Sinds Beb (76) een slim karretje heeft, is prikken écht lachen

“Wij zijn de gemeente, verdomme!” zegt Rinus de Jong uit Oss. Hij pakt al jaren het zwerk in de Ruwaard-buurt bij elkaar met een gewoon prikstokje en een vuilniszak. Begon in 2017 omdat hij er zo’n bloedhekel aan had om al die rotzooi te zien liggen. Inmiddels heeft hij een hele bende verzameld die elke week meedoet – Ruwaard Schoon. Tientallen vrijwilligers trekken met prikker en handschoen door de straten.

Maar ja, zo’n volle zak tillen is geen lolletje. Rinus legde het probleem voor aan een stel leerlingen van Het Hooghuis Zuidwest. Zij maakten niet 1, maar wel 50 handige afvalkarretjes. Verschrikkelijk handig als je beperkingen hebt of, zoals Beb van Gessel, 76 lentes op de teller.
“Ik zou eigenlijk niet zonder kunnen”, lacht Beb. “Vroeger ging ik om het halfuur weer naar huis om te legen en had ’s avonds een lamme arm. Nu roll ik gewoon door het park en alles ziet er weer tiptop uit.”

Rinus hoopt dat buren straks niet meer zeggen: “De gemeente moet dat opruimen.” “Nee man, wíj zijn de gemeente!” Met zo’n karretje schuift de drempel een stukje verder opzij – en het blijft gewoon leuk om te doen.

Bekijk origineel artikel

Rinus en zijn afval-karretjes: hoe een kleine groep Oss en de Ruwaard schoonveegt

„Wij zíjn de gemeente met elkaar”, lacht Rinus de Jong. Hij is al jarenlang met zijn prikstok door de Ruwaard aan het zwieren. Ging hij eerst alleen op pad, inmiddies trekt een leger van tientallen vrijwilligers mee – allemaal met een stok in de hand en een blik op zwerfvuil. Zwaar werk? Jazeker. Maar klagen kost meer energie dan opruimen, vindt Rinus.

Van 20 minuten rapen tot volle zakken

Vorige week toonde hij trots een propvolle plasticzak: „Dit is van nog geen halfuurtje!” Stel je voor dat je dat zooitje uren moet slepen – precies dat dilemma legde hij voor aan leerlingen van Het Hooghuis Zuidwest. Die mompelden geen nee en tekenden vijftig fantastische, lichtgewicht afvalkarretjes. Voor grijze rakkers als Beb van Gessel (76) een gigantische uitkomst: „Ik wil afval gewoon niet meer zien liggen, maar zakken tillen is geen optie. Dit karretje is een verademing!”

Gewoon niet kunnen laten

Elke dag zit Beb in het park met haar prikker – niet omdat het moet, maar omdat het kan. „Ik loop nu niet meer iedere dertig minuten naar huis om te lozen én ik heb ’s avonds geen lamme arm meer.”

Geen ‘gemeente moet maar’-mentaliteit

Rinus droomt hardop dat meer buurtjes het voorbeeld kopiëren. „Ik hoor nog steeds: laat de gemeente het maar doen. Maar wíj zijn die gemeente. Trek samen de handschoenen aan – of in dit geval: het karretje.”

Bekijk origineel artikel

Kennismaken met Bruis: Bladels knipperlicht voor architecten overal

Stel je een dorpsplein waar je niet alleen koffie drinkt, maar ook je nieuwe thriller leent én ’s avonds nog een toneelvoorstelling meepikt. Dat is Bruis: het gloednieuwe culturele huiskamer van Bladel dat nu zowaar meedingt naar een wereldwijde architectuuraward.

Bruis opende afgelopen april na een verbouwing van maar liefst vier jaar. Het oude Rabobankgebouw is flink aangepakt: een groot deel werd gesloopt en meteen weer opgebouwd. Alle spulletjes die nog bruikbaar waren – denk aan kozijnen, leidingen, bakstenen en installaties – kregen een tweede leven. Alleen de grote zaal (het auditorium) bleef staan, maar kreeg een superlicht glazen dak. Over de entree aan de marktzijde steken balkons letterlijk door de oude gevel heen, helemaal van vloer-tot-plafond ramen.

Witte verf en grijze beton kan hier kennelijk niet op tegen. Zelfs op een druilerige novembermiddag steekt Bruis er bovenuit. Samen met horeca met buitenterrassen is het plein in geen tijd omgedoopt tot “het Siena van de Kempen”. Wethouder Arnoud van Hulst glundert: “We hielden al rekening met veel enthousiasme op papier, maar nu we een half jaar open zijn, bewijst de praktijk dat we gelijk kregen. Alle verenigingen vinden ons.”

Groepsles dansen, potje schaken of een avondje schilderen: het gebeurt allemaal onder één transparant dak. “Mensen trekken spontaan naar binnen, ontmoeten elkaar en verbinden,” zegt de wethouder. “Dat was precies de bedoeling.”

Achter het ontwerp zit architectenbureau GROUP A uit Rotterdam. De Bladelse topper dingt mee naar de Archello Award in de categorie ‘Community Center of the Year’ en staat tussen finalisten uit Canada, Duitsland, Ecuador en Australië. Stemmen kan nog tot 1 december; dus als je Bladel een hart onder de riem wil steken, weet je wat te doen.

Bekijk origineel artikel

De drumpassie van Cesar Zuiderwijk krijgt leven in smeuïge biografie

Gisteren stond er een lange rij voor muziekwinkel De Waterput in Bergen op Zoom. Niet om snaren of plectrums te halen, maar voor een handtekening van Cesar Zuiderwijk. Samen met muziekjournalist Jean-Paul Heck onthulde de voormalig Golden Earring-drummer zijn verse biografie ‘Cesar, het verhaal van een drummer’. En Cesar zelf is dolenthousiast: “Het boek is zo smeuïg als een pakkie boter.”

Tweehonderd uur koffie en verhalen

De twee vrienden kletsten maar liefst tweehonderd uur om alle anekdotes op te tekenen. Gewoon op de bank, met een mok koffie, in Baarle-Nassau én in Den Haag. “We namen het serieus, dus geen borrels,” grinnikt Heck. De gesprekken waren soms lachwekkend, soms emotioneel. Voor het eerst deed Cesar een boekje open over het overlijden van zijn vader en zelfs over zijn eerste keer – met een muzikale collega.

Burgemeester en jonge fan in de rij

Onder de wachtenden niemand minder dan burgemeester Margo Mulder, trotse drumstokken in de hand. “Deze ving ik ooit tijdens een Golden Earring-optreden,” straalt ze. Voor Stef (12) is het duidelijk: het te ondertekenen bekkentje krijgt een ereplaats op zijn kamer. “Ik wil net zo goed leren drummen als Cesar, maar ik moet nog wel even oefenen!”

‘Dikker had niet gelezen’

Cesar kijkt zelf ook verrast in de winkel: “Een boek mét jou op de voorkant is gek.” Een extra dik werk hielden ze bewust tegen. “We hadden drie keer zo veel kunnen opschrijven, maar dan werd het een onleesbaar baksteentje. Zo blijft het smeuïg en lekker weg te lezen.”

Bekijk origineel artikel

Honderden papa’s en mama’s slingelen adres en foto van hun kroost het web op voor gratis speelgoed

Voor een Sinterklaasactie van Intertoys prijkt op sociale media inmiddels een complete babyalbum-cd: honderden ouders posten niet alleen een verlanglijstje, maar ook de leeftijd, woonplaats, telefoonnummer én regelmatig een grote glimlachfoto van hun kind. Omroep West vond de boel bij elkaar en schrok: zulke persoonlijke gegevens liggen nu voor het oprapen.

Waarom de Autoriteit Persoonsgegevens een duidelijke “tut-tut” geeft

De AP tikt ouders vriendelijk op de vingers: “Stop met foto’s én adresgegevens van je kroost online gooien.” Als iemand eenmaal een screenshot heeft gemaakt, ben je de controle helemaal kwijt. “Helemaal etter als kwaadwillenden misbruik maken van die informatie om rechtstreeks contact te zoeken”, waarschuwt de toezichthouder.

Hoe de actie precies werkt

Pakweg drie stappen:
1. Kind vult zijn of haar hele wensenlijst in het fysieke Speelgoedboek.
2. Ouder knipt of vouwt het boek open op precies die pagina, maakt een foto.
3. De foto – plus leeftijd, stad, gsm-nummer en e-mail – wordt op Instagram gegooid met de hashtag van Intertoys.

Als de foto binnenkort wordt getrokken, wint het jongetje of meisje álles dat erop staat. Klinkt leuk, maar…

Het bedrijf steekt zelf de handen uit de mouwen (een beetje)

Intertoys laat weten dat het heus niet de bedoeling is om adresboekjes online te planten. In het begeleidende bericht vragen ze daarom om persoonsgegevens weg te laten of onleesbaar te maken. Ze sturen ook prive-berichtjes naar ouders met volledige gegevens erin: “Graag de foto offline, heel erg bedankt.” Toch zie je, als je nu even rondscrolt, nog steeds honderden volledige exemplaren – zelfs al van vorig jaar.

De winkelketen bekent dat ze alle posts niet kunnen bijbenen: “Uiteindelijk moeten ouders zelf beseffen dat ze op een openbaar plein staan te zingen wie hun kind is en waar het woont.” In de toekomst gaat het concept op de schop, belooft Intertoys.

Bekijk origineel artikel

Houthi’s in Sanaá laten 17 “spionnen” dood door vuurpeloten schieten

Een door de Houthi’s bestuurde rechtbank in Sanaá heeft zeventien Jemenieten de doodstraf opgelegd omdat ze informatie zouden hebben doorgespeeld aan landen als de VS, Israël en Saoedi-Arabië. Twee anderen kregen tien jaar cel, één verdachte werd vrijgesproken. De veroordeelden kunnen nog in beroep, maar als de uitspraak blijft staan worden ze publiekelijk door een vuurpeloton doodgeschoten.

Wie zijn deze “spionnen”?

Volgens het staatspersbureau SABA (ook in handen van de Houthi’s) zouden de verdachten tussen 2024 en 2025 details hebben doorgespeeld over de verblijfplaatsen van hoge Houthi-functionarissen én over raketbases. De rechters geloven dat ze dat deden in opdracht van het VK, de VS en de Israëlische geheime dienst Mossad. Zo zou Mossad hen voorzien hebben van gps-’tjes, verborgen camera’s en speciale telecomspullen. Bewijs? Daar hebben we niets van gezien.

Geen uitzondering

Het is al jaren raak in Houthi-gebied: wie ze niet lusten, wordt weggezet als spion. In augustus viel de groep een VN-kantoor binnen en arresteerde twintig medewerkers; na wereldwijde verontwaardiging kwamen ze weer vrij. Vier jaar geleden werden vier lokale journalisten eveneens tot de dood veroordeeld. Amnesty International telde sinds 2015 al zestig “onderonsje-processen” tegen journalisten, activisten, politieke tegenstanders en religieuze minderheden – allemaal afgedaan als “eerlijke rechtsgang”.

Wapenfeit of afschrikken?

De rechtbank beweert dat de spionage-aanleiding was voor luchtaanvallen op zowel leger- als burgerdoelen, waarbij tientallen doden vielen. Of dat klopt, valt niet te checken. Wel duidelijk is dat de Houthi’s graag een voorbeeld stellen: executies vinden in het openbaar plaats om anderen te waarschuwen.

Bekijk origineel artikel