Geen hongersnood meer in Gaza, maar mensen zijn nog steeds hard aan het kortste eind
Goed nieuws én slecht nieuws: er is officieel geen sprake meer van hongersnood in Gaza, maar de situatie blijft uiterst nijpend. Dat meldt de VN-voedselwaakhond IPC in een nieuw rapport. Sinds de wapenstilstand in oktober is de toestand wel verbeterd, maar dat betekent nog lang niet dat alles in orde is.
Er komen nu meer goederen binnen en er zijn minder Israëlische luchtaanvallen dan voorheen. Dat zorgt ervoor dat minder mensen in de ernstigste vorm van honger terechtkomen – die als levensbedreigend wordt gezien. Tussen midden oktober en eind november zat ruim 100.000 mensen in die categorie. Als de rust aanhoudt, zou dat aantal rond april volgend jaar onder de 2000 kunnen zakken. Maar let op: dat is alleen als er geen terugval in geweld komt.
Nog altijd veel te weinig eten beschikbaar
Ondanks deze vooruitgang worstelt bijna de hele bevolking van Gaza – ruim twee miljoen mensen – nog met het dekken van hun basisbehoeften. Voedsel is schaars, en ook de toegang tot humanitaire hulp blijft beperkt. Acute ondervoeding is nog steeds een groot probleem, vooral bij kwetsbare groepen zoals kinderen, zwangere vrouwen en moeders die borstvoeding geven.
Het IPC waarschuwt: als het geweld weer oplaait of de stroom van hulpgoederen opnieuw wordt afgesneden, kan de hongersnood al in april 2026 terugkeren. “Dat laat zien hoe breekbaar de situatie eigenlijk is,” aldus de organisatie. “We staan op een kantelpunt.”
Beschuldigingen en ontkenningen
In augustus riep het IPC voor het eerst officieel hongersnood uit in delen van Gaza. Volker Türk, de hoofd mensenrechten van de VN, noemde dat toen een direct gevolg van het beleid van de Israëlische regering. Door de maandenlange blokkade kregen alleen sporadisch voedsel en noodhulp binnen, wat leidde tot het overlijden van kinderen door ziekte en gebrek aan voeding.
Israël ontkent echter dat er sprake was van hongersnood. Premier Netanyahu noemde het eerdere rapport van het IPC zelfs een “regelrechte leugen”. Toch blijft de realiteit op de grond anders: het Nederlandse Rode Kruis geeft aan dat de hoeveelheid hulp die mag binnenkomen van dag tot dag verschilt. De afgesproken 600 vrachtwagens per dag worden lang niet gehaald.
Een analyse van AP op basis van cijfers van de Israëlische dienst Cogat toont aan dat er tussen 12 oktober en 7 december gemiddeld 459 vrachtwagens per dag binnengelaten werden. Niet genoeg, zeggen hulporganisaties.
Beperkte keuze en grote gevolgen
Israël houdt nog steeds de controle over de toegangspoorten en laat zowel hulpgoederen als internationale medewerkers vaak buitenspel staan. Het IPC constateert dat er niet alleen te weinig voedsel binnenkomt, maar ook dat de variëteit ontbreekt. Zuivel, eieren, vlees, vis en verse groenten en fruit zijn nauwelijks verkrijgbaar.
Voor kinderen heeft dat zware gevolgen. Ongeveer 100.000 kinderen onder de vijf jaar zullen komend jaar behandeling nodig hebben voor acute ondervoeding. Save the Children benadrukt dat vier op de vijf kinderen in Gaza het nieuwe jaar ingaan met ernstige honger.
CARE Nederland, dat actief is in de regio, pleit voor duurzame en onbelemmerde toegang voor hulp. “Zonder continuïteit blijft honger een vast ritme in het leven van de mensen in Gaza.”
Wat nu?
Het rapport verschijnt op een cruciaal moment: fase 1 van het zogenoemde Trump-plan voor Gaza loopt ten einde. Hamas moet nog één lichaam van een Israëlische gijzelaar overhandigen. Fase 2, die gaat over de toekomst van Gaza, moet nog beginnen – maar Palestijnse vertegenwoordigers spelen daarbij nauwelijks een rol.
Familiespanning rondom Kennedy Center: ‘Dit is geen gewoon gebouw, dit is een eerbetoon’
Het is niet allemaal koek en ei binnen de familie Kennedy als het gaat over de recente naamswijziging van het beroemde cultuurcentrum dat ooit ter nagedachtenis aan hun beroemde voorvader werd vernoemd. Meerdere nabestaanden zijn woedend over de beslissing om het Kennedy Center te hernoemen — een actie die volgens hen in strijd is met zowel de wet als de geest van wat het centrum voorstelt.
Een nicht van de voormalige president noemt het hele gebeuren “onbegrijpelijk”, zo vertelde ze tegen CNN. Ze snapt niet hoe iemand kan denken dat dit een goede idee is. Ook een kleinzoon van Kennedy laat zich luidkeels horen: op Instagram stelt hij dat de verandering duidelijk tegen de statuten indruist van het nationale centrum voor de podiumkunsten. “De wet verbiedt dit soort naamsveranderingen zonder toestemming”, schrijft hij fel.
Nog een andere familielid reageerde tegen CBS News en zegt dat de huidige Amerikaanse president hiermee de nalatenschap van John F. Kennedy bezoedelt. “Dit is niet zomaar een gebouw. Dit is een eerbetoon aan een man die zijn leven heeft gegeven voor dit land. Je zou toch hopen dat elke president dat zou respecteren.”
Toch lijkt de regering daar anders over te denken. Gisteren verklaarde Karoline Leavitt, woordvoerder van het Witte Huis, dat het bestuur unaniem had besloten tot de naamswijziging. Volgens haar is de nieuwe benaming een erkenning van de inspanningen van de huidige president voor het instituut. Die is sinds februari namelijk voorzitter van de raad van toezicht.
Maar het is niet de eerste keer dat er commotie ontstaat rondom zijn rol. De president maakte al eerder grapjes over het hernoemen van het centrum en sinds zijn aanstelling heeft hij flink doorgegrepen: medewerkers werden ontslagen, vrienden aangesteld — onder wie de nieuwe directeur. Dat leidde tot een golf van vertrekken uit onvrede.
Er doen zelfs geruchten de ronde dat Trump tijdens de vergadering waarin over de naamswijziging werd gestemd, persoonlijk heeft gebeld. CNN meldt dat dit mogelijk heeft bijgedragen aan de uiteindelijke beslissing.
Terug naar de oorsprong: het centrum opende in 1971 als het National Cultural Center, maar werd al snel hernoemd tot Kennedy Center als levend eerbetoon aan president John F. Kennedy, die in 1963 werd vermoord. Hij was een grote voorstander van de kunsten en zette het project op de kaart — maar zag de bouw of opening nooit meer terug.
En dan die foyer: indrukwekkend is zwak uitgedrukt. Bij oplevering was het de grootste hal ter wereld, zo groot dat zelfs het 169 meter hoge Washington Monument er — plat op zijn kant — zou kunnen passen.
Rupsvoertuigen trekken weer Brabant in: nieuwe militaire eenheid komt naar Budel
Er staat wat herrie te komen op de Nassau-Dietzkazerne in Budel. Defensie schaalt flink op en richt daar een gloednieuw pantserinfanteriebataljon op. Dat betekent: meer militairen, meer banen en natuurlijk ook meer rupsvoertuigen op de oefenterreinen.
Het gaat om het CV90-gevechtsvoertuig, een robuust Zweeds ontworpen pantservoertuig dat al jaren in gebruik is bij de Koninklijke Landmacht. Hoewel het eruitziet als een tank, is het eigenlijk iets anders: geen echte tank, maar wel zwaar bewapend. Denk aan een 35mm snelvuurkanon, bescherming tegen antitankraketten (die worden nu nóg beter afgedekt dankzij upgrades), en ruimte voor zeven militairen plus drie bemanningsleden.
Deze voertuigen waren eerder al in Oirschot gestationeerd, maar verdwenen door bezuinigingen. Nu keren ze terug – dit keer onder het dak van Budel. Het nieuwe bataljon wordt onderdeel van de 13 Lichte Brigade uit Oirschot, die straks misschien zelfs een naamswijziging krijgt: waarschijnlijk wordt het de 13 Middelzware Brigade, passend bij de zwaardere uitrusting.
Defensie laat weten dat er 790 banen gecreëerd worden met deze uitbreiding. Maar over exact hoeveel voertuigen er komen, wanneer ze precies aankomen of wat het allemaal kost? Daar houdt men zich stil over. Een simpele rekensom wijst wel op ongeveer 80 voertuigen voor die 790 mensen, maar bevestigd wordt niets.
Overigens is Nederland niet alleen: veel Europese en Scandinavische landen kopen of upgraden ook hun CV90’s. Door samen te werken wordt het goedkoper én makkelijker om internationaal samen te opereren.
Dit alles gebeurt tegen de achtergrond van de grootste defensieuitbreiding in jaren. De Russische dreiging en de spanningen aan de NAVO-oostflank zorgen ervoor dat Nederland zijn strijdkrachten flink versterkt. De plannen uit mei blijven grotendeels intact, moeten nog langs het parlement en geven ook plaatselijke bewoners een stem in het kapittel.
Eén ding is duidelijk: Budel wordt weer een belangrijk knooppunt in de Nederlandse verdediging. Wanneer precies de eerste rupsvoertuigen aankomen of hoe het nieuwe bataljon heet – daarover valt nog niets te zeggen. Maar de voorbereidingen zijn al in volle gang.
Geen sneeuw, wel flinke kou tijdens kerst
De afgelopen weken was het opvallend zacht voor deze tijd van het jaar. Terwijl de kerstvakantie net is begonnen, voelt het nog steeds alsof de winter wat treuzelt. Maar dat gaat snel veranderen: na het weekeinde draait het weer echt naar koud. En hoewel het flink gaat afkoelen, komt er geen sneeuw in zicht.
Goed nieuws trouwens: het wordt wel droger en geleidelijk aan ook zonniger. Het komende weekeinde blijft het echter bewolkt, met hier en daar een beetje lichte regen. Vooral in het zuiden van Nederland kan je af en toe wat neerslag verwachten – maar echt nat wordt het niet. De temperaturen liggen zaterdag tussen de 7 en 9 graden, en zondag wordt het zelfs nog iets warmer. Dat is best lekker mild voor de tijd van het jaar, want normaal gesproken schommelen de temperaturen rond de 7 graden.
Maar pas op: later in het weekeinde en begin volgende week komt er een flinke omslag. Dan waait er een matige wind uit oostelijke tot noordoostelijke richting, en daardoor duiken de temperaturen snel naar beneden. De eerste dagen zijn er nog veel wolken, waardoor het ‘s nachts net boven nul blijft. Overdag wordt het 4 tot 6 graden.
Vanaf woensdag breekt er meer zon door. Het wordt dan overdag 2 tot 4 graden, en ‘s nachts kan het tijdens heldere momenten best een paar graden vriezen. Die koude temperaturen doen natuurlijk wel denken aan een witte kerst – maar helaas, daar gaan we niet aan komen. Beide kerstdagen blijven namelijk droog. Zonder sneeuwval is de kans op een besneeuwde tuin of dak dus vrijwel nihil.
Toch krijg je tijdens de feestdagen best wat wintergevoel. De oostenwind is ijzig droog en waait behoorlijk doortastend. Daardoor voelt het buiten extra koud aan, en een dikke jas is tijdens de kerstdagen absoluut aan te raden. Dus geen sneeuwpret, maar wel een flinke portie winterse sfeer.
De digitale euro: het nieuwe (s)digitale geld dat de EU gaat invoeren
Het geld dat we nu gebruiken, bestaat eigenlijk uit twee vormen. Aan de ene kant heb je contant geld – muntjes en briefgeld – dat is publiek geld, gemaakt door de centrale bank. Aan de andere kant staat er geld op je bankrekening, dat is privaat geld, beheerd door commerciële banken. De digitale euro moet een soort brug tussen die twee worden: digitaal geld, maar dan van de overheid. Dus net als cash, maar dan zonder dat je fysiek iets in je hand hoeft te hebben.
Je bewaart je digitale euro’s op een speciale rekening bij de Europese Centrale Bank (ECB). Betalen kan via een app of een speciale pas. En het leuke? Je kunt ermee betalen zonder internet. Net zoals je cash uit je portemonnee haalt en gewoon uitgeeft, kun je straks ook offline met digitale euro’s afrekenen. Handig dus, als je in een tunnel zit of ergens geen bereik hebt.
Waarom doen ze dit eigenlijk? Nou, we gebruiken steeds minder contant geld. Bijna iedereen pindert tegenwoordig. Maar pinpasjes en creditcards zijn vaak in handen van grote Amerikaanse bedrijven, zoals Visa en Mastercard. Daar zit de Nederlandse Bank (DNB) niet lekker mee. We raken té afhankelijk van buitenlandse partijen. Bovendien werkt elk land binnen de EU nu met eigen systemen, waardoor je soms niet overal kunt pinnen waar je zou willen. De digitale euro moet dat veranderen: één systeem voor heel Europa, overal op dezelfde manier te gebruiken.
En dan nog een groot pluspunt: stel dat er een stroomstoring is of het pinstelsel valt uit. Dan kun jij gewoon doorgaan met betalen, dankzij je digitale euro’s. Die liggen namelijk al op je apparaat, net zoals cash in je broekzak.
Maar wacht even – moeten winkels dat dan ook accepteren? Ja, in principe wel. Elke winkelier die nu pinapparatuur heeft, moet straks ook digitale euro’s kunnen ontvangen. Je betaalt dus gewoon op hetzelfde toestelletje als waar je nu mee pindert. Alleen: bedrijven onderling hoeven het niet te gebruiken, en jij mag zelf ook blijven kiezen om er niets mee te doen. Niemand dwingt je ertoe.
Toch zijn er wel wat zorgen. Vooral over privacy. Sinds de ECB met het plan kwam, roepen mensen: “Wordt de staat dan mijn transacties gaan meelezen?” In de huidige plannen is dat gelukkig niet zo. Offline betalingen zijn anoniem – niemand ziet wat je wanneer koopt. En belangrijk: de digitale euro is niet ‘programmeerbaar’. Dat betekent dat de ECB niet kan bepalen dat je het alleen aan boodschappen of benzine mag uitgeven. In China gebeurt dat wel met hun digitale yuan, en dat vonden veel mensen eng. Hier wil men dat vermijden.
Toch blijven er twijfels. Vooral bij banken. Zij maken zich zorgen dat klanten, vooral als de rente laag is, massaal hun spaargeld gaan ophogen als digitale euro’s. Die liggen immers veiliger bij de ECB dan bij een commerciële bank. Om dat te voorkomen, komt er een limiet. Je mag maar een bepaald bedrag aan digitale euro’s hebben. Hoeveel precies? Dat wordt nog bepaald.
Zware A2-crash bij Eindhoven: nog steeds geen vooruitgang voor gewonde agenten
De twee motoragenten die zwaargewond raakten bij de dramatische crash op de A2 bij Eindhoven in oktober, kunnen maanden later nog steeds niet lopen. Dat laat politiechef Sjoerd Top van Oost-Brabant weten. Hoewel de beide agenten vastberaden zijn om uiteindelijk weer aan het werk te gaan, staat hen nog een lange en zware revalidatieperiode te wachten.
Top heeft regelmatig contact met zijn collega’s en weet hoe zwaar dit moment is – niet alleen voor de betrokken agenten zelf, maar ook voor hun families. “We zitten nu zeven weken verder, en helaas kunnen ze nog niet lopen. Ze zijn volop bezig met hun herstel, maar het gaat langzaam. Voor iedereen om hen heen is dit onvoorstelbaar moeilijk,” vertelt hij. Volgens Top voelt de impact van het incident veel dieper dan alleen bij de twee slachtoffers. Het raakt de hele eenheid.
Het ongeval vond plaats op woensdag 29 oktober bij knooppunt Batadorp, nadat een achtervolging was begonnen in Geldrop. Een autodief reed tijdens de actie recht in op twee politiewagens én de twee motoragenten. De beelden zijn heftig – collega’s zagen het gebeuren letterlijk voor hun ogen. De bestuurder van de gestolen auto vluchtte daarna naar België, waar hij in Turnhout werd aangehouden. Inmiddels is hij uitgeleverd aan Nederland en zit vast.
Sjoerd Top was net begonnen als chef van de politie in Oost-Brabant toen het drama zich afspeelde. Op het moment van de aanrijding zat hij al in het vliegtuig naar Portugal, waar hij eerder werkzaam was binnen een internationale organisatie tegen drugscriminaliteit. “Zodra ik in Lissabon uit het vliegtuig stapte, zette ik mijn telefoon aan. En daar zag ik ineens een foto van een politiehelm op de weg van de A2. Mijn eerste gedachte? Wanneer kan ik terugvliegen?” Zo snel mogelijk wilde hij erbij zijn. Uiteindelijk werd besloten dat hij kon blijven, maar het moment blijft hem bij. “Dit is één van die dingen die je nooit vergeet. Maar het draait hier niet om mij. Het gaat om mijn collega’s.”
Ook onder de overige agenten heeft het incident diepe sporen nagelaten. “Veel mensen hebben gezien hoe hun kameraden werden aangereden. Je ziet je maatje plotseling op de grond liggen – dat raakt je tot in je kern. Toch gingen de collega’s direct weer door met hun werk. Pas als je samen terug bent op het bureau, kun je het echt gaan verwerken,” aldus Top. Het onderzoek naar wat er precies gebeurde loopt nog steeds.
