zorgen over de toekomst. “Deze zware ondervoeding heeft levenslange gevolgen. Het beïnvloedt hun groei, ontwikkeling en gezondheid voor altijd.”
Dronken rijder denkt slim te zijn, maar vrouw zet hem meteen weer op zijn plaats
Een 49-jarige automobilist uit Brabant dacht vrijdag misschien even dat hij er makkelijk onderuit kon komen na een kleine aanrijding op de A59. Maar hij had niet gerekend op de scherpe reflexen van de andere bestuurders – en al helemaal niet op de woede van zijn eigen vrouw.
Het begon allemaal met een ongeval waarbij alleen wat materiële schade viel te betreuren. Normaal gesproken vult je dan rustig het schadeformulier in, maar deze man had andere plannen: hij wilde gewoon wegrijden. Gelukkig waren de andere betrokken partijen alert en wisten ze hem tegen te houden. Ze zorgden ervoor dat hij bleef staan totdat de politie uit Den Bosch arriveerde om de zaak te regelen.
Toen de agenten ter plekke kwamen, werd het beeld al snel duidelijker: de man rook naar alcohol, had geen geldig rijbewijs én was blijkbaar ook nog eens onder invloed. Gevolg? Hij mocht direct mee naar het bureau en zijn auto mocht hij achterlaten.
Maar hier wordt het pas echt gek. Krap anderhalf uur later zien dezelfde agenten – toevallig langs de Zuid-Willemsvaart in Den Bosch – precies dezelfde auto weer rijden… met dezelfde bestuurder achter het stuur! Terwijl hij net was aangehouden en niet mocht rijden. En als klap op de vuurpijl bleek de auto ook nog eens een ‘spookvoertuig’ te zijn – dus niet correct geregistreerd of verzekerd. De officier van justitie gaf groen licht: de auto gaat in beslag.
De kers op de taart? Toen de man voor de tweede keer door de politie werd meegenomen, was zijn vrouw er ook bij. En zij kon het niet laten: ze gaf hem een flinke tik. “Wij vonden dat terecht”, reageerden de agenten laconiek op Instagram.
Uiteindelijk liep de man zes sancties op: twee boetes voor rijden onder invloed (met alcoholpromillages van ruim 1,5 en 1,15), twee PV’s voor rijden zonder geldig rijbewijs, één voor het negeren van een rijverbod en nog eentje omdat hij in een voertuig reed dat niet op zijn naam stond.
“Het werd zo’n beetje een héél dure avond”, schrijft de politie met een knipoog.
Statiegeld: Wie Betaalt Echt voor het Systeem?
Het statiegeldsysteem in Nederland draait vooral op geld dat consumenten niet terugvragen. Klinkt gek? Het klopt wel. Uit cijfers van Verpact, de organisatie die verantwoordelijk is voor de inzameling van lege flesjes en blikjes, blijkt dat het grootste deel van het systeem betaald wordt door mensen die hun lege verpakkingen gewoon weggooien of ergens achterlaten.
In 2024 lieten consumenten bijna 140 miljoen euro liggen doordat ze hun blikjes en plastic flessen niet inleverden. Dat is zo’n driekwart van alles wat er nodig is om het hele statiegeldsysteem draaiende te houden. De producenten zelf – de bedrijven die deze dranken op de markt brengen – stopten in dezelfde periode ‘maar’ 33 miljoen euro in het systeem.
Dat is volgens Maarten van Heuven van de Fair Resource Foundation een flinke onevenwichtige verhouding. Hij vindt het prima dat consumenten ook een beetje meebetalen, maar nu is het volgens hem echt te ver gegaan. “Als je kijkt naar de jaren van 2021 tot en met 2024, hebben we het over een half miljard euro aan statiegeld dat nooit is uitbetaald.” Een gigantisch bedrag.
Een deel daarvan komt natuurlijk omdat mensen hun blikjes gewoon in de prullenbak gooien of in de berm dumpen. Maar volgens Van Heuven schieten ook de producenten tekort. “Verpact was veel te laat met investeren in fatsoenlijke inleverautomaten. Ze hadden veel eerder actie moeten ondernemen.”
Verpact ziet dat anders. Volgens directeur Hester Klein Lankhorst is de verdeling niet scheef, want het systeem werkt precies zoals de wet dat voorschrijft. “Het statiegeld dat niet wordt ingeleverd, moet weer terug het systeem in. Dat is de regel.” En over die investeringen in automaten? Daar waren ze op tijd mee begonnen, zegt financieel directeur Jeroen Kluiters. Al kunnen ze niet precies zeggen hoeveel er toen geïnvesteerd is. “Dat zat in de algemene vergoeding aan supermarkten. Zij kochten er zelf machines van.”
Maar sinds statiegeld ook geldt voor blikjes (vanaf 2023), is Verpact zelf begonnen met het financieren van nieuwe innamepunten. In 2023 en 2024 zijn daar samen 155 miljoen euro in gestopt. Klein Lankhorst verwacht dat er de komende jaren steeds meer statiegeld wordt teruggestort, nu het inleveren beter gaat. En dat is volgens haar juist goed nieuws. “Het doel is om de wettelijke norm te halen.”
Want ja, die norm: producenten moeten per jaar 90 procent van alle uitgebrachte plastic flessen en blikjes weer binnenhalen. Dat lukt al jaren niet. Maar onder druk van de inspectie loopt het inzamelpercentage gelukkig wel op.
En er komt verandering aan. Vanaf volgend jaar moeten producenten per blikje dat ze op de markt brengen 1 cent afdragen – vijf keer zoveel als nu. Bij flesjes verandert er vooralsnog niets; die bijdrage werd twee jaar geleden juist verlaagd.
Om het inzamelen nog verder te verbeteren, pleit Verpact nu zelfs voor een innameplicht. Iets waar de organisatie vroeger liever niet over sprak. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat onderzoekt of dat haalbaar is. Ook de Fair Resource Foundation is fan van zo’n plicht, maar blijft kritisch. “Vanaf het begin is er meer gekozen voor donatiebakken dan voor echte inleverautomaten waar je je geld terugkrijgt,” zegt Van Heuven. “Terugbetalen was duidelijk geen prioriteit.”
Kwetsbare studenten wachten nog steeds op het geld dat ze eigenlijk zouden moeten krijgen
Het zou makkelijker moeten worden voor studenten die geen contact meer hebben met hun ouders om extra studiefinanciering te krijgen. Maar in de praktijk blijft het een zware, bureaucratische strijd – en veel studenten krijgen nog steeds geen cent extra, terwijl ze daar wel recht op zouden hebben.
DUO, de organisatie die de studiefinanciering regelt, gaat er normaal gesproken vanuit dat ouders meebetalen aan de studiekosten van hun kind. Ook al heeft de student helemaal geen contact meer met zijn of haar ouders. Tenzij het inkomen van die ouders echt heel laag is, wordt dat toch meegerekend bij hoeveel geld de student krijgt. En dat betekent vaak: minder toelage of een lagere lening.
Om dat te voorkomen, moet de student bewijzen dat de ouder écht niet kan of wil bijdragen. Dat vraagt om behoorlijk wat papierwerk. Denk aan uitgebreide verklaringen van de ouders zelf (ja, ook als je geen contact hebt), plus een officiële verklaring van iemand zoals een docent, decaan of psycholoog. En dan? Dan wordt de aanvraag soms nog afgewezen, meldt Trouw.
Jaarlijks proberen zo’n 10.000 studenten deze uitzondering aan te vragen. Eerder dit jaar beloofde DUO dat het straks makkelijker zou worden: minder rompslomp, snelere beslissingen. Maar volgens de krant gebeurt dat in de realiteit nauwelijks. Studenten blijven vastzitten in een traag en emotioneel belastend proces.
In een reactie zegt DUO dat de nieuwe regels juist bedoeld zijn om kwetsbare studenten minder onder druk te zetten. Ze werken aan verbeteringen, maar die komen blijkbaar langzaam binnen.
Terwijl dit speelt, was er eind oktober wel goed nieuws over de rente op studieschulden. Voor het eerst in drie jaar daalde die: van 2,57% naar 2,33%. Dat geldt voor alle huidige studenten en voor ongeveer 260.000 ex-studenten die hun schuld in 35 jaar afbetalen. Een kleine opluchting, maar geen oplossing voor de grotere problemen.
Intussen daalt het totale aantal studenten met een studieschuld, mede dankzij de komst van de basisbeurs. Maar tegelijkertijd stijgt het aantal mensen met een schuld van 50.000 euro of meer. Zoals bijvoorbeeld Jochem, wiens situatie in beeld brengt hoe complex en zwaar het systeem kan zijn.
Imran Khan opnieuw veroordeeld: dit keer 17 jaar cel voor corruptie
De voormalige Pakistaanse premier Imran Khan zit weer een flinke straf te wachten. Dit keer is het 17 jaar cel, en dat geldt niet alleen voor hem, maar ook voor zijn vrouw Bushra Bibi. De rechtbank vond hen schuldig aan corruptie in de zogeheten Toshakhana 2-zaak – een juridische aangelegenheid die draait om het gebruik van staatsgeschenken.
Khan zit al meer dan twee jaar vast, en deze nieuwe veroordeling komt bovenop een eerdere vonnis uit januari, waarbij hij al veertien jaar cel kreeg voor een andere corruptiezaak. Samen zorgt dat voor een behoorlijk lange rij jaren achter tralies, mocht het vonnis definitief worden.
De zaak waar het nu om gaat, speelt zich af rond luxe geschenken die Pakistan kreeg tijdens een staatsbezoek in 2021. Toen was Khan nog premier, en ontving hij dure horloges en sieraden van niemand minder dan de Saudische kroonprins Mohammed bin Salman. Volgens de wet moet de Pakistaanse overheid beslissen wat er met zulke cadeaus gebeurt. Maar justitie beweert dat Khan en zijn vrouw die spullen tegen een veel te lage prijs hebben overgenomen – eigenlijk een verboden handeltje.
Daarnaast moeten beide ook een forse boete betalen. Hun advocaat is woedend over het oordeel. Hij stelt dat de rechter het vonnis heeft geveld zonder dat de verdediging zelfs de kans kreeg om haar pleidooi af te maken. Dat roept volgens hem serieuze vraagtekens op bij de eerlijkheid van het proces.
Imran Khan, ooit een beroemde cricketspeler en populaire politicus, werd in 2018 premier. Maar in 2022 viel zijn regering door een motie van wantrouwen. Sindsdien is hij doelwit geworden van tientallen rechtszaken. Naar verluidt wordt hij verdacht van onder meer corruptie en het doorspelen van staatsgeheimen.
Hij ontkent alles. Volgens Khan zijn de aanklachten puur politiek gemotiveerd – een manier om hem het zwijgen op te leggen. En hij is niet de enige die dat denkt. Ook critici wijzen erop dat de hoge celstraffen er vooral op gericht lijken om hem langdurig uit de politieke arena te houden.
Toch blijft Khan populair. Zijn aanhangers demonsteren geregeld voor zijn vrijlating, soms met honderden tegelijk op de been. Maar de Pakistaanse autoriteiten reageren streng: tijdens protesten worden vaak weer tientallen mensen opgepakt.
Of Khan ooit terugkeert naar de politieke schijnwerpers, blijft de grote vraag. Voor nu zit hij vast – en met deze nieuwe uitspraak wordt die situatie er niet makkelijker op.
